Afgelopen vrijdag voerde de bemanning van het marinefregat Hr. Ms. Van Amstel een boarding uit op een verdachte zogeheten dhow. Het scheepje sleepte 2 skiffs mee voor de kust van Somalië. De 17 gegijzelde bemanningsleden zijn bevrijd en de 11 van piraterij verdachte Somaliërs zijn samen met de gevonden wapens overgebracht naar de Van Amstel.
In regio
Nederland verwelkomt het besluit van de Seychellen om het elftal te vervolgen en zo berechting in de regio mogelijk te maken. De overdracht van de Somaliërs aan de autoriteiten van de Seychellen heeft zo snel mogelijk plaats.
Atalanta
Operatie Atalanta, waar de Van Amstel aan deelneemt, is een missie van de Europese Unie en richt zich op bestrijding van piraterij voor de kust van Somalië. Hr. Ms. Van Amstel telt een 165-koppige bemanning en staat onder leiding van kapitein-luitenant-ter-zee Hans Veerbeek.
(ministerie van Defensie, 16 mei 2012)
woensdag 16 mei 2012
dinsdag 15 mei 2012
Rutte neemt deel aan NAVO-top in Chicago
Minister-president Rutte bezoekt, samen met minister Rosenthal van Buitenlandse Zaken en minister Hillen van Defensie, op 20 en 21 mei de NAVO-top in Chicago.
Tijdens de top wordt onder andere gesproken over het zogeheten Strategisch Plan voor Afghanistan. Het transitieproces in Afghanistan moet in 2014 zijn afgerond, wanneer de Afghaanse regering weer zelf de integrale verantwoordelijkheid draagt voor de veiligheid in heel het land. Dit betekent een andere NAVO rol na 2014 met de nadruk op ondersteuning en training van de Afghaanse veiligheidsinstanties.
Ook spreken de bondgenoten in Chicago over de rol die de NAVO speelt bij hedendaagse dreigingen, zoals terrorisme, massavernietigingswapens en cyberaanvallen. Deze aanpassing van de NAVO aan nieuwe dreigingen is in 2010 ingezet.
Daarnaast komen mogelijkheden aan de orde om de samenwerking tussen NAVO-landen te intensiveren. In veel NAVO-landen wordt momenteel bezuinigd op Defensie. Gezamenlijke inkoop, bijvoorbeeld voor onderhoud, kan bijdragen aan meer efficiëntie. De mogelijkheden om op dit terrein samen te werken worden samengevat onder het begrip ‘Smart Defence’.
Voorafgaand aan de NAVO-top spreekt minister-president Rutte zaterdag 19 mei op een bijeenkomst van de Chicago Council on Global Affairs, een denktank voor internationale verhoudingen, over het belang van de trans-Atlantische verhouding nu en in de toekomst. Zondagochtend 20 mei bezoekt de minister-president de Mikva Challenge. Hij spreekt met een groep studenten uit Chicago die dankzij dit initiatief actief betrokken worden bij politieke en de publieke zaken.
(Rijksoverheid, 15 mei 2012)
Tijdens de top wordt onder andere gesproken over het zogeheten Strategisch Plan voor Afghanistan. Het transitieproces in Afghanistan moet in 2014 zijn afgerond, wanneer de Afghaanse regering weer zelf de integrale verantwoordelijkheid draagt voor de veiligheid in heel het land. Dit betekent een andere NAVO rol na 2014 met de nadruk op ondersteuning en training van de Afghaanse veiligheidsinstanties.
Ook spreken de bondgenoten in Chicago over de rol die de NAVO speelt bij hedendaagse dreigingen, zoals terrorisme, massavernietigingswapens en cyberaanvallen. Deze aanpassing van de NAVO aan nieuwe dreigingen is in 2010 ingezet.
Daarnaast komen mogelijkheden aan de orde om de samenwerking tussen NAVO-landen te intensiveren. In veel NAVO-landen wordt momenteel bezuinigd op Defensie. Gezamenlijke inkoop, bijvoorbeeld voor onderhoud, kan bijdragen aan meer efficiëntie. De mogelijkheden om op dit terrein samen te werken worden samengevat onder het begrip ‘Smart Defence’.
Voorafgaand aan de NAVO-top spreekt minister-president Rutte zaterdag 19 mei op een bijeenkomst van de Chicago Council on Global Affairs, een denktank voor internationale verhoudingen, over het belang van de trans-Atlantische verhouding nu en in de toekomst. Zondagochtend 20 mei bezoekt de minister-president de Mikva Challenge. Hij spreekt met een groep studenten uit Chicago die dankzij dit initiatief actief betrokken worden bij politieke en de publieke zaken.
(Rijksoverheid, 15 mei 2012)
VN-missie in Zuid-Soedan
Met de oprichting van de nieuwe staat Zuid-Soedan op 9 juli 2011 eindigde UNMIS (UN Mission in Sudan) en begon UNMISS (UN Mission in the Republic of South Sudan). Nederland neemt met 30 mensen, van wie 3 politieagenten, 24 militairen en 3 civiele experts, deel aan de missie die de opbouw en ontwikkeling van ’s werelds jongste land tot doel heeft.Luitenant-kolonel Bart van den Bosch is de hoogste Nederlandse militair in de missie: “Het is een nieuwe missie met een nieuwe taak. UNMIS was gericht op het uit elkaar houden van de strijdende partijen, terwijl UNMISS met dubbel ‘s’ gericht is op het opbouwen van Zuid-Soedan tot een zelfstandig land.”
Kinderschoenen
Die opbouw en ontwikkeling gaan volgens Bart van den Bosch met vallen en opstaan. “Het land doet erg zijn best een volwaardig land te worden, maar bijvoorbeeld aan de manier waarop wordt omgegaan met provocaties, merk je dat ze net zijn voortgekomen uit een bevrijdingsguerrilla. Ook wordt aan beide zijden teruggekomen op afspraken, weggelopen van onderhandelingen en veel (dreigende) retoriek gebruikt, die soms wordt omgezet in daden.” Dit heeft ook zijn weerslag op het werk van de VN legt Van den Bosch uit. “Het is een jonge natie en alles staat er in de kinderschoenen. De opbouw van het politieapparaat gebeurt bijvoorbeeld echt vanaf nul. En in een land met een van de hoogste percentages analfabetisme, betekent dit dat de lessen die de marechaussees geven vaak erg basic zijn, met handen en voeten.”
Straf en discipline
Van den Bosch vervult de functie van legal advisor van de VN-commandant. “Ik houd me bezig met alle juridische zaken van de militaire tak van UNMISS. Denk aan vragen over geweldsaanwending, straf en disciplinaire zaken en uitleg van het mandaat. Ook heb ik contact met het Zuid-Soedanese leger in opbouw over het opzetten van een militair rechtssysteem.”
Veilig
In totaal bestaat de missie uit maximaal 900 politiemensen, 900 civiele experts en 7000 militairen. De VN-militairen hebben onder andere tot taak het VN-personeel te beschermen. Van de Nederlandse militairen en politiefunctionarissen werken er 10 in de hoofdstad Juba en 17 op 7 locaties verspreid op het land. “De 7 stafofficieren, onder wie ikzelf, en 3 marechaussees werken in de hoofdstad. De anderen verspreid over het land, maar niet in het gebied langs de noordgrens waar het geweld recent oplaaide. UNMISS concentreert zich puur op Zuid-Soedan zelf dus daar hebben we weinig mee te maken. Voor ons is het hier relatief veilig. De mensen zien ons echt als vertegenwoordigers van de internationale gemeenschap die komen helpen. Natuurlijk zijn er plekken waar we ’s nachts niet moeten komen, maar dat heeft puur te maken met criminaliteit en armoede. Qua dreiging is het onvergelijkbaar met missies zoals in Afghanistan.”
![]() |
| Russisch UNMISS-contigent |
Met de onafhankelijkheid waren een aantal zaken nog niet opgelost, zoals de exacte bepaling van de grens, de schuldenlast en de olie-inkomsten. Van den Bosch: “Soedan vraagt een veel hogere prijs voor het transport van olie over hun land, maar zij zien het ook als hun olie. Zuid-Soedan dat het gros van de olie heeft, zou het wel via een ander land willen transporteren, maar daar is infrastructuur voor nodig en daar is geen geld voor. Het resultaat is dat de oliekraan nu helemaal dicht is en niemand iets verdiend. Toch ben ik gematigd optimistisch. Het besef is er dat ze er uiteindelijk via onderhandelingen uit moeten komen. Er is alleen een lange adem nodig.”
(ministerie van Defensie, 15 mei 2012)
Labels:
Koninklijke Marechaussee,
krijgsmacht,
politie,
Soedan,
UNMISS,
Zuid-Soedan,
Zuid-Sudan
Locatie:
Djoeba, Zuid-Soedan
EU Naval Force Delivers Blow Against Somali Pirates On Shoreline
(EUNAVFOR meldt de eerste (lucht)aanval op uitrusting van Somalische piraten op de kust. Dit kan op grond van het onlangs uitgebreid mandaat. Uit de tekst blijkt dat (helikopters van) tenminste twee schepen aan de aanval hebben deelgenomen. Welke is nog niet bekend gemaakt, hdv)
EU Naval Force Delivers Blow Against Somali Pirates On Shoreline
Earlier today, following the decision taken on 23 March 2012 by the Council of the European Union to allow the EU Naval Force to take disruption action against known pirate supplies on the shore, EU forces conducted an operation to destroy pirate equipment on the Somali coastline.
The operation was conducted in accordance with the United Nations Security Council Resolution 1851 and has the full support of the Transitional Federal Government of Somalia. The focused, precise and proportionate action was conducted from the air and all forces returned safely to EU warships on completion. Whilst assessment is on-going, surveillance of the area during the action indicates that no Somalis were injured ashore as a result of EU action.
Speaking about the operation, the Operation Commander of the EU Naval Force, Rear Admiral Duncan Potts said “We believe this action by the EU Naval Force will further increase the pressure on, and disrupt pirates’ efforts to get out to sea to attack merchant shipping and dhows. The local Somali people and fishermen – many of whom have suffered so much because of piracy in the region, can be reassured that our focus was on known pirate supplies and will remain so in the future.”
At no point did EU Naval Force ‘boots’ go ashore. Rear Admiral Potts went on to say “The EU Naval Force action against pirate supplies on the shoreline is merely an extension of the disruption actions carried out against pirate ships at sea, and Operation Atalanta remains committed to fighting piracy off the Horn of Africa and the humanitarian mission of protecting World Food Programme ships that bring vital aid to the Somali people.”
Operation Atalanta is part of the EU’s comprehensive approach to tackling symptoms and root causes of piracy in the Horn of Africa and the EU strategic framework for that region adopted in November 2011. Currently there are 9 warships in the EU Naval Force and 5 Maritime Patrol Aircraft.
The reach of Somali pirates is vast; they have attacked merchant ships up to 1,750 miles off the Somali coast. Preventing them getting out to sea is a crucial step in removing their impunity ashore and to further the success of counter-piracy operations.
(EUNAVFOR, 15 May 2012)
EU Naval Force Delivers Blow Against Somali Pirates On Shoreline
Earlier today, following the decision taken on 23 March 2012 by the Council of the European Union to allow the EU Naval Force to take disruption action against known pirate supplies on the shore, EU forces conducted an operation to destroy pirate equipment on the Somali coastline.
The operation was conducted in accordance with the United Nations Security Council Resolution 1851 and has the full support of the Transitional Federal Government of Somalia. The focused, precise and proportionate action was conducted from the air and all forces returned safely to EU warships on completion. Whilst assessment is on-going, surveillance of the area during the action indicates that no Somalis were injured ashore as a result of EU action.
Speaking about the operation, the Operation Commander of the EU Naval Force, Rear Admiral Duncan Potts said “We believe this action by the EU Naval Force will further increase the pressure on, and disrupt pirates’ efforts to get out to sea to attack merchant shipping and dhows. The local Somali people and fishermen – many of whom have suffered so much because of piracy in the region, can be reassured that our focus was on known pirate supplies and will remain so in the future.”
At no point did EU Naval Force ‘boots’ go ashore. Rear Admiral Potts went on to say “The EU Naval Force action against pirate supplies on the shoreline is merely an extension of the disruption actions carried out against pirate ships at sea, and Operation Atalanta remains committed to fighting piracy off the Horn of Africa and the humanitarian mission of protecting World Food Programme ships that bring vital aid to the Somali people.”
Operation Atalanta is part of the EU’s comprehensive approach to tackling symptoms and root causes of piracy in the Horn of Africa and the EU strategic framework for that region adopted in November 2011. Currently there are 9 warships in the EU Naval Force and 5 Maritime Patrol Aircraft.
The reach of Somali pirates is vast; they have attacked merchant ships up to 1,750 miles off the Somali coast. Preventing them getting out to sea is a crucial step in removing their impunity ashore and to further the success of counter-piracy operations.
(EUNAVFOR, 15 May 2012)
maandag 14 mei 2012
Minister Hillen bepleit "nieuw elan" NAVO
Minister Hans Hillen van Defensie spant zich in voor nieuw elan voor de NAVO. Want, zo zei Hillen vanmiddag in Nieuwspoort. “Driekwart eeuw na oorlog en wederopbouw en al weer bijna een kwart eeuw na het wegzakken van het IJzeren Gordijn, is de schwung een beetje uit de grotere internationale lichamen.”
Instituties als de NAVO zijn opgebouwd in reactie op geweld en onrecht. In hun beginjaren werden zij dan ook met veel idealisme en elan gedragen. Door bureaucratisering en ogenschijnlijke afwezigheid van grote bedreigingen is de publieke waardering echter afgenomen. Hillen bepleit dan ook een strijd om de hearts and minds van de eigen bevolking. “Toen ik mijn handtekening zette onder de samenwerkingsovereenkomst met mijn collega’s uit België en Luxemburg, dacht ik: ja, hier gaan we enthousiast over vertellen. Ik hoop dat we volgend jaar samen een grote militaire oefening kunnen doen.’’
Vooravond
De minister sprak op uitnodiging van de Atlantische Commissie aan de vooravond van de belangrijke NAVO-top die komend weekeinde in Chicago wordt gehouden. Hillen sprak hierbij ook zijn zorg uit over de toenemende ‘uitbesteding van geweld’ aan beveiligingsbedrijven en huurlingen. Een tweede thema dat hij in Chicago op de agenda wil hebben. “De overheid ruikt geen handel bij onveiligheid. Private ondernemingen juist wel. Zij beschermen, zeker. Vaak ook heel professioneel. Maar hoe meer ellende, hoe meer omzet….’’
Klaarwakker
Juist nu onzekerheid en onveiligheid toenemen moet de democratische rechtsstaat volgens de minister klaarwakker en paraat zijn. Dit vraagt echter om voldoende overheidsgeld, een andere zorg van de minister. “De Westerse landen bezuinigen stevig op Defensie. Heel stevig. Omdat we denken dat het minder kan. Omdat we denken dat veiligheid vanzelfsprekend is.”
Draagvlak
Meer internationale samenwerking is een manier om die bezuinigingen enigszins op te vangen. Dit is dan ook het derde thema dat minister Hillen op de Chicago-agenda wil. “Samenwerken is veel waardevoller dan alleen het budgettaire voordeel. Het vergroot de slagkracht, maar nog belangrijker: de verbondenheid. Dat is niet alleen goed voor de onderlinge samenhang, maar ook goed voor het politiek en maatschappelijk draagvlak.’’
Verplichtingen
Tegelijkertijd schept samenwerken ook verplichtingen. Je kunt niet zomaar schrappen, bijvoorbeeld met betrekking tot de opvolging van de F-16, vindt Hillen. ,,Fantaseren over het afzien van een dergelijke investering lijkt best veel geld op te leveren. Maar eigenlijk zeggen we dan tegen de landen om ons heen: knappen jullie het ook voor ons op als onze soldaten, thuis of elders, moeten vechten en in de problemen komen? Want wij vinden dat te duur.’’
(ministerie van Defensie, 14 mei 2012)
Volledige tekst toespraak minister Hillen op de bijeenkomst over de NAVO-top in Chicago van de Atlantische Commissie.
Instituties als de NAVO zijn opgebouwd in reactie op geweld en onrecht. In hun beginjaren werden zij dan ook met veel idealisme en elan gedragen. Door bureaucratisering en ogenschijnlijke afwezigheid van grote bedreigingen is de publieke waardering echter afgenomen. Hillen bepleit dan ook een strijd om de hearts and minds van de eigen bevolking. “Toen ik mijn handtekening zette onder de samenwerkingsovereenkomst met mijn collega’s uit België en Luxemburg, dacht ik: ja, hier gaan we enthousiast over vertellen. Ik hoop dat we volgend jaar samen een grote militaire oefening kunnen doen.’’
Vooravond
De minister sprak op uitnodiging van de Atlantische Commissie aan de vooravond van de belangrijke NAVO-top die komend weekeinde in Chicago wordt gehouden. Hillen sprak hierbij ook zijn zorg uit over de toenemende ‘uitbesteding van geweld’ aan beveiligingsbedrijven en huurlingen. Een tweede thema dat hij in Chicago op de agenda wil hebben. “De overheid ruikt geen handel bij onveiligheid. Private ondernemingen juist wel. Zij beschermen, zeker. Vaak ook heel professioneel. Maar hoe meer ellende, hoe meer omzet….’’
Klaarwakker
Juist nu onzekerheid en onveiligheid toenemen moet de democratische rechtsstaat volgens de minister klaarwakker en paraat zijn. Dit vraagt echter om voldoende overheidsgeld, een andere zorg van de minister. “De Westerse landen bezuinigen stevig op Defensie. Heel stevig. Omdat we denken dat het minder kan. Omdat we denken dat veiligheid vanzelfsprekend is.”
Draagvlak
Meer internationale samenwerking is een manier om die bezuinigingen enigszins op te vangen. Dit is dan ook het derde thema dat minister Hillen op de Chicago-agenda wil. “Samenwerken is veel waardevoller dan alleen het budgettaire voordeel. Het vergroot de slagkracht, maar nog belangrijker: de verbondenheid. Dat is niet alleen goed voor de onderlinge samenhang, maar ook goed voor het politiek en maatschappelijk draagvlak.’’
Verplichtingen
Tegelijkertijd schept samenwerken ook verplichtingen. Je kunt niet zomaar schrappen, bijvoorbeeld met betrekking tot de opvolging van de F-16, vindt Hillen. ,,Fantaseren over het afzien van een dergelijke investering lijkt best veel geld op te leveren. Maar eigenlijk zeggen we dan tegen de landen om ons heen: knappen jullie het ook voor ons op als onze soldaten, thuis of elders, moeten vechten en in de problemen komen? Want wij vinden dat te duur.’’
(ministerie van Defensie, 14 mei 2012)
Volledige tekst toespraak minister Hillen op de bijeenkomst over de NAVO-top in Chicago van de Atlantische Commissie.
BENELUX-verklaring over samenwerking op defensievlak
De Minister van Landsverdediging van het Koninkrijk België;
De Minister ven Defensie van het Groothertogdom Luxemburg;
De Minister van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden:
De trilaterale samenwerking tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden is sinds lange tijd een lichtend voorbeerd op het vlak van samenwerking in Europa. Op vele gebieden heeft de BENELUX zijn waarde bewezen en dit geldt ook in toenemende mate op veiligheids- en defensiegebied.
Het spanningsveld tussen operationele behoeften enerzijds en krimpende defensiebudgetten anderzijds heeft gereid tot het zogenaamde Gent-Initiatief, dat in EU-verband een uitbrelding van de defensiesamenwerking nastreeft. Volgens dezelfde gedachtegang en vanuit de gezamenlijke bezorgdheid om de doelmatigheid van onze defensie-inspanningen te verbeteren, hebben we besloten verder te bouwen op de BENELUX overeenkomst van 1987 betreffende samenwerking en coördinatie op defensiegebied. Het is onze gemeenschappelijke doelstelling om de militaire doeltreffendheid te verhogen door onze strijdkrachten dichter bij elkaar te brengen, kosten waar mogelijk te delen en de output te vergroten ten gunste van onze operationele capaciteiten.
We zijn klaar om verder te bouwen op de geintegreerde Belgisch-Nederlandse maritieme samenwerking als voorbeeld om onze samenwerking op defensiegebied verder verbreden en te verdiepen.
Het centrale uitgangspunt voor dit samenwerkingsverband is het behoud van de autonomie voor de verwezenlijking van het nationale ambitieniveau. verder zullen we streven naar een gunstige kosten-batenbalans.
Wij mandateren de politiek-militaire BENELUX Stuurgroep om de werkzaamheden namens ons te leiden. Wij moedigen het opzetten van verdere samenwerkingsmechanismen en werkgroepen op andere niyeaus aan, die aan de stuurgroep zullen rapporter. Regelmatige gezamenlijke rapportages zullen ons in staat stellen de vooruitgang te beoordelen en beslissingen te nemen waar nodig.
We respecteren bestaande samenwerkingsverbanden en we staan ervoor open om ons met andere paftners te associëren of om hen in onze respectievelijke initiatieven op te nemen We zullen ons ook inzetten om gezamenlijke standpunten na te streven binnen andere multinationale samenwerkingsinitiatieven, wanneer dit opportuun geacht wordt.
Met betrekking tot de ontplooiing van middelen en troepen voor multinationale crisisbeheersingsoperaties verbinden wij ons ertoe om elkaar vanaf een vroeg stadium in te lichten over dergelijke beslissingen.
Op dit ogenblik identificeren wij de volgende gebieden voor samenwerking:
- logistiek en onderhoud;
- opleiding en training;
- uitvoering van militaire taken;
- aanschaf van materieel.
De Minister ven Defensie van het Groothertogdom Luxemburg;
De Minister van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden:
De trilaterale samenwerking tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden is sinds lange tijd een lichtend voorbeerd op het vlak van samenwerking in Europa. Op vele gebieden heeft de BENELUX zijn waarde bewezen en dit geldt ook in toenemende mate op veiligheids- en defensiegebied.
Het spanningsveld tussen operationele behoeften enerzijds en krimpende defensiebudgetten anderzijds heeft gereid tot het zogenaamde Gent-Initiatief, dat in EU-verband een uitbrelding van de defensiesamenwerking nastreeft. Volgens dezelfde gedachtegang en vanuit de gezamenlijke bezorgdheid om de doelmatigheid van onze defensie-inspanningen te verbeteren, hebben we besloten verder te bouwen op de BENELUX overeenkomst van 1987 betreffende samenwerking en coördinatie op defensiegebied. Het is onze gemeenschappelijke doelstelling om de militaire doeltreffendheid te verhogen door onze strijdkrachten dichter bij elkaar te brengen, kosten waar mogelijk te delen en de output te vergroten ten gunste van onze operationele capaciteiten.
We zijn klaar om verder te bouwen op de geintegreerde Belgisch-Nederlandse maritieme samenwerking als voorbeeld om onze samenwerking op defensiegebied verder verbreden en te verdiepen.
Het centrale uitgangspunt voor dit samenwerkingsverband is het behoud van de autonomie voor de verwezenlijking van het nationale ambitieniveau. verder zullen we streven naar een gunstige kosten-batenbalans.
Wij mandateren de politiek-militaire BENELUX Stuurgroep om de werkzaamheden namens ons te leiden. Wij moedigen het opzetten van verdere samenwerkingsmechanismen en werkgroepen op andere niyeaus aan, die aan de stuurgroep zullen rapporter. Regelmatige gezamenlijke rapportages zullen ons in staat stellen de vooruitgang te beoordelen en beslissingen te nemen waar nodig.
We respecteren bestaande samenwerkingsverbanden en we staan ervoor open om ons met andere paftners te associëren of om hen in onze respectievelijke initiatieven op te nemen We zullen ons ook inzetten om gezamenlijke standpunten na te streven binnen andere multinationale samenwerkingsinitiatieven, wanneer dit opportuun geacht wordt.
Met betrekking tot de ontplooiing van middelen en troepen voor multinationale crisisbeheersingsoperaties verbinden wij ons ertoe om elkaar vanaf een vroeg stadium in te lichten over dergelijke beslissingen.
Op dit ogenblik identificeren wij de volgende gebieden voor samenwerking:
- logistiek en onderhoud;
- opleiding en training;
- uitvoering van militaire taken;
- aanschaf van materieel.
Labels:
Air Policing,
Benelux,
CBRN,
CIMIC,
defensiesamenwerking,
duikers,
EOD,
INFOOPS,
ISTAR,
NH90,
parachutisten,
UAS
zaterdag 12 mei 2012
EU Naval Forces rescues Iranian fishermen
On 11 May EU NAVFOR frigate HNLMS Van Amstel released a fishing dhow and her Iranian crew off the coast of Somalia. The dhow had been pirated 10 days earlier and was being used to carry out pirate attacks on merchant vessels.
Yesterday afternoon, during a surveillance flight 400 nautical miles off the Somali coast, the helicopter from Van Amstel identified the dhow towing two skiffs, with what looked like piracy-related equipment on board, such as ladders.
HNLMS Van Amstel quickly arrived at the dhow’s position and the boarding team was sent on board for investigation. After a few minutes, weapons were found and the boarding team was able to discriminate the 17 innocent Iranian crew members from 11 suspected pirates.
The fishing dhow had been pirated off the Omani coast, and is probably related to the unsuccessful attack against MV Super Lady on May 9, only two days before.
By this action, EU NAVFOR frigate Van Amstel has rendered inoperative a pirate group and its mothership. Above all the Dutch sailors freed the very relieved and happy Iranian crew, who expressed their gratitude and joy at being able to now go back home to their families.
(EUNAVFOR, 12 May 2012)
vrijdag 11 mei 2012
Marine houdt "vermoedelijke piraten" aan; bevrijdt gegijzelde bemanning
Het multipurposefregat Hr. Ms. Van Amstel heeft vrijdag een dhow met 11 vermoedelijke piraten ontwapend in het Somalisch Bassin. Aan boord troffen zij 17 gegijzelde bemanningsleden aan.
De Lynx-boordhelikopter van het fregat ontdekte tijdens een verkenningsvlucht de verdachte boot. Deze sleepte 2 skiffs met ladders aan boord. De Van Amstel zette koers naar de locatie en maakte radiocontact. Hierop stopte de dhow. Met behulp van Rhibs, snelle motorboten, stelde een speciale boarding-eenheid bestaande uit mariniers het scheepje veilig, onder waarneming van de Lynx.
Wapens en munitie
Aan boord zijn wapens en munitie aangetroffen. De door de Lynx-helikopter opgemerkte ladders waren voor de boarding overboord gezet door de verdachten. Alle voor piraterijdoeleinden bruikbare attributen zijn in beslag genomen.
De vermoedelijke piraten zijn overgebracht naar het fregat. Op dit moment voert de staf van de EU-missie Atalanta overleg over de mogelijkheden de vermeende piraten te laten berechten.
De bevrijde bemanning maakt het naar omstandigheden goed en vervolgt haar weg.
Atalanta
Operatie Atalanta is een missie van de Europese Unie en richt zich op bestrijding van piraterij voor de kust van Somalië. Hr. Ms. Van Amstel telt een 165-koppige bemanning en staat onder leiding van kapitein-luitenant-ter-zee Hans Veerbeek.
(ministerie van Defensie, 11 mei 2012)
De Lynx-boordhelikopter van het fregat ontdekte tijdens een verkenningsvlucht de verdachte boot. Deze sleepte 2 skiffs met ladders aan boord. De Van Amstel zette koers naar de locatie en maakte radiocontact. Hierop stopte de dhow. Met behulp van Rhibs, snelle motorboten, stelde een speciale boarding-eenheid bestaande uit mariniers het scheepje veilig, onder waarneming van de Lynx.
![]() |
| Hr.Ms. Van Amstel, dhow (foto Defensie) |
Wapens en munitie
Aan boord zijn wapens en munitie aangetroffen. De door de Lynx-helikopter opgemerkte ladders waren voor de boarding overboord gezet door de verdachten. Alle voor piraterijdoeleinden bruikbare attributen zijn in beslag genomen.
De vermoedelijke piraten zijn overgebracht naar het fregat. Op dit moment voert de staf van de EU-missie Atalanta overleg over de mogelijkheden de vermeende piraten te laten berechten.
De bevrijde bemanning maakt het naar omstandigheden goed en vervolgt haar weg.
![]() |
| Dhow, RHIBs, skiffs (foto Defensie) |
Atalanta
Operatie Atalanta is een missie van de Europese Unie en richt zich op bestrijding van piraterij voor de kust van Somalië. Hr. Ms. Van Amstel telt een 165-koppige bemanning en staat onder leiding van kapitein-luitenant-ter-zee Hans Veerbeek.
(ministerie van Defensie, 11 mei 2012)
woensdag 9 mei 2012
NOS: vervolging Karremans dichterbij
De kans dat voormalig Dutchbat-commandant Thom Karremans strafrechtelijk wordt vervolgd is een stuk groter geworden. De landelijke reflectiekamer heeft de top van het Openbaar Ministerie positief geadviseerd over de vervolging van Karremans, bevestigen bronnen aan de NOS. Het OM in Arnhem bevestigt dat er een advies ligt, maar wil over de inhoud ervan niets zeggen.
Enkele nabestaanden van slachtoffers van Srebrenica deden twee jaar geleden aangifte tegen Karremans, zijn plaatsvervanger Rob Franken en adjudant Berend Oosterveen wegens oorlogsmisdaden en genocide. Zij waren de leidinggevenden van Dutchbat-3, de Nederlandse VN-eenheid die in de moslimenclave Srebrenica was gelegerd. Na de inname door de Bosnisch-Servische generaal Mladic in 1995 werden door diens troepen meer dan 7000 moslimmannen vermoord.
Meegeholpen
De nabestaanden houden de leidinggevenden van Dutchbat-3 medeverantwoordelijk voor de dood van hun familieleden. Want hoewel al duidelijk was dat de moslims gevaar liepen vermoord te worden, werden ze door de Nederlandse militairen toch van de compound gezet. Hierdoor hebben ze meegeholpen aan de genocide, stellen de nabestaanden. De nabestaanden zijn een voormalige tolk van Dutchbat die zijn vader en broer verloor en de familie van een elektricien van het bataljon.
Volgens de advocaat van de nabestaanden, Liesbeth Zegveld, zag het al naar uit dat het OM in Arnhem de drie leidinggevenden van Dutchbat-3 wil vervolgen. De landelijke leiding van het OM, het college van procureurs-generaal, besloot echter begin dit jaar om ook de landelijke reflectiekamer nog eens naar de zaak te laten kijken.
'Goed nieuws'
De reflectiekamer is vorig jaar opgericht om vooraf zeer gevoelige zaken te bespreken en bestaat uit topfiguren van binnen en buiten justitie. De reflectiekamer adviseert nu positief over de vervolging van Karremans. Strafvervolging is juridisch mogelijk, de zaak is bijvoorbeeld niet verjaard, en is ook opportuun, stelt de reflectiekamer.
Advocate Zegveld is door het OM nog niet op de hoogte gebracht van de inhoud van het advies van de reflectiekamer. "Maar een positief advies betekent goed nieuws. Het college van PG's kan het advies in theorie nog naast zich neerleggen, maar dan wordt het wel een politieke beslissing", aldus Zegveld.
In een reactie stelt het OM dat de hoofdofficier in Arnhem het advies gaat bekijken en in afstemming met het college van PG's een besluit zal nemen over de vervolging van Karremans.
(NOS, 9 mei 2012)
Eerste landing Apache gevechtshelikopter op marineschip
Een Apache-gevechtshelikopter heeft gisteren voor het eerst een deklanding gemaakt op een Nederlands marineschip. Hr. Ms. Rotterdam ontving de bijzondere ‘opstapper’ voor een oriënterend onderzoek naar een mogelijke bredere inzetbaarheid van de toestellen.
Het onderzoek vloeit voort uit de maritieme inzet van Britse en Franse gevechtshelikopters bij de NAVO-acties boven Libië. De Koninklijke Luchtmacht onderzoekt samen met de Koninklijke Marine in hoeverre de Apaches geschikt zijn voor het opereren vanaf schepen. ”Onze zware bewapening en hightech sensoren kunnen een duidelijke meerwaarde hebben bij maritieme operaties”, vertelt kapitein Harm, testvlieger op de Apache.
Deze eerste deklanding op de Rotterdam, in de marinehaven in Den Helder, is pas het begin van een lang testtraject. In tegenstelling tot maritieme helikopters als de Lynx en de NH90 moet de praktijk van het werken met de Apache op en vanaf een schip nog voor een belangrijk deel worden ontwikkeld.
In deze beginfase gaat de aandacht vooral uit naar de technische en logistieke ondersteuning. Hoe land en transporteer je de heli op het helikopterdek? Werken de scheepsaansluitingen voor stroom en brandstof wel op de Apache? En waar sla je bijvoorbeeld munitie op? Dergelijke praktische vragen moeten beantwoord zijn voordat de gevechtshelikopters beproefd kunnen worden op zee.
Ook daarna is het nog geruime tijd pionieren. Zo moeten windlimieten worden bepaald en onder verschillende omstandigheden getoetst om veilig te kunnen opereren. Pas daarna kan worden gedacht aan inzet van Apaches vanaf de beide amfibische transportschepen en het toekomstige ondersteuningsschip, de Karel Doorman. ”Dit is pas het eerste stapje”, zegt Harm. ”Maar wel verrekte interessant.”
(ministerie van Defensie, 9 mei 2012)
Het onderzoek vloeit voort uit de maritieme inzet van Britse en Franse gevechtshelikopters bij de NAVO-acties boven Libië. De Koninklijke Luchtmacht onderzoekt samen met de Koninklijke Marine in hoeverre de Apaches geschikt zijn voor het opereren vanaf schepen. ”Onze zware bewapening en hightech sensoren kunnen een duidelijke meerwaarde hebben bij maritieme operaties”, vertelt kapitein Harm, testvlieger op de Apache.
Deze eerste deklanding op de Rotterdam, in de marinehaven in Den Helder, is pas het begin van een lang testtraject. In tegenstelling tot maritieme helikopters als de Lynx en de NH90 moet de praktijk van het werken met de Apache op en vanaf een schip nog voor een belangrijk deel worden ontwikkeld.
In deze beginfase gaat de aandacht vooral uit naar de technische en logistieke ondersteuning. Hoe land en transporteer je de heli op het helikopterdek? Werken de scheepsaansluitingen voor stroom en brandstof wel op de Apache? En waar sla je bijvoorbeeld munitie op? Dergelijke praktische vragen moeten beantwoord zijn voordat de gevechtshelikopters beproefd kunnen worden op zee.
![]() |
| foto: Defensie |
(ministerie van Defensie, 9 mei 2012)
Abonneren op:
Posts (Atom)



.jpg)
.jpg)
.jpg)

.jpg)