dinsdag 17 september 2013

Defensie in de Troonrede

Koning Willem-Alexander
Foto © RVD
(...)
Het recente geweld en de humanitaire noodsituatie in Syrië onderstrepen de noodzaak van een internationale rechtsorde met een sterke nadruk op het humanitaire recht. Onveiligheid en instabiliteit in kwetsbare regio's beïnvloeden onze vrijheid, veiligheid en welvaart. Dit vraagt om een krijgsmacht die op zijn taken berekend is en die in Nederland en het buitenland kan opereren om de belangen van ons land veilig te stellen. In de nota 'In het belang van Nederland' geeft de regering concreet aan hoe die krijgsmacht eruitziet en welke aanpassingen daarvoor noodzakelijk zijn. Over de hele wereld zijn Nederlandse mannen en vrouwen actief om de internationale rechtsorde te beschermen. Zij verdienen onze grote dank en waardering voor hun moeilijke werk.
(...)

(Volledige Troonrede: klik hier)

donderdag 12 september 2013

Vragen over Kamerbrief chemische wapens #Syrië

De Kamerbrief van minister Timmermans van Buitenlandse Zaken over het gebruik van chemische wapens bij Damascus op 21 augustus j.l. roept een aantal vragen op:

1) De nieuwe, 'diepgaande' informatie komt van 'verschillende partnerlanden', stelt de brief.
Welke partnerlanden? 

2) De brief stelt 'dat er op 21 augustus gifgas is ingezet tegen de burgerbevolking'.
Welk gifgas? Met welk(e) overbrengingsmiddel(en)? 
Waar is dat gifgas ingezet?

3) In de brief stelt minister Timmermans dat het Syrische regime 'met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid' verantwoordelijk is voor de inzet van gifgas op 21 augustus.
Waarom geen 100% zekerheid?  Waarover bestaat nog onzekerheid? 

Zie ook: Kabinet: regime Syrië schuldig aan gebruik gifgas

Kabinet: regime Syrië schuldig aan gebruik gifgas

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Datum 12 september 2013
Betreft Stand van zaken Syrië

Hierbij informeer ik u, conform uw verzoek d.d. 10 september jl (kenmerk 2013Z17066/2013D35079), over de stand van zaken met betrekking tot het diplomatiek overleg rondom Syrië en het Franse voorstel voor een VNVR-resolutie over de chemische wapens in Syrië.

Recente ontwikkelingen
De ontwikkelingen ten aanzien van Syrië volgen elkaar razendsnel op. Waar de internationale gemeenschap vorige week nog tot op het bot verdeeld bleek (Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties (SGVN) Ban-Ki Moon sprak van een beschamende impasse) stemmen recente ontwikkelingen voorzichtig optimistisch over een meer gezamenlijke aanpak van deze diep tragische, voortdurende crisis.

Het afgelopen weekend heeft de Europese Unie zich bij monde van Hoge Vertegenwoordiger (HV) Ashton unaniem uitgesproken tegen het gebruik van chemische wapens en de VN Veiligheidsraad opgeroepen haar verantwoordelijkheid in dezen te nemen. In haar verklaring na afloop van de informele Raad Buitenlandse Zaken (“Gymnich”) van 6 en 7 september jl. wees de HV daarnaast op het belang van een politieke oplossing voor het conflict.

Op 9 september heeft Secretary of State Kerry het Syrische regime een mogelijkheid geboden om militaire actie te vermijden, door het inleveren en onder internationaal toezicht stellen van alle chemische wapens. Dit voorstel is vervolgens door de Russische en Syrische ministers van Buitenlandse Zaken Lavrov en Mouallem verwelkomd, waarna de permanente leden van de Veiligheidsraad (P5) het initiatief hebben opgepakt.

De regering heeft steeds het belang benadrukt van het delen van inlichtingen en partnerlanden daartoe nadrukkelijk opgeroepen. Nederland heeft sindsdien van verschillende partnerlanden diepgaande informatie en inlichtingen ontvangen, die door de diensten geanalyseerd is. Op grond hiervan is de regering er inmiddels van overtuigd dat er op 21 augustus gifgas is ingezet tegen de burgerbevolking en dat het Syrische regime hier met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid verantwoordelijk voor is.

Zoals eerder met uw Kamer gedeeld heb ik voortdurend het belang onderstreept van het volgen van het VN-spoor. Ik vind het dan ook bemoedigend dat de P5 de opties voor een gezamenlijke actie door de Veiligheidsraad verkennen.

Tegelijkertijd zijn de verschillen van inzicht tussen de permanente leden niet verdampt. Het is dan ook nog te vroeg om conclusies te trekken over de vraag of de Veiligheidsraad daadwerkelijk voldoende overeenstemming vindt om een resolutie aan te nemen.

Momenteel worden verschillende elementen voor een conceptresolutie besproken, waaronder een Frans concept. Het kabinet acht het van het allergrootste belang te voorkomen dat chemische wapens (opnieuw) worden ingezet. Daarbij is het kabinet sterk voorstander van het opnemen van een element van bestrijding van straffeloosheid, bijvoorbeeld door verwijzing van de situatie in Syrië naar het Internationaal Strafhof.

Chemische wapens
Momenteel werken de P5 nader uit hoe het Syrische chemische wapenarsenaal onder internationale controle te brengen met als doel het te vernietigen. De volgende kaders zijn van belang voor een succesvol initiatief.

Als eerste moet Syrië zo spoedig mogelijk, bij voorkeur binnen een gestelde termijn, aangeven wat de precieze locatie, de hoeveelheden en type wapens zijn. Vervolgens moeten die locaties beveiligd worden. Daarnaast moet een plan worden ontwikkeld om die voorraden uiteindelijk te vernietigen. Onder de huidige veiligheidsomstandigheden zal het beveiligen en vernietigen moeilijk uitvoerbaar zijn.

Syrië zou hebben aangegeven partij te willen worden bij het Chemische Wapen Verdrag (CWC). Daarmee wordt Syrië automatisch lid van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens. Voor toetreding moet Syrië het instrument van ratificatie deponeren bij de SGVN. Dertig dagen later treedt het Verdrag dan in werking. Weer dertig dagen daarna moet Syrië declaraties indienen over zijn chemische wapenarsenaal.

Omdat het proces via het CWC enige tijd zal vergen, benadrukt Nederland dat vooruitlopend daarop al maatregelen moeten worden genomen. Ten einde de bestaande, en in de ogen van het kabinet gerechtvaardigde, scepsis te overwinnen, zal het Syrische regime concrete informatie over zijn chemische wapenarsenaal moeten geven. Boter bij de vis dus.

Daarnaast ontslaan de recente ontwikkelingen de internationale gemeenschap niet van de verplichting de feiten over de aanval van 21 augustus jl. vast te stellen. Het rapport van de VN-onderzoeksmissie naar de gebeurtenissen van 21 augustus zal volgende week verschijnen. Het rapport zal antwoord geven op de vraag of er chemische wapens zijn ingezet. Het zal geen conclusies trekken over de schuldvraag. Het gaat immers om een fact-finding missie. De bevindingen zouden echter wel verder inzicht kunnen geven in wie mogelijk achter de aanvallen zit.

Tot slot moet niet uit het oog worden verloren dat een duurzame politieke oplossing van het conflict hiermee nog niet binnen handbereik is. Wel constateert het kabinet dat een verenigde Veiligheidsraad op dit deelonderwerp een stap in de goede richting is naar een dergelijke duurzame politieke oplossing.

De Minister van Buitenlandse Zaken,
Frans Timmermans

(ministerie van Buitenlandse Zaken, 12 september 2013)

Zie ook: Vragen over Kamerbrief chemische wapens Syrië

Reactie minister Hennis-Plasschaert op kritiek GOV|MHB

de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Datum 12 september 2013
Betreft Reactie op ingezonden brief Trouw

Tijdens de regeling van werkzaamheden op 10 september jl. heeft het lid Segers (CU) om een reactie gevraagd op de ingezonden brief ‘Minister van Defensie, het is vijf voor 12’ van generaal-majoor b.d. H. de Jonge in Trouw van 9 september jl. Tevens heeft het lid Hachchi (D66) gevraagd in te gaan op de wijze waarop het defensiepersoneel werd en wordt betrokken bij het schrijven van de nota over de toekomst van de krijgsmacht. Hierbij voldoe ik aan deze verzoeken.

Ik heb alle begrip voor de zorgen van het personeel over mogelijke maatregelen en wat die voor ieder van hen kunnen betekenen. Ik zal daarover duidelijkheid verschaffen in de nota over de toekomst van de krijgsmacht die, zoals bekend, zal verschijnen vóór de behandeling van de defensiebegroting. Ook verwijs ik naar mijn brief van 25 juni jl. (Kamerstuk 32 7333, nr. 133).

Gisteren heb ik een onderhoud gehad met generaal-majoor b.d. De Jonge. Wij hebben vastgesteld dat van een tegenstelling tussen officieren en de minister geen sprake is. De Commandant der Strijdkrachten evenals de commandanten van de operationele commando’s zijn nauw betrokken bij het opstellen van de nota en de uitwerking daarvan. Gezamenlijk staan wij voor de koers die Defensie inslaat en gezamenlijk zullen wij werken aan het draagvlak daarvoor.

DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert

dinsdag 10 september 2013

GOV|MHB: 'Jeanine, het is vijf voor twaalf'

OPINIE HARM DE JONGE   Zonder duidelijk perspectief zullen militairen het vertrouwen in de politieke leiding verder verliezen, waarschuwt Harm de Jonge

Wrang is dat we nu opnieuw gaan meemaken dat schepen en wapensystemen verkocht gaan worden en dat eenheden opgeheven zullen worden

De minister van defensie heeft een steeds groter wordend probleem. Toen ze eind 2012 aantrad had Defensie een onafgebroken periode van 22 jaar van bezuinigen achter de rug: élk jaar minder te besteden. Haar voorganger minister Hans Hillen had in het eerste kabinet-Rutte aangegeven dat "Defensie door het ijs is gezakt" en dat het klaar moest zijn met bezuinigingen op Defensie. Het personeel ziet met lede ogen aan dat elke nieuwe kaalslag, in 2011 maar liefst 1 miljard, wordt verkocht als een verbetering. Van hen wordt iedere keer verwacht zichzelf weg te cijferen en met de veel geroemde can do-mentaliteit hetzelfde werk te blijven doen met veel minder mensen. Zo langzamerhand een volkomen onwerkbare situatie.

De minister weet dus dat het defensiepersoneel, waarvoor zij telkenmale zegt zo'n bewondering te hebben, geen vertrouwen meer heeft in de (politieke) leiding van haar departement. Wanneer wij ons verder realiseren dat de opdrachten die militairen krijgen bijna altijd het optreden in buitengewone omstandigheden betreffen, waarbij - anders dan bij overige overheidsdiensten - bij militairen de opdracht boven de eigen veiligheid gaat, dan is vertrouwen in de politieke en militaire leiding van levensbelang.

De minister als politiek leider van het departement moet dan natuurlijk wel investeren in die vertrouwensband met haar personeel. Dat deed zij wel bij haar aantreden toen ze meldde dat het nu uit moest zijn met het snijden in de operationele eenheden. Wrang is dus dat we nu kennelijk opnieuw gaan meemaken dat schepen en wapensystemen verkocht gaan worden en dat eenheden opgeheven zullen worden.

Gebrek aan visie
Natuurlijk konden we dit zien aankomen. Immers, de minister meldde al in mei van dit jaar dat, boven op de 1 miljard uit 2011, nu een verdere 330 miljoen moest worden ingeleverd. En dan hoef je geen strategische tijger te zijn om te beseffen dat die reducties, binnen de reeds uitgemergelde krijgsmacht, eenvoudig kunnen worden ingekopt door operationele eenheden op te heffen en het personeel te laten afvloeien. Voor dit laatste hoeft ze niet eens haar best te doen, het personeel houdt het voor gezien en loopt vanzelf weg.

De wijze waarop invulling gegeven wordt aan de bezuinigingen getuigt niet van een visie. Het is gewoon strepen tot de boekhouder tevreden is gesteld zonder je al te veel af te vragen in hoeverre je nu nog de gewenste samenhang in je krijgsmacht overeind kan houden. Er zijn meer en andere creatieve oplossingen te bedenken, maar die zijn kennelijk niet aan de minister vanuit haar staf aangereikt. Wat blijkt nu verder uit die voorgenomen maatregelen? Niet alleen een gloednieuw peperduur marineschip, de Zr. Ms. Karel Doorman, waar grote en eerder politiek geaccordeerde behoefte aan is, wordt verkocht, maar bij de Koninklijke Landmacht worden kennelijk ook gloednieuwe pantservoertuigen CV90 in de verkoop gedaan. Ook deze zijn bijna afgeleverd, maar kunnen nu onmiddellijk in de verkoop voor een fractie van de koopwaarde.

Stip op de horizon
Het op deze wijze van de hand doen van systemen, en dus het laten verdampen van overheidsgeld, laat zien dat opeenvolgende kabinetten Defensie als een bezuinigingspost hebben beschouwd. Er is geen visie en de politiek heeft klaarblijkelijk geen idee waar het met de krijgsmacht naar toe wil. Het personeel roept al jaren om een richting. Sinds maandagavond mag dit binnen VVD-kringen geen visie meer worden genoemd, wat de minister van defensie er niet van zou moeten weerhouden om haar personeel te vertellen waar zij nu eigenlijk naar toe wil. En dat moet dan méér dan louter boekhouden zijn.

Wat het defensiepersoneel nodig heeft is een stip op de horizon, waarbij van de minister wordt verwacht om politieke moed te tonen en die stip verder weg te leggen dan alleen haar eigen regeerperiode. Daarvoor heeft ze steun nodig van andere bewindslieden en van de regeringspartijen. Zij zal ook met de Tweede Kamer in overleg moeten om draagvlak voor haar ambitie te krijgen, en dan niet alleen maar te spreken over wat wij gisteren en vandaag kunnen betalen. Daarvoor is ze nu juist politica. Ambitie, dat is wat Defensie nodig heeft en stoppen met zwalken.

Onze minister heeft geen keus: zij moet rond Prinsjesdag die ambitie laten zien, zo'n stip op de horizon. Alleen dan kan ze het griezelige lage en steeds verder afnemende vertrouwen van het personeel, dat zij zo looft, ombuigen in een sfeer van ambitie en vooruitzicht. Alleen dan gelooft het defensiepersoneel weer in de politieke leiding en is het misschien bereid om bij Defensie werkzaam te blijven.

Generaal-majoor der Cavalerie b.d. Harm de Jonge is voorzitter van Werkgroep Defensiebeleid en Krijgsmacht van de GOV/MHB, Gezamenlijke Officieren Verenigingen/Middelbaar en Hoger Burgerpersoneel bij Defensie

(Trouw, 9 september 2013)

Kamerlid Wassila Hachchi (D66) over de situatie bij Defensie

Sinds het aantreden van kabinet Rutte 2 is binnen de politieke arena Defensie even geparkeerd. In het Regeerakkoord staat dat het kabinet gaat komen met een nieuwe visie op de krijgsmacht, de aanleiding is het project Vervanging F-16. Pas eind 2013 kan de Kamer de visie en het besluit over de aanschaf van de Joint Strike Fighter verwachten. Minister Hennis weet al ruim een jaar het geduld van de Kamer op de proef te stellen. Bij elk debat verwijst ze naar de op handen zijnde visie.

Overigens deed ze bij haar aantreden wel al stevige uitspraken, zoals “geen bezuinigingen meer op troepen”, “het vlees is toch echt van de botten bij defensie” en “nieuwe bezuinigingen zouden drama zijn”. Het enige wat er tot nog toe over de visie bekend is, lijkt echter te zijn dat er een nieuw gat van 330 miljoen euro gedicht moet worden. Een jaar na de grote schoonmaak van oud minister Hillen waren blijkbaar toch niet alle lijken uit de kast tevoorschijn gekomen.

De minister heeft een batterij aan militairen en medewerkers tot haar beschikking om haar te adviseren. Ze kan die groep zo groot of zo klein maken als zij zelf wil. Ik ben dan ook verbaasd dat Defensiepersoneel kennelijk maar één weg hebben om van zich te laten horen: via de media. Er lijkt de laatste tijd een taboe te heersen op discussie binnen Defensie, waardoor de toenemende frustratie onder de militairen steeds vaker een uiting krijgt naar buiten toe. Als volksvertegenwoordiger en woordvoerder defensie controleer ik de minister straks op de inhoud van haar visie, maar ook het proces. Ik zie een belangrijk verschil met hoe dit onder Rutte 1 verliep.

Oud-minister Hillen opende destijds een mailadres en betrok actief het personeel bij zijn plannen. Het personeel dacht mee en kwam met creatieve oplossingen om de bezuinigingen in te vullen. Kennelijk is dat mailadres met de komst van minister Hennis opgedoekt. Dit Kabinet verwijst als het gaat om de besluitvorming over de toekomst van de krijgsmacht steeds naar de ministeriële commissie waarin ook de premier, vicepremier Asscher en minister Kamp van Economische zaken zitten.

Dat de interne coalitiepolitiek over de JSF bij de PvdA erg moeilijk ligt is misschien geen verrassing, maar de minister wekt door deze aanpak ook de schijn dat met name deze Haagse gevoeligheden bepalend zijn voor de wijze waarop haar visie op de hele krijgsmacht wordt ingekleurd. Daardoor dreigt schade aan de motivatie van militairen en hun vertrouwen in hun toekomst bij Defensie. Geen wonder dat het ondanks de werkeloosheid steeds moeilijker lijkt om jonge mensen te werven. Ruim 60.000 mensen die mee kunnen denken, daar kan ik als Kamerlid met één medewerker tot mijn beschikking nog maar van dromen. Maar het is nog niet te laat. Een e-mailadres is anno 2013 zo weer opengesteld. Misschien kan de minister er voor Prinsjesdag nog haar voordeel mee doen!

(bron: Facebook, 9 september 2013)

vrijdag 6 september 2013

Geen verhoogde waakzaamheid Patriot-batterijen in Turkije

De Verenigde Staten hebben vrijdag aangekondigd dat niet-essentieel personeel van het consulaat-generaal en familieleden weg mogen uit de Turkse stad Adana. Volgens het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken is deze voorzorgsmaatregel genomen in het licht van "de huidige spanningen in de regio, en potentiële dreigingen tegenover Amerikaanse overheidsinstellingen en personeel". Verder wordt Amerikaanse burgers het reizen naar zuid-oost Turkije ontraden.

Adana en de nabijgelegen Amerikaans-Turkse luchtmachtbasis Incirlik Air Base worden tegen aanvallen met ballistische raketten vanuit Syrië beschermd door twee Nederlandse Patriot-batterijen. De Amerikaanse maatregelen leiden niet tot een verhoogde waakzaamheid bij de Patriot-batterijen, zo zei het ministerie vrijdag desgevraagd. De Patriots zijn sinds hun stationering beging dit jaar in het kader van de NAVO al 24/7 volledig paraat, zei een woordvoerder.

Patriot lanceerinrichting, Adana 

De Nederlandse militairen komen niet in de stad Adana; zij werken op het civiele vliegveld van de stad en op de basis Incirlik.

Verder valt op dat er geen extra maatregelen zijn genomen i.v.m. de mogelijke inzet van chemische wapens. Het personeel heeft zijn eigen beschermingsmiddelen, maar speciaal opgeleid CBRN-personeel blijft op stand-by in Nederland. Wel zijn er op de locaties twee (nu dus onbemande) 'snuffelvoertuigen' van het type Fuchs aanwezig.

(Defensie weblog, 6 september 2013)

The Department of State has (...)  approved the drawdown of non-emergency personnel and family members who wish to leave Adana, Turkey. Given the current tensions in the region, as well as potential threats to U.S. Government facilities and personnel, we are taking these steps out of an abundance of caution to protect our employees and their families, and local employees and visitors to our facilities. We will continue to assess the situation and to adjust our security posture accordingly.
(State Department, 6 September 2013)

Staat aansprakelijk voor dood drie moslimmannen Srebrenica

De Nederlandse Staat is aansprakelijk voor de dood van drie moslimmannen uit Srebrenica. Dat heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld.

De mannen hadden hun toevlucht gezocht tot de compound van Dutchbat. Dutchbat besloot hen niet mee te evacueren met het bataljon en stuurde hen op 13 juli 1995 weg van de compound. Buiten de compound werden zij vermoord door het Bosnisch-Servische leger of aanverwante paramilitaire groepen.

In een tweetal uitspraken bevestigt de Hoge Raad eerdere uitspraken van het hof Den Haag uit 2011 (ECLI:NL:GHSGR:2011:BR0132 en ECLI:NL:GHSGR:2011:BR0133) en 2012 (ECLI:NL:GHSGR:2012:BW9015 en ECLI:NL:GHSGR:2012:BW9014) en verwerpt hij het cassatieberoep dat de Staat tegen deze uitspraken instelde.

Achtergrond
In beide zaken gaat het om gebeurtenissen die plaatsvonden kort na de val van de enclave Srebrenica op 11 juli 1995.

Hasan Nuhanović was in dienst van de Verenigde Naties. Hij was als tolk werkzaam op de compound in Potočári waar Dutchbat gelegerd was. Hij beschikte over een VN-pas en stond op de lijst van lokaal personeel dat met Dutchbat mee mocht evacueren. Zijn vader Ibro, zijn moeder Nasiha en zijn broer Muhamed hadden na de val van de enclave hun toevlucht gezocht op de compound. Zij stonden niet op de lijst van lokaal personeel en kregen op 13 juli 1995 te horen dat zij de compound moesten verlaten. Kort daarna zijn zij door het Bosnisch-Servische leger of aanverwante paramilitaire groepen vermoord. Hasan is de eisende partij in de ene zaak.

Rizo Mustafić was in dienst van het gemeentebestuur van Srebrenica en door dit gemeentebestuur bij Dutchbat gedetacheerd, om als elektricien werkzaam te zijn op de compound. Na de val van de enclave had ook Rizo met zijn vrouw en kinderen zijn toevlucht gezocht op de compound. Het gezin kreeg op 13 juli 1995 te horen dat het de compound moest verlaten. Kort daarna is Rizo door het Bosnisch-Servische leger of aanverwante paramilitaire groepen vermoord. Zijn vrouw en kinderen hebben het overleefd. Zij zijn de eisers in de andere zaak.

Twee centrale vragen
In de procedure bij de Hoge Raad staan twee vragen centraal:

1. Kan het optreden van Dutchbat aan de Staat worden toegerekend?
2. Was het optreden van Dutchbat onrechtmatig.

Toerekening?
De Hoge Raad beantwoordt de vraag of het optreden van Dutchbat aan de Staat kan worden toegerekend, aan de hand van het internationaal recht. Daarbij sluit de Hoge Raad aan bij twee regelingen die zijn opgesteld door de International Law Commission van de Verenigde Naties.

De Hoge Raad oordeelt dat het internationaal recht toelaat dat een gedraging niet alleen wordt toegerekend aan de Verenigde Naties, die de leiding hadden over de vredesmissie, maar ook aan de Staat, omdat de Staat effective control had over het verweten optreden van Dutchbat. Het hof heeft dan ook mogen oordelen dat het optreden van Dutchbat aan de Staat wordt toegerekend.

Onrechtmatig?
Het hof heeft beslist dat het optreden van Dutchbat onrechtmatig was volgens het nationale recht van Bosnië-Herzegovina, dat in dit geval van toepassing is. Dit is in cassatie zonder succes bestreden. De Hoge Raad voegt nog toe dat een terughoudende toetsing van het optreden van Dutchbat zoals door de Staat is bepleit, zou betekenen dat nagenoeg geen ruimte zou bestaan voor de beoordeling door de rechter van het optreden van een troepenmacht in het kader van een vredesmissie. Dat is volgens de Hoge Raad onaanvaardbaar. Wel moet de rechter die achteraf de gedragingen van een troepenmacht beoordeelt, ermee rekening houden dat het hier gaat om onder grote druk in een oorlogssituatie genomen beslissingen.

Dit is een nieuwsbericht naar aanleiding van de uitspraken van de Hoge Raad van 6 september 2013. De volledige uitspraken (12/03324 en 12/03329) zijn gepubliceerd op www.hogeraad.nl, ECLI:NL:HR:2013:BZ9225 en ECLI:NL:HR:2013:BZ9228

(Hoge Raad, 6 september 2013)

donderdag 5 september 2013

President Somalië bezoekt Nederlands marineschip

“Somalië staat open voor een verdere samenwerking met de Europese Unie op het gebied van maritieme veiligheid.” Dat zei de Somalische president Hassan Sheik Mohamoud gisteren aan boord van Zr.Ms. Johan de Witt op de Indische Oceaan ter hoogte van de hoofdstad Mogadishu.

Commandeur Lenselink verwelkomt de Somalische president

De president noemde de samenwerking een onderdeel van het verbreden van EU-betrekkingen in Somalië. “Maritieme samenwerking is belangrijk voor verdere stabilisatie en de ontwikkeling van de kustregio’s in mijn land. Ik ben voornemens de eerste schets van een complete maritieme strategie te presenteren tijdens de Brussel Conferentie.”

Maritieme veiligheid
Hassan Sheik Mohamoud en een delegatie van zijn kabinet waren bij de marine te gast voor een bijeenkomst met hoogwaardigheidsbekleders van de EU.  Nadat zij waren geïnformeerd over de vele capaciteiten van het schip, gaf commandeur Peter Lenselink inzicht in de wijze van piraterijbestrijding door marineschepen en maritieme patrouillevliegtuigen. De commandant EU antipiraterijmissie benadrukte daarbij de link die er is tussen de antipiraterijmissie en maritieme veiligheid in de regio.

President Hassan Sheik Mohamoud (re.) krijgt uitleg van
commandeur Lenselink


Juridische mogelijkheden
De hoogwaardigheidsbekleders spraken over samenwerking op verschillende maritieme gebieden. Ook kwamen verschillende EU-capaciteiten aan de orde om te komen tot het ontwikkelingen van een maritieme strategie voor Somalië. Een voorbeeld was het seminar over maritieme criminaliteit van EUCAP Nestor, eveneens gisteren aan boord van het marineschip. Het college met Somalische openbare aanklagers en rechters, richtte zich op de juridische mogelijkheden van Somalische autoriteiten om piraterij en illegale visserij tegen te gaan.

Belangrijke bouwsteen
De bijeenkomst vormde een belangrijke bouwsteen  voor zowel de derde Internationale Antipiraterij Conferentie in Dubai op 11 en 12 september als de ‘New Deal for Somalia’ conferentie van de EU en Somalië op  16 september in Brussel. De ‘New Deal Conference’ onderschrijft de relatie tussen Somalië en de internationale gemeenschap en stelt prioriteiten op het gebied van veiligheid, politiek, en op sociaaleconomisch vlak.

Cougar helikopter met Somalische gasten landt op de Johan de Witt 


3D op en vanuit zee
Een bijeenkomst tussen EU-gezanten voor Somalië en de Somalische president is nog niet eerder voorgekomen op een schip. Lenselink: “Daarnaast zijn de capaciteiten van Zr. Ms. Johan de Witt uitstekend benut voor het faciliteren van een seminar van EUCAP Nestor. Deze samenwerking tussen de EU-missies Atalanta en EUCAP Nestor maakt het mogelijk piraterij effectief, zowel op zee als op het land, te bestrijden. De samenwerking is een schoolvoorbeeld van 3D op en vanuit zee.”

Nederland draagt sinds 2009 bij aan piraterijbestrijding voor de kust van Somalië, zowel in EU- als in NAVO-verband.

(ministerie van Defensie, 5 september 2013)

The Lighter Side of Journalism

by Hans de Vreij

Have you ever wondered how information can 'leak', or which mysterious persons hide behind the word 'sources'? Here is a mini-dictionary of journalistic jargon.

Anonymous
As in "a source who wishes to remain anonymous". By definition, sources wish to remain anonymous, otherwise they'd lose their job.

Confirm nor deny
The information is correct, but it's a bit early or counterproductive to confirm that officially. As in: 'a Pentagon spokesman could confirm nor deny reports that an all-out attack against Syria was imminent.'

Diplomats
Always used in the plural form, but almost invariably referring to a single diplomat who has been kind enough to answer a question. 'A diplomat', however, is not enough to satisfy discerning editors (or readers), who insist on two independent sources. Hence the plural.

Exclusive
The journalist in question beats the competition and gets the first copy of a new report. Or, the journalist is the first to get the brilliant idea to interview an important person. Also, CNN has a tendency to label everything it airs 'exclusive'.

Hit and Run
Civil servants and diplomats, beware! A 'hit and run' journalist can wreak utter havoc. This is because the culprit does not plan to return to the scene of the crime and can therefore write anything he/she wants.

Leak
Unlike plumbing, information does not leak spontaneously. 'Leaked information' refers to reports that have been deliberately handed over to one or more journalists. The culprit does this because a) he really hates his superior (usually a minister), or b) because a minister really hates a colleague whom he hopes to embarrass with the 'leaked' report.

News
Entire armies of journalists earn a decent living by teaching future colleagues in schools of journalism what news really is. Why bother? You will see when something is real news when CNN devotes a 'Special Report' to it. Better still, when an issue is labeled "Breaking News".

Observers
Among the most favorite words in any juicy article. I can now reveal that the term 'observers' usually refers to the journalist himself or someone in his/her close vicinity, such as a taxi driver, spouse, or a friend.

Public opinion
Journalists love public opinion surveys, especially when the results match their presumptions.

Scoop
Bar the Pulitzer Prize, this is the ultimate goal of every journalist. To scoop the competition means instant jealousy among colleagues or, better still, a pay rise.

Sources
Probably the most abused journalistic expression. More often than not, 'sources' refers to a single person (civil servant, diplomat, expert) who feels compelled to inform a journalist about certain developments. But since the source also has a career to mind, no names can be mentioned.

Are there other words you want to know more about? Let me know! hdevreij [at] gmail