Veiligheidsdiscussie
20-05-2014 | Generaal Tom Middendorp
In Nederland is discussie ontstaan over onze veiligheid en het geslonken Defensiebudget. Een belangrijke ontwikkeling. Hoe breder de discussie, hoe beter. Veiligheid is immers voor iedereen van belang en zeker geen luxeartikel.
De oproep van de Amerikaanse president Barack Obama aan Europese landen om meer te spenderen aan hun krijgsmacht en niet langer disproportioneel op de Amerikanen te leunen als het gaat om de veiligheid heeft de discussie aangewakkerd. Maar ook de spanningen in de Oekraïne maken veel los.
Dit land - op slechts 2 uur vliegafstand en gelegen aan de grenzen van de EU - laat namelijk zien dat een schijnbaar stabiele situatie zo kan omslaan en dat veiligheid helemaal niet vanzelfsprekend is. Sommigen noemen het niet voor niets een wake-up-call. Wie had immers 4 maanden geleden gedacht dat de verhoudingen zo snel konden verslechteren?
Dat geeft ook te denken. Zo liet de schrijver Geert Mak in het programma ‘Eén op één’ weten: “We waren zo bezig met die soft power - en dat is ook goed - alleen Poetin reageert op een 19e-eeuwse manier.” Mak, ooit pacifist, meende daarom dat we “Defensie niet moeten afbreken” en dat we “meer moeten samenwerken met anderen.”
En de Britse militair historicus en oud-journalist Max Hastings zei in een interview met NRC Handelsblad over de situatie in de Oekraïne: “Ik stel geen moment voor dat we een militair antwoord moeten geven, maar ik suggereer wel dat we moeten laten zien dat we dat kunnen. Het is angstaanjagend dat Europa niet eens kan pretenderen dat het een militair antwoord heeft.”
Zo is het maar net. Dat is ook de reden waarom ik zelf vorige week bij een debatbijeenkomst opmerkte dat een brullende leeuw veel geloofwaardiger is als die ook zijn tanden kan laten zien. Het is nu eenmaal geloofwaardiger als je praat vanuit een sterke positie. Vriend en vijand weten dat.
Mijn uitspraken trokken de aandacht van de media, maar het moest gezegd worden. Europa levert slechts 25% van de NAVO en moet een meer geloofwaardige partner worden. Dit vooral door meer rendement te halen uit onze samenwerking en de krachten nog meer te bundelen. Maar daarmee verandert dit percentage niet. Daar is meer voor nodig.
Bij militaire samenwerking geldt dat de liefde van 2 kanten moet komen. Je kunt als land niet voor een dubbeltje op de eerste rang zitten, en voor een lagere premie een hogere dekking verwachten. Je moet ook bereid zijn te leveren.
En dat is nu net het probleem. Nederland investeert nu 1,16% van het Bruto Nationaal Product in Defensie. Als we de pensioenen en wachtgelden niet meetellen slechts 0,87%. Ter vergelijking: de gemiddelde bijdrage van de Europese NAVO-landen is 1,56% en de NAVO-norm is 2%.
Wij zitten met onze 1,16% dus ruim onder de gemiddelde EU-bijdrage en de NAVO-norm. En dat terwijl onze economische positie zich juist meer in de kopgroep bevindt. En dat in een tijd waarin we in toenemende mate afhankelijk zijn van stabiliteit, zowel binnen als buiten Europa…
Dat baart mij zorgen. Of we het nu leuk vinden of niet, in veiligheid en vrijheid moeten we blijven investeren. Of zoals Geert Mak in de uitzending ‘Eén op één’ concludeerde:
“Vrijheid komt niet vanzelf. Voor vrijheid moet je knokken. Moet je concessies doen. Moet je ruzie over maken. Rode koppen krijgen en uiteindelijk weer naar de stembussen sjokken. Dat is allemaal vrijheid. Vrijheid moet je verrekt alert op zijn, want anders glipt het zo door je vingers”.
Generaal Tom Middendorp,
Commandant der Strijdkrachten
Posts tonen met het label Tom Middendorp. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tom Middendorp. Alle posts tonen
woensdag 28 mei 2014
woensdag 12 februari 2014
Blog CDS: 'Dienen'
De afgelopen week stemde de Tweede Kamer in met een wet over de normalisatie van de ambtenarenstatus. Hierin werd een terechte uitzondering gemaakt voor onder meer Defensiepersoneel.
Terecht omdat het werk van Defensie bijzonder en met niets vergelijkbaar is. Wij zijn de basisverzekering van de maatschappij als het gaat om veiligheid. Een verzekering die je niet kunt uitbesteden en waar je als overheid in moet blijven investeren. Natuurlijk kunnen militairen hun taak niet uitvoeren zonder steun van burgercollega’s, maar die collectieve basisverzekering stelt vooral speciale eisen aan de militairen binnen onze organisatie.
Militair zijn is meer dan kameraadschap en avontuur. Militair zijn betekent dat je bereid bent door te gaan waar anderen stoppen, dat je bereid bent je leven te riskeren voor de veiligheid van ons land. Militair zijn betekent DIENEN in het belang van Nederland. En dat is bijzonder.
Wat dienen betekent, bleek afgelopen week nog eens overduidelijk uit een tv-reportage over collega’s die in Uruzgan een maat verloren. De dood van een collega, je buddy, dat vergeet je nooit. De impact van geweld, het lawaai, de paniek, de geur, de beelden van de slachtoffers, blijven je altijd bij. Dienen betekent dat je als militair op ieder gewenst moment kunt worden ingezet voor gevechtshandelingen, voor het verwonden of zelfs doden van mensen. Dat je split-second decisions moet kunnen nemen over (de mate van) toepassing van geweld. Weigeren of weglopen is dan geen optie. Iedere militair weet dat dit geen walk in the park is. Je kunt daarbij voor duivelse dilemma’s komen te staan. Want het is niet altijd een keuze tussen goed of fout. En het effect van de keuze die je als militair maakt, is niet altijd voorspelbaar. Ga er maar eens aan staan.
Maar het is niet alleen de inzet die ons werk, als de zwaardmacht van de overheid, bijzonder maakt. Dienen betekent dat we altijd klaar moeten staan om te worden ingezet en dat Nederland daar ook op moet kunnen vertrouwen. Daarom mogen militairen bijvoorbeeld niet staken. Daarom zijn we vele maanden per jaar van huis voor oefeningen en trainingen.
Daarnaast vereist ons werk dat we veelvuldig van functie wisselen om de juiste ervaring op te bouwen en breed inzetbaar te blijven. Dat heeft grote impact op onze gezinnen die regelmatig moeten verhuizen binnen en buiten Nederland. Niet gemakkelijk, zeker niet voor werkende partners.
Militairen moeten er dus nogal wat voor doen, maar zeker ook voor laten. Daarmee zijn we zeker niet zielig. Het hoort erbij als je dient. Maar ook dat maakt ons werk uniek. Het is dan ook terecht dat militairen als ambtenaar een uitzonderingspositie behouden. Militairen dienen hun land, waar en wanneer dat nodig is.
Dat moeten we koesteren en daar mag wat tegenover staan. In het belang van Nederland.
Generaal Tom Middendorp
Commandant der Strijdkrachten
11 februari 2014
facebook.com/Commandantderstrijdkrachten
Terecht omdat het werk van Defensie bijzonder en met niets vergelijkbaar is. Wij zijn de basisverzekering van de maatschappij als het gaat om veiligheid. Een verzekering die je niet kunt uitbesteden en waar je als overheid in moet blijven investeren. Natuurlijk kunnen militairen hun taak niet uitvoeren zonder steun van burgercollega’s, maar die collectieve basisverzekering stelt vooral speciale eisen aan de militairen binnen onze organisatie.
Militair zijn is meer dan kameraadschap en avontuur. Militair zijn betekent dat je bereid bent door te gaan waar anderen stoppen, dat je bereid bent je leven te riskeren voor de veiligheid van ons land. Militair zijn betekent DIENEN in het belang van Nederland. En dat is bijzonder.
Wat dienen betekent, bleek afgelopen week nog eens overduidelijk uit een tv-reportage over collega’s die in Uruzgan een maat verloren. De dood van een collega, je buddy, dat vergeet je nooit. De impact van geweld, het lawaai, de paniek, de geur, de beelden van de slachtoffers, blijven je altijd bij. Dienen betekent dat je als militair op ieder gewenst moment kunt worden ingezet voor gevechtshandelingen, voor het verwonden of zelfs doden van mensen. Dat je split-second decisions moet kunnen nemen over (de mate van) toepassing van geweld. Weigeren of weglopen is dan geen optie. Iedere militair weet dat dit geen walk in the park is. Je kunt daarbij voor duivelse dilemma’s komen te staan. Want het is niet altijd een keuze tussen goed of fout. En het effect van de keuze die je als militair maakt, is niet altijd voorspelbaar. Ga er maar eens aan staan.
Maar het is niet alleen de inzet die ons werk, als de zwaardmacht van de overheid, bijzonder maakt. Dienen betekent dat we altijd klaar moeten staan om te worden ingezet en dat Nederland daar ook op moet kunnen vertrouwen. Daarom mogen militairen bijvoorbeeld niet staken. Daarom zijn we vele maanden per jaar van huis voor oefeningen en trainingen.
Daarnaast vereist ons werk dat we veelvuldig van functie wisselen om de juiste ervaring op te bouwen en breed inzetbaar te blijven. Dat heeft grote impact op onze gezinnen die regelmatig moeten verhuizen binnen en buiten Nederland. Niet gemakkelijk, zeker niet voor werkende partners.
Militairen moeten er dus nogal wat voor doen, maar zeker ook voor laten. Daarmee zijn we zeker niet zielig. Het hoort erbij als je dient. Maar ook dat maakt ons werk uniek. Het is dan ook terecht dat militairen als ambtenaar een uitzonderingspositie behouden. Militairen dienen hun land, waar en wanneer dat nodig is.
Dat moeten we koesteren en daar mag wat tegenover staan. In het belang van Nederland.
Generaal Tom Middendorp
Commandant der Strijdkrachten
11 februari 2014
facebook.com/Commandantderstrijdkrachten
dinsdag 7 januari 2014
Nieuwjaarsboodschap Commandant der Strijdkrachten
Historisch maar ook stormachtig. Dat was het jaar 2013 voor Defensie. Historisch, omdat belangrijke besluiten zijn genomen over de toekomst van de krijgsmacht. Stormachtig, omdat het ook het jaar was van de man met de hamer.
Een jaar waarin honderden loyale, hardwerkende collega’s hun baan verloren. Een jaar ook dat eindigde met meer duidelijkheid en perspectief. Zo kwam er een einde aan een lange periode van baanonzekerheid, zo toonde het herfstakkoord een toenemend besef in de Tweede Kamer dat er genoeg is bezuinigd op Defensie en zo bood de nota over de toekomst van de krijgsmacht voor alle Operationele Commando's een duidelijke stip aan de horizon.
Daarmee kunnen we de blik weer vooruit richten. Cruciaal voor een moderne krijgsmacht want “Het zijn niet de sterksten die overleven, maar diegenen die zich het beste aanpassen aan de omstandigheden”. Een toepasselijk citaat van Charles Darwin dat ik eind vorig jaar gebruikte tijdens de Future Force Conference. Stilstand is achteruitgang en dat kunnen we ons niet veroorloven. Daarvoor is ons werk te belangrijk. Wij maken de wereld om ons heen veiliger. Om de hoek, in de straten van Amsterdam waar we helpen criminelen op te sporen. En verder weg, zoals in landen als Mali, waar broeinesten van terreur ook onze veiligheid in Nederland raken.
We moeten er dus voor zorgen dat we het verschil kunnen blijven maken waar anderen dat niet kunnen. 2014 is het jaar waarin we herstellen van de klappen en de draad weer oppakken. Waarin we gaan toewerken naar die nieuwe stippen op de horizon en praktisch invulling geven aan onze plannen.
Hoe we dat gaan doen? Allereerst door ons te blijven onderscheiden in onze missies. Zo werd net voor de kerst besloten om de inzet van onze Patriots aan de grens met Syrië te verlengen, evenals onze inzet in het kader van antipiraterij. In Afghanistan beschermen onze F-16’s nog steeds de internationale troepen en zijn onze mensen zowel in het noorden als in het hoofdkwartier in Kabul hard aan het werk. We hebben er zelfs een nieuwe missie bij: MINUSMA, de VN-missie in Mali. 2 jaar lang gaan 400 Nederlandse militairen in Mali helpen om de rust in het land te herstellen. Relevant werk dat alleen wij kunnen doen en dat direct bijdraagt aan onze veiligheid in Nederland.
Daarnaast door samenwerking en modernisering. Ik geloof in veiligheid door samenwerking. Samenwerking met landen die dicht bij ons staan zodat we middelen kunnen delen. Samenwerking met bedrijven en onderzoeksinstituten zodat we kunnen blijven innoveren en moderniseren. Samenwerking met civiele autoriteiten zoals politie en brandweer, om de veiligheid in eigen land te vergroten. En last but not least samenwerking met andere landen bij de uitvoering van missies, want dat is en blijft onze core business.
Kortom, er is in 2014 volop werk aan de winkel. En dan heb ik het nog niet eens over onze 15 andere lopende missies, over de vele nationale taken zoals de grensbewaking door de Koninklijke Marechaussee en over de nationale operaties die we in toenemend aantal uitvoeren (circa 2.200 in 2013). Zo heeft de Explosieven Opruimingsdienst Defensie in de aanloop naar het nieuwe jaar op veel plekken zwaar en gevaarlijk vuurwerk geruimd. Goed werk, zo houden we Nederland ook veilig!
Ik ben dan ook trots op alle medewerkers van de krijgsmacht, burgers en militairen. Iedereen heeft zich keihard ingezet om de reorganisatie mogelijk te maken en zo de krijgsmacht op 2014 en verder voor te bereiden. Samen zorgen we ervoor dat we ons aanpassen aan veranderende omstandigheden. Daar draait het uiteindelijk om!
Ik hoop dan ook dat we er samen voor Defensie een positief jaar van maken. Ik zal mij sterk blijven maken voor een goede krijgsmacht en ik zal blijven uitleggen wat we doen, en vooral ook waarom. Het moet duidelijk zijn dat veiligheid/vrijheid nooit vanzelfsprekend is. Dat we daar hard aan moeten werken. Dag in, dag uit.
Laten we samen aan de slag gaan!
(Facebook, 7 januari 2014)
Een jaar waarin honderden loyale, hardwerkende collega’s hun baan verloren. Een jaar ook dat eindigde met meer duidelijkheid en perspectief. Zo kwam er een einde aan een lange periode van baanonzekerheid, zo toonde het herfstakkoord een toenemend besef in de Tweede Kamer dat er genoeg is bezuinigd op Defensie en zo bood de nota over de toekomst van de krijgsmacht voor alle Operationele Commando's een duidelijke stip aan de horizon.
Daarmee kunnen we de blik weer vooruit richten. Cruciaal voor een moderne krijgsmacht want “Het zijn niet de sterksten die overleven, maar diegenen die zich het beste aanpassen aan de omstandigheden”. Een toepasselijk citaat van Charles Darwin dat ik eind vorig jaar gebruikte tijdens de Future Force Conference. Stilstand is achteruitgang en dat kunnen we ons niet veroorloven. Daarvoor is ons werk te belangrijk. Wij maken de wereld om ons heen veiliger. Om de hoek, in de straten van Amsterdam waar we helpen criminelen op te sporen. En verder weg, zoals in landen als Mali, waar broeinesten van terreur ook onze veiligheid in Nederland raken.
We moeten er dus voor zorgen dat we het verschil kunnen blijven maken waar anderen dat niet kunnen. 2014 is het jaar waarin we herstellen van de klappen en de draad weer oppakken. Waarin we gaan toewerken naar die nieuwe stippen op de horizon en praktisch invulling geven aan onze plannen.
Hoe we dat gaan doen? Allereerst door ons te blijven onderscheiden in onze missies. Zo werd net voor de kerst besloten om de inzet van onze Patriots aan de grens met Syrië te verlengen, evenals onze inzet in het kader van antipiraterij. In Afghanistan beschermen onze F-16’s nog steeds de internationale troepen en zijn onze mensen zowel in het noorden als in het hoofdkwartier in Kabul hard aan het werk. We hebben er zelfs een nieuwe missie bij: MINUSMA, de VN-missie in Mali. 2 jaar lang gaan 400 Nederlandse militairen in Mali helpen om de rust in het land te herstellen. Relevant werk dat alleen wij kunnen doen en dat direct bijdraagt aan onze veiligheid in Nederland.
Daarnaast door samenwerking en modernisering. Ik geloof in veiligheid door samenwerking. Samenwerking met landen die dicht bij ons staan zodat we middelen kunnen delen. Samenwerking met bedrijven en onderzoeksinstituten zodat we kunnen blijven innoveren en moderniseren. Samenwerking met civiele autoriteiten zoals politie en brandweer, om de veiligheid in eigen land te vergroten. En last but not least samenwerking met andere landen bij de uitvoering van missies, want dat is en blijft onze core business.
Kortom, er is in 2014 volop werk aan de winkel. En dan heb ik het nog niet eens over onze 15 andere lopende missies, over de vele nationale taken zoals de grensbewaking door de Koninklijke Marechaussee en over de nationale operaties die we in toenemend aantal uitvoeren (circa 2.200 in 2013). Zo heeft de Explosieven Opruimingsdienst Defensie in de aanloop naar het nieuwe jaar op veel plekken zwaar en gevaarlijk vuurwerk geruimd. Goed werk, zo houden we Nederland ook veilig!
Ik ben dan ook trots op alle medewerkers van de krijgsmacht, burgers en militairen. Iedereen heeft zich keihard ingezet om de reorganisatie mogelijk te maken en zo de krijgsmacht op 2014 en verder voor te bereiden. Samen zorgen we ervoor dat we ons aanpassen aan veranderende omstandigheden. Daar draait het uiteindelijk om!
Ik hoop dan ook dat we er samen voor Defensie een positief jaar van maken. Ik zal mij sterk blijven maken voor een goede krijgsmacht en ik zal blijven uitleggen wat we doen, en vooral ook waarom. Het moet duidelijk zijn dat veiligheid/vrijheid nooit vanzelfsprekend is. Dat we daar hard aan moeten werken. Dag in, dag uit.
Laten we samen aan de slag gaan!
(Facebook, 7 januari 2014)
dinsdag 5 maart 2013
Minister van defensie bezoekt Caribisch Gebied
Aruna Jhagru
CURAÇAO – Defensieminister Jeanine Hennis-Plasschaert en de Commandant der Strijdkrachten, generaal Tom Middendorp, brengen deze week een werkbezoek aan Aruba, Bonaire en Curaçao. De bewindsvrouw laat zich dan uitgebreid voorlichten over de Koninklijke Marine en Kustwacht in het Caribisch Gebied.
Het werkbezoek begint dinsdag op Curaçao, waar de minister onder meer spreekt met premier Daniel Hodge. Op Marinebasis Parera gaat de Commandant der Zeemacht in het Caribisch Gebied, brigadegeneraal der mariniers Dick Swijgman, Hennis-Plasschaert informeren over de werkwijze van de marine en kustwacht in de regio en de lopende counterdrugsoperaties. Ook volgt een uitgebreide rondleiding over de basis, waar de minister onder andere spreekt met de landmachtcompagnie, het personeel dat het varend en rijdend materieel onderhoudt en de bemanning van Hr.Ms. Pelikaan. Op Marinierskazerne Suffisant maakt de minister van defensie kennis met de miliciens in opleiding.
Aruba
Met de kustwachtcutter Panter wordt het gezelschap overgebracht naar Aruba. Op Aruba heeft de minister een ontmoeting met gouverneur Fredis Refunjol en premier Mike Eman. Daarna brengt zij een bezoek aan de Marinierskazerne Savaneta. Daar spreekt Hennis-Plasschaert met de mariniers van de 32ste Infanteriecompagnie. Deze eenheid staat permanent gereed voor orkaannoodhulp in het Caribisch Gebied. Ook brengt ze een bezoek aan het kustwachtsteunpunt Aruba en het Arubaanse Sociaal Vormende Traject.
Bonaire
De bewindsvrouw sluit haar werkbezoek af op Bonaire. Daar heeft ze onder meer bilateraal overleg met waarnemend gezaghebber Peter Silberie en rijksvertegenwoordiger voor de BES eilanden, Wilbert Stolte. Tot slot brengen Hennis-Plasschaert en Middendorp een bezoek aan de marechausseebrigade die verantwoordelijk is voor douanetaken.
(Versgeperst, 4 maart 2013)
CURAÇAO – Defensieminister Jeanine Hennis-Plasschaert en de Commandant der Strijdkrachten, generaal Tom Middendorp, brengen deze week een werkbezoek aan Aruba, Bonaire en Curaçao. De bewindsvrouw laat zich dan uitgebreid voorlichten over de Koninklijke Marine en Kustwacht in het Caribisch Gebied.
Het werkbezoek begint dinsdag op Curaçao, waar de minister onder meer spreekt met premier Daniel Hodge. Op Marinebasis Parera gaat de Commandant der Zeemacht in het Caribisch Gebied, brigadegeneraal der mariniers Dick Swijgman, Hennis-Plasschaert informeren over de werkwijze van de marine en kustwacht in de regio en de lopende counterdrugsoperaties. Ook volgt een uitgebreide rondleiding over de basis, waar de minister onder andere spreekt met de landmachtcompagnie, het personeel dat het varend en rijdend materieel onderhoudt en de bemanning van Hr.Ms. Pelikaan. Op Marinierskazerne Suffisant maakt de minister van defensie kennis met de miliciens in opleiding.
Aruba
Met de kustwachtcutter Panter wordt het gezelschap overgebracht naar Aruba. Op Aruba heeft de minister een ontmoeting met gouverneur Fredis Refunjol en premier Mike Eman. Daarna brengt zij een bezoek aan de Marinierskazerne Savaneta. Daar spreekt Hennis-Plasschaert met de mariniers van de 32ste Infanteriecompagnie. Deze eenheid staat permanent gereed voor orkaannoodhulp in het Caribisch Gebied. Ook brengt ze een bezoek aan het kustwachtsteunpunt Aruba en het Arubaanse Sociaal Vormende Traject.
Bonaire
De bewindsvrouw sluit haar werkbezoek af op Bonaire. Daar heeft ze onder meer bilateraal overleg met waarnemend gezaghebber Peter Silberie en rijksvertegenwoordiger voor de BES eilanden, Wilbert Stolte. Tot slot brengen Hennis-Plasschaert en Middendorp een bezoek aan de marechausseebrigade die verantwoordelijk is voor douanetaken.
(Versgeperst, 4 maart 2013)
maandag 18 februari 2013
Blog CDS: 'Bezint eer ge begint'
![]() |
| Generaal Middendorp Foto: Defensie |
De strategische analyse “Verkenningen” was daarvoor de eerste aanzet. In deze stevige studie zijn de grote uitdagingen van de komende jaren geschetst. Schaarste aan grondstoffen, energie en water bijvoorbeeld. De opkomst van nieuwe wereldmachten en de verschuiving van de Amerikaanse militaire en economische focus.
De onvoorspelbaarheid van conflicten speelt eveneens een cruciale rol. De bloedige revoluties in de Arabische wereld bijvoorbeeld heeft niemand zo voorspeld, Het zijn ontwikkelingen die impact hebben op onze veiligheid en welvaart en waar we op in moeten kunnen spelen.
Dat vereist een krachtige, goed doordachte en internationaal inpasbare krijgsmacht. Want alleen met de optimale mix aan militaire capaciteiten, kun je ook de mix aan dreigingen en uitdagingen het hoofd bieden.
Wij als Nederlandse militairen zijn ambitieus. We willen alles kunnen en als het aan ons ligt, kunnen we ook alles. Dat is de ‘can-do’ mentaliteit die ons sterk maakt. Omdat wij als geen ander zien wat de positieve effecten zijn van ons werk voor Nederland. Ook wij houden de naam van Nederland in het buitenland hoog. Wij zorgen voor veiligheid en stabiliteit, invloed en goodwill die anderen – zoals het bedrijfsleven – vervolgens te gelde kunnen maken.
Dankzij die diepe loyaliteit aan het rood-wit-blauw staat de Nederlandse krijgsmacht nog altijd op hoog niveau. Je wilt je land gewoon zo goed mogelijk dienen, ook al zijn de omstandigheden soms zwaar, ook al wordt er ingrijpend gereorganiseerd en bezuinigd.
Maar we kunnen nog zo ambitieus en professioneel zijn bij de krijgsmacht, het is aan de politiek om keuzes te maken over taken, ambities en ook budget van de krijgsmacht. Wat moet Nederland militair gezien zelf kunnen, wat gaan we samen doen met andere landen.
Het is van groot belang hier niet over een nacht ijs te gaan. Want een krijgsmacht afbreken doe je zo, dat is in een achternamiddag geregeld. Maar een krijgsmacht opbouwen duurt vele jaren.
Bezint eer ge begint, is wat mij betreft een belangrijk uitgangspunt, net als vasthouden aan kwaliteit en het behalen van maximaal rendement op elke belastingeuro die wij bij Defensie mogen besteden.
Steeds meer bouwstenen voor die keuze komen naar voren waarover hoogambtelijke en ministeriële commissies zich buigen. Rapporten van denktanks als HCSS en Clingendael bijvoorbeeld. Maar ook het rapport van de Algemene Rekenkamer.
Het is mijn verantwoordelijkheid om als hoogste militaire autoriteit in Nederland de militaire stem te laten horen. Want uiteindelijk kunnen er nog zoveel analyses worden gemaakt, het moet militair-strategisch en in de militaire uitvoering voor mijn commandanten van de Marine, Landmacht, Luchtmacht en Marechaussee wél werken.
De wetenschappelijke, politieke én militaire analyses moeten dus tezamen gewogen worden.
Zo’n weging moet leiden tot een goed onderbouwd beeld over een toekomstige krijgsmacht die ook daadwerkelijk in staat is de gestelde ambities waar te maken. Daarbij doe ik geen concessies in de kwaliteit van ons werk. Wat wij doen moeten we goed kunnen doen. Daarvoor is ons werk te belangrijk.
Generaal Tom Middendorp
Commandant der Strijdkrachten
18 februari 2013
https://www.facebook.com/Commandantderstrijdkrachten
(ministerie van Defensie, 18 februari 2013)
zaterdag 24 november 2012
Blog CDS: De ‘gouden driehoek’
Het is een bijzondere novembermaand voor Defensie. Een nieuwe minister, Jeanine Hennis-Plasschaert. En een nieuwe secretaris-generaal, Erik Akerboom, voorheen Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid. Ik zie uit naar onze samenwerking de komende jaren.
Het is geen gemakkelijke periode om bij Defensie te beginnen. Want ook al komt er met het nieuwe regeerakkoord geen grote schep bezuinigingen bovenop, we staan nog wel voor dezelfde uitdagingen. Zo moeten we één op de vijf functies schrappen en hoogwaardige capaciteiten inleveren. Niet omdat we ze niet nodig hebben, maar omdat we ze simpelweg niet kunnen betalen.
Tegelijkertijd wordt van ons 24 uur per dag, 7 dagen per week een belangrijke bijdrage gevraagd om Nederland vrij, veilig en welvarend te houden. We moeten, ongeacht de bezuinigingen, dus steeds de beste zijn en blijven. Dat is, laten we eerlijk zijn, een stevige opdracht.
Hoe gaan we die twee, soms tegenstrijdige gegevens, met elkaar verbinden? Een ding staat bij mij voorop. Wat we doen, moeten we ook goed doen. Ik wil geen concessies doen aan professionaliteit. Daarvoor is ons werk te belangrijk. Maar hoe zorgen we dan dat we met duizenden mensen minder, en met minder pantservoertuigen, schepen en jachtvliegtuigen, toch top en veilig blijven presteren?
Dat kan alleen door helder te kiezen en door innovatief te zijn.
De heldere keuzes komen in de visie op Defensie die de minister heeft aangekondigd en die zij binnen enkele maanden naar de Tweede Kamer zal zenden. Deze visie biedt duidelijkheid over de balans tussen taken en middelen. Een kans dus. We kijken nu niet meer door een bezuinigingsbril naar de toekomst, maar juist door een vernieuwingsbril.
Dat brengt mij bij innovatie, de ontwikkeling van nieuwe ideeën en de ontwikkeling van nieuwe systemen en uitrustingen. Vernieuwing dus. Daar werken we binnen de krijgsmacht hard aan, samen met bedrijfsleven en kennisinstituten, ook wel de Gouden Driehoek genoemd.
Er zijn al mooie voorbeelden van onze samenwerking. Bijvoorbeeld het Verbeterd Operationeel Soldaat Systeem (VOSS). De nieuwe uitrusting is lichter, slimmer en heeft minder losse onderdelen. Dit zorgt ervoor dat onze militairen straks met een minder zware en slimmere uitrusting kunnen werken én dat ze meer ‘situational awareness’ hebben. Zo vergroten we onze slagkracht én onze veiligheid.
Een ander voorbeeld: het trendsettende patrouilleschip Hr. Ms. Holland, met één geïntegreerde mast voor alle sensor-, communicatie- en radarsystemen. Het schip is twee weken geleden bekroond tot ‘Schip van het Jaar’ en niet voor niets. Het schip wordt ook verkocht aan andere landen en draagt daarmee rechtstreeks bij aan de Nederlandse economie. Daar kunnen we met recht trots op zijn.
Tijdens mijn toespraak op het symposium van de Nederlandse Industrie voor Defensie en Veiligheid vorige week heb ik nog enkele voorbeelden genoemd waar we in de toekomst met de Gouden Driehoek aan kunnen werken. Want veiligheid komt niet zomaar uit de lucht vallen. We moeten blijven vernieuwen om goed te blijven en innovatie is daarbij de sleutel tot succes.
Met de krijgsmacht heeft Nederland goud in handen, en met de Gouden Driehoek ook!
Generaal Tom Middendorp,
Commandant der Strijdkrachten
(ministerie van Defensie, 23 november 2012)
![]() |
| Generaal Middendorp |
Tegelijkertijd wordt van ons 24 uur per dag, 7 dagen per week een belangrijke bijdrage gevraagd om Nederland vrij, veilig en welvarend te houden. We moeten, ongeacht de bezuinigingen, dus steeds de beste zijn en blijven. Dat is, laten we eerlijk zijn, een stevige opdracht.
Hoe gaan we die twee, soms tegenstrijdige gegevens, met elkaar verbinden? Een ding staat bij mij voorop. Wat we doen, moeten we ook goed doen. Ik wil geen concessies doen aan professionaliteit. Daarvoor is ons werk te belangrijk. Maar hoe zorgen we dan dat we met duizenden mensen minder, en met minder pantservoertuigen, schepen en jachtvliegtuigen, toch top en veilig blijven presteren?
Dat kan alleen door helder te kiezen en door innovatief te zijn.
De heldere keuzes komen in de visie op Defensie die de minister heeft aangekondigd en die zij binnen enkele maanden naar de Tweede Kamer zal zenden. Deze visie biedt duidelijkheid over de balans tussen taken en middelen. Een kans dus. We kijken nu niet meer door een bezuinigingsbril naar de toekomst, maar juist door een vernieuwingsbril.
Dat brengt mij bij innovatie, de ontwikkeling van nieuwe ideeën en de ontwikkeling van nieuwe systemen en uitrustingen. Vernieuwing dus. Daar werken we binnen de krijgsmacht hard aan, samen met bedrijfsleven en kennisinstituten, ook wel de Gouden Driehoek genoemd.
Er zijn al mooie voorbeelden van onze samenwerking. Bijvoorbeeld het Verbeterd Operationeel Soldaat Systeem (VOSS). De nieuwe uitrusting is lichter, slimmer en heeft minder losse onderdelen. Dit zorgt ervoor dat onze militairen straks met een minder zware en slimmere uitrusting kunnen werken én dat ze meer ‘situational awareness’ hebben. Zo vergroten we onze slagkracht én onze veiligheid.
Een ander voorbeeld: het trendsettende patrouilleschip Hr. Ms. Holland, met één geïntegreerde mast voor alle sensor-, communicatie- en radarsystemen. Het schip is twee weken geleden bekroond tot ‘Schip van het Jaar’ en niet voor niets. Het schip wordt ook verkocht aan andere landen en draagt daarmee rechtstreeks bij aan de Nederlandse economie. Daar kunnen we met recht trots op zijn.
Tijdens mijn toespraak op het symposium van de Nederlandse Industrie voor Defensie en Veiligheid vorige week heb ik nog enkele voorbeelden genoemd waar we in de toekomst met de Gouden Driehoek aan kunnen werken. Want veiligheid komt niet zomaar uit de lucht vallen. We moeten blijven vernieuwen om goed te blijven en innovatie is daarbij de sleutel tot succes.
Met de krijgsmacht heeft Nederland goud in handen, en met de Gouden Driehoek ook!
Generaal Tom Middendorp,
Commandant der Strijdkrachten
(ministerie van Defensie, 23 november 2012)
vrijdag 3 augustus 2012
Commandant der Strijdkrachten in Afghanistan en Afrika
![]() |
| Generaal Tom Middendorp |
Middendorp uitte overal zijn waardering voor het goede en bijzondere werk van de Nederlanders ver van huis. “We zitten in een hele moeilijke periode met veel onzekerheid. Ik begrijp en deel uw zorgen. Daar moeten wij samen doorheen”, refereerde hij aan de bezuinigingen en reorganisatie bij Defensie.
Jachtvliegtuigen
De CDS ging als eerst naar het luchtmachtdetachement met 4 F-16’s in Mazar-e-Sharif. De jachtvliegtuigen staan daar paraat voor de politietrainingsmissie en verzamelen inlichtingen met het fotoverkenningsysteem RecceLite en verlenen luchtsteun aan ISAF-troepen. Mazar-e-Sharif huisvest ook het National Support Element dat zorgt voor de logistiek.
Voetpatrouille
Tijdens een voetpatrouille in het district Khanabad in de provincie Kunduz, kreeg Middendorp een duidelijk beeld van de Police Operational Mentor and Liasion Teams. “Het is goed om met eigen ogen te zien hoe gedreven mijn mensen en de Afghaanse agenten het werk doen. Dat geeft ook vertrouwen in de transitie naar 2014 wanneer de Afghaanse overheid zelf de verantwoordelijkheid neemt.”Na nog een stop in Kabul waar hij te gast was op het ministerie van binnenlandse zaken en de Nederlandse ambassade vloog hij door naar Afrika.
Djibouti
Het amfibisch transportschip Hr. Ms. Rotterdam lost morgen Hr. Ms. Evertsen af als NAVO-vlaggenschip voor de antipiraterij-missie Ocean Shield. Middendorp: “Mede dankzij uw inspanning worden er minder schepen gekaapt en minder onschuldige mensen gegijzeld. Piraterij bedreigt onze welvaart. Die is afhankelijk van vrije handel en onbedreigd transport over zee. Met de inspanningen tegen piraterij boeken we echter concrete resultaten. Daar mag u trots op zijn.”
Omdat de marechaussee is ingezet voor de politietrainingsmissie in de provincie Kunduz, vergezelde commandant van de Koninklijke Marechaussee luitenant-generaal Hans Leijtens, Middendorp tijdens de reis.
(ministerie van Defensie, 3 augustus 2012)
Labels:
Afghanistan,
Air Task Force,
CDS,
Commandant der Strijdkrachten,
Hr. Ms. Evertsen,
Hr. Ms. Rotterdam,
Kunduz,
NAVO,
Ocean Shield,
piraterij,
politietrainingsmissie,
Somalië,
Tom Middendorp
vrijdag 29 juni 2012
Nieuwe CDS: 'Echte klap bij Defensie zal nog moeten komen'
George Marlet
De nieuwe commandant der strijdkrachten (CDS), generaal Tom Middendorp, maakt zich zorgen over het effect van de bezuinigingen op Defensie.
Op het defensiebudget wordt zeker een miljard euro gekort en afhankelijk van de verkiezingsuitslag mogelijk nog meer. "De 1 miljard euro zijn dan misschien al ingeboekt, maar de echte klap, waarbij we 12.000 functies moeten schrappen, oftewel één op de vijf, moet nog komen, als de gedwongen ontslagen namen en gezichten gaan krijgen", zei Middendorp gisteren.
{lees meer in Trouw:]
(Trouw, 29 juni 2012)
De nieuwe commandant der strijdkrachten (CDS), generaal Tom Middendorp, maakt zich zorgen over het effect van de bezuinigingen op Defensie.
Op het defensiebudget wordt zeker een miljard euro gekort en afhankelijk van de verkiezingsuitslag mogelijk nog meer. "De 1 miljard euro zijn dan misschien al ingeboekt, maar de echte klap, waarbij we 12.000 functies moeten schrappen, oftewel één op de vijf, moet nog komen, als de gedwongen ontslagen namen en gezichten gaan krijgen", zei Middendorp gisteren.
{lees meer in Trouw:]
(Trouw, 29 juni 2012)
Abonneren op:
Posts (Atom)





