donderdag 7 juni 2012

Eindevaluatie Nederlandse bijdrage Operatie Althea


5 Conclusies

De militaire opdracht van EUFOR Althea was door afschrikking de voormalig strijdende partijen ervan te weerhouden het conflict opnieuw aan te gaan en erop toe te zien dat de Dayton-akkoorden werden nageleefd zodat een veilige en stabiele omgeving in Bosnië-Herzegovina werd gecreëerd dan wel geconsolideerd. De missie is geslaagd in de uitvoering van deze opdracht. Tegelijkertijd is de politieke situatie in de periode 2004-2011 niet wezenlijk veranderd. De etnische verschillen bleven in de politiek een grote rol spelen. De voor de EU-toenadering van het land benodigde hervormingen (grondwet en anderszins) zijn tijdens de evaluatieperiode grotendeels uitgebleven.

Nederland heeft gedurende de evaluatieperiode bijgedragen aan het opbouwproces van Bosnië-Herzegovina. Met uitzondering van het Srebrenicaprogramma is het Nederlandse OS-programma in het land nu beëindigd. Wel blijft Nederland via Matra bijdragen aan de maatschappelijke transitie. De EU draagt voor circa € 100 miljoen per jaar bij aan de voor EU-toenadering benodigde hervormingen in Bosnië-Herzegovina. Het EU- en NAVO-toetredingsperspectief vormde in de periode 2004-2011 een belangrijk instrument voor de bevordering van duurzame stabiliteit in Bosnië-Herzegovina. Het land is er tijdens deze periode echter niet in geslaagd aan de voor verdere toenadering vereiste voorwaarden te voldoen. De Bosnische autoriteiten hebben tijdens de evaluatieperiode adequaat samengewerkt met de missie EUFOR Althea in de zoektocht naar de resterende ICTY-voortvluchtigen.

De Nederlandse eenheden hebben bijgedragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen van EUFOR Althea. De Nederlandse eenheden waren geschikt en beschikbaar voor het uitvoeren van de missie. Het mandaat en de rechtsbasis voor de Nederlandse bijdrage aan EUFOR Althea waren helder en eenduidig en gebaseerd op hoofdstuk VII van het Handvest van de VN. EUFOR Althea is een missie waaraan door een groot aantal landen is bijgedragen. Nederland was gedurende de evaluatieperiode in alle relevante politieke en militaire organen vertegenwoordigd en kon via deze organisaties invloed op de missie uitoefenen.

De eenheden maakten van 2004 tot 2007 deel uit van de Multinational Taskforce North West (MNTF NW). Na 2007 bestond de Nederlandse militaire bijdrage aan EUFOR hoofdzakelijk uit Liaison and Observation Teams. Daarnaast heeft Nederland een bijdrage geleverd aan de IPU en de CBTD. De Rules of Engagement waren voldoende robuust en de geweldsinstructies waren duidelijk. Mede door de Berlijnplus afspraken was de bevelstructuur duidelijk en geschikt voor het aansturen van de missie. De risico’s gedurende de evaluatieperiode waren beheersbaar. Nederlandse eenheden zijn niet blootgesteld aan onaanvaardbare risico’s. Tijdens de evaluatieperiode hebben de voormalig strijdende partijen het conflict niet hervat.

(Uit: Eindevaluatie EUFOR Althea Nederlandse bijdrage, Kamerstuk d.d. 6 juni 2012, 22 pagina's)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen