Posts tonen met het label Koninklijke Luchtmacht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Koninklijke Luchtmacht. Alle posts tonen

zondag 5 oktober 2014

Eerste vluchten Nederlandse F-16’s boven Irak

Nederlandse F-16’s hebben zondag voor het eerst gevlogen boven het conflictgebied in Irak. In totaal voerden de jachtvliegtuigen twee vluchten uit, steeds met twee toestellen per keer. Er zijn nog geen wapens ingezet.

De Nederlandse F-16’s testten onder meer hun inzet voor zogeheten close air support. Daarbij ondersteunen vliegtuigen troepen op de grond. De Nederlandse jachtvliegtuigen zijn nu volledig gereed om ingezet te worden boven Irak.

Ondersteunen
Behalve de ondersteuning van grondtroepen kunnen de F-16’s worden ingezet voor aanvallen op opslagplaatsen van munitie of militair materieel. Ook kunnen ze vijandelijke mortieropstellingen, tanks en andere voertuigen onder vuur nemen.

Volle sterkte
Nederland zet acht F-16’s in bij de strijd tegen terreurorganisatie ISIS. Daarvan zijn twee toestellen reserve. Het complete F-16-detachement telt ongeveer 250 mannen en vrouwen. Maandag is het detachement op volle sterkte. Daarnaast zendt Nederland tot 130 militairen uit om de Koerdische en Iraakse strijdkrachten te adviseren en trainen.

(ministerie van Defensie, 5 oktober 2014)


Archieffoto (ministerie van Defensie): Nederlandse F-16

Artikel 100-brief over deelname aan de internationale strijd tegen ISIS

Aan de Voorzitter van de
Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4
Den Haag

Datum   24 september 2014
Betreft  Artikel 100-brief deelneming aan internationale strijd tegen ISIS

Ministerie van Buitenlandse Zaken
Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl

Onze Referentie
DVB/CV-178/2014


Met deze brief informeren wij u, in overeenstemming met artikel 100 van de Grondwet, over het besluit van het kabinet een Nederlandse bijdrage te leveren aan de strijd tegen ISIS. Tevens wordt hiermee voldaan aan het verzoek van de Kamer om een brief met het kabinetsstandpunt ten aanzien van het luchtoffensief op ISIS in Syrië (kenmerk 2014Z16349/2014D33223).

De terroristische organisatie ISIS heeft de afgelopen maanden delen van Syrië en Irak veroverd en daarbij een ongekende gewelddadigheid aan de dag gelegd, met ontwrichtende gevolgen, ook in omringende landen. De snelle opmars van ISIS en daaraan gelieerde organisaties vormt een directe dreiging voor de regio en veroorzaakt instabiliteit aan de grenzen van Europa, met potentieel vergaande gevolgen voor onze eigen veiligheid. Er is brede internationale steun, nadrukkelijk ook lokaal en regionaal, om de strijd met ISIS aan te gaan. De Verenigde Staten hebben hierbij het voortouw genomen. Op de korte termijn is de strategie van de Verenigde Staten gericht op het stoppen van de opmars van ISIS evenals het ondersteunen van de Iraakse en Koerdische strijdkrachten en de gematigde Syrische oppositie teneinde de militaire kracht van ISIS te breken. Een effectieve bestrijding van ISIS op de langere termijn vereist vergaande bestuurlijke en sociaaleconomische hervormingen, waarvoor vooral de nieuwe Iraakse regering verantwoordelijk is. Ook de invloedrijke buurlanden van Irak hebben een rol te spelen. Zij moeten het sektarische conflict dempen en de financiële, materiële en personele toevoerlijnen naar ISIS afsnijden. De internationale gemeenschap, waaronder Nederland, moet deze landen hierop blijven aanspreken.

Het kabinet heeft besloten om, naast politieke en humanitaire steun, ook een militaire bijdrage te leveren aan de strijd tegen ISIS in Irak, in samenwerking met de Verenigde Staten en andere (regionale) partners. De internationale inspanningen zijn gericht op het breken van de militaire kracht van ISIS op de korte termijn. Deze eerste fase van de strijd zal, naar Amerikaanse schatting, zes tot twaalf maanden duren. Nederland stelt in deze fase zes operationele F-16’s beschikbaar voor de duur van maximaal een jaar. Ook worden Iraakse en Koerdische strijdkrachten gedurende deze periode ondersteund met training en advies.

Met het oog op het planningsproces dat bij het Amerikaanse Central Command (CENTCOM) gaande is, wil het kabinet nu duidelijkheid verschaffen over de Nederlandse bijdrage. Het campagneplan voor de strijd tegen ISIS is nog in ontwikkeling. Dit betekent dat nog niet alle details van de uiteindelijke Nederlandse inzet beschikbaar zijn.

Gronden voor deelneming
Nederland steunt de legitieme Iraakse regering in de verdediging tegen de terreurorganisatie ISIS, die verschrikkelijke misdaden begaat tegen bevolkingsgroepen in Irak en Syrië. De crisis zorgt voor toenemende druk op de buurlanden, met name Turkije, Jordanië en Libanon, onder andere als gevolg van oplopende etnisch-religieuze spanningen en een toenemend aantal vluchtelingen. De Nederlandse inzet is er op gericht om, in het kader van de bevordering van de internationale rechtsorde, een bijdrage te leveren aan het de-escaleren van de situatie in de regio.


dinsdag 11 juni 2013

Luchtmachtdagen op Volkel in teken 100-jarig jubileum

De Koninklijke Luchtmacht houdt komende vrijdag en zaterdag de Luchtmachtdagen op Vliegbasis Volkel. De publieksdagen staan dit keer in het teken van het 100-jarig jubileum van de Nederlandse militaire luchtvaart.

Enorme vlucht
De ontwikkeling van het luchtwapen heeft de afgelopen eeuw een enorme vlucht genomen. Van een houten vliegtuig tot de huidige organisatie met goed opgeleid personeel en geavanceerd materieel. Deze evolutie komt tijdens de Luchtmachtdagen tot uitdrukking in de vliegshow, de statische vliegtuigopstelling en een futureplein over de toekomst van de militaire luchtvaart. Op het futureplein staat onder meer een MQ-9 onbemand vliegtuig.

Red Arrows. Foto: Defensie


Vliegshow
Vliegend verleden en heden wisselen elkaar af. De historie herleeft met de propellervliegtuigen van de Luchtmacht Historische Vlucht en toestellen als de Gloster Meteor, de Spitfire en de Curtiss P-40 Kittyhawk. Maar er zijn ook diverse internationale demoteams: Patrouille de France, Red Arrows, Patrouille de Suisse en Frecce Tricolori. De air power demonstratie van de luchtmacht simuleert het vliegende materieel de ondersteuning van een grondoperatie in een missiegebied.

Namens de Koninklijke Luchtmacht geven het Apache- en F-16-demoteam acte de présence. Het enige Apache-demoteam ter wereld toont hoe de gevechtshelikopter van levensbelang is voor de ondersteuning van grondtroepen.

Static show
De vliegtuigen die wat omvang betreft opvallen op de static, zijn de AWACS en Boeing C-17 Globemaster III. Laatstgenoemd transportvliegtuig is dit jaar met volledig Nederlandse bemanning aanwezig. De historie is ook hier te bewonderen dankzij de aanwezigheid van de Pipercup, Beaver, Harvard, B25 Mitchell en Lockheed F-104G Starfighter.

Schoolverlaters
Er is veel aandacht voor schoolverlaters, want ondanks de bezuinigingen blijft er vraag naar nieuw personeel. In Hangaar 3 worden jongeren geïnformeerd over werken bij de Koninklijke Luchtmacht. Bijvoorbeeld over de instroomopleiding Veiligheid en Vakmanschap (VeVa), waar leerlingen door middel van praktijkstages in aanraking komen met Defensie.

Livestream
De vliegshow is live te volgen via www.luchtmacht.nl/luchtmachtdagen.

(ministerie van Defensie, 11 juni 2013)

donderdag 28 maart 2013

Webdossier Vervanging F-16 online

Het webdossier Vervanging F-16, onderdeel van het Verslag 2012 van de Algemene Rekenkamer, is vandaag online gegaan.

In dit webdossier, terug te vinden op http://vervanging-f16.rekenkamer.nl/ zijn de gegevens over de vervanging van het F-16-jachtvliegtuig gebundeld. Dat is dus inclusief de informatie over de samenwerkingsovereenkomsten van Nederland met de Verenigde Staten over de mogelijke vervanger, de F-35 Lightning II.

Mijlpalen
Via het webdossier is (onder ‘besluitvorming’) door te klikken naar relevante rapporten en brieven van de Algemene Rekenkamer en de minister van Defensie. Ook de mijlpalen die voor deze investering van belang zijn, voor de periode van 1996 tot nu, staan daar onder.

De Algemene Rekenkamer actualiseert het dossier regelmatig en het is daarom langjarig als een databank inzetbaar.

(ministerie van Defensie, 28 maart 2013)

woensdag 27 maart 2013

Koningin reikt luchtmacht cravate uit

Koningin Beatrix heeft op woensdag 27 maart een cravate aan het luchtmachtvaandel bevestigd. Met dit koninklijk lint onderscheidde zij de Koninklijke Luchtmacht voor haar (gevechts)inzet tijdens ‘Allied Force’, de NAVO-luchtcampagne tijdens de Kosovocrisis.



De operatie, de gevechtsinzet en het vaandel; deze pagina vertelt erover in:

- Allied Force en de Kosovocrisis
- Nederlandse vliegers onder vuur
- Het luchtmachtvaandel                

Alllied Force was een reactie op de weigering van de Servisch leider Slobodan Milosevic om Kosovo haar autonome status terug te geven en zijn onwil om een vredesmacht toe te laten in het gebied. De Nederlandse luchtmacht was een van de belangrijkste deelnemers aan de operatie die duurde van 24 maart tot 10 juni 1999.

De Kosovocrisis en Allied Force

Kosovo had binnen Joegoslavië een autonome status, maar eind jaren ‘90 maakt de Servische leider Slobodan Milosevic een einde aan die betrekkelijke zelfstandigheid. De regio komt in Servische handen en de Albanese meerderheid wordt onderdrukt.

Als reactie pleegt het Kosovo Bevrijdingsleger aanslagen op Serviërs. De strijd escaleert als Belgrado antwoordt met een grootscheeps militair offensief.

Servië weigert het zelfbestuur voor Kosovo te herstellen en de stationering van een vredesmacht. De NAVO dreigt hierop met luchtaanvallen. Het bewind in Belgrado houdt echter voet bij stuk en het bondgenootschap besluit militair in te grijpen.

Nederlandse vliegers onder vuur

Een grootschalige luchtcampagne begint en veel NAVO-lidstaten leveren vliegend materieel. Een gecombineerd Nederlands-Belgisch detachement wordt gestationeerd in het Italiaanse Amendola. Onder grote dreiging voeren Nederlandse vliegers gevechtsmissies uit boven Kosovo en Servië.

Hierbij bombarderen ze strategische doelen als radarfaciliteiten, brandstof- en wapenopslagplaatsen, kazernes, commandoposten en bruggen. De operatie leidt er uiteindelijk toe dat Servische troepen zich terugtrekken uit Kosovo.

De Servische strijdkrachten vormen een geduchte tegenstander. Ze kennen het gebied, beschikken over moderne MiG-29 ‘Fulcrum’ gevechtsvliegtuigen en hebben een hoogwaardig radarnetwerk. Dit laatste in combinatie met geavanceerde Surface to Air Missiles (SAM’s) en luchtafweergeschut maakte vooral de dreiging vanaf de grond het grootst.

Verblind

Sommige Nederlandse vliegers kruipen door het oog van de naald, zoals toenmalig majoor Marcel Duivesteijn. Hij weet ternauwernood een SAM te ontwijken die op slechts 300 meter ontploft. Op dat moment is een 2e exemplaar al gevaarlijk dicht genaderd. Duivesteijn heeft te weinig tijd om ook dit geleide projectiel van koers te laten veranderen. Hij kan alleen overleven met een kurkentrekkerbeweging richting aardoppervlak. De raket scheert zo rakelings langs zijn F-16 dat de enorme vlam van de raketmotor Duivesteijn verblindt. Ironisch genoeg zorgt de lichtspoormunitie die de Servische luchtafweer op hem afvuurt ervoor dat hij zich weer kan oriënteren en zijn kist kan rechttrekken.

Duivesteijns Amerikaanse collega majoor Willy Thomas, vlieger van een andere F-16, weet de aandacht af te leiden door zogenoemde flares,  lichtkogels, af te schieten. In plaats van koers te zetten naar een veiliger omgeving, draait Duivesteijn om en vernietigt een Servisch toestel op de grond.

Luchtdreiging

Majoor Peter Tankink, tegenwoordig kolonel en commandant Vliegbasis Volkel, die vele missies boven Servië en Kosovo vloog, haalde met zijn F-16 op de eerste dag van de campagne een Servische MiG-29 neer die het had gemunt op NAVO-bommenwerpers.

Door deze actie werd hij de enige niet-Amerikaanse vlieger tijdens Allied Force die een vijandig toestel uitschakelde. Voor de Koninklijke Luchtmacht was het de eerste keer dat een Nederlands toestel tijdens een operatie een lucht-luchtraket afvuurde.

Ongeschonden

Ondanks de gevaarlijke situaties en het feit dat de Nederlanders verhoudingsgewijs veel missies hebben gevlogen tijdens Allied Force, kwam het luchtmachtpersoneel en -materieel ongeschonden uit de strijd.

Grote bijdrage

Nederland staat samen met Groot-Brittannië 3e op de ranglijst van het aantal gevlogen missies. Alleen de Verenigde Staten en Frankrijk nemen meer vluchten voor hun rekening. Nederland wordt internationaal geprezen vanwege de professionaliteit en zelfstandigheid, gecreëerd door de inzet van eigen tankvliegtuigen. Ook weet de luchtmacht substantiële collateral damage  te voorkomen, nevenschade bij bombardementen.

In totaal worden 20 Nederlandse F-16’s ingezet van vliegbases Leeuwarden, Twenthe en Volkel. 2 KDC-10-tankvliegtuigen, 2 C-130 Hercules- en 4 Fokker-60-transportvliegtuigen ondersteunen de operatie. De intensieve inzet van vliegtuigen vergt daarnaast een stevige logistieke ondersteuning van grondpersoneel. Veel luchtmachters zijn direct betrokken bij de luchtcampagne. De militairen op Amendola, maar ook in Nederland, zoals op het munitiepark Alphen, de luchtmachtstaf en het Depot Elektronisch Luchtmacht Materieel op Woensdrecht.

Allied Force was een luchtcampagne die op zichzelf stond, zonder ondersteuning van andere krijgsmachtdelen.

Het luchtmachtvaandel

Koningin Juliana reikte op 19 mei 1965 het luchtmachtvaandel uit aan toenmalig Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal Bertie Wolff. Deze onderdeelsstandaard staat symbool voor de binding met het Koninklijk Huis en versterkt de eenheid en het eergevoel binnen de luchtmacht. Iedere luchtmachtmilitair legt na zijn aanstelling de eed of belofte af op het vaandel.

Volgens traditie kan de regerende vorst de banieren opsieren met bijzondere wapenfeiten. Deze opschriften kunnen op het doek staan of op een cravate, een lint dat aan het vaandel is bevestigd. In de praktijk komt dit weinig voor.

Het luchtmachtvaandel had bij de uitreiking de volgende opschriften: Nederland 1940, Nederlands-Indië / Malakka 1941 – 1942, Engeland / West-Europa 1941 - 1945 en Australië / Indische Archipel 1942 - 1945. Eind 1968 werd daar met het opschrift Indische Archipel 1947-1949 nog een vijfde wapenfeit aan toegevoegd.

Van oorsprong zijn vaandels veldtekens die werden meegevoerd door strijdende eenheden. Legeraanvoerders gebruikten de vlaggen voor oriëntatie op het slagveld. Andersom gebruikten de troepen ze ook hiervoor. Vanaf 1820 kende koning Willem I persoonlijk vaandels toe aan de Nederlandse eenheden. Deze traditie wordt vandaag nog steeds in ere gehouden.

Verwijzingen
Onderzoek naar Allied Force staaft toekenning vaandelopschrift Koninklijke Luchtmacht
Beleidsnota | 22 maart 2013

maandag 11 februari 2013

Nieuw rapport HCSS over toekomst luchtmacht

Taking the high ground
Toekomstvisie Luchtwapen 2015 - 2025

Het belang van het luchtwapen ligt in het scheppen van de voorwaarden voor succesvol optreden van zee-, land- en luchtstrijdkrachten. Waarneming en langdurige observatie wordt een hoofdtaak van de luchtmacht. Snelle technologische ontwikkelingen maken het gebruik van onbemande systemen en ruimtemiddelen hierbij steeds beter mogelijk én betaalbaar.

Door het schrappen van tanks, artillerie en antitankwapens levert de Nederlandse krijgsmacht veel slagkracht in. De luchtmacht kan het optreden op de grond en op zee steunen met een mix van jachtvliegtuigen en bewapende helikopters, in de toekomst wellicht aan te vullen met offensief in te zetten onbemande systemen. Deze rol vraagt nadrukkelijk om versterking van het gezamenlijk optreden.

De huidige dynamische veiligheidsomgeving vraagt om voortdurende aanpassing en vernieuwing. De Commandant Luchtstrijdkrachten is verantwoordelijk voor de opbouw en het gebruik van kennis van alle vliegende systemen binnen de krijgsmacht. Dit vereist nauwe samenwerking met de industrie en kennisinstituten. Defensie heeft daarbij een belangrijke rol aan de voor- en de achterkant van het innovatieproces, respectievelijk als innovation leader en lead customer. Samenwerking in het lucht- en ruimtevaartcluster is belangrijk voor de versterking van de Nederlandse kenniseconomie.

Deze en andere bouwstenen voor de toekomstige luchtmacht zijn neergelegd in het rapport ‘Toekomstvisie Luchtwapen 2015-2025’. Dit rapport is opgesteld door het Den Haag Centrum voor Strategische Studies (HCSS), in opdracht van de Koninklijke luchtmacht.

Het hele rapport kunt u hier downloaden.

(HCSS, 11 februari 2013)

zaterdag 9 februari 2013

Eerste Nederlandse transportvlucht voor operatie Mali

KDC-10
Het eerste Nederlandse transportvliegtuig is gisteren vertrokken richting Tsjaad om spullen af te leveren voor de Franse operatie Serval in Mali en vandaag weer teruggekeerd. De KDC-10 vertrok vrijdag vanaf Vliegbasis Eindhoven naar Frankrijk om de af te leveren bevoorradingsmiddelen op te halen. Aansluitend vliegt het toestel verder naar N’Djamena in Tsjaad, waar de Fransen een logistiek steunpunt hebben ingericht.

Operatie Serval is de door Frankrijk geïnitieerde en geleide operatie die een einde moet maken aan de bezetting van Noord-Mali door verschillende islamitische en nationalistische strijdgroepen. De Franse operatie ging op 11 januari van start met luchtaanvallen, nadat rebellen ook de rest van het land onder de voet dreigden te lopen.

Grondoffensief
Enkele dagen later begonnen de Fransen samen met het Malinese staatsleger ook een grondoffensief. In de loop van deze strijd kregen ze steun van enkele duizenden ECOWAS-militairen, een regionaal samenwerkingverband van 15 omliggende landen als Niger, Nigeria en Senegal. Daarnaast ondersteunen ook het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, België en Duitsland de operatie met luchtsteun, materieel en advies.

Op verzoek van Frankrijk is logistieke steun met Nederlandse vliegtuigen mogelijk gemaakt via het European Air Transport Command (EATC) in Eindhoven. De KDC-10 is het grootste vliegtuig uit de transportvloot van de luchtmacht. Het betreft in eerste instantie vluchten naar buurlanden van Mali. Het kabinet maakte op 1 februari bekend dat EATC-vluchten naar de Malinese hoofdstad Bamako ook mogelijk zijn als de veiligheidssituatie dit toelaat. Waarschijnlijk vindt eind volgende week de eerste vlucht op Bamako plaats.

(ministerie van Defensie, 9 februari 2013)

vrijdag 11 januari 2013

Luchtmacht vliegt Elfstedentocht bij start jubileumjaar

Met het vliegen van de Elfstedentocht zijn vandaag de festiviteiten rond 100 jaar militaire luchtvaart in Nederland van start gegaan. Commandant Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal Alexander Schnitger en Commissaris van de Koningin in Friesland John Jorritsma legden per helikopter de route af.

Daarnaast gaf de luchtmacht aan de provincie een concert cadeau als onderdeel van het eeuwfeest. Ook de andere 11 provincies krijgen een dergelijk muzikaal presentje van het luchtwapen.

Onmisbaar
De luchtmacht wil dit jaar nog eens extra onderstrepen dat het krijgsmachtdeel onmisbaar is bij alle militaire operaties en daarnaast veel taken in Nederland uitvoert, uiteenlopend van assistentie bij het blussen van branden en het controleren van dijken tot de bewaking van het Nederlandse luchtruim.

Luitenant-generaal Schnitger gaf het startsein in Friesland, omdat "wij grote steun ervaren van de gemeente Leeuwarden en de provincie Friesland. Vandaag willen wij iets terug doen voor deze steun en u op een unieke manier bedanken. Wij vliegen vandaag de route van de Elfstedentocht; uniek voor Friesland."

Activiteiten
De relatieconcerten vormen een onderdeel van de festiviteiten rond het 100-jarig bestaan van de militaire luchtvaart in Nederland. Basisscholieren laten ballonnen op, leerlingen van middelbare scholen mogen gedichten schrijven over de militaire luchtvaart te schrijven en techniekstudenten studies wordt gevraagd om het vliegtuig van de toekomst te ontwerpen. De beste gedichten worden voorgedragen tijdens het relatieconcert, de winnaar(s) van het beste ontwerp ontvangen een luchtvaartgerelateerde prijs.

(ministerie van Defensie, 11 januari 2013)

woensdag 12 december 2012

Militaire en civiele verkeersleiding samengevoegd

De militaire en civiele verkeersleidingstaken in het luchtruim van Nederland zijn sinds vandaag samengevoegd in een nieuw centrum, de zogenoemde Shared Airtraffic Service (SAS). De Koninklijke Luchtmacht en het Maastricht Upper Area Control (MUAC) zijn daardoor letterlijk en figuurlijk met elkaar verbonden.

Door deze bundeling kunnen militaire luchtverkeersleiders op het Air Operations Control Station te Nieuw Milligen operationeel gebruik maken van het nieuwe luchtverkeersleidingssysteem. SAS is voorzien van geautomatiseerde radar- en vliegplandata vanuit MUAC.

Begrijpen
Met het gebruik van SAS zijn er veel voordelen te behalen in veiligheid en efficiëntie. Door civiel-militaire samenwerking kunnen grenzen in het luchtruim gereduceerd worden en lonken nieuwe operationele concepten. Dit is mogelijk doordat de civiele partners inzicht hebben in de status en activiteiten in het militaire luchtruim. Een belangrijke winst wordt behaald doordat civiele en militaire controllers elkaar beter gaan begrijpen. Er wordt   winst behaald doordat MUAC en de luchtmacht hun systemen op elkaar hebben afgestemd waardoor de ontwikkelings- en onderhoudskosten verminderen.

Stap
Het idee voor deze vergaande samenwerking tussen de Koninklijke Luchtmacht en MUAC dateert al van 2008. Door een intensieve en goede samenwerking tussen Defensie en ‘Maastricht’ wordt nu,   na het tekenen van de samenwerkingsovereenkomst, de eerste operationele stap gezet.

Het concept van SAS is revolutionair binnen Europa   en bewijst dat het mogelijk is om op geïntegreerde wijze verkeersleidingsinformatie uit te wisselen op verschillende locaties. Kostenbesparing en een verbetering van de veiligheid is niet het enige voordeel. Het systeem is ook klaar voor de toekomst. SAS voldoet aan de huidige Europese regelgeving en wordt doorontwikkeld tot 2025.

(ministerie van Defensie, 12 december 2012)

dinsdag 20 november 2012

Volledige Hercules-vloot gemoderniseerd


Met de voltooiing van de vierde gemoderniseerde C-130 is de volledige Hercules vloot vernieuwd. In het Britse Cambridge droeg Marshall Aerospace het middelzware transportvliegtuig vandaag over aan Commandant Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal Sander Schnitger.

Overdracht C-130 in Cambridge (foto Defensie)

De uitgebreide modificatie behelsde onder meer de uitvoering van de cockpit. Die is gedigitaliseerd, waarmee de karakteristieke metertjes verdwenen. Schnitger: “Door de aanpassingen kunnen de toestellen in een hoger geweldsspectrum worden ingezet. De modernisering van de cockpit vergroot ook de veiligheid van passagiers en bemanning.”

Zelfbescherming
De Hercules is in staat op primitieve vliegvelden met onverharde startbanen te landen en op te stijgen. Ook heeft het toestel zelfbeschermingsmiddelen aan boord. Het nut en de noodzaak van de vliegtuigen blijkt al 15 jaar en wordt nog dagelijks bewezen.

Luchttransportcapaciteit
Door de deelname aan vredesmissies en bijdragen aan noodhulp ontstond eind jaren ’90 een toenemende behoefte aan tactische luchttransportcapaciteit.   Defensie besloot daarom   in 2004 tot de aanschaf van 2 extra Hercules-vliegtuigen, wat de vloot op 4 bracht. De toestellen behoren tot 336 Squadron, gestationeerd op Vliegbasis Eindhoven.

(ministerie van Defensie, 20 november 2012)

vrijdag 2 november 2012

F-16’s een decennium actief in Afghanistan (+ video)

Nederlandse F-16’s leveren deze maand 10 jaar een bijdrage aan de stabiliteit en veiligheid in Afghanistan. Sinds een jaar zijn ze actief voor de politietrainingsmissie in Kunduz. In het begin werden de jachtvliegtuigen ingezet voor operatie Enduring Freedom en opereerden ze vanaf de Amerikaanse basis Manas, Kirgizië.


Nederlandse F-16, Kandahar Airfield (foto AVDD)

Enduring Freedom volgde op de aanslagen van 11 september 2001 in de Verenigde Staten. Omdat eerst naar Afghanistan moest worden gevlogen, waren de vluchten lang; 8 uur was geen uitzondering. Om die reden voorzagen tankvliegtuigen de toestellen in de lucht van nieuwe brandstof, soms wel 3 keer per vlucht.

Uruzgan
In 2005 kwam het accent te liggen bij de ISAF-missie (International Security Assistance Force). Het Nederlandse luchtcommando, de Air Task Force (ATF), verhuisde naar de hoofdstad Kabul, waar de F-16’s luchtsteun leverden aan de coalitiegrondtroepen. Toen de Task Force Uruzgan in 2006 een feit was, ging het detachement naar Kandahar Airfield in het zuiden van het land. Daar ondersteunden de gevechtvliegtuigen direct de Nederlandse grondtroepen. In deze periode veranderde het karakter van de inzet en moesten de toestellen vaak hun wapens gebruiken. Ook Apache-gevechtshelikopters en, afwisselend Chinook- en Cougar-transporthelikopters, maakten toen deel uit van de ATF.

Politietrainingsmissie
Sinds een jaar zijn de F-16’s actief vanaf de basis Mazar-e-Sharif in het noorden van Afghanistan. Daarvandaan ondersteunen ze de politietrainingsmissie in Kunduz met voornamelijk het uitvoeren van verkenningsmissies. Daarbij gebruiken zij het fotoverkenningsysteem RecceLite, waarmee ze onder meer geïmproviseerde explosieven opsporen. De F-16’s geven ook direct luchtsteun als grondeenheden in de problemen komen.

“Dagelijks voeren wij met onze F-16’s missies uit voor de Nederlanders van de politietrainingsmissie”, zo vertelt commandant luitenant-kolonel Denny Traas van ATF21. “Daarnaast ondersteunen wij coalitietroepen. Sinds onze verhuizing van Kandahar naar Mazar-e-Sharif vlogen ruim 1200 sorties, bij elkaar bijna 2400 uur.”

Video

(ministerie van Defensie, 2 november 2012)

dinsdag 16 oktober 2012

We are British. We do not say 'no'

LCOL Kleinreesink, RNLAF
(The following excerpt is from the 2012 book 'Officier in Afghanistan' ('An Officer in Afghanistan'), written by Dutch LCOL Esmeralda Kleinreesink (RNLAF). In 2006, she was stationed at ISAF Headquarters in Kabul, as Chief Air Transport - responsible for ITAS (Intra Theatre Airlift System). In plain English: she was to provide for the air transport, so that ISAF troops could get to and from their respective bases. As a journalist, I have visited ISAF HQ and used ITAS to get from one place to another in Afghanistan.

If I were to qualify the book in one word, I'd say 'priceless'. It gives a unique insight in what it's like to work in a multinational military headquarters. And while it's light-footed (and at times outright hilarious), the underlying messages are dead serious. By the way, the incoming COMISAF referred to in the excerpt below was British General Sir David Richards, GCB, CBE, DSO, ADC. I should hasten to add that in her book, LCOL Kleinreesink has not mentioned any of the real-world characters by their full name. Likewise, encounters of the hilarious and other kinds are certainly not limited to British generals. On the contrary.
Hans de Vreij, journalist

(...)
One of the things I ponder that afternoon in Destille Garden  is the new Commander’s Intent. The new British general, COMISAF, intends to spend the first two months of this command visiting all the key leaders in Afghanistan. A very commendable  initiative,  which might result in some logistical challenges. As a fully assimilated Italian, I therefore decide to spend my unexpected ‘afternoon off’ by inviting one of the Italian staff officers from COMISAF’s office to an espresso.
         ‘How many people will the new COMISAF travel with during his key leader engagement? His
aid-de-camp, some force  protection people, maybe a press officer and a staff officer?’ I ask after some small talk.
         ‘Oh, no, he wants to travel with a large party. We are talking dozens of people.’
Apparently my face darkens, as my conversation partner asks: ‘Will that be a problem?’
           ‘Possibly,’ I mutter. ‘Is it true that COMISAF has his own armoured vehicle that he wants to take with him wherever he goes?’
           ‘Hmm,’ he says and looks around, apparently to decide whether he is willing to say more, but as Milan Palace is busy and we are surrounded by fellow Italians and Brits, he leaves it at that.
         ‘What are the chances that he is willing to fly without that thing?’ I ask.
         ‘Unlikely,’ and he gives me an intense look. I gather from this look that the new COMISAF is not only demanding when he travels, but also at the office.
          ‘Why do you want to know?’ he asks.
          ‘Because an armoured vehicle probably means that I need an additional plane.’
He nods understandingly: ‘I see your weekly remark about the shortage of planes in the reports. How many do you have? Six, seven?’
         ‘Try again,‘ I say.
         ‘Five, four…?’ he tries. I slowly shake my head and hold up two fingers. When it dawns on him what this means, he stops moving for a moment, and thinks.
         ‘Then how are you going to fly ITAS, the Intra Theatre Airlift System, when COMISAF is on key leader engagement?’ he asks.
          Slowly I say: ‘That is exactly what I am wondering, too. I’m afraid that I’ll have to explain to COMISAF that if he wants ITAS to keep flying, he will have to travel by ground, or without his car and the entire party.’
          ‘I am glad you don’t ask me to deliver that message,’ he says.

The Dutch C-130 planner I carefully sound out over the telephone puts it quite plainly. No  intense looks and meaningful ums, just an outspoken: ‘We offered our C-130 to NATO for ITAS, not for VIP flights. We have better use for our C-130. If this happens I’ll withdraw the Dutch offer. And I don’t think you’ll find any other country willing to make their C-130’s available for this.’ I decide to consult with my pillow on how to tell COMISAF that ITAS and key leader engagement from the air are not compatible.

The next morning, however, the colonel delivers me from this problem. For the third time in a week I stand at ease in front of a neatly cleaned desk, this time with the firm intention not to be overwhelmed again.
         ‘Did you tell COMISAF that he can’t fly?’
         ‘No, sir,’ I answer, without feeling any impulse to explain myself. If he wants to play boss-subordinate, he can get it.
         ‘Then why do I get to hear that?’
         ‘Maybe because I talked to one of COMISAF’s staff officers about his travel plans and the staff officer concluded from our little chat that it is impossible to both fly ITAS and COMISAF with this entire party,’ I say.
Flushed and emphasizing each and every word, the colonel says: ‘We are British. We do not say “no”.’

This time I am prepared. Last night I read the standard operating procedure which clearly states that the Chief Air Transport is responsible  for the upkeep of ITAS and for planning the air transport capacity which has been made available to NATO. Not my department chief. I am to put the mission first and foremost, not nice COMISAF plans or national interests. Therefore I answer with the same emphasis: ‘I am NATO. It is my call. I do say “no”.’

(...)

You have read a translated  excerpt from 'Officier in Afghanistan’ by Esmeralda Kleinreesink. 
Interested in acquiring the foreign rights? Please contact Dutch publisher Meulenhoff via 
http://www.meulenhoff.nl/nl/p4cc9c93f583e6/foreign-rights.htm


©translation and Dutch original: Esmeralda Kleinreesink, 2012

donderdag 27 september 2012

311 Squadron opgeheven

Het 311 Squadron is niet meer. Commandant Vliegbasis Volkel kolonel vlieger Peter Tankink heeft vandaag het commando over de F-16 eenheid teruggegeven aan Commandant Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal Sander Schnitger.

"Ik spreek mijn grootste respect voor u uit, voor de wijze waarop u ook in deze laatste fase uw taken heeft uitgevoerd" zei Schnitger tegen het verzamelde personeel van de eenheid. "Ik realiseer me dat u een moeilijke en onduidelijke tijd tegemoet gaat. Weet dat ik vanuit mijn positie er alles aan doe om ervoor te zorgen dat u allemaal goed ondergebracht wordt. Ik ben beperkt, maar zal geen kans onbenut laten."

Volgens luitenant-generaal Schnitger worden de gevolgen van de laatste bezuinigingsmaatregelen duidelijk zichtbaar. "Defensie is na twintig jaar non-stop bezuinigen, helemaal uitgeknepen. Opnieuw bezuinigen op Defensie is een groot risico voor onze veiligheid en welvaart. Wie zijn veiligheid en welvaart serieus neemt, neemt ook de krijgsmacht serieus", stelde hij.

De overhandiging van de eenheidsvlag markeerde het formele einde. Luitenant-kolonel Koen Deering gaf als laatste squadroncommandant van het 311 Squadron de vlag aan Tankink, die op zijn beurt het dundoek doorgaf aan de Commandant Luchtstrijdkrachten. Daarna maakten 8 F-16's  een fly-by. De opheffing van 311 is een gevolg van de bezuinigingsmaatregelen die in de Beleidsbrief van 8 april 2011 werden aangekondigd.

Volgens Tankink heeft het squadron nog wel het 60-jarig bestaan kunnen vieren in 2011, maar kwam het opheffingsbesluit hard aan. "Gelukkig hebben allen nadat de eerste emoties waren gezakt de schouders eronder gezet en een prachtige reünie georganiseerd. Dat is de spirit van dit squadron: zo sterk als een adelaar." Hij sprak van een sober, maar waardig afscheid. "Ook al is 311 niet meer operationeel, uit de geschiedenis zal het nooit verdwijnen. Het was een prachtig squadron."

4 eenheden
Met het opheffen van de eenheid houdt de luchtmacht nog 4 F-16-eenheden over: het 322 en 323 op Vliegbasis Leeuwarden en 312 en 313 Squadron op Vliegbasis Volkel.

De jachtvliegtuigen van het 311 Squadron worden afgestoten. Voor het personeel wordt passend werk gezocht, binnen of buiten Defensie. Van de vliegers kreeg een aantal vorig jaar al, vooruitlopend op de opheffing, een zogenoemd 0-urencontract. Andere medewerkers hebben de dienst al verlaten.

Historie
Het 311 Squadron was op 1 mei 1951 het eerste vliegende squadron dat op Vliegbasis Volkel werd opgericht. De eerste jaren werd er gevlogen met Thunderjets, daarna met de Thunderstreak. In 1965 maakte dat toestel plaats voor de Starfighter. In 1982 schakelde het 311 Squadron over op de F-16.

De adelaar in het embleem van het 311 Squadron symboliseert de vastberadenheid en snelheid in het uitvoeren van zijn opdrachten. De tekst "Ut Aquila Preadans" betekent: "Zoals een adelaar zich op z'n prooi stort", en geeft weer in welke geest het 311 Squadron zijn taken uitvoerde.

Toekomst
Dat de eenheid is opgeheven, betekent volgens Rolf de Winter van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie en lid van de Traditiecommissie KLu niet dat er in de toekomst geen eenheid meer met die naam en dat embleem komt. Volgens hem is het mogelijk dat de Commandant Luchtstrijdkrachten na overleg met de Traditiecommissie ooit een nieuwe eenheid met dat nummer in het leven roept. De chef kabinet van luchtmachtbaas bewaart als voorzitter van de Traditieraad de vlag, het embleem en de wapenspreuk van de eenheid.

(ministerie van Defensie, 27 september 2012)

donderdag 21 juni 2012

Luchtmachtbaas: luchtwapen onmisbaar bij hedendaagse operaties

"De F-16, die primair eigen eenheden en die van bondgenoten beschermt, levert een meer dan belangrijke bijdrage aan de politietrainingsmissie in Kunduz. Daarnaast is de luchtverkenningstaak met RecceLite van grote waarde, onder meer bij het zoeken van bermbommen. Kortom: wederom een missie die er toe doet voor de Air Task Force." Dat zei luitenant-generaal Sander Schnitger, Commandant Luchtstrijdkrachten, donderdag op Vliegbasis Volkel.

Daar werd de Nederlandse Herinneringsmedaille Vredesoperaties uitgereikt aan 130 eerder uitgezonden militairen van voornamelijk de luchtmacht. Het betrof onderscheidingen voor het detachement van de Air Task Force dat eerst vanaf Kandahar Airfield in Zuid-Afghanistan opereerde en later vanaf Mazar-e-Sharif in het noorden. Ook de eerder uitgezonden militairen van het Air Point of Debarkation ‘Mirage’ in de Verenigde Arabische Emiraten kregen het eremetaal.

Onmisbare rol
Schnitger: "De inzet van onze systemen is belangrijk. Het laat zien dat het luchtwapen een relevante en zelfs onmisbare rol vervult bij hedendaagse operaties." Naast het beschermen van Nederlanders schieten F-16’s vanaf Mazar-e-Sharif nu ook, indien nodig, bondgenoten te hulp. "Onze F-16's zijn de enige fighters in het noorden van Afghanistan. Ze zijn van doorslaggevend belang voor het succes van de ISAF-missie in dit gebied en van de Nederlandse politiemissie." Volgens de luchtmachtbaas onderstreept dit nog meer de grote waarde en relevantie van de wapensystemen. "Immers, zonder onze F-16's of Apaches is inzet van (NL) grondtroepen in conflicten niet meer mogelijk."


Nederlandse F-16, Afghanistan (foto: Defensie)



Missies zijn volgens Schnitger echter niet succesvol uit te voeren, zonder hulp van ondersteunende diensten en eenheden. "Ik wil ook de leden van het Air Point of Debarkation in de Verenigde Arabische Emiraten, hiervoor danken." Hij vergat verder het thuisfront niet dat in Nederland 'gewoon' door draaide. "Soms in spanning en onzekerheid, altijd was u de rots in de branding als het ging om het oplossen van of omgaan met alledaagse en soms ook niet alledaagse problemen", zei hij. De achterblijvers kregen roosje, of voor de kleintjes, een kindermedaille. "Beschouwt u dat als een erkenning van mij / van ons, dat uw inbreng voor ons van onschatbare waarde is geweest."

Herinneringsmedaille
De gedecoreerde militairen waren in de periode januari tot en met mei van dit jaar uitgezonden in Afghanistan waar zij deel uitmaakten van de ISAF-missie.

De Nederlandse Herinneringsmedaille Vredesoperaties wordt toegekend aan deelnemers van vredesoperaties die ten minste 30 dagen onafgebroken aan een vredesoperatie hebben deelgenomen.

(Koninklijke Luchtmacht, 22 juni 2012)

woensdag 6 juni 2012

Kabinet optimistisch over voortgang JSF (F-35)

(Opmerking: het woord JSF (Joint Strike Fighter) is blijkens dit nieuwsbericht 'uit'. Men heeft het nu gewoon over de F-35, hdv)

+++

Het Kabinet heeft vertrouwen in de nieuwe Amerikaanse opzet van het F-35 programma. Nog niet alle problemen zijn opgelost, maar het programma zit op het goede spoor. Het eerste Nederlandse testtoestel wordt in september 2012 voltooid. Dat schrijven de ministers Hans Hillen van Defensie en Maxime Verhagen van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie vandaag in de tiende jaarrapportage Vervanging F-16 over 2011.

Het testprogramma verloopt goed, al vraagt vooral de software-ontwikkeling aanhoudend aandacht. Er is sprake van nieuwe kostenstijgingen, onder meer omdat landen hun geplande bestellingen naar latere jaren hebben verschoven.

In 2010 en 2011 heeft de Amerikaanse regering het programma kritisch tegen het licht gehouden. De resultaten daarvan hebben geleid tot een nieuwe opzet van het programma. De inzet van middelen is herverdeeld waardoor er meer tijd en capaciteit beschikbaar zijn gekomen voor het testprogramma,. Verder heeft het programmamanagement de teugels strakker aangehaald. Eerder dit jaar liet de Amerikaanse minister van Defensie Leon Panetta er geen twijfel over bestaan dat de F-35 er komt, omdat het toestel de technologische voorsprong biedt die nodig is om nieuwe dreigingen het hoofd te kunnen bieden.

Testprogramma
Het testprogramma komt goed op stoom nu de vloot aan testvliegtuigen nagenoeg compleet is en extra testen kunnen worden uitgevoerd door de toevoeging van 2 Amerikaanse F-35 productietoestellen. Het testprogramma moet zaken aan het licht brengen die beter moeten. Dat er aanpassingen nodig zullen zijn, is geen verrassing aangezien dit toestel zeer hoogwaardige techniek bevat. De geavanceerde vliegerhelm en de softwareontwikkeling zijn voorbeelden hiervan. Er wordt hard gewerkt aan oplossingen.

Kosten
Over de hele productiereeks gezien is de gemiddelde stuksprijs van de F-35A, de variant die Nederland op het oog heeft, in vergelijking met vorig jaar redelijk stabiel. Per 31 december 2011 is de gemiddelde stuksprijs € 64,4 miljoen. Ook dit jaar maakt de jaarrapportage echter melding van kostenstijgingen, in het bijzonder voor de exploitatie van de F-35 tijdens de gehele levensduur (30 jaar).

De raming van de investeringskosten bedraagt per 31 december 2011 € 7,5 miljard indien Nederland 85 toestellen zou kopen. Dit is vergelijkbaar met het bedrag van een jaar geleden (€ 7,6 miljard). Sinds vorig jaar rekent Defensie met een minder hoge dollarkoers. Daar tegenover staan hogere kosten doordat de Verenigde Staten en andere landen (waaronder ook Nederland) in totaal 242 toestellen in latere jaren zullen bestellen. Voor de vervanging van de Nederlandse F-16 is vooralsnog € 4,5 miljard gereserveerd.

Omdat het een nieuw toestel is, is er nog weinig gebruikservaring met de F-35. Dat maakt het berekenen van de exploitatiekosten moeilijk. Bij de herstructurering van het F-35 programma wordt van een zeer conservatieve raming uitgegaan. Voor Nederland is de raming voor de exploitatiekosten gedurende dertig jaar € 13,6 miljard. Dit bedrag kan nog zo’n € 1 miljard hoger uitvallen als Defensie nieuwe Amerikaanse kosteninformatie heeft doorgerekend.

F-35 beoogde opvolger van F-16
Zoals ook de Algemene Rekenkamer in haar monitoringrapport over 2011 constateerde, zal het in de lucht houden van de F-16 elk jaar meer kosten. Om de toestellen 3 jaar langer inzetbaar te houden is minimaal € 300 miljoen aan investeringen nodig. Daarnaast zullen de onderhoudskosten toenemen omdat oudere toestellen vaker met defecten in de hangar zullen staan. Defensie zal deze en andere kosten met betrekking tot de F-16 voortaan ook in samenhang presenteren met de kostenontwikkeling van het F-35 project.

Ondanks nieuwe investeringen zal door de toenemende verspreiding van geavanceerde grond- en luchtverdedigingsmiddelen de F-16 in een steeds kleiner deel van de wereld inzetbaar zijn. Bij uitfasering vanaf 2021, zoals nu voorzien is, hebben deze toestellen 40 jaar trouw dienst verricht ten behoeve van Defensie. Ook de vervanger van de F-16 zal dat voor een hele lange periode moeten kunnen doen. Daar moet Defensie, net als destijds bij de aanschaf van de F-16, nu al rekening mee houden. Het personeel verdient bovendien goed materieel, dus moet het aan te schaffen toestel over de nieuwste technologie én voldoende uitbreidingsmogelijkheden beschikken. Defensie is daarom van mening dat de F-35 de beste opvolger is voor de F-16. Een volgend kabinet zal besluiten nemen over de vervanger van de F-16, het aantal toestellen en het daarvoor benodigde budget.

Internationale samenwerking
Nederland overlegt vooral met Noorwegen over verdere F-35 samenwerking. Noorwegen heeft de eerste 4 toestellen besteld. België en Denemarken volgen de ontwikkelingen met belangstelling. Ook met Italië en het Verenigd Koninkrijk, die eveneens toestellen hebben besteld, zijn goede contacten. Samenwerking gaat niet alleen over aanschaf en instandhouding, maar ook over operationele aspecten.

Belang Nederlandse industrie
Ook als het gaat om de participatie van het Nederlandse bedrijfsleven is de F-35 nog steeds een goede keus. Door vertragingen, de beëindiging van de ontwikkeling van de F-136 motor en de latere bestellingen van landen is het aantal raamcontracten wel met € 42 miljoen verlaagd. Er is desondanks al bijna een miljard dollar aan orders toegekend. De verwachte productieomzet zal voor de Nederlandse bedrijven op ongeveer 9 miljard dollar uitkomen, mits Nederland besluit de F-35 aan te schaffen. Het gaat om technologisch hoogwaardige opdrachten die van groot belang zijn voor werkgelegenheid binnen de Nederlandse luchtvaartindustrie en kennissector.

(ministerie van Defensie, 6 juni 2012)

dinsdag 17 april 2012

Afghanistan: F-16's zetten weer wapens in

Twee Nederlandse F-16's zijn vrijdag Amerikaanse militairen in de Oost-Afghaanse provincie Badghis te hulp gekomen. De Amerikanen werden aangevallen door opstandelingen. De F-16's gooiden enkele bommen af. De inzet was succesvol, aldus een woordvoerster van het ministerie van Defensie dinsdag.

De Nederlandse gevechtsvliegtuigen waren in de lucht toen de Amerikanen om hulp vroegen. Het was de tweede keer dat de F-16's bommen gooiden sinds ze zijn gestationeerd in Mazar-e-Sharif om de politietrainingsmissie in Kunduz te ondersteunen.

Bij een andere missie, boven de provincie Faryab, voerden Nederlandse F-16’s een zogenoemde show of force uit op verzoek van grondtroepen. De aanwezigheid van de toestellen was voldoende om de opstandelingen te ontmoedigen vijandelijke acties te ondernemen.

(ANP/Defensie, 17 april 2012)





woensdag 11 april 2012

Netherlands makes final trim to F-16 fleet size


By:   Anno Gravemaker

The Netherlands is to reduce its operational fleet of Lockheed Martin F-16s from 87 to 68 aircraft and defer a decision on buying the company's replacement F-35 until after elections planned to be held in 2015.

Three options are being considered for the surplus F-16s. These range from selling 18 and dismantling the other for spare parts, to selling 15 and retaining four for use as spares and training assets, or using all 19 airframes in this way.

With the Royal Netherlands Air Force having already reduced its number of active F-16 pilots to 68, annual savings of €41 million ($53 million) should be made from 2014. However, the defence ministry says a decision to extend operations of the type by three years until 2026 will cost an additional €300 million.

Dutch planning expectations still call for an active inventory of 85 conventional take-off and landing F-35As, but the defence ministry is reserving only €4.5 billion for the purchase. This is just 60% of the required budget cited in 2010.

The Netherlands' first F-35 was rolled out at Lockheed's Fort Worth site in Texas on 1 April. Along with a second example, AN-1 will support the nation's participation in initial operational test and evaluation of the aircraft.

(Flight International, 10 April 2012)

vrijdag 6 april 2012

Afghanistan: Kamerbrief inzet Nederlandse F-16’s


Tijdens de regeling van werkzaamheden van 28 maart jl. heeft het lid Pechtold een vraag gesteld over de inzet van Nederlandse F-16’s. In deze brief ga ik in op de inzet waarop deze vraag betrekking heeft en op de mate waarin Nederlandse F-16’s worden ingezet.

Op zaterdag 24 maart 2012 is een Italiaanse basis in de provincie Farah, ISAF Regional Command West, door opstandelingen met mortieren beschoten. Hierbij kwam een Italiaanse militair om het leven en raakten zes Italiaanse militairen gewond. De Italianen hebben tijdens de beschieting om luchtsteun gevraagd.

Twee Nederlandse F-16’s, die op dat moment in de lucht waren voor een geplande vlucht, zijn aangewezen om de luchtsteun te verlenen. Op aanwijzing van een Italiaanse Forward Air Controller hebben beide F-16’s een bom afgeworpen op de mortierstelling waarna de beschieting stopte. De F-16’s bleven vervolgens in de buurt om de medische evacuatie van de gewonde militairen te beveiligen. Hierna keerden de F-16’s terug naar de basis in Mazar-e-Sharif. De gehele actie duurde ongeveer vierenhalf uur.

De Nederlandse F-16’s van Air Task Force (ATF) zijn vanaf 1 november 2011 operationeel vanaf de basis in Mazar-e-Sharif. De hoofdtaak van de ATF bestaat uit het opsporen van bermbommen en het verzamelen van inlichtingen. In geval van acute nood kunnen de Nederlanders en Afghanen die zij begeleiden rekenen op luchtsteun van Nederlandse F-16’s en toestellen van coalitiepartners. Als zij in de lucht zijn, kunnen Nederlandse F-16’s ook coalitiepartners in acute nood te hulp komen. ISAF is bekend met de inzetbeperkingen van de Nederlandse F-16’s.

In de periode 1 november 2011 tot en met 28 maart 2012 kreeg de ATF 26 verzoeken voor ondersteuning. Aan alle verzoeken kon worden voldaan. Alleen bij de inzet op 24 maart zijn wapens ingezet.

DE MINISTER VAN DEFENSIE
Drs. J.S.J Hillen

(ministerie van Defensie, 5 april 2012)

dinsdag 27 maart 2012

Nederlandse F-16's schieten Italiaanse ISAF-troepen te hulp


Nederlandse F-16’s zijn deze week in actie gekomen om een aanval van Afghaanse opstandelingen op een Italiaanse legerbasis in (zuid-westelijke provincie) Farah af te slaan. Hierbij zijn door de Nederlandse vliegers ook wapens ingezet.


Archieffoto Defensie: Nederlandse F-16, Kandahar Airfield
Bij de aanval op een voorpost van de coalitietroepen kwam 1 militair uit Italië om het leven en raakte een aantal anderen gewond.

(bron: weekoverzicht Defensie-operaties, 27 maart 2012)