Posts tonen met het label Syrië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Syrië. Alle posts tonen

dinsdag 7 oktober 2014

Kamerbrief over situatie in Kobani (Syrië)

Aan de Voorzitter van de Staten-Generaal
7 oktober 2014

Hierbij bied ik u, mede namens de minister van Defensie, de reactie aan op het verzoek van uw Kamer om een brief over de situatie in Kobani, met referentie 2014Z17392/2014D35411. Op 2 oktober jl. heeft het Kabinet uitgebreid met uw Kamer gesproken over de Nederlandse inzet binnen de coalitie tegen ISIS.

Algemeen
De situatie in Kobani baart het Kabinet grote zorgen. De ontwikkelingen in en rondom Kobani, en breder in de regio, voltrekken zich in een snel tempo. Uiteraard zijn deze ontwikkelingen voortdurend onderwerp van gesprek met partners, met name binnen de coalitie tegen ISIS. Deze gesprekken vormen een waardevolle bijdrage aan de duiding van (de implicaties van) de gebeurtenissen. Het Kabinet acht het van groot belang dat gedegen analyse en duiding de basis vormen voor het Nederlandse beleid.

Recente ontwikkelingen in Kobani
Half september begon ISIS in Syrië een offensief in Koerdisch gebied, in een poging om Kobani / Ayn al Arab te bereiken. Deze stad op de grens met Turkije is van strategische waarde omdat het een directe verbinding mogelijk maakt tussen gebieden onder ISIS-controle in Aleppo in het noordwesten van Syrië en Raqqa, het ISIS-hoofdkwartier in het oosten van Syrië. De groepering zou hiermee bovendien een groot deel van het Turks-Syrische grensgebied volledig in handen hebben.

In de afgelopen dagen heeft ISIS de stad belegerd vanuit het oosten, westen en zuiden. Koerdische strijders hebben de stad verdedigd, maar kwamen onder toenemende druk van het zwaarbewapende ISIS (tanks en artillerie). Volgens ooggetuigen is ISIS er op maandag in geslaagd de stad binnen te dringen aan de oostzijde, waar ze hun zwarte vlag hebben gehesen. Pogingen om de stad aan zuidwestelijke zijde binnen te dringen zouden gaande zijn. Bronnen spreken over honderden gevluchte burgers, bovenop de 160 000 Koerden die eerder al vluchtten voor het ISIS-offensief. Het centrum van de stad zou echter nog steeds in Koerdische handen zijn.

Internationale actie

Coalitie tegen ISIS
De coalitie tegen ISIS heeft inmiddels 341 luchtaanvallen uitgevoerd in Irak en Syrië, waarvan 86 in Syrië tegen ISIS in samenwerking met Saudi-Arabië, de VAE, Bahrein, Koeweit en Jordanië. Zowel vorige week als in de afgelopen 24 uur maakten ISIS-stellingen in en rond Kobani deel uit van de doelen van de coalitie. Ook vanochtend vinden luchtbombardementen plaats. Het Kabinet bespreekt één en ander in coalitieverband en beoordeelt op basis van gezamenlijke analyse eventueel te nemen vervolgactie.

Turkije
Het Turkse parlement heeft afgelopen donderdag een wetsvoorstel aanvaard, waarmee een mandaat wordt verschaft voor eventuele militaire operaties in Irak en Syrië, en voor de eventuele stationering van buitenlandse troepen in Turkije. De Turkse regering heeft aangetekend dat de militaire acties van de coalitie in Syrië zich niet zouden moeten beperken tot luchtaanvallen op ISIS. De verdrijving van de regering-Assad in Damascus, in Turkse optiek de hoofdverantwoordelijke voor de opkomst van ISIS, blijft voor Turkije een hoofddoel. Turkije heeft sinds enkele dagen artillerie en een aanzienlijk aantal tanks opgesteld bij de grens nabij Kobani. Turkije is bezorgd dat de strijd om Kobani overslaat naar Turks grondgebied, en heeft daarom de grens afgesloten. Wel staat het toe dat vluchtelingen uit Kobani, op de vlucht voor ISIS, de grens met Turkije oversteken. Turkije heeft inmiddels honderdduizenden mensen opgenomen die op de vlucht zijn geslagen voor het geweld in Syrië en Irak.

Koerdische positie en humanitaire situatie
Het kabinet heeft begrip voor de emotionele betrokkenheid die veel Koerden in Europa, en ook in Nederland, voelen bij de situatie in Kobani. De protesten die plaatsvonden in de Tweede Kamer afgelopen nacht, evenals gisteren in onder andere Wenen, Bern, Brussel, Kopenhagen, Stockholm en Berlijn, benadrukken het gevoel van verontrusting die de tragische berichten uit Kobani ook in onze samenleving teweegbrengen. Het Kabinet is voortdurend in gesprek met partners over mogelijke te nemen stappen ter bescherming van de burgerbevolking in Kobani en elders in Syrië en Irak. Zodra nadere informatie beschikbaar is, zal deze vanzelfsprekend met uw Kamer worden gedeeld.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Frans Timmermans

zondag 5 oktober 2014

Artikel 100-brief over deelname aan de internationale strijd tegen ISIS

Aan de Voorzitter van de
Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4
Den Haag

Datum   24 september 2014
Betreft  Artikel 100-brief deelneming aan internationale strijd tegen ISIS

Ministerie van Buitenlandse Zaken
Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl

Onze Referentie
DVB/CV-178/2014


Met deze brief informeren wij u, in overeenstemming met artikel 100 van de Grondwet, over het besluit van het kabinet een Nederlandse bijdrage te leveren aan de strijd tegen ISIS. Tevens wordt hiermee voldaan aan het verzoek van de Kamer om een brief met het kabinetsstandpunt ten aanzien van het luchtoffensief op ISIS in Syrië (kenmerk 2014Z16349/2014D33223).

De terroristische organisatie ISIS heeft de afgelopen maanden delen van Syrië en Irak veroverd en daarbij een ongekende gewelddadigheid aan de dag gelegd, met ontwrichtende gevolgen, ook in omringende landen. De snelle opmars van ISIS en daaraan gelieerde organisaties vormt een directe dreiging voor de regio en veroorzaakt instabiliteit aan de grenzen van Europa, met potentieel vergaande gevolgen voor onze eigen veiligheid. Er is brede internationale steun, nadrukkelijk ook lokaal en regionaal, om de strijd met ISIS aan te gaan. De Verenigde Staten hebben hierbij het voortouw genomen. Op de korte termijn is de strategie van de Verenigde Staten gericht op het stoppen van de opmars van ISIS evenals het ondersteunen van de Iraakse en Koerdische strijdkrachten en de gematigde Syrische oppositie teneinde de militaire kracht van ISIS te breken. Een effectieve bestrijding van ISIS op de langere termijn vereist vergaande bestuurlijke en sociaaleconomische hervormingen, waarvoor vooral de nieuwe Iraakse regering verantwoordelijk is. Ook de invloedrijke buurlanden van Irak hebben een rol te spelen. Zij moeten het sektarische conflict dempen en de financiële, materiële en personele toevoerlijnen naar ISIS afsnijden. De internationale gemeenschap, waaronder Nederland, moet deze landen hierop blijven aanspreken.

Het kabinet heeft besloten om, naast politieke en humanitaire steun, ook een militaire bijdrage te leveren aan de strijd tegen ISIS in Irak, in samenwerking met de Verenigde Staten en andere (regionale) partners. De internationale inspanningen zijn gericht op het breken van de militaire kracht van ISIS op de korte termijn. Deze eerste fase van de strijd zal, naar Amerikaanse schatting, zes tot twaalf maanden duren. Nederland stelt in deze fase zes operationele F-16’s beschikbaar voor de duur van maximaal een jaar. Ook worden Iraakse en Koerdische strijdkrachten gedurende deze periode ondersteund met training en advies.

Met het oog op het planningsproces dat bij het Amerikaanse Central Command (CENTCOM) gaande is, wil het kabinet nu duidelijkheid verschaffen over de Nederlandse bijdrage. Het campagneplan voor de strijd tegen ISIS is nog in ontwikkeling. Dit betekent dat nog niet alle details van de uiteindelijke Nederlandse inzet beschikbaar zijn.

Gronden voor deelneming
Nederland steunt de legitieme Iraakse regering in de verdediging tegen de terreurorganisatie ISIS, die verschrikkelijke misdaden begaat tegen bevolkingsgroepen in Irak en Syrië. De crisis zorgt voor toenemende druk op de buurlanden, met name Turkije, Jordanië en Libanon, onder andere als gevolg van oplopende etnisch-religieuze spanningen en een toenemend aantal vluchtelingen. De Nederlandse inzet is er op gericht om, in het kader van de bevordering van de internationale rechtsorde, een bijdrage te leveren aan het de-escaleren van de situatie in de regio.


woensdag 24 september 2014

Nederland levert militaire bijdrage aan strijd tegen ISIS

Nederland komt militair in actie tegen de opmars en wandaden van ISIS. Het kabinet heeft besloten een militaire bijdrage te leveren aan de internationale strijd tegen ISIS in Irak. Dit schrijven de ministers Timmermans (Buitenlandse Zaken), Hennis (Defensie) en Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) in een brief aan de Tweede Kamer.

De Nederlandse bijdrage is gericht op het breken van de militaire kracht en opmars van ISIS. Deze eerste fase zal naar Amerikaanse schatting tussen de zes en twaalf maanden duren. Nederland stelt in deze fase zes F-16’s beschikbaar voor luchtaanvallen op ISIS op Iraaks grondgebied. Ook worden Iraakse en Koerdische strijdkrachten in deze periode ondersteund met training en advies.

De combinatie van training en luchtsteun moet de Iraakse troepen in staat stellen om zelf ISIS effectief te bestrijden. Voor de inzet van de zes F-16’s en de daarbij behorende twee reserve-vliegtuigen worden maximaal 250 militairen uitgezonden. De Nederlandse bijdrage aan de trainingsteams zal bestaan uit maximaal 130 militairen. De Nederlandse F-16’s zullen opereren vanaf een nader te bepalen vliegveld buiten Irak.

Nederland draagt in Irak bij aan de strijd tegen ISIS op basis van het verzoek tot militaire steun dat de Iraakse autoriteiten deze zomer twee keer bij de VN hebben ingediend. Dit voorziet in een rechtsgrond voor de inzet van Nederlandse militairen in Irak.

Voor militaire inzet in Syrië is op dit moment geen internationale overeenstemming over een afdoende volkenrechtelijk mandaat. Als ISIS alleen in Irak militair bestreden zou worden, kan dat leiden tot versterking van ISIS in Syrië en andere landen in de regio. Het Amerikaanse luchtoffensief boven Syrië probeert dit te voorkomen. Het kabinet heeft begrip voor deze inspanningen, aldus de ministers.

De Nederlandse inzet is onderdeel van de strategie van een grote groep landen, waaronder landen uit de regio, op initiatief van de VS. Deze strategie draagt bij aan de inzet van de Iraakse regering. Het kabinet verschaft nu duidelijkheid over de Nederlandse bijdrage met het oog op het planningsproces in de VS. Het ministerie van Defensie heeft een team afgevaardigd naar het Amerikaanse commandocentrum en draagt daarmee bij aan de strategische planning van de operatie.

(Rijksoverheid, 24 september 2014)

Artikel-100 brief aan de Tweede Kamer

Audio van de persconferentie waarop de ministers Asscher en Hennis namens het kabinet de Nederlandse bijdrage aan de strijd tegen ISIS aankondigden

dinsdag 26 augustus 2014

Kamerbrief over beëindigen Patriotmissie in Turkije

Aan de Voorzitter van de
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Binnenhof 4
Den Haag

Datum 25 augustus 2014
Betreft Inzet Patriot-systemen in Turkije

Op 7 december 2012 heeft het kabinet uw Kamer geïnformeerd over het besluit tot het plaatsen van Patriot-systemen in Turkije (Kamerstuk 32 623, nr. 76). Deze inzet richt zich op de bescherming van de bevolking en het grondgebied van NAVO-bondgenoot Turkije tegen aanvallen met ballistische raketten vanuit Syrië. Met Nederland hebben ook Duitsland en de Verenigde Staten in NAVO-kader Patriot-systemen op Turks grondgebied geplaatst.

Op 15 november 2013 heeft het kabinet uw Kamer geïnformeerd over het besluit om de plaatsing van de Nederlandse Patriot-systemen in Turkije te verlengen tot eind januari 2015 (Kamerstuk 32 623, nr. 117). De NAVO heeft in juni 2014 opnieuw gevraagd de mogelijkheden tot verlenging te bezien.

Zoals bekend vindt de inzet van ballistische raketten hoofdzakelijk plaats binnen de Syrische grenzen. Het gebruik van ballistische raketten door het Syrische regime is afgenomen ten opzichte van het eerste jaar van ontplooiing (2013). De dreiging voor Turkije van ballistische raketten vanaf Syrisch grondgebied is echter niet verdwenen. Reeds bij aanvang van de Nederlandse inzet van deze niche-capaciteit was bekend dat de bijdrage niet jaren zou kunnen worden voortgezet. Na afloop van het huidige mandaat is Nederland dan ook niet in staat de inzet van de Patriot-systemen opnieuw te verlengen.

Nederland beschikt over drie bemande fire units en een reservesysteem. In Turkije zijn twee fire units en het reservesysteem ingezet. Het systeem dat in Nederland is achtergebleven, is niet operationeel inzetbaar omdat het wordt gebruikt om schaarse reservedelen te leveren. Doordat de Nederlandse Patriot-systemen lange tijd zwaar zijn belast en het volledige preventieve onderhoud niet in Turkije kan worden uitgevoerd, is het risico van langdurige systeemuitval toegenomen. Daarnaast is het Nederlandse Patriot-systeem toe aan een reeds voorziene, grote modificatie.

In de bovengenoemde brief van 15 november 2013 over de verlenging bent u ook geïnformeerd over de daarvoor benodigde personele maatregelen, zoals kortere rotaties. Ook was het nodig de uitzendbescherming van personeel in knelpuntcategorieën op te schorten. De betrokken mensen en hun thuisfront verdienen dan ook grote waardering voor hun inzet die de Nederlandse bijdrage aan de missie gedurende twee jaar mogelijk heeft gemaakt. Een verdere verlenging zou een te zware wissel trekken op het al veelvuldig ingezette personeel.

Het kabinet heeft om bovengenoemde redenen besloten de Nederlandse deelneming aan de missie niet nogmaals te verlengen. Door dit besluit reeds nu te nemen, kan de NAVO er rekening mee houden bij de verdere planning van en besluitvorming over inzet in Turkije. Het besluit schept voorts duidelijkheid voor het betrokken personeel en de achterban. De NAVO, Turkije en de meest betrokken bondgenoten Duitsland en de Verenigde Staten zijn inmiddels van het besluit op de hoogte gebracht en toonden hiervoor begrip. De Nederlandse Patriot-systemen blijven nog tot eind januari 2015 gestationeerd in Turkije.

De Minister van Buitenlandse Zaken
Frans Timmermans

De Minister van Defensie
J.A. Hennis-Plasschaert



Patriot lanceerinstallatie bij Adana. Foto: Defensie 

donderdag 24 april 2014

Leveringen van Nederlandse bedrijven aan het Syrische chemische wapenprogramma

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
24 april 2104
Betreft: Leveringen van Nederlandse bedrijven aan het Syrische chemische wapenprogramma

Geachte Voorzitter,

In een Algemeen Overleg op 3 juli 2013 heb ik uw Kamer toegezegd nader onderzoek te zullen doen naar de betrokkenheid van Nederlandse bedrijven bij het Syrische chemische wapenprogramma. Met deze brief wil ik u, mede namens de minister van Veiligheid en Justitie, informeren over de resultaten daarvan en de maatregelen die zijn genomen.

Ontwikkelingen sinds het Algemeen Overleg van 3 juli 2013
Op 3 september 2013 heb ik in antwoord op schriftelijke vragen van uw Kamer aangegeven dat de mogelijkheden beperkt waren om het eindgebruik na te gaan van door een Nederlands bedrijf geleverde glycol . Eén van de redenen daarvoor was het feit dat Syrië destijds geen lid was van de Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons (OPCW).
Glycol is een veel verhandelde stof en dient onder andere als antivries of grondstof voor petflessen. Het kan echter ook gebruikt worden in een alternatieve route voor het produceren van chemische wapens.

Nadien is Syrië partij geworden bij het Verdrag Chemische Wapens en lid van de OPCW. Hierdoor kreeg Syrië de verplichting om een initiële declaratie in te dienen bij de OPCW betreffende activiteiten die betrekking hebben op het chemische wapenprogramma. Uit deze initiële declaratie bleek geen betrokkenheid van Nederlandse bedrijven.

Op 21 november 2013 heeft Syrië een aanvulling op de initiële declaratie ingediend. Deze aanvulling bevat een lijst van de chemicaliën en goederen die Syrië heeft aangeschaft voor het chemische wapenprogramma, inclusief het jaar waarin ze zijn geleverd, de hoeveelheden, de namen van de leveranciers en de landen van herkomst.

Volgens de vertrouwelijkheidsregels van de OPCW kan deze informatie alleen openbaar gemaakt worden als het land dat de gegevens heeft verschaft daar toestemming voor geeft. De aanvulling is daarom vertrouwelijk aan uw Kamer verstuurd en besproken tijdens het besloten deel van het Algemeen Overleg van 5 februari 2014 .

Vervolgens heb ik de Syrische Permanente Vertegenwoordiging bij de OPCW toestemming gevraagd om de gegevens van de betrokken Nederlandse bedrijven openbaar te maken. Hiermee is op 20 maart 2014 ingestemd. De Syrische Permanente Vertegenwoordiging heeft geen toestemming gegeven om de totale lijst van door Syrië aangeschafte chemicaliën en goederen openbaar te maken. Overigens is Syrië daar ook niet toe verplicht ingevolge de vertrouwelijkheidsregels van de OPCW. Derhalve kunnen geen specifieke mededelingen gedaan worden over het beperkte aandeel van leveringen van Nederlandse bedrijven ten opzichte van het totaal aan leveringen van bedrijven uit andere landen.

Bevindingen uit de OPCW-rapportage van Syrië
Uit de aanvulling op de initiële declaratie blijkt dat Syrië bij twee Nederlandse bedrijven goederen dan wel chemicaliën heeft aangekocht ten behoeve van het chemische wapenprogramma. Het betreft (1) een levering van teflon pompen die niet eerder bekend was en (2) de eerder met u besproken leveringen van glycol.

1. Teflon pompen
Dit betreft een nog niet eerder bekende levering van zes teflon pompen in 2002, waarvoor een exportvergunning had moeten worden aangevraagd. Ik heb derhalve het handhavingsteam van de Douane verzocht deze zaak onder de aandacht te brengen van het Openbaar Ministerie. Inmiddels heb ik van het Ministerie van Veiligheid en Justitie vernomen dat, omdat het een overtreding betreft en geen misdrijf, de verjaringstermijn van 3 jaar verstreken is en geen vervolging wordt ingesteld.

2. Glycol
Over de leveringen van glycol heb ik u op 22 mei  2013 en 14 juni  2013 geïnformeerd. Uit de aanvulling op de initiële declaratie blijkt dat het leveringen betreft in de periode van 2002 tot 2006 van in totaal 218 ton glycol. Glycol viel ten tijde van uitvoer niet onder een vergunningplicht. Het betreft een stof die wereldwijd op zeer grote schaal wordt verhandeld, bijvoorbeeld als grondstof voor petflessen of als antivries.

Glycol kan echter ook worden gebruikt als grondstof in een alternatieve productieroute voor chemische wapens. Op 13 juni 2013 heb ik de export van glycol naar Syrië onder nationale vergunningplicht gebracht. Nederland ging hiermee verder dan andere landen. Vervolgens heb ik mij ingezet om de vergunningplicht op Europees niveau te regelen. Op Nederlands voorstel werd glycol – evenals een aantal andere chemicaliën en goederen - op 23 juli 2013 toegevoegd aan de EU sanctieverordening Syrië .

De Minister voor Buitenlandse Handel  en Ontwikkelingssamenwerking,

Lilianne Ploumen

(ministerie van Buitenlandse Zaken, 24 april 2014)

zaterdag 14 december 2013

Hennis: drie Nederlandse ex-militairen vechten in Syrië

Aan: de Voorzitter van de Tweede Kamer
Datum: 13 december 2013

Hierbij zend ik u, mede namens de minister van Veiligheid en Justitie, de antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden De Roon en Van Klaveren (PVV) aan de ministers van Defensie en van Veiligheid en Justitie over een jihadistische ex-militair. Deze vragen zijn ingezonden op 18 november 2013 met kenmerk 2013Z22413.

DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert 

Antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden De Roon en Van Klaveren (PVV) aan de ministers van Defensie en van Veiligheid en Justitie over een jihadistische ex-militair (ingezonden op 18 november jl. met kenmerk 2013Z22413).


1
Bent u bekend met het bericht ‘Ex-militair voor jihad naar Syrië’?   

Ja.

2
In hoeverre klopt het dat een ex-militair, die in de periode 2009-2010 dienst deed bij de Koninklijke Landmacht, momenteel als jihadist in Syrië vecht?

Het bericht is waarschijnlijk juist. De in de media genoemde persoon heeft inderdaad dienst gedaan bij Defensie, in de periode oktober 2009 tot juli 2010. Hij heeft de Algemene Militaire Opleiding (AMO) gevolgd en daarna kort een tweetal vervolgopleidingen gevolgd maar voortijdig afgebroken. Hij is nooit bij een operationeel onderdeel werkzaam geweest.

3
Kunt u aangeven of er meer personen zijn, die dienst hebben gedaan in het Nederlandse leger en later meevechten in de islamitische oorlog in Syrië of elders?

Bij Defensie zijn op dit moment naast genoemde persoon twee ex-militairen bekend die mogelijk als jihadist meevechten in Syrië of elders.

4
Deelt u de visie dat het voeren van de jihad per definitie dient te leiden tot het verlies van de Nederlandse nationaliteit? Zo neen, waarom niet?

Van elke persoon die terugkeert uit Syrië wordt gekeken of strafrechtelijk optreden noodzakelijk en mogelijk is. Op grond van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN) kan het Nederlanderschap worden ingetrokken als sprake is van een onherroepelijke veroordeling wegens een terroristisch misdrijf. Voorwaarde is dat de betrokken persoon naast de Nederlandse nationaliteit ook nog een andere nationaliteit bezit. Intrekking is niet mogelijk als staatloosheid daarvan het gevolg is (het Europees Verdrag inzake Nationaliteit waarbij Nederland partij is, staat dit niet toe). Voorwaarde is ook dat het misdrijf na 1 oktober 2010 is gepleegd.

(ministerie van Defensie, 13 december 2013)


Links 'Yilmaz' (alias 'Chechclear'), de jihadstrijder en ex-militair 
waarnaar in antwoord op vraag 2 wordt verwezen. Rechts een
andere vermoedelijke Nederlandse jihadstrijder, Victor Droste

vrijdag 20 september 2013

Syria: details on the M14 140 mm rocket

(Illustrations and data taken from ORDATA, a open-source database on landmines, artillery shells & rockets)

1. The M14 140mm rocket is a vintage Soviet MLRS (Multiple Launch Rocket System, BM-14/ RPU-14). It has been succeeded by the BM-21 GRAD (122mm).  Besides the 140 mm version, a 130 mm variant has also been reported. Known warheads: High Explosive (HE), smoke (WP), chemical. The latter was used to disperse Sarin (GB), a non-persistent chemical warfare agent.

During their visit to Moadamyeh (a southern suburb of Damascus), UN inspectors found an engine of the M14 rocket, but no warhead. Also, no traces of Sarin were found. The chemical warhead looks like this:




The description of this warhead in the ORDATA database:

U.S.S.R. ROCKET, WARHEAD, 140-MM, CHEMICAL, (NON-PERSISTANT), MODEL UNKNOWN

THIS ITEM CONTAINS A 2.2 KG (4.8 LB) SARIN (GB) FILLER. THE FILLER PLUG IS LOCATED JUST ABOVE THE JUNCTION OF THE WARHEAD AND ROCKET MOTOR AND HAS A BROAD WRENCH SLOT.

The warhead is gray with green markings, The markings shown are not believed to be the markings used on standard soviet chemical munitions but those used for display purposes.

2) Two types of fuzes are associated with this chemical warhead. Both are proximity fuzes: they ignite at a preset altitude above the target.

The first fuze is unique to the 140mm rocket; the second one was used in the chemical warheads of both 140 and 240mm rockets of the former Soviet Union.

a) U.S.S.R. ROCKET FUZE, NOSE, PD, V-24

Ordnance used with:
F-961, 240 MM, SPIN STABILIZED, HE, SURFACE-TO-SURFACE
F-961U, 240 MM, SPIN STABILIZED, HE, SURFACE-TO-SURFACE
MDL UNK, WARHEAD, 140 MM, CHEMICAL, NON-PERSISTANT
MODEL UNKNOWN, 240 MM, CHEMICAL, NON-PERSISTANT
 

It looks like this:





b)  U.S.S.R. ROCKET FUZE, NOSE, PD, V-25

Ordnance used with:
F-961, 240 MM, SPIN STABILIZED, HE, SURFACE-TO-SURFACE
F-961U, 240 MM, SPIN STABILIZED, HE, SURFACE-TO-SURFACE
M-14-OF, 140 MM, HE-FRAG
MODEL UNKNOWN, WARHEAD, 140 MM, CHEMICAL, NON-PERSISTANT

It looks like this:





(Hans de Vreij, Defensie weblog, The Netherlands, 20 September 2013)

donderdag 12 september 2013

Vragen over Kamerbrief chemische wapens #Syrië

De Kamerbrief van minister Timmermans van Buitenlandse Zaken over het gebruik van chemische wapens bij Damascus op 21 augustus j.l. roept een aantal vragen op:

1) De nieuwe, 'diepgaande' informatie komt van 'verschillende partnerlanden', stelt de brief.
Welke partnerlanden? 

2) De brief stelt 'dat er op 21 augustus gifgas is ingezet tegen de burgerbevolking'.
Welk gifgas? Met welk(e) overbrengingsmiddel(en)? 
Waar is dat gifgas ingezet?

3) In de brief stelt minister Timmermans dat het Syrische regime 'met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid' verantwoordelijk is voor de inzet van gifgas op 21 augustus.
Waarom geen 100% zekerheid?  Waarover bestaat nog onzekerheid? 

Zie ook: Kabinet: regime Syrië schuldig aan gebruik gifgas

Kabinet: regime Syrië schuldig aan gebruik gifgas

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Datum 12 september 2013
Betreft Stand van zaken Syrië

Hierbij informeer ik u, conform uw verzoek d.d. 10 september jl (kenmerk 2013Z17066/2013D35079), over de stand van zaken met betrekking tot het diplomatiek overleg rondom Syrië en het Franse voorstel voor een VNVR-resolutie over de chemische wapens in Syrië.

Recente ontwikkelingen
De ontwikkelingen ten aanzien van Syrië volgen elkaar razendsnel op. Waar de internationale gemeenschap vorige week nog tot op het bot verdeeld bleek (Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties (SGVN) Ban-Ki Moon sprak van een beschamende impasse) stemmen recente ontwikkelingen voorzichtig optimistisch over een meer gezamenlijke aanpak van deze diep tragische, voortdurende crisis.

Het afgelopen weekend heeft de Europese Unie zich bij monde van Hoge Vertegenwoordiger (HV) Ashton unaniem uitgesproken tegen het gebruik van chemische wapens en de VN Veiligheidsraad opgeroepen haar verantwoordelijkheid in dezen te nemen. In haar verklaring na afloop van de informele Raad Buitenlandse Zaken (“Gymnich”) van 6 en 7 september jl. wees de HV daarnaast op het belang van een politieke oplossing voor het conflict.

Op 9 september heeft Secretary of State Kerry het Syrische regime een mogelijkheid geboden om militaire actie te vermijden, door het inleveren en onder internationaal toezicht stellen van alle chemische wapens. Dit voorstel is vervolgens door de Russische en Syrische ministers van Buitenlandse Zaken Lavrov en Mouallem verwelkomd, waarna de permanente leden van de Veiligheidsraad (P5) het initiatief hebben opgepakt.

De regering heeft steeds het belang benadrukt van het delen van inlichtingen en partnerlanden daartoe nadrukkelijk opgeroepen. Nederland heeft sindsdien van verschillende partnerlanden diepgaande informatie en inlichtingen ontvangen, die door de diensten geanalyseerd is. Op grond hiervan is de regering er inmiddels van overtuigd dat er op 21 augustus gifgas is ingezet tegen de burgerbevolking en dat het Syrische regime hier met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid verantwoordelijk voor is.

Zoals eerder met uw Kamer gedeeld heb ik voortdurend het belang onderstreept van het volgen van het VN-spoor. Ik vind het dan ook bemoedigend dat de P5 de opties voor een gezamenlijke actie door de Veiligheidsraad verkennen.

Tegelijkertijd zijn de verschillen van inzicht tussen de permanente leden niet verdampt. Het is dan ook nog te vroeg om conclusies te trekken over de vraag of de Veiligheidsraad daadwerkelijk voldoende overeenstemming vindt om een resolutie aan te nemen.

Momenteel worden verschillende elementen voor een conceptresolutie besproken, waaronder een Frans concept. Het kabinet acht het van het allergrootste belang te voorkomen dat chemische wapens (opnieuw) worden ingezet. Daarbij is het kabinet sterk voorstander van het opnemen van een element van bestrijding van straffeloosheid, bijvoorbeeld door verwijzing van de situatie in Syrië naar het Internationaal Strafhof.

Chemische wapens
Momenteel werken de P5 nader uit hoe het Syrische chemische wapenarsenaal onder internationale controle te brengen met als doel het te vernietigen. De volgende kaders zijn van belang voor een succesvol initiatief.

Als eerste moet Syrië zo spoedig mogelijk, bij voorkeur binnen een gestelde termijn, aangeven wat de precieze locatie, de hoeveelheden en type wapens zijn. Vervolgens moeten die locaties beveiligd worden. Daarnaast moet een plan worden ontwikkeld om die voorraden uiteindelijk te vernietigen. Onder de huidige veiligheidsomstandigheden zal het beveiligen en vernietigen moeilijk uitvoerbaar zijn.

Syrië zou hebben aangegeven partij te willen worden bij het Chemische Wapen Verdrag (CWC). Daarmee wordt Syrië automatisch lid van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens. Voor toetreding moet Syrië het instrument van ratificatie deponeren bij de SGVN. Dertig dagen later treedt het Verdrag dan in werking. Weer dertig dagen daarna moet Syrië declaraties indienen over zijn chemische wapenarsenaal.

Omdat het proces via het CWC enige tijd zal vergen, benadrukt Nederland dat vooruitlopend daarop al maatregelen moeten worden genomen. Ten einde de bestaande, en in de ogen van het kabinet gerechtvaardigde, scepsis te overwinnen, zal het Syrische regime concrete informatie over zijn chemische wapenarsenaal moeten geven. Boter bij de vis dus.

Daarnaast ontslaan de recente ontwikkelingen de internationale gemeenschap niet van de verplichting de feiten over de aanval van 21 augustus jl. vast te stellen. Het rapport van de VN-onderzoeksmissie naar de gebeurtenissen van 21 augustus zal volgende week verschijnen. Het rapport zal antwoord geven op de vraag of er chemische wapens zijn ingezet. Het zal geen conclusies trekken over de schuldvraag. Het gaat immers om een fact-finding missie. De bevindingen zouden echter wel verder inzicht kunnen geven in wie mogelijk achter de aanvallen zit.

Tot slot moet niet uit het oog worden verloren dat een duurzame politieke oplossing van het conflict hiermee nog niet binnen handbereik is. Wel constateert het kabinet dat een verenigde Veiligheidsraad op dit deelonderwerp een stap in de goede richting is naar een dergelijke duurzame politieke oplossing.

De Minister van Buitenlandse Zaken,
Frans Timmermans

(ministerie van Buitenlandse Zaken, 12 september 2013)

Zie ook: Vragen over Kamerbrief chemische wapens Syrië

donderdag 29 augustus 2013

Minister Timmermans over Syrië

Minister Timmermans beantwoordt Kamervragen over het vermeende gebruik van chemische wapens in Syrië. Klik hier voor de audio Donderdag 29 augustus 2013, eerste 15 minuten van de antwoorden in eerste termijn

woensdag 20 maart 2013

Delftse jihadist was 'kanonnenvlees'

Mourad M., de Nederlandse jihadstrijder die in Syrië is omgekomen, is mogelijk door persoonlijke problemen in het radicale circuit gekomen. Een van de oorzaken zou het overlijden van de vader van Mourad zijn, een paar jaar geleden. Toen is hij van school gegaan en volgens leerlingen die hem nog gezien hebben, is hij daarna geradicaliseerd.

Mourad M. Foto: Pownews

In die tijd ging Mourad zich traditioneel kleden en liet hij zijn baard staan. Ook deed hij mee aan demonstraties. "Bijvoorbeeld een beruchte pro-boerka-demonstratie een paar geleden in Den Haag", zei NOS-justitieredacteur Robert Bas in het Radio 1 Journaal.

Voetballen en meisjes
Voor die tijd was Mourad gewoon een "goeie jongen", vertelt een vriend van hem. "We deden normale dingen: voetballen, naar de stad gaan, soms uitgaan, meisjes." Wel werd hij steeds geloviger. "Natuurlijk ging hij zich verdiepen in het geloof en dat is ook goed, maar het ligt eraan hoe diep je gaat."

De vriend van Mourad, die uit dezelfde Delftse probleemwijk Buitenhof komt, heeft geen idee hoe het zo ver heeft kunnen komen. "Je zou nooit verwachten dat iemand uit jouw buurt gaat strijden voor Syrië. Ik weet ook niet wat de reden is. Ik kan niet in zijn hoofd kijken."

Schoon schip 
Mourad, die 20 jaar is geworden, zou met een groepje jongeren uit Delft en Rotterdam zijn afgereisd naar Syrië. Onder hen zou ook de broer van Mourad zijn. De groep zou vrij fors zijn: 20 tot 25 jongeren. "Een aantal van die jongeren is ook wel eens met politie in aanraking gekomen en die zouden hun reis zien als een soort boetedoening, om schoon schip te maken", aldus Robert Bas.

Bij een deel van de groep jongeren zou het paspoort zijn afgepakt door de groepering waarbij ze aangesloten zijn. Bronnen melden dat ze daardoor moeilijk terug naar Nederland kunnen reizen.

Roestige Kalasjnikovs
Er reizen relatief veel Nederlanders naar Syrië om zich te mengen in de strijd. Toch zijn ze niet echt populair in het land. De jongeren hebben over het algemeen geen militaire opleiding of achtergrond en in veel gevallen spreken ze geen Arabisch.

Het 'grote' Vrije Syrische Leger neemt deze jongeren dan ook niet op in de gelederen. Kleine splintergroeperingen, die met de Koran in de hand president Assad aan het bestrijden zijn, nemen deze westerse strijders eerder op. "Ze zijn het kanonnenvlees. Deze jongens worden aan het front ingezet en met oude roestige Kalasjnikovs naar voren gestuurd. De kans dat ze sneuvelen is heel erg groot."

(NOS, 20 maart 2013)

woensdag 13 maart 2013

CDS: “Instabiliteit en conflicten dichterbij is belangrijk gegeven”

Aan de randen van Europa nemen instabiliteit en conflicten toe. Dat is één van de bevindingen van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies (HCSS) in de Strategische Monitor 2013: “De Toekomst in alle Staten”. Dit advies, in opdracht van de regering, is vandaag gepresenteerd. Commandant der Strijdkrachten generaal Tom Middendorp nam het namens verschillende departementen in ontvangst.

Middendorp: “Het rapport is bedoeld te anticiperen op toekomstige ontwikkelingen in de internationale veiligheidsomgeving en daarmee een belangrijke bouwsteen voor de te ontwikkelen visie op de krijgsmacht.”

Wat dat betreft komt de uitgave bij de CDS in goede handen. De krijgsmacht waar hij voor staat is immers de organisatie bij uitstek om adequaat te reageren op een veranderende veiligheidsomgeving. De generaal: “Het feit dat instabiliteit en conflicten toenemen aan de randen van Europa is een belangrijk gegeven. Het is in het belang van Nederland dat we hier serieus naar kijken.”

Zelf in veiligheid voorzien
Geweld in Libië, Syrië en Mali doorbreken volgens het HCSS de trend van het aantal dalende conflicten in de afgelopen 2 jaar. Ze reiken tot aan de Europese buitengrenzen waarmee instabiliteit dichterbij komt. Europa moet meer dan voorheen in haar eigen veiligheid voorzien. Dit vooral omdat de Verenigde Staten zijn buitenlandsbeleid meer op de Grote en Indische Oceaan richt.

Bijdrage Defensie
Defensie kan bijdragen aan die Europese veiligheid, zoals nu met luchtverdediging in Turkije. Zo leveren Nederlandse militairen niet alleen indirect een bijdrage aan de veiligheid, maar ook aan de economische groei van Nederland. Denk aan de deelname van de marine aan de antipiraterijmissie bij Somalië waardoor scheepvaart met goederen voor Europa vrije doorgang heeft. Wereldwijde inzet van de Nederlandse krijgsmacht versterkt de internationale samenwerking en draagt bij aan de ambitie dat mensen zich wereldwijd in vrijheid en veiligheid kunnen ontplooien

Grondstoffen
Overigens krijgen niet alleen instabiliteit en dichterbij komende conflicten aandacht in de Strategische Monitor van het HCSS. Ook grondstoffen komen aan bod. Want wat gaan de machtsblokken in de huidige multipolaire wereld doen om zich te verzekeren van voldoende grondstoffen? En weet Europa zich tijdig te herpakken om een meer serieuze rol te spelen in dit globale machtsspel?

HCSS Strategische Monitor 2013
Rapport | 13 maart 2013 |  pdf, 88 pagina's, 5 mB

(ministerie van Defensie, 13 maart 2013)

zondag 10 maart 2013

Op de radar in Adana

"Wanneer je zo’n Scud ziet gaan, weet je dat we hier niet voor niets zitten"

Jessica Maas

INCIRLIK - Een klein rood symbooltje kruipt langzaam over het enorme scherm. Een rode stippellijn laat zien waar het waarschijnlijk terecht gaat komen. ,,Dat is een Scud-raket'', verduidelijkt kapitein Lennart Cornelisse (29) uit Vlaardingen in het commandocentrum van de Nederlandse Patriotmissie op de basis in Incirlik in Oost-Turkije. ,,Zodra we dàt zien, is iedereen alert.''

Patriot lanceerinrichting. Foto: Defensie

Het zijn beelden van afgelopen nacht, alle informatie van de Patriotradars en sensoren op schepen en vliegtuigen rond de Syrische grens komt op dit scherm samen en geeft een bijna volledig beeld van het Syrische luchtruim. De raket slaat in op Syrisch grondgebied, ver van de grens. De militairen kunnen weer ademhalen, het woord 'Fireball!' - waarmee een raket richting Turkije wordt aangeduid - is in het zenuwcentrum nog niet gevallen. De Patriots hoeven niet in actie te komen. De raketten vallen bovendien ook buiten het bereik van afweergeschut en daarnaast is de opdracht glashelder. De Patriots zijn er uitsluitend om het Turkse grondgebied te beschermen.

Majoor Frank Dijkmans (39) uit Den Bosch wijst naar de tv. ,,De volgende dag zien we op CNN wat voor ellende dat ogenschijnlijk simpele symbool op het scherm kan veroorzaken en weten we heel goed dat we hier niet voor niets zitten.’’ Collega Cornelisse: ,,Vorige week was er nog een grote inslag in Aleppo. Je vraagt je af wat er van de stad over is.’’

Bepaald rustig is het Syrische luchtruim niet, stelde ook minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert die deze zaterdagochtend - samen met haar Duitse en Turkse collega's - een bliksembezoek aan de 260 Nederlandse militairen brengt. "Er wordt met zware wapens gevochten, pal aan de grenzen van Europa. We weten allemaal wat u op de radar voorbij ziet komen."

Er zijn dagen dat de militairen op het scherm alleen lijnvluchten zien gaan - velen vliegen met een boogje om Syrië heen, zegt majoor Dijkmans in het 'zenuwcentrum'. ,,Maar er zijn ook dagen dat we dat er zeven raketten zien inslaan.''

Een stuk verderop op de enorme basis - waar ruim 3000 Turkse en Amerikaanse soldaten gelegerd zijn, staan ze dan. De Nederlandse Patriots. Tot voor kort speelde militairen hier nog paintball, getuige een bord langs het hek. Nu staan er zeven lanceerstellingen, met de kop richting Syrië.  De andere eenheid staat buiten de basis, bij het vliegveld in Adana. Klinkt de code Fireball dan komt dit geavanceerde afweergeschut actie.

Vuurleiders. Foto: Defensie
Achter de lanceerinstellingen in een kleine donkere cabine, zitten de drie vuurleiders te turen naar groene radarschermen. Een blauw koekiemonster - met militaire baret - is als grap tussen de schermen gezet. Twaalf uur onafgebroken zitten ze hier. "En we slapen als team ook nog op dezelfde kamer, dan leer je elkaar wel kennen, ja", lacht Jori Draaijer (25) uit Deurne. "In de dagen dat we geen dienst hebben, is er op de basis voldoende te doen. Belangrijk om je hoofd leeg te maken." Aan sportfaciliteiten en restaurants geen gebrek. Er is zelfs een bioscoop op de voormalige Amerikaanse basis en ook een Burger King ontbreekt niet.

Het is niet vreemd dat Turkije de hulp van de Navo heeft ingeroepen, zegt generaal Tom Middendorp. De Commandant der Strijdkrachten brengt deze zaterdag ook een bezoek aan ‘zijn mannen’. "Ik begrijp best dat de Turken aan de grens nerveus worden van al die Scuds. Nee, het is allemaal niet voor niets."

(www.jessicamaasistanbul.com, 25 februari 2013)

donderdag 7 februari 2013

Nederlandse Patriots als eerste operationeel

ADANA (Turkije) - Adana kan rustig slapen nu Nederlandse militairen de miljoenenstad beschermen tegen Syrische raketaanvallen. De twee Nederlandse Patriot-batterijen waren 26 januari als eerste operationeel. “Mijn mensen hebben keihard gewerkt om de fire units te ontplooien”, vertelt detachementscommandant kolonel Marcel Buis. Nu de eenheden klaar staan om te vuren is het wachten op de eerste schending van het Turkse luchtruim.

Vuurleidingscentrum. Foto: AVDD
De Nederlandse vuureenheden van het multinationale raketafweerschild langs de Turks/Syrische grens staan zowel op het civiele vliegveld van Adana als op de luchtmachtbasis Incirlik. Buis: “Nu we operationeel zijn, beschermen we Turks grondgebied én de Turkse bevolking.” Zenuwcentrum van de operatie is het zogenoemde Tactical Command System. Hiervandaan wordt de operatie aangestuurd.

Vanachter hun beeldschermen kijken de operators naar de beelden die de op springschansen lijkende radarsets genereren. Mocht er een vijandelijk vliegtuig of raket in beeld komen, dan leidt het systeem er omwille van de reactietijd volautomatisch een raket naar toe. De mens is tot op zekere hoogte in staat dit proces te beïnvloeden.

Nederlandse luchtverdedigers in Turkjie gebruiken twee typen raketten; PAC-2 en PAC-3. Laatstgenoemde is de modernste en een geducht afweermiddel tegen ballistische raketten zoals de SCUD. Eerste luitenant Remy Berkien zit op een belangrijke stoel. De jonge officier is Tactical Control Officer in het vuurleidingscentrum van de Patriot-batterij op Incirlik. Samen met zijn bemanning waakt hij over het luchtruim. “Ons vuurleidingscentrum is dag en nacht bezet. Wat ik nu ‘voor het echie’ doe, heb ik honderden, wellicht duizenden keren geoefend. Het is routine.”

tekst elnt jaap wolting
foto’s kpl1 rob van eerden

(Defensiekrant, 7 februari 2013)

maandag 4 februari 2013

Geen zorgen over veiligheid bij Patriot-missie

De Nederlandse militairen van de Patriotmissie in Turkije maken zich 'geen zorgen' over hun veiligheid. Dat zei de bevelhebber van de missie, kolonel Marcel Buis, maandag tegen het ANP. De kleine extreemlinkse Turkse terreurgroep DHKP-C, die vrijdag nog een zelfmoordaanslag op de Amerikaanse ambassade in Ankara pleegde, eist het vertrek van de Patriots die Nederland, Duitsland en de VS naar NAVO-partner Turkije hebben gestuurd.

Patriot lanceerinrichtingen

Onder de circa 300 Nederlandse militairen op de 'goed bewaakte' Amerikaanse militaire basis in Incirlik is volgens Buis (46) niets te merken van enige ongerustheid. 'De manschappen weten zich veilig.' De Turken zijn verantwoordelijk voor de beveiliging en er is 'continu overleg' met hen. Ook de Israëlische aanval vorige week op een doel in Syrië 'levert geen extra spanningen op'. De hoofdmacht van de missie arriveerde twee weken geleden.

Vorige maand werden nog Duitse militairen die in burgerkledij in de stad Iskenderun winkelden, belaagd door radicaal linkse activisten. Maar de Nederlanders merken niets van verzet tegen de missie die maximaal een jaar duurt. Ze zijn niet lastiggevallen en er zijn geen protesten geweest, aldus Buis in een telefoongesprek.

De militairen mogen de basis in Incirlik in hun vrije tijd trouwens niet verlaten. Passagieren in de stad Adana zit er dus niet in. Op de basis zijn voorzieningen voor ontspanning aanwezig. Het besluit om op de basis te blijven, is volgens de kolonel ook niet zozeer uit veiligheidsoverwegingen genomen. 'Als ik ze à la minuut nodig heb, wil ik ze niet gaan zoeken in de stad.' Het is ook geen onderwerp van discussie onder de militairen, voegt hij eraan toe. 'We zijn hier op missie, niet op vakantie.'

Met hun raketafweersysteem moeten de militairen de kuststad Adana beschermen tegen aanvallen met ballistische raketten uit het door oorlog verscheurde Syrië. Daar heeft het regime van Bashar al-Assad al twee keer Scud-raketten afgevuurd op rebellen. De dreiging vanuit Syrië is niet acuut, maar wel latent aanwezig, stelt Buis. Hij heeft sinds de Nederlandse Patriots op 26 januari operationeel zijn geworden, qua dreiging nog 'niets waargenomen (in Syrië - red) dat naar ons was gericht.'

De detachementscommandant kijkt tot dusver tevreden terug op de missie. Hij heeft nog nergens problemen ondervonden. Alles verloopt 'conform de planning'. De gedegen voorbereiding werpt volgens hem zijn vruchten af. 'Er zijn altijd wel wat punten van verbetering, maar dan gaat het vooral op detailniveau.'

(ANP/AD, 4 februari 2013)

zondag 27 januari 2013

VPRO: interview met kolonel Buis (Patriots Turkije)

Nederlandse Patriots bij Adana. 
Foto: ministerie van Defensie
Kolonel Marcel Buis is de commandant van de twee Nederlandse Patriot-batterijen in Turkije. Eén batterij met vijf lanceerinrichtingen staat opgesteld op het vliegveld van de stad Adana. De andere (zeven lanceerinrichtingen) op de nabijgelegen Amerikaans-Turkse luchtmachtbasis Incirlik.

VPRO-verslaggever Rik Delhaas sprak daar met de kolonel en wilde van hem vooral weten of er enige vrees bestond voor een vijandige houding van de plaatselijke bevolking. En of, zoals boze tongen beweren, de plaatsing van de Patriots geen voorbode is van een aanval op Syrië. De antwoorden: nee en nee.

Het interview maakte deel uit van een langer item van VPRO Bureau Buitenland over de komst van de Patriots naar Turkije. Daarin kwamen o.a. ook aan de orde het lastigvallen van enkele Duitse militairen door demonstranten in de havenstad Iskenderun; een interview met een zakenman in Gaziantep (waar Amerikaanse Patriot-batterijen worden opgesteld) die ook belangen heeft in Syrië, en met een uit dat land gevluchte tandarts.

(Defensie weblog, 27 januari 2013)

zaterdag 26 januari 2013

Nederlandse Patriots in Turkije operationeel

Patriot lanceerinrichting bij Adana.
Foto: Defensie
Beide Nederlandse Patriot-luchtverdedigingssystemen in Zuid-Turkije staan paraat. Vanmiddag maakte de NAVO bekend dat de Patriots operationeel zijn. De raketten beschermen Turkije tegen mogelijke aanvallen uit Syrië.

De Nederlanders opereren vanaf zowel het civiele vliegveld van Adana als van de bij deze stad liggende luchtmachtbasis Incirlik, waar tevens het commandocentrum staat. De militairen gebruiken PAC-2 en de meer geavanceerde PAC-3. Beide typen vormen een geducht afweermiddel tegen ballistische raketten zoals de Scud.

Laden wapensystemen
De konvooien arriveerden woensdag vanuit havenstad Iskenderun in Incirlik. Een dag later ging de betonschaar in de verzegeling van de met raketten gevulde containers. Daarna was het een kwestie van controleren, uitladen, en de zogenoemde cannisters met hun waardevolle lading zorgvuldig op de juiste lanceerinrichtingen takelen.

Commandocentrum
Foto:Defensie, DGLC
Het zogenaamde Tactical Command System (TCS), vanwaar de operatie wordt aangestuurd staat op Incirlik. Dit commandocentrum, een uitvouwbare container, vormt het zenuwcentrum waar alle essentiële informatie binnenkomt. Neem bijvoorbeeld de luchtbeelden die de verschillende ondercommandanten op hun schermen zien. In  het TCS worden ze op een groot scherm geprojecteerd. Het systeem is ontwikkeld na jarenlang opgedane ervaring tijdens oefeningen en missies. Shift leader majoor Rob Olthoff: “Vanuit deze container sturen we alles aan: Patriots, logistiek en commandosystemen. Dankzij de TCS is snel en adequaat te reageren.”

Miljoenenstad beschermen
De Patriots beschermen nu de miljoenenstad Adana, op 120 kilometer van de grens met Syrië.  De inzet is van defensieve aard en biedt geen ondersteuning aan bijvoorbeeld een no-fly zone. Ook Duitsland en de Verenigde Staten leveren elk 2 Patriotsystemen, de Duitsers rond Kahramanmaraş, de Amerikanen in Gaziantep.  Naar verwachting zijn zij begin februari operationeel gereed.

(ministerie van Defensie, 26 januari 2013)

woensdag 23 januari 2013

Patriots arriveren op basis in Turkije

Nederlandse Patriot-luchtverdedigingssystemen zijn woensdag aangekomen in het Turkse Adana. In vier konvooien reden ze vanuit de havenstad Iskenderun naar hun eindbestemming, de luchtmachtbasis Incirlik. Eergisteren landde de hoofdmacht van 270 militairen.

Turkse marechaussee en districtspolitie beveiligden de 130 kilometer lange route naar de miljoenenstad. De eerste colonne met onder meer vracht-, brandstof-, terrein- en takelwagens vertrok vanmorgen. De voertuigen waren gisteren direct na het lossen van het transportschip rijklaar gezet voor het wegtransport door Zuid-Turkije.

Risico
De Nederlandse chauffeurs kregen letterlijk ruim baan. Om het risico op vertraging te voorkomen, stonden de Turkse beveiligers op de opritten van de snelweg. Het overige verkeer kreeg een halt toegeroepen zodat de konvooien in beweging bleven. Eerste luitenant Jarno de Boer vervoerde met zijn DAF een generator voor een van de wapensystemen. “Dit was een prachtige rit. Vooral de beveiliging door de Turken vond ik bijzonder. Ze stonden en reden echt overal op de route.”

Snel
Het is de bedoeling dat de Patriots zo snel mogelijk operationeel zijn. Ze beschermen dan de stad Adana, met ongeveer 2,2 miljoen inwoners, tegen mogelijke aanvallen vanuit Syrië. Adana ligt op 120 kilometer van de grens. De inzet is van defensieve aard en biedt geen ondersteuning aan een no-fly zone. Ook de Verenigde Staten en Duitsland zetten Patriots in. De Duitsers rond Kahramanmaraş, de Amerikanen in Gaziantep. Net als Nederland brengen de beide NAVO-bondgenoten 2 Patriot-systemen in stelling.

Infographic: ministerie van Defensie

(ministerie van Defensie, 23 januari 2013)

donderdag 17 januari 2013

Hoofdmacht Patriotmissie vertrekt naar Turkije

Ruim 270 militairen vertrekken maandag 21 januari vanaf vliegbasis Eindhoven naar Turkije. De militairen gaan daar met het Patriotsysteem de bevolking en het gebied rondom de stad Adana beschermen tegen mogelijke raketaanvallen vanuit Syrië. De troepen worden uitgezwaaid door de commandant Landstrijdkrachten, luitenant-generaal De Kruif en staan onder leiding van kolonel Marcel Buis.

Het materieel vertrok op 9 januari uit de Eemshaven en komt rond 22 januari aan in de haven van Iskenderun. Na het ontladen van het schip, wordt het materieel verplaatst naar de inzetlocatie. Vervolgens wordt het Patriot-raketverdedigingssysteem operationeel inzetbaar gemaakt. Naar verwachting neemt dit enkele dagen in beslag.

Nederland draagt op verzoek van de NAVO met twee Patrioteenheden bij aan de bescherming van de bevolking en het grondgebied van Turkije tegen een mogelijke inzet van Syrische ballistische raketten. Deze ontplooiing van de Patriots is puur defensief van aard en is niet bedoeld om een vliegverbod af te dwingen of om offensieve acties te ondersteunen.

De Patriot-eenheden zijn afkomstig van het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigings Commando, gestationeerd op de luitenant-generaal Bestkazerne in Vredepeel. Nederland beschikt naast Duitsland en de Verenigde Staten als enige NAVO-partner over het moderne Patriotsysteem, waarmee verdediging tegen ballistische raketten mogelijk is.

(ministerie van Defensie, 17 januari 2013)