Posts tonen met het label OEF. Alle posts tonen
Posts tonen met het label OEF. Alle posts tonen

donderdag 4 december 2014

Majoor Gijs Tuinman benoemd tot Ridder Militaire Willems-Orde



Majoor Gijs Tuinman is vandaag onderscheiden voor zijn daden in 2009 als commandant Meervoudig Ploegoptreden van Task Force 55 in Uruzgan. Hij werd voor dat optreden door koning Willem-Alexander tot Ridder Militaire Willems-Orde geslagen, de hoogste dapperheidsonderscheiding. Bij de ceremonie op het Binnenhof in Den Haag waren ook koningin Máxima, Prinses Beatrix, premier Mark Rutte en minister Jeanine Hennis-Plasschaert aanwezig.

Rol Tuinman
Tuinman in Uruzgan
Wie Tuinman's rol in Afghanistan in ogenschouw neemt, kan niet anders concluderen dan dat het niet één aspect is wat hem een bijzonder leider en mens maakt. Het is de specifieke combinatie van 3 bijzondere kwaliteiten die hem de Willems-Orde oplevert: moed, beleid en trouw.

Twee voorbeelden van Tuinman's optreden: begin september 2009 weet hij vechtend vanuit een hinderlaag met beleid een reddingsactie aan te sturen. In december bewijst hij tactisch vernieuwend te zijn door 3 Nederlandse Cougar-transporthelikopters in te zetten bij de zoektocht naar Taliban-strijders.

Het is niet de eerste keer dat Tuinman opvalt. Vanwege zijn excellente leiderschap, grondige voorbereiding, doortastende en dappere optreden tijdens Task Force Viper in 2006 ontving hij de Bronzen Leeuw, de op één na hoogste dapperheidsonderscheiding. Tuinman diende in totaal 4 keer in Afghanistan.

Task Force 55
Task Force 55 kenmerkte zich door de vele gevechtscontacten tijdens de vaak risicovolle operaties die meerdere dagen duurden, met intensieve inzet van helikopters. De militairen moesten zich tussen augustus en december 2009 in onherbergzaam gebied vaak letterlijk een weg voorwaarts vechten. De ene keer kwam de tegenstand uit grotten en loopgraven. De andere keer van snipers op bergtoppen. TF55 verplaatste zich bovendien onder voortdurende dreiging van geïmproviseerde explosieven.

Tuinman met sniper rifle in Uruzgan

Uitzonderlijke daden
Hennis roemde voorafgaand aan de ceremonie het 'excellente leiderschap' van toen nog kapitein Tuinman. Ze noemde hem de drijvende kracht achter het meervoudig ploegoptreden van Task Force 55, rotatie 2. "Niet zelden werden de militairen geconfronteerd met een overmacht aan strijders, waardoor ze voortdurend grote risico’s liepen. En dan draait het om blindelings vertrouwen. In elkaar en in de commandant. Dat vertrouwen was er! Het esprit-de-corps vormde een ijzersterk fundament voor de uitzonderlijke prestaties van majoor Tuinman en de special forces van Task Force 55 rotatie 2. Zij gingen voor elkaar door het vuur. Letterlijk en figuurlijk. Vertrouwen is dan ook dé basis. Alleen dan kan een militair excelleren en boven zichzelf uitstijgen."

Een unieke foto: Nederlandse special forces bijeen... Niet eerder gepubliceerd

Ceremonie
Bij de ceremonie vanochtend trad Tuinman uit de rijen van het Korps Commandotroepen, marcheerde naar koning Willem-Alexander en meldde zich. "Ik zweer mij als een getrouw en wakker ridder te zullen gedragen, mijn leven altoos te zullen veil hebben voor Koning en Vaderland en door al mijn vermogen mij steeds trachten waardig te maken de onderscheiding, mij door de koning toegestaan." Met het onderschrijven van deze woorden legde hij de eed af ten overstaan van de Koning, waarna die hem de ridderslag (accolade) toebracht.

Na het Wilhelmus maakte majoor Tuinman zijn opwachting bij de overige twee Ridders Militaire Willems-Orde en ontving ook van hen de traditionele accolade. Daarna namen alle Ridders Militaire Willems-Orde voor het aansluitende defilé hun positie in naast koning Willem-Alexander.

Ook een unieke foto: drie Ridders MWO: de majoors Kenneth Mayhew (97),
Marco Kroon, en Gijs Tuinman. Foto:ANP

Speciaal voor de bijzondere ceremonie was op het Binnenhof een grote tribune geplaatst. Deze bood plaats aan de twee Ridders Militaire Willems-Orde, hoogwaardigheidsbekleders en Tuinman's collega’s van Task Force 55. Zowel afvaardigingen van de Nederlandse als de buitenlandse eenheden die de Militaire Willems-Orde ontvingen, stonden opgesteld.


Persoonlijke informatie over majoor Gijs Tuinman

Majoor Gijs Tuinman wordt op 15 november 1979 geboren in Heerlen. De geboren en getogen Limburger haalt in 1998 zijn vwo-diploma. In datzelfde jaar start zijn militaire loopbaan aan de Koninklijke Militaire Academie (KMA) in Breda. Tuinman volgt de lange officiersopleiding en wordt in augustus 2001 toegelaten tot de Elementaire Commando-opleiding. Na het behalen van de felbegeerde groene baret volgt de Voortgezette Commando-opleiding.


Vanaf augustus 2002 vervult hij diverse leidinggevende startfuncties bij het Korps Commandotroepen. Eerst als ploegcommandant en later als pelotonscommandant bij 104 Commandotroepencompagnie. Van 2003 tot 2004 is hij even terug op de KMA voor een bachelor Militaire Bedrijfskunde. In die periode wordt hij in het kader van de International Security Assistance Force (ISAF) uitgezonden naar Kabul.

Bronzen Leeuw 
In 2005 volgt zijn tweede uitzending naar Afghanistan. Deze keer als Joint Terminal Attack Controller (JTAC) onder de vlag van Operation Enduring Freedom. Als JTAC stuurt hij vanaf een vooruitgeschoven positie gevechtsvliegtuigen, helikopters en bewapende UAV’s aan. Ook leidt hij een Special Operations-team. Nog geen jaar later dient hij voor de derde keer in Afghanistan, ditmaal als pelotonscommandant en JTAC. Voor bijzonder moedig en beleidvolle daden tijdens deze uitzending wordt hij onderscheiden met de Bronzen Leeuw, de op één na hoogste dapperheidsonderscheiding.

Na terugkomst blijft hij enkele jaren bij 104 Commandotroepencompagnie en wordt achtereenvolgens commandant Meervoudig Ploegoptreden en plaatsvervangend compagniescommandant. In die laatste functie is hij verantwoordelijk voor de opleiding en training van 80 tot 100 operators en heeft hij een centrale rol in de advisering en uitvoering van full spectrum Speciale Operaties.

Missies naar Mauritanië en Afghanistan
Tussendoor volgt een missie naar Mauritanië. In het West-Afrikaanse land leidt hij een Military Assistance-missie. Deze tweede hoofdtaak van het Korps Commandotroepen omvat onder meer het opleiden en trainen van buitenlandse veiligheidstroepen. De missie is gericht op de capaciteitsopbouw van het veiligheidsapparaat van Mauritanië. In 2009 vertrekt Tuinman met zijn organieke eenheid wederom naar Afghanistan. Nu als commandant Meervoudig Ploegoptreden met Task Force 55. In deze rol geeft hij leiding aan een gecombineerde taakgroep van 40 tot 300 militairen. Daarnaast houdt hij zich bezig met het opleiden en trainen van Afghaanse veiligheidsdiensten.

Master bestuurskunde
Tijdens de vele internationale missies werkt Tuinman vaak samen met andere departementen waardoor de interesse in bestuurlijke problematiek groeit. Bij terugkomst uit Afghanistan leidt dit dan ook tot een inschrijving voor een master Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden. Daarnaast start Tuinman in 2010 met een adviesfunctie bij het Interservice Kenniscentrum Speciale Operaties. Hier draagt hij zijn kennis en ervaring over op collega-commando’s en ontwikkelt beleid op het gebied van Speciale Operaties.

In februari 2012 gaat hij met eervol ontslag vanwege een baan als senior consultant Beleid & Bestuur bij Deloitte Consulting B.V. Eind 2013 keert Tuinman als majoor terug bij Defensie. In zijn huidige functie is hij werkzaam als stafofficier bij de afdeling Bestuursondersteuning van het Commando Landstrijdkrachten in Utrecht.

Tuinman is getrouwd en heeft 3 kinderen.

(ministerie van Defensie, 4 december 2014)

De lijst van acties waarvoor Tuinman is onderscheiden

Toespraak Koning Willem-Alexander

Toespraak minister Hennis-Plasschaert

Video: de volledige uitzending van de ceremonie op 4 december 2014

dinsdag 5 juni 2012

Missiegebied uitgelicht: Combined Maritime Forces (CMF) in Bahrein

De Nederlandse deelname met onder meer marineschepen aan de antipiraterij-missies van de EU en de NAVO, operatie Atalanta en Ocean Shield is vrij bekend. Ook de mariniers die ter afschrikking van piraten meevaren met Nederlandse koopvaardijschepen, staan regelmatig in de belangstelling. Minder bekend is de Nederlandse bijdrage aan Combined Maritime Forces (CMF) ter bestrijding van terrorisme en piraterij. Deze missie werd kort na de aanslagen op 11 september 2001 in het leven geroepen als maritieme tak van operatie Enduring Freedom.

Kapitein-luitenant-ter-zee Eduard de van der Schueren neemt samen met nog 2 Nederlanders deel aan CMF. Hiervan is er één geplaatst aan boord van het stafschip van Combined Task Force (CTF) 151, een van de 3 maritieme taakgroepen van CMF. In totaal nemen 26 landen deel aan CMF. Omdat het ene land om politieke redenen wel piraterij wil bestrijden, maar niet wil deelnemen aan antiterrorisme-operaties zijn er in het verleden 3 taakgroepen opgericht. CTF-151 is puur antipiraterij, CTF-150 richt zich op antiterrorisme, wat ook geldt voor CTF-152, maar dan specifiek in de Arabische Golf.

Aanspreekpunt
KLTZ van der Schueren fungeert als Senior National Representative (SNR) onder andere als aanspreekpunt van en naar Nederland.“Daarnaast zit ik bij de staf op het hoofdkwartier in Manama (Bahrein), waar ik ook werk op de afdeling ‘future operations’ voor CTF-152. Dat betekent dat ik mij bezighoud met de planning van inzet van onze schepen op de middellange termijn, tot een half jaar.”

Coördinatieclub
Op het CMF-hoofkwartier houden zo’n 50 stafleden zich bezig met het plannen van de inzet. “Eigenlijk is het een grote coördinatieclub. Zowel CMF, EU als NAVO hebben afzonderlijk te weinig middelen om al hun doelstellingen te bereiken. Door het uitwisselen van inlichtingen en het coördineren van de middelen proberen we de inzet in en rond de Indische Oceaan zo goed mogelijk te verdelen. De taakgroepen van CMF beschikken elk over ongeveer 5 schepen (direct support), aangevuld met schepen die soms maar een aantal dagen beschikbaar zijn (associated support). Daarnaast opereren er landen zoals Rusland en Japan zelfstandig in het gebied (independent operations), maar ook dat moet je met elkaar afstemmen.”

Nederlands defensiepersoneel in Bahrein, 2005
(foto Hans de Vreij)
De verschillende antipiraterij-missies sorteren merkbaar effect, bevestigt de SNR. “Het is erg rustig de laatste maanden. De meest recente kaping was die van de Griekse olietanker Smyrni op 10 mei. Hoewel we nog wekelijks pogingen en andere verdachte activiteiten constateren, is er voor het hele gebied sprake van een enorme afname dankzij de verschillende missies. Dit ook dankzij de beveiligingsteams aan boord van koopvaardijschepen, en de eigen maatregelen die schepen nemen ter voorkoming van piraterij, zoals het gebruik van prikkeldraad en goed manoeuvreren bij een aanvalspoging.”

Gezelschap
Op het hoofdkwartier wordt Eduard van der Schueren vergezeld door een Nederlandse onderofficier die Chief Battlewatch is. “Zeg maar de afdeling Operaties, waar ze 24 uur per dag alle binnenkomende informatie verwerken”, legt de kapitein-luitenant-ter-zee uit. De derde Nederlander is planner (N5) aan boord van het Britse bevoorradingsschip RFA Fort Victoria, dat momenteel het stafschip is van CTF-151. “En eind van de maand wordt de functie van NAVO-liaison bij ons op het hoofdkwartier overgenomen door een Nederlander. Dan nemen er dus 4 Nederlanders deel aan Combined Maritime Forces”, besluit van der Schueren.

(Weekoverzicht Defensie-operaties, 5 juni 2012)

Opmerking Hans de Vreij: het zou het ministerie van Defensie niet misstaan hebben enige toelichting te geven over de situatie m.b.t. de mensenrechten in Bahrein. Mishandeling en marteling, politieke detentie en andere misstanden mogen als genoegzaam bekend en gedocumenteerd worden aangemerkt. Het hoofdkwartier van CMF functioneert niet in 'splendid isolation'; het gebouw staat op Bahreins grondgebied, het personeel maakt gebruik van de Bahreinse zakelijke en particuliere faciliteiten. Het gezegde "wie zwijgt stemt toe" gaat ook in dit geval op.