Posts tonen met het label Koninklijke Landmacht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Koninklijke Landmacht. Alle posts tonen

zondag 5 oktober 2014

Artikel 100-brief over deelname aan de internationale strijd tegen ISIS

Aan de Voorzitter van de
Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4
Den Haag

Datum   24 september 2014
Betreft  Artikel 100-brief deelneming aan internationale strijd tegen ISIS

Ministerie van Buitenlandse Zaken
Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl

Onze Referentie
DVB/CV-178/2014


Met deze brief informeren wij u, in overeenstemming met artikel 100 van de Grondwet, over het besluit van het kabinet een Nederlandse bijdrage te leveren aan de strijd tegen ISIS. Tevens wordt hiermee voldaan aan het verzoek van de Kamer om een brief met het kabinetsstandpunt ten aanzien van het luchtoffensief op ISIS in Syrië (kenmerk 2014Z16349/2014D33223).

De terroristische organisatie ISIS heeft de afgelopen maanden delen van Syrië en Irak veroverd en daarbij een ongekende gewelddadigheid aan de dag gelegd, met ontwrichtende gevolgen, ook in omringende landen. De snelle opmars van ISIS en daaraan gelieerde organisaties vormt een directe dreiging voor de regio en veroorzaakt instabiliteit aan de grenzen van Europa, met potentieel vergaande gevolgen voor onze eigen veiligheid. Er is brede internationale steun, nadrukkelijk ook lokaal en regionaal, om de strijd met ISIS aan te gaan. De Verenigde Staten hebben hierbij het voortouw genomen. Op de korte termijn is de strategie van de Verenigde Staten gericht op het stoppen van de opmars van ISIS evenals het ondersteunen van de Iraakse en Koerdische strijdkrachten en de gematigde Syrische oppositie teneinde de militaire kracht van ISIS te breken. Een effectieve bestrijding van ISIS op de langere termijn vereist vergaande bestuurlijke en sociaaleconomische hervormingen, waarvoor vooral de nieuwe Iraakse regering verantwoordelijk is. Ook de invloedrijke buurlanden van Irak hebben een rol te spelen. Zij moeten het sektarische conflict dempen en de financiële, materiële en personele toevoerlijnen naar ISIS afsnijden. De internationale gemeenschap, waaronder Nederland, moet deze landen hierop blijven aanspreken.

Het kabinet heeft besloten om, naast politieke en humanitaire steun, ook een militaire bijdrage te leveren aan de strijd tegen ISIS in Irak, in samenwerking met de Verenigde Staten en andere (regionale) partners. De internationale inspanningen zijn gericht op het breken van de militaire kracht van ISIS op de korte termijn. Deze eerste fase van de strijd zal, naar Amerikaanse schatting, zes tot twaalf maanden duren. Nederland stelt in deze fase zes operationele F-16’s beschikbaar voor de duur van maximaal een jaar. Ook worden Iraakse en Koerdische strijdkrachten gedurende deze periode ondersteund met training en advies.

Met het oog op het planningsproces dat bij het Amerikaanse Central Command (CENTCOM) gaande is, wil het kabinet nu duidelijkheid verschaffen over de Nederlandse bijdrage. Het campagneplan voor de strijd tegen ISIS is nog in ontwikkeling. Dit betekent dat nog niet alle details van de uiteindelijke Nederlandse inzet beschikbaar zijn.

Gronden voor deelneming
Nederland steunt de legitieme Iraakse regering in de verdediging tegen de terreurorganisatie ISIS, die verschrikkelijke misdaden begaat tegen bevolkingsgroepen in Irak en Syrië. De crisis zorgt voor toenemende druk op de buurlanden, met name Turkije, Jordanië en Libanon, onder andere als gevolg van oplopende etnisch-religieuze spanningen en een toenemend aantal vluchtelingen. De Nederlandse inzet is er op gericht om, in het kader van de bevordering van de internationale rechtsorde, een bijdrage te leveren aan het de-escaleren van de situatie in de regio.


donderdag 9 januari 2014

Jubileumjaar Koninklijke Landmacht van start met vaandelgroet

Foto: Defensie
Met een openbare vaandelgroet aan koning Willem-Alexander is donderdag op Plein 1813 in Den Haag de viering van het 200-jarig jubileum van de landmacht gestart. Ruim 1.500 militairen marcheerden in ceremonieel tenue met 24 vaandels langs de koning en brachten als eerbetoon hun groet.

Commandant Landstrijdkrachten luitenant-generaal Mart de Kruif: "Het vaandel symboliseert trouw aan het koningshuis, kameraadschap en staat voor de offers die gebracht zijn bij het vechten voor vrijheid."

Om het contact met de burgers te versterken was de ceremonie toegankelijk voor bezoekers. Langs de zijlijn en op de tribunes keken zij dan ook in grote aantallen toe. Gewapend met fototoestellen waren de toeschouwers getuige van een bijzonder moment. De 21-jarige Kariem Ahmed was een van de aanwezigen. "Het is zeer indrukwekkend om dit van dichtbij mee te maken. Ondanks het koude weer heb ik er van genoten."

Uniek
Een vaandelgroet is een ceremonieel eerbetoon dat de verbondenheid tussen het koningshuis en de diverse regimenten van de landmacht symboliseert. Een vaandelgroet is vrij uniek voor Nederlandse begrippen. De vorige aan een Nederlands staatshoofd was in 1980 rond de abdicatie van koningin Juliana.

Vaandels van de KMS en KMA (foto: Defensie) 

Boek
Na de vaandelgroet nam de koning het boek '200 jaar Koninklijke Landmacht' in ontvangst. De uitgave is geschreven door medewerkers van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie en neemt de lezer mee door 2 eeuwen geschiedenis van het Nederlandse leger. In het boek nemen persoonlijke belevenissen van militairen een belangrijke plaats in. Velen van hen, van soldaat tot generaal en van dienstplichtig tot beroeps, komen aan het woord over hun ervaringen in bijvoorbeeld de Slag bij Waterloo, de Tiendaagse Veldtocht, de Meidagen van 1940, de strijd in Nederlands-Indië en vredesoperaties overal ter wereld.

(ministerie van Defensie, 9 januari 2014)

Volledige uitzending NOShttp://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1388670

zondag 29 december 2013

Commandant landmacht: 'We zijn niet alleen het vet kwijtgeraakt maar ook een aantal botten'

Interview met de Commandant Landstrijdkrachten, luitenant-generaal Mart de Kruif. Gepubliceerd in een speciale uitgave van het  blad Landmacht ter gelegenheid van het 200-jarig bestaan van de Landmacht

Kapitein Marlous de Ridder

We vieren ons tweehonderd jarig bestaan, maar de bezuinigingen binnen de landmacht zijn nog in volle gang. Is een feestjaar wel gepast?
2014 wordt geen jaar vol feestjes. Het organiseren van een over the top jubileum is niet te verantwoorden in deze tijd. Niet richting de burger en niet naar onze eigen mensen. Daarom zijn we kostenbewust en haken we zoveel mogelijk aan bij bestaande activiteiten. Verder vind ik het belangrijk dat we onze verjaardag vieren met diegene waarvoor we het doen. De burger.

Diezelfde burger die vindt dat er bij Defensie nog wel wat afkan?
generaal De Kruif
Draagvlak voor de KL in de maatschappij is enorm belangrijk. Daarom staat persoonlijk contact met de samenleving voorop. Je ziet dit steeds vaker tijdens oefeningen in Nederland, waar we vaak letterlijk tussen de bevolking trainen. Het geloof in de krijgsmacht is weliswaar laag, maar tegelijkertijd is er wel degelijk respect en erkenning voor het werk van militairen. Dat is nog niet genoeg. De landmacht beter op de maatschappelijke agenda krijgen, is één van de uitgangspunten van 200 jaar Koninklijke Landmacht (KL200).

Wordt u niet eens moe van het telkens weer moeten uitleggen waar de landmacht voor staat?
Nee, integendeel. De burger heeft het recht te weten waar het belastinggeld aan wordt besteed. We moeten dus blijven vertellen wat onze taken zijn en waarom we dingen doen. In feite zijn we slachtoffer van ons eigen succes. De Nederlandse burger heeft geen onveilig gevoel. Mede dankzij een goed functionerende krijgsmacht. Missies in het buitenland worden gezien als een ver-van-mijn-bed-show. Het enige wat wij kunnen, is beter uitleggen waarom we militairen naar conflictgebieden sturen. Neem Mali. Ik zie hier een kentering. We leggen goed uit waarom Nederland gebaat is bij internationale veiligheid en stabiliteit. Maar ook welke humanitaire en economische belangen meewegen. Die taak ligt niet alleen op mijn niveau. Juist de persoonlijke verhalen van de militairen op missie zijn belangrijk voor de beeldvorming.

Waarom heeft Nederland een landmacht nodig?
Feit is nog steeds dat de strijd wordt gestreden op land. Of het nou gaat over het terugdringen van de vijand, het bewaren van de vrede en vrijheid of het bestrijden van rampen. Zonder landmacht stopt een conflict niet. Wij staan tussen de mensen. Landoptreden betekent interactie tussen mensen en beslissingen door mensen. Dat is onze unieke waarde binnen de krijgsmacht en daarmee zijn we als hoeksteen in de veiligheidsketen onmisbaar voor het land.

Hoe omschrijft u het landoptreden anno 2013?
Wat ik weiger te zeggen, is dat het verleden simpel was. Of je nu terugkijkt op de Slag bij Waterloo of het conflict in Nederlands-Indië. Het militaire vak was én is ontzettend moeilijk. De grondslagen van het landoptreden zijn niet veranderd. Je wordt altijd aangegrepen daar waar je zwak bent. Dat was toen zo en geldt nog steeds. Net als dat de mens bepalend is voor het succes of falen. Het is wel zo dat de wijze van oorlogsvoering verandert en dat de accenten verschuiven. Cyberterrorisme is totaal iets nieuws. Tegenwoordig kan de militair rekenen op het nieuwste en beste materieel. Technologische ontwikkelingen hebben logischerwijs veel veranderd voor de landmacht. Net als de vergaande internationale samenwerking met NAVO-bondgenoten.

Wat betekent ‘200 jaar Koninklijke Landmacht’ voor u?
Ik zie KL200 als een moment van bezinning. We mogen best eens stilstaan bij wat we hebben bereikt. We doen dingen die niemand anders doet. Zonder ons is er geen blijvende veiligheid. Daar mogen we trots op zijn! Dit doen we met aandacht voor het verleden, heden en de toekomst. De jubileumactiviteiten zijn dusdanig op elkaar afgestemd dat er een goede balans is tussen herdenken, vieren en vooruitkijken. We vieren de belangrijke bijdragen die onze militairen, onder moeilijke omstandigheden en vaak ver van huis, hebben geleverd. Maar we eren ook de collega’s die tijdens inzet het hoogste offer brachten. Als je terugkijkt op tweehonderd jaar historie, dan is er één ding nooit veranderd: kameraadschap. Kameraadschap is van alle tijden. Voor die ander door het vuur willen gaan, daar ligt de basis van onze organisatie.

De landmacht staat aan de vooravond van grote veranderingen. Ik noem het overgaan van 13 Gemechaniseerde Brigade op wiel en de integratie van 11 Air Manoeuvre Brigade met de Duitse Division Schnelle Kräfte. Plus een nieuwe missie naar Mali. Wat wordt 2014 voor een jaar?
Een heel belangrijk en uitdagend jaar. We leggen ons toe op meer differentiatie van de eenheden. Door alle brigades een unieke specialiteit te geven, zijn we flexibeler en kunnen we sneller reageren bij inzet. Veelzijdigheid is nodig, omdat de wereld om ons heen verandert. De nieuwe werkwijze bij de eenheden inbedden kost tijd. Het wordt een druk jaar met een aantal grote oefeningen in het kader van de NATO Response Force (NRF). Verder levert de KL een aanzienlijke bijdrage aan de Nuclear Security Summit 2014. Het organiseren van deze wereldtop is de grootste beveiligingsoperatie in Nederland ooit. Dan heb ik het nog niet eens over het stijgend aantal inzetten in het kader van militaire bijstand. Kortom naast het vieren van onze verjaardag, gaat het werk - meer dan ooit - door.

Komt de VN-operatie MINUSMA naar Mali op het juiste moment?
Mij wordt regelmatig gevraagd of ik blij ben. Ik vind ‘blij’ ongepast bij zoiets serieus als een missie. Het gaat altijd om een moeilijke afweging tussen belangen en risico’s en dat geldt ook voor Mali. We doen geen missies om maar op missie te gaan. Maar eerlijk is eerlijk, voor mijn gevoel waren we hier aan toe. Onze mensen willen graag op uitzending, die natuurlijke drive zit in ons. De periode na Uruzgan voelden voor sommige eenheden als een operationele pauze. Zoals de reservebank voor een voetballer. Dan ga ik niet ontkennen dat een nieuwe missie goed is voor het moraal. De landmacht levert een complete inlichtingenketen, van sensor in het veld tot en met de analist in de staf. Daarmee gaan we een cruciale bijdrage leveren aan de missie in Mali.

Tweehonderd jaar Koninklijke Landmacht. Vele missies, maar ook ingrijpende reorganisaties verder. Waar staan we nu?
22 jaar kleiner worden, heeft gigantisch veel impact. We zijn niet alleen het vet kwijtgeraakt, ook een aantal botten. Terwijl we waarschijnlijk nog nooit zo goed zijn geweest als nu. Op mijn werkbezoeken aan de eenheden kom ik van alles tegen. Iedereen heeft een persoonlijk verhaal. Ik hoor de trieste resultaten van jarenlang reorganiseren. Maar ik zie nog steeds de trots. Het vuur in die ogen, om er te staan als het moet. Daar heb ik geen jubileum voor nodig. Dat onvoorwaardelijke zit er gewoon.

(Landmacht, 29 december 2013)

Activiteiten in het kader van het 200-jarig jubileum:

9 januari 2014 Startdag 200-jarig jubileum Koninklijke Landmacht
29 maart Dag van de Grondwet
20-21 april 200 voor de toekomst
22 april Praten met Soldaten
23 april Landmachtdag 2014: De KL komt naar u toe!
12-23 mei Reliable Sword, belangrijke onderdelen oefeningen buiten militair oefenterrein
23 mei Laatste vriend van Napoleon (muziek en theater)
28 juni Nederlandse Veteranendag
15-19 juli Nijmeegse Vierdaagse
30 augustus Maastrichtse activiteiten
5 september Herdenking Market Garden
25 september Nationale Taptoe

29 oktober Slotsymposium 

In maart en oktober publieksconcerten 'De Mens Centraal'

(Bron: Landmacht)

woensdag 28 november 2012

Nieuwe minister van Defensie bezoekt Landmacht

“Ik ben verbaasd over de huis-, tuin-, en keukenmiddelen waarmee geïmproviseerde explosieven worden gemaakt.” Dat zei minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert nadat zij zelf een dergelijk projectiel ontdekt met een metaaldetector. Dat gebeurde vandaag in Schaarsbergen tijdens haar eerste werkbezoek aan de Koninklijke Landmacht. Commandant der Landstrijdkrachten luitenant-generaal Mart de Kruif trad op als haar gastheer.



Even eerder bekeek de bewindsvrouw een gesloten en mogelijk geboobytrapte kist van binnen met een endoscoop. Een middel dat genisten als kijkinstrument  in hun assortiment hebben zitten. Om niet te verzanden in presentaties en static shows werd Hennis-Plasschaert betrokken bij verschillende aspecten van het militaire bestaan. Dit om de bewindsvrouw het werk van landmachtmilitairen te ervaren en tevens direct met hen te praten.

Nationale operaties
Met nationale operaties als één van haar speerpunten om die onder de aandacht te brengen bij haar collega’s en de bevolking, kregen die eveneens volop de aandacht. Aan de landmachters die de minister lieten zien wat de Explosieven Opruimingsdienst Defensie, Raventeams (onbemand verkenningsvliegtuigje) en verkenners kunnen betekenen, lag het in elk geval niet. Zij demonstreerden duidelijk en overtuigend wat hun specifieke capaciteiten zijn.

De minister concludeerde dan ook dat de landmacht bestaat uit professionals met expertise op hun vakgebied. Daarmee is de opzet van de dag volledig geslaagd, want generaal De Kruif wilde vooral de kracht van zijn mensen laten zien. De minister stak eveneens niet onder stoelen of banken dat zij het een informatieve en leuke dag vond. “Fantastisch! Ik heb genoten."

(ministerie van Defensie, 28 november 2012)

maandag 17 september 2012

Toespraak generaal De Kruif bij afscheid van de Zware Cavalerie

Excellenties, collega’s, dames en heren,

Vandaag is geen leuke dag. Voor u niet en voor mij niet. En de reden hiervoor is natuurlijk dat we vandaag officieel afscheid nemen van de tank en de daarbij horende ‘way of live’. Wij nemen afscheid van de Zware Cavalerie.

De landmacht heeft in de afgelopen vijf eeuwen van Nederlandse onafhankelijkheid een dominante rol gespeeld. Al in de dagen van de Republiek der Verenigde Nederlanden komen wij de stamregimenten tegen van de eenheden die vanmiddag worden ontbonden. Op 17 oktober 1588 werd het Vaan Lansiers van Paulus Bacx opgericht, stameenheid van het Regiment Huzaren van Sytzama. Het was de tijd van de Tachtigjarige Oorlog die de basis legde voor een vrije en onafhankelijke Nederlandse staat. De Prinsen Maurits en Frederik Hendrik stonden aan de wieg van het Staatse Leger dat een sleutelrol vervulde in het succes van onze onafhankelijkheidsstrijd. 28 april 1668 was de dag dat Ernst Willem van Haren zijn cavalerieregiment oprichtte, stameenheid van het Regiment Huzaren Prins van Oranje.


Luitenant-generaal  De Kruif, Commandant Landstrijdkrachten

Het jonge Koninkrijk der Nederlanden werd in 1815 al direct bedreigd door Napoleon. In de velden ten zuiden van Brussel werd in de slagen bij Quatre-Bras en Waterloo de macht van Napoleon definitief gebroken. Slagen waarbij de net opgerichte Koninklijke Landmacht zich onderscheiden heeft door moedig optreden. De cavalerieregimenten hebben zich tot het uiterste geweerd en een hoge prijs betaald. Niet voor niets is hun inzet beloond met de standaardopschriften  “QUATRE-BRAS” en “WATERLOO”. Het andere opschrift: `TIENDAAGSCHE VELDTOCHT 1831’ houdt de gedachte levend aan het optreden in de zuidelijke Nederlanden.

Een groot aantal reorganisaties mondde in 1867 uit in een nieuwe organisatie met vier gelijksoortige eenheden, die werden aangeduid als het 1e, 2e 3e en 4e Regiment Huzaren. Als gevolg van bezuinigingen tussen de wereldoorlogen werden deze regimenten meermalen gereduceerd tot soms minder dan de helft van hun oorspronkelijke sterkte. De jarenlange verwaarlozing en bezuiniging hebben geleid tot een krijgsmacht die niet meer in staat was haar taak te verrichten. Ondanks de strijdlust en het heldhaftig optreden van ook de huzarenregimenten in mei 1940 in de strijd rond de Residentie, Rotterdam en bij de Grebbelinie  bleek dit een vergeefse strijd te zijn.

Na de Tweede Wereldoorlog werd in de jaren vijftig de Koude Oorlog een feit en ontstond de NAVO. In het kader van de bondgenootschappelijke inzet werd hard gebouwd aan een capabele krijgsmacht. Voor de cavalerie was het de tijd waarin de tank haar intrede deed en in belangrijke mate de slagkracht van de Koninklijke Landmacht bepaalde. Op het hoogtepunt telde het arsenaal niet minder dan 960 gevechtstanks. De hoge kwaliteit van onze huzaren en tanks werd bewezen in nationale en internationale competities, zoals het winnen van de Canadian Army Trophy.

Het einde van de Koude Oorlog had grote gevolgen voor de cavalerie. Zowel het aantal bataljons als het aantal tanks per bataljon werd sterk gereduceerd. Voor 43,  41 en 59 Tankbataljon viel achtereenvolgens het doek. Met de Leopard 2 A6 beschikte de cavalerie tot het laatst over een tank van wereldklasse.
De overgebleven tankbataljons zijn de laatste decennia voortdurend ingezet. Als Battlegroup of als PRT, met en zonder tanks. Het onderstreept de spreekwoordelijke veelzijdigheid van deze eenheden.

De inzet van de tankbataljons in de afgelopen twintig jaar heeft enkele duizenden veteranen opgeleverd, veteranen die zorg en aandacht verdienen. Juist omdat binnen de Koninklijke Landmacht bij de veteranenzorg de regimenten en korpsen een sleutelrol vervullen is door mijn voorganger besloten de regimenten te ontbinden en niet op te heffen. Alleen zo blijft een kader in stand waarin men elkaar kan vinden en steunen. Een ontbonden regiment kan dit echter niet alleen. Daarom heeft Hare Majesteit de Koningin besloten dat de tradities van de ontbonden regimenten in bewaring zullen worden gegeven bij het Regiment Huzaren Van Boreel. Gelukkig bleek immers ook deze week weer dat er nog steeds behoefte is aan Verkenners…..

In het vaste vertrouwen dat dit regiment haar ontbonden zusterregimenten in alles zal steunen zal ik in het tweede deel van de ceremonie de cravate met de namen van de ontbonden regimenten aan de standaard van dit regiment hechten. Als uitvloeisel van dit Koninklijk Besluit zal ik zo dadelijk eerst overgaan tot het innemen van de standaarden van het Regiment Huzaren van Sytzama en het Regiment Huzaren Prins van Oranje.



(...)

Staat u mij toe de ceremonie van vandaag ook nog in een ander perspectief te plaatsen. Velen van ons hebben de afgelopen decennia en jaren gediend in missies. Hoewel de intensiteit van deze missies soms sterk varieert, opereer je in gebieden die totaal anders zijn dan in Nederland. Waar we ook waren, op geen enkele plaats was de levensstandaard ook maar enigszins te vergelijken met de situatie in Nederland. In Bosnië zijn geen sociale voorzieningen en is de economie grotendeels afhankelijk van zwart geld. In Irak bestaat geen enkele ziektekostenverzekering en in Afghanistan moet je als kind twintig kilometer lopen om je door ISAF te laten opvangen en helpen aan een gebroken been. Alle veteranen die terugkomen uit deze missie delen veel ervaringen, waarvan er één unaniem is. En dat is dat wij in Nederland leven in het Paradijs.

Het woord ‘crisis’ is voor ons, veteranen, namelijk niet te plaatsen, en zeker niet in relatie tot Nederland. In een land in crisis heb je immers geen onbeperkt toegang tot geneeskundige zorg, alle kansen in het onderwijs, vrij gebruik van internet en een overheid die overal voor zorgt, soms zelfs voor te veel dingen wil zorgen. En wij mogen alles zeggen wat we willen, ongeacht rang, stand sekse, geaardheid of ras. Samengevat in een goed Achterhoeks woord: in Nederland is niks te noelen!

Circa 70 jaar geleden was dit anders. Nederland en Nederlands-Indie waren bezet. Er was geen vrijheid van meningsuiting, homo-sexuelen werden gebrandmerkt en Joden vervolgd. Het onderwijs was niet vrij en de geneeskundige zorg beperkt. En zelfs aan basis levensbehoeften, zoals voedsel, kon deels niet meer worden voorzien. Dames en heren, dat was niet eens een generatie geleden. De prijs voor de vrijheid was hoog, en werd niet alleen door Nederlanders betaald.

In Nederlandse grond liggen meer dan 50.000 geallieerden begraven. In Margraten, Oosterbeek, Groesbeek, Bergen op Zoom, Amerikanen, Britten, Canadezen, Polen, Fransen, Australiers, Vrijheid is niet vrij, en zeker niet gratis. Soms moet je vechten voor je vrijheid, vechten voor de vrijheid van anderen of moeten anderen vechten voor onze vrijheid. Dat besef is niet alleen in filosofisch opzicht essentieel, maar we moeten ons ook realiseren dat je niet zo maar kunt vechten. Vechten vergt immers een krijgsmacht die goed materieel heeft en de beste mensen. Mensen die in staat zijn de opdracht boven hun eigen veiligheid te stellen, de groep belangrijker te vinden dan hun eigen belang en kennis te maken met de fysieke en psychische grenzen van een mens, en soms zelfs daaroverheen te gaan. Dit alles samen te voegen en te operationaliseren vergt jarenlange training en vorming.

En daar hebben we een uitdaging. Nederland voelt zich veilig. Vechten voor je vrijheid is niet opportuun, vechten voor de vrijheid van anderen is steeds minder vanzelfsprekend en de begraafplaatsen van geallieerden zijn meer een natuurpark dan een waarschuwing. En dus hebben we ook minder geld over voor Defensie. Dat is de echte reden dat we hier staan.

Maar ik wil niet afsluiten met een sombere boodschap. Ik wil deze gelegenheid vooral gebruiken om hier, publiekelijk, de cavalerie en iedereen die haar een warm hart toedraagt mijn bewondering aan te bieden voor de buitengewoon waardige wijze waarop kennis genomen is van het besluit afscheid te nemen van de tanks, dit besluit razendsnel is omgezet in actie en de wijze waarop het personeel hiermee is omgegaan. Het maakt mij trots en nederig tegelijk hier vandaag als Commandant Landstrijdkrachten te mogen staan. Het laat zien dat we soms middelen moeten inleveren, maar dat onze ruggengraat ongebroken is. En onze ruggengraat is de mens en de trots, toewijding moed en opoffering die daarbij hoort. En dat blijft.

(Koninklijke Landmacht, 16 september 2012)


woensdag 4 april 2012

Elf jonge Nederlanders worden opgeleid tot 'paratroopers'


1944

Op de Ginkelse Heide in Ede springen op 17 september 1944 duizenden parachutisten naar beneden. Jonge Britse mannen die Nederland komen bevrijden worden opgewacht door een Duits tankbataljon. De hei verandert in een tapijt van bloed, een slag die zijn weerga niet kent.

In De Slag om Arnhem krijgen elf jonge Nederlanders anno nu de unieke kans om de geschiedenis te herbeleven. De rekruten werken en leven zoals de soldaten dat ruim zestig jaar geleden ook deden. In precies dezelfde omstandigheden worden ze opgeleid tot parachutist. Grenzen worden opgezocht en verlegd. Met als einddoel dezelfde duizelingwekkende sprong boven de Ginkelse Heide. De Slag om Arnhem is op donderdag 3 mei om 21:00 uur te zien bij BNN op 3.
De vier meiden en zeven jongens stappen in de voetsporen van de jonge parachutisten uit de Tweede Wereldoorlog. In tien zware dagen worden ze opgeleid tot paratroopers. Ruben (20): ‘Naast adrenaline, emoties en uitputting heeft de deelname aan het programma ook een diep respect bij mij teweeg gebracht voor de mensen die destijds voor onze vrijheid hebben gevochten.’ Feike (19): ‘Deze ervaring was heel zwaar, maar het resultaat laat zien dat het zeker de moeite waard was’.

De Slag om Arnhem is een productie van Eyeworks in opdracht van BNN en in samenwerking met de 11 Luchtmobiele Brigade van de Koninklijke Landmacht en Paragroup Holland. Check alvast de trailer op slagomarnhem.bnn.nl en houd Facebook in de gaten voor meer informatie over de Tweede Wereld Oorlog en De Slag om Arnhem.

(BNN, 4 april 2012)