Vanmiddag vindt op het Nederlandse kamp Castor in Mali de commando-overdracht plaats van de Special Operations Land Task Group (SOLTG). Het Korps Mariniers lost daarmee de vertrekkende lichting van de SOLTG af die voornamelijk bestond uit special forces van het Korps Commandotroepen (KCT). Eén van de kerntaken van de eenheid is het verzamelen van inlichtingen voor de VN-missie MINUSMA.
Afgelopen vrijdag vertrok een grote groep mariniers vanaf Vliegbasis Eindhoven richting Mali. Aantredend commandant majoor der mariniers Roland zegt dat zijn eenheid er klaar voor is: “Na 3 jaar voornamelijk antipiraterijoperaties op zee gedaan te hebben, is het nu weer tijd om diep landinwaarts te gaan. We zijn er klaar voor. Van zee naar land gaan is natuurlijk onze specialisatie als mariniers.”
MINUSMA
De Nederlandse SOF-eenheid bevindt zich in Gao en wordt direct aangestuurd door de Force Commander die zich in het MINUSMA hoofdkwartier in Bamako bevindt. De primaire behoefte van de MINUSMA missie ligt bij SOF-eenheden die lange afstand verkenningen uitvoeren. Dit zijn meerdaagse activiteiten waarbij de SOF-eenheid informatie verzamelt in veraf gelegen gebieden. Hiermee draagt de SOF bij aan de verbetering van de informatiepositie van MINUSMA.
Special Operations Forces (SOF) Nederland
De Nederlandse SOF bestaan uit het Korps Commandotroepen en de Netherlands Maritime Special Operations Force (NLMARSOF) van het Korps Mariniers. SOF bestaan uit speciaal opgeleid personeel dat onder alle (klimatologische) omstandigheden en zeer snel kan worden ingezet. Inzet van SOF kan heimelijk of openlijk plaatsvinden, met een kleine eenheid of een robuuste capaciteit en vindt vooral plaats in gebieden die niet (volledig) onder controle zijn. De kerntaken van SOF zijn Special Reconnaissance (speciale verkenningen), Military Assistance (bijdrage aan opbouw lokaal veiligheidsapparaat) en Direct Action (offensieve operaties).
(ministerie van Defensie, 28 april 2015)
Posts tonen met het label MARSOF. Alle posts tonen
Posts tonen met het label MARSOF. Alle posts tonen
dinsdag 28 april 2015
maandag 2 juni 2014
Mali: Nederlandse eenheden overgedragen aan MINUSMA
De Nederlandse eenheden in Mali vallen sinds vandaag officieel onder de VN-missie MINUSMA. Met de zogenoemde Transfer of Authority is de missie voor de ongeveer 400 Nederlandse militairen echt begonnen.
MINUSMA
De Verenigde Naties (VN) proberen de veiligheid en stabiliteit in Mali te herstellen. Dit gebeurt met de Multidimensional Integrated Stabilisation Mission in Mali (MINUSMA). Nederland levert sinds april 2014 een belangrijke bijdrage aan deze VN-missie. Het gaat om zo’n 370 man en 4 Apache-gevechtshelikopters. Vanaf oktober komen daar nog 3 Chinook-transporthelikopters bij en circa 70 man. Halverwege 2015 besluit de regering of ze de missie verlengt.
Nederlandse bijdrage in Mali
Speciale eenheden vormen de operationele kern op de grond. Zij gaan vooral verkenningen uitvoeren en inlichtingen verzamelen. Die informatie gebruikt de commandant van de VN-missie om operaties voor te bereiden. De Nederlanders vormen daarmee de ‘oren en ogen’ binnen de VN-missie. Daarnaast helpt een dertigtal politiefunctionarissen en een aantal civiele deskundigen de Malinese politie en rechtsstaat te verbeteren. De eenheden werken vanuit het sectorhoofdkwartier in Gao. Enkele stafofficieren hebben hun werkplek op het Minusma-hoofdkwartier in de hoofdstad Bamako.
Helikopters
Defensie levert 4 Apache-gevechtshelikopters, waarover commandant Minusma generaal-majoor Jean Bosco Kazura zeggenschap heeft. De toestellen voeren verkenningen uit en escorteren eenheden. Ook kunnen ze dreigend optreden (show of force) of vuursteun leveren. Verder verzamelen de Apaches inlichtingen met hun sensoren. Later dit jaar arriveren ook 3 Chinook-transporthelikopters, vooral bestemd voor medische evacuaties. Tot die tijd opereren de eenheden alleen op grotere afstand van Gao als de Franse operatie Serval de medische evacuatie garandeert.
(ministerie van Defensie, 2 juni 2014)
MINUSMA
De Verenigde Naties (VN) proberen de veiligheid en stabiliteit in Mali te herstellen. Dit gebeurt met de Multidimensional Integrated Stabilisation Mission in Mali (MINUSMA). Nederland levert sinds april 2014 een belangrijke bijdrage aan deze VN-missie. Het gaat om zo’n 370 man en 4 Apache-gevechtshelikopters. Vanaf oktober komen daar nog 3 Chinook-transporthelikopters bij en circa 70 man. Halverwege 2015 besluit de regering of ze de missie verlengt.
Nederlandse bijdrage in Mali
Speciale eenheden vormen de operationele kern op de grond. Zij gaan vooral verkenningen uitvoeren en inlichtingen verzamelen. Die informatie gebruikt de commandant van de VN-missie om operaties voor te bereiden. De Nederlanders vormen daarmee de ‘oren en ogen’ binnen de VN-missie. Daarnaast helpt een dertigtal politiefunctionarissen en een aantal civiele deskundigen de Malinese politie en rechtsstaat te verbeteren. De eenheden werken vanuit het sectorhoofdkwartier in Gao. Enkele stafofficieren hebben hun werkplek op het Minusma-hoofdkwartier in de hoofdstad Bamako.
Helikopters
Defensie levert 4 Apache-gevechtshelikopters, waarover commandant Minusma generaal-majoor Jean Bosco Kazura zeggenschap heeft. De toestellen voeren verkenningen uit en escorteren eenheden. Ook kunnen ze dreigend optreden (show of force) of vuursteun leveren. Verder verzamelen de Apaches inlichtingen met hun sensoren. Later dit jaar arriveren ook 3 Chinook-transporthelikopters, vooral bestemd voor medische evacuaties. Tot die tijd opereren de eenheden alleen op grotere afstand van Gao als de Franse operatie Serval de medische evacuatie garandeert.
(ministerie van Defensie, 2 juni 2014)
Labels:
commando's,
DHC,
ISTAR,
KCT,
Korps Commandotroepen,
Mali,
MARSOF,
MINUSMA,
MIVD,
Scorpion,
SOLTG,
Special Forces
woensdag 14 mei 2014
Dapperheidsonderscheidingen voor vier Afghanistanveteranen
Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert heeft vanmiddag in Breda vier zogenoemde dapperheidsonderscheidingen uitgereikt (3 x Bronzen Kruis, 1x Kruis van Verdienste). De decorandi zijn vier Afghanistanveteranen die zich onder zware gevechtsomstandigheden hebben onderscheiden.
De Bronzen Kruizen zijn vanmiddag voor majoor der mariniers Christian, infanterie-kapitein Erik en sergeant 1 van de genie Minze. Het Kruis van Verdienste krijgt sergeant-majoor van de mariniers Pascal. De twee mariniers en twee landmachters maakten in 2009 en 2010 deel uit van Taskforce 55, een eenheid van special forces die vaak bij nacht en ontij in kleine groepen gedurfde acties ondernamen om tegenstanders aan te grijpen of te ontregelen.
De militairen hebben veel fysiek zware en levensgevaarlijke missies uitgevoerd. Bij veel krachtmetingen bleken de decorandi en hun collega’s veruit in de minderheid. Ook kregen zij zeer vaak te maken met een hoge dreiging van Improvised Explosive Devices, klein-kaliber-wapens en antitankgranaten. In plaats van terug te deinzen, schroomden de militairen niet om het gevecht aan te gaan. De decorandi gingen daarbij als leidinggevenden voorop in de strijd.
De vier militairen deden wat zij zelf als ‘vanzelfsprekend’ bestempelen. Dat is het echter niet; met gevaar voor eigen leven deden zij wat nodig was voor hun kameraden, hun Afghaanse collega’s, de Afghaanse bevolking en de Nederlandse missie in Afghanistan.
Een militair komt niet zomaar in aanmerking voor een dapperheidsonderscheiding. Hier gaat een uitgebreid onderzoek aan vooraf. Hierbij wordt gelet op kwaliteiten als moed, beleid, trouw, initiatief, inzicht, vakmanschap en een hoge mate van zelfopoffering.
(ministerie van Defensie, 14 mei 2014)
De Bronzen Kruizen zijn vanmiddag voor majoor der mariniers Christian, infanterie-kapitein Erik en sergeant 1 van de genie Minze. Het Kruis van Verdienste krijgt sergeant-majoor van de mariniers Pascal. De twee mariniers en twee landmachters maakten in 2009 en 2010 deel uit van Taskforce 55, een eenheid van special forces die vaak bij nacht en ontij in kleine groepen gedurfde acties ondernamen om tegenstanders aan te grijpen of te ontregelen.
![]() |
| De onderscheiden militairen. Operators van het KCT en MARSOF-mariniers worden nooit herkenbaar in beeld gebracht (foto Defensie) |
De militairen hebben veel fysiek zware en levensgevaarlijke missies uitgevoerd. Bij veel krachtmetingen bleken de decorandi en hun collega’s veruit in de minderheid. Ook kregen zij zeer vaak te maken met een hoge dreiging van Improvised Explosive Devices, klein-kaliber-wapens en antitankgranaten. In plaats van terug te deinzen, schroomden de militairen niet om het gevecht aan te gaan. De decorandi gingen daarbij als leidinggevenden voorop in de strijd.
De vier militairen deden wat zij zelf als ‘vanzelfsprekend’ bestempelen. Dat is het echter niet; met gevaar voor eigen leven deden zij wat nodig was voor hun kameraden, hun Afghaanse collega’s, de Afghaanse bevolking en de Nederlandse missie in Afghanistan.
Een militair komt niet zomaar in aanmerking voor een dapperheidsonderscheiding. Hier gaat een uitgebreid onderzoek aan vooraf. Hierbij wordt gelet op kwaliteiten als moed, beleid, trouw, initiatief, inzicht, vakmanschap en een hoge mate van zelfopoffering.
(ministerie van Defensie, 14 mei 2014)
donderdag 6 maart 2014
Special Forces Mali krijgen toch gevechtskleding van Defender M
De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
6 maart 2014
Aanvullende informatie over gevechtskleding voor Mali
Op 13 januari jl. heeft de Kamer mijn antwoorden ontvangen op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) en van het lid Vuijk (VVD) over de gevechtskleding voor de missie naar Mali (Aanhangsel van de Handelingen, vergaderjaar 2013-2014, nr. 914). Graag stuur ik u in aanvulling op die antwoorden nieuwe informatie over de uitrusting van de Nederlandse speciale eenheden in die missie.
In de antwoorden op bovengenoemde vragen schrijf ik dat voor de missie naar Mali geen nieuwe gevechtskleding is aangeschaft. Bij de speciale eenheden bestaat echter de behoefte om, net als destijds in Afghanistan, een aangepast kledingpakket te gebruiken. Het betreft een zogenaamd multicam uniform, dat speciaal is gemaakt voor optreden onder extremere omstandigheden. Gezien de verwachte terrein- en weersomstandigheden en de uit te voeren taak waarbij langdurig meerdaags optreden onder extreme omstandigheden te verwachten is, past het aangepaste kledingpakket goed bij het beoogde optreden van de speciale eenheden.
Van deze kleding heeft Defensie voor inzet in Afghanistan een kleine hoeveelheid aangeschaft, waarvan geen bruikbare voorraad meer resteert. Daarom zijn voorbereidingen getroffen voor de verwerving van nieuwe kleding. Ik acht het van belang u hierover te informeren omdat Defensie nu wel kleding ontvangt die is gemaakt van de stof Defender M.
Omdat voor deze kledingbehoefte geen raamcontract bestond, moest het KPU-bedrijf de nieuwe gevechtskleding aanbesteden. Daarvoor heeft het KPU-bedrijf een korte marktverkenning gedaan. Voorafgaand aan de marktverkenning is binnen Defensie overleg gevoerd over de eisen waaraan deze kleding moest voldoen. Daarbij is gebruik gemaakt van een concept behoeftestelling voor gevechtskleding voor speciale eenheden waarin hogere eisen worden gesteld, onder andere aan vlamwerendheid, insectenwerendheid en draagbaarheid. Hoewel deze behoeftestelling nog niet is vastgesteld door de Commandant der Strijdkrachten, zijn deze eisen dus wel het uitgangspunt geweest bij de aanschaf waarover we nu spreken.
Uit de marktverkenning van het KPU-bedrijf bleek dat twee leveranciers de kleding binnen de gevraagde termijn konden leveren. Beide leveranciers konden verschillende stoffen leveren. Alleen van de stof Defender M van de firma Ten Cate waren certificaten beschikbaar die aantoonden dat aan de eisen wordt voldaan. Met het oog op de start van de missie in Mali ontbrak de tijd voor nader onderzoek naar de overige stoffen.
Momenteel wordt kleding aangeschaft voor enkele rotaties speciale eenheden. Zodra dat nodig is zal de voorraad worden aangevuld. Besloten is de kleding tijdens de missie in Mali in het kader van Concept Development & Experimentation (CD&E) te evalueren. De uitkomsten daarvan worden meegenomen in de behoeftestelling voor het project Defensie Operationeel Kledingsysteem (DOKS), waarin Defensie de vervanging van alle gevechtskleding voorbereidt.
DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert
(Tweede Kamer, 6 maart 2014)
6 maart 2014
Aanvullende informatie over gevechtskleding voor Mali
Op 13 januari jl. heeft de Kamer mijn antwoorden ontvangen op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) en van het lid Vuijk (VVD) over de gevechtskleding voor de missie naar Mali (Aanhangsel van de Handelingen, vergaderjaar 2013-2014, nr. 914). Graag stuur ik u in aanvulling op die antwoorden nieuwe informatie over de uitrusting van de Nederlandse speciale eenheden in die missie.
In de antwoorden op bovengenoemde vragen schrijf ik dat voor de missie naar Mali geen nieuwe gevechtskleding is aangeschaft. Bij de speciale eenheden bestaat echter de behoefte om, net als destijds in Afghanistan, een aangepast kledingpakket te gebruiken. Het betreft een zogenaamd multicam uniform, dat speciaal is gemaakt voor optreden onder extremere omstandigheden. Gezien de verwachte terrein- en weersomstandigheden en de uit te voeren taak waarbij langdurig meerdaags optreden onder extreme omstandigheden te verwachten is, past het aangepaste kledingpakket goed bij het beoogde optreden van de speciale eenheden.
Van deze kleding heeft Defensie voor inzet in Afghanistan een kleine hoeveelheid aangeschaft, waarvan geen bruikbare voorraad meer resteert. Daarom zijn voorbereidingen getroffen voor de verwerving van nieuwe kleding. Ik acht het van belang u hierover te informeren omdat Defensie nu wel kleding ontvangt die is gemaakt van de stof Defender M.
Omdat voor deze kledingbehoefte geen raamcontract bestond, moest het KPU-bedrijf de nieuwe gevechtskleding aanbesteden. Daarvoor heeft het KPU-bedrijf een korte marktverkenning gedaan. Voorafgaand aan de marktverkenning is binnen Defensie overleg gevoerd over de eisen waaraan deze kleding moest voldoen. Daarbij is gebruik gemaakt van een concept behoeftestelling voor gevechtskleding voor speciale eenheden waarin hogere eisen worden gesteld, onder andere aan vlamwerendheid, insectenwerendheid en draagbaarheid. Hoewel deze behoeftestelling nog niet is vastgesteld door de Commandant der Strijdkrachten, zijn deze eisen dus wel het uitgangspunt geweest bij de aanschaf waarover we nu spreken.
Uit de marktverkenning van het KPU-bedrijf bleek dat twee leveranciers de kleding binnen de gevraagde termijn konden leveren. Beide leveranciers konden verschillende stoffen leveren. Alleen van de stof Defender M van de firma Ten Cate waren certificaten beschikbaar die aantoonden dat aan de eisen wordt voldaan. Met het oog op de start van de missie in Mali ontbrak de tijd voor nader onderzoek naar de overige stoffen.
Momenteel wordt kleding aangeschaft voor enkele rotaties speciale eenheden. Zodra dat nodig is zal de voorraad worden aangevuld. Besloten is de kleding tijdens de missie in Mali in het kader van Concept Development & Experimentation (CD&E) te evalueren. De uitkomsten daarvan worden meegenomen in de behoeftestelling voor het project Defensie Operationeel Kledingsysteem (DOKS), waarin Defensie de vervanging van alle gevechtskleding voorbereidt.
DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert
(Tweede Kamer, 6 maart 2014)
donderdag 26 december 2013
Nederlandse missie in Mali
Officiële naam
Republiek Mali / République du Mali
Oppervlakte
1.240.192 km² (ruim 30 keer Nederland)
Hoofdstad
Bamako
Inwoner
Malinees (m), Malinese (v)
Aantal inwoners
Circa 15 miljoen
Inkomen per inwoner per jaar
$ 700 (NL: $ 50.300)
Talen
Frans, Bamakan en andere Mandétalen
Gemiddelde levensverwachting
51,8 jaar (NL: 80,1 jaar)
Munteenheid
CFA-franc (XOF)
Bevolking
Bambara (32%), Fulani of Peul (14%), Senufo (12%), Soninke (9%), Touareg (7%), Songhai (7%) en de Malinke of Mandingo, Mandinke (7%). Ongeveer 10% van de bevolking leeft als nomaden.
Religie
Islamitisch 80 % , traditionele godsdiensten 9%, christendom 1,2%. Het land is sinds de oprichting in 1969 lid van de Organisatie van de Islamitische Conferentie.
Geografie
Mali bestaat voor 70% uit woestijn of semiwoestijn. In het zuidwesten liggen enkele grote rivieren, namelijk de Niger, Sénégal en de Bani.
Klimaat
Het noorden van het land heeft een woestijnklimaat en er is praktisch het hele jaar geen regenval. Het regenseizoen in het zuiden is van mei tot oktober.
Economie
Terwijl het noorden alleen door het woestijnvolk van de Touareg bewoond wordt, leeft 90% van de overwegend islamitische bevolking in het zuiden. Het aantal emigranten naar de buurlanden is door de in Mali heersende armoede zeer groot. Voor meer dan 80% van de bevolking is de landbouw de basis van het bestaan. Ook nomadische veeteelt in de Sahelzone en visserij in de Nigerdelta zijn belangrijk de voedselvoorziening. De industriesector levert met de verwerking van agrarische producten 15% van het BNP. Mali heeft verschillende grondstoffen. Alleen zout en goud worden op grote schaal ontgonnen.
Achtergrond
Onrust
Na ruim 60 jaar Franse overheersing kreeg Mali in 1958 autonoom bestuur. Het nieuwe marxistisch georiënteerde bewind faalde economische groei te brengen en riep in 1967 de permanente revolutie uit die het land in chaos en geweld stortte. Een staatsgreep en opeenvolgende watertekorten en droogtes verergerde de situatie. In 1990 brak in het noorden van het land een opstand van de Toearegs uit die in eerste instantie naar onafhankelijkheid streefden. De Toearegrebellenbeweging Mouvement Populaire pour la Libération de l'Azawad bracht het Malinese leger enkele nederlagen toe.
Vredesverdrag
Na maanden vol strijd voorzag een vredesverdrag, het Pacte National, in een decentrale overheid, meer autonomie voor het noorden, economische ontwikkeling voor de regio's en het houden van vrije verkiezingen. Een definitieve vrede met de Toearegs bleef echter uit. In 1994 ontaardde het conflict in interne gevechten tussen verschillende Toearegstammen onderling, en tussen de Toearegs en de Songhaibevolking, waarbij veel burgerslachtoffers vielen. In 1996 keerde de vrede terug in het noorden na een langdurig proces van verzoening tussen de verschillende stammen en bevolkingsgroepen.
21e eeuw
Na tien jaar vrede laaide de strijd in mei 2006 weer kort op. De Touaregs eisten de volledige uitvoering van het oorspronkelijke Pacte National uit 1992. Na de Libische burgeroorlog in 2011 keerden veel Touaregs die voor Qadhafi hadden gevochten zwaar bewapend terug naar Mali. Ze begonnen een veroveringstocht om het noorden van het land in te nemen. De regering en het leger konden hen niet de baas en, na maanden van ontevredenheid over leiding en uitrusting, pleegden soldaten een staatsgreep waarbij de president werd verjaagd. Na onderhandelingen met de Economic Community Of West African States (ECOWAS) werd een overgangsregime geïnstalleerd. In januari 2013 zetten de rebellen opnieuw een offensief naar het zuiden in.
Franse interventie
De situatie in het noorden van het land verslechterde zo snel, dat Frankrijk (op aanvraag van Mali) besloot tot militair ingrijpen. Vanaf Franse bases in Mali voerde het Franse leger op vrijdag 11 januari 2013 luchtaanvallen uit op de rebellen. Het tegenoffensief dat met ‘Operatie Serval’ werd ingezet, was succesvol. De rebellen werden teruggedreven naar het noorden. Door snelle interventie door Frankrijk, unaniem gesteund door de VN Veiligheidsraad, kon de territoriale integriteit van Mali hersteld worden. Nu moesten de democratie en de grondwettelijke orde in het land hervonden worden.
Verkiezingen
Verkiezingen in juli 2013 verliepen naar omstandigheden goed. Het verzoeningsproces is gestart. De vraag is in hoeverre de situatie echt stabiel is. Nog streven groepen Touaregs naar onafhankelijkheid. Ook waren er verschillende aanslagen in noordelijke steden.
MINUSMA
Internationaal was de bezorgdheid over de crisis in Mali groot.
December 2012: De VN Veiligheidsraad besluit een African-led International Support Mission in Mali (AFISMA) te autoriseren.
Februari 2013: de EU richt een trainingsmissie op ter versterking van het Malinese leger (EUTM Mali). 25 april 2013: de VN Veiligheidsraad richt de opvolger van AFISMA op. Met resolutie 2100 zag de ‘VN multidimensionele geïntegreerde stabilisatiemissie in Mali’ (MINUSMA) vredesmacht het licht.
1 juli 2013: MINUSMA neemt taken van het huidige VN-kantoor in Mali, UNOM, AFISMA en de ECOWAS-vredesmacht over. Verder werkt de missie, met name op logistiek en administratief vlak, ook samen met de United Nations Mission in Liberia (UNMIL) en de , United Nations Operation in Côte d'Ivoire (UNOCI), die in respectievelijk Liberia en Ivoorkust opereren. De sterkte van de missie wordt opgebouwd naar uiteindelijk 12.600 man.
Hoofddoelstellingen
MINUSMA kreeg een mandaat van twaalf maanden met volgende hoofddoelstellingen mee:
1. De belangrijkste bevolkingscentra stabiliseren en meewerken aan de uitbreiding van het staatsgezag over heel het land
2. De uitvoering van het overgangsplan van de regering, inclusief de dialoog en verkiezingen, ondersteunen
3. De bevolking en VN-personeel beschermen
4. De mensenrechten bevorderen
5. De levering van noodhulp ondersteunen
6. Het cultureel erfgoed van Mali helpen beschermen
7. Inspanningen om oorlogsmisdadigers voor de rechter te brengen ondersteunen
8. Er is een Europese trainingsmissie, EUTM, om de Malinese veiligheidsdiensten op te leiden en te adviseren.
Operatie Serval
De Franse operatie ‘Serval’ zal, synchroon met de opbouw van MINUSMA zullen worden afgeslankt, maar als parallel force (militaire escalatiemacht) beschikbaar blijven. Over de precieze vorm en uitvoering van deze steun zijn afspraken gemaakt met de VN.
Nederlandse bijdrage aan MINUSMA
Nederland levert een bijdrage aan de UN Multidimensional Integrated Stabilisation Mission in Mali (MINUSMA). Deze nieuwe missie, de op drie na grootste van de VN, is op 1 juli 2013 begonnen onder leiding van de Speciale Vertegenwoordiger van de Secretaris Generaal van de VN, Bert Koenders.
Doel
MINUSMA heeft ten doel om de stabiliteit in Mali te herstellen en de burgerbevolking te beschermen. Op de lange termijn is het doel structurele stabiliteit en versterking van het Malinese overheidsapparaat zodat Mali weer in staat is zelfstandig veiligheid en rechtsorde te waarborgen. De VN Veiligheidsraad heeft MINUSMA voorzien van een robuust mandaat, zodat in het uiterste geval met geweld kan worden opgetreden.
Overwegingen
Het is (mede) in Nederlands belang te voorkomen dat deze kwetsbare regio (vlakbij de zuidgrens van Europa) nog verder destabiliseert. Op verzoek van de VN heeft Nederland besloten een bijdrage te leveren aan MINUSMA. Deelname aan deze missie dient verschillende Nederlandse belangen waaronder de volgende:
• Een instabiel en ongecontroleerd noorden van Mali is een potentiële broedplaats voor gewelddadig extremisme en grensoverschrijdende criminaliteit aan de rand van Europa. De dreiging die daar van uitgaat beperkt zich niet tot de eigen regio, maar kan ook Europa en Nederland raken (terrorisme, drugs/wapens, illegale migratie).
• De humanitaire situatie in het noorden van Mali is schrijnend. Burgers, vooral in het noorden, moeten worden beschermd tegen geweld, onrechtvaardigheid en armoede.
• Noord-Afrika is voor Nederland en andere Europese landen een belangrijke handelspartner voor grondstoffen en energiebronnen. Instabiliteit Mali en Sahel brengt bereikbaarheid en beschikbaarheid daarvan in gevaar.
• Mali heeft de internationale gemeenschap expliciet om hulp gevraagd. Er is daarnaast een duidelijke en breed gedragen mandaat voor het VN-optreden in Mali. De VN heeft Nederland verzocht om een bijdrage aan MINUSMA. Met deze bijdrage komt Nederland tegemoet aan een kritieke behoefte van MINUSMA.
• Mali wil en kan in zekere mate zelfredzaam zijn. De doelstellingen van MINUSMA op het gebied van stabilisering, noodhulp en steun bij verkiezingen zijn haalbaar. Dit biedt kansen, want hiermee ligt er een basis voor duurzame wederopbouw en een politiek-sociaal contract met het noorden.
• Nederland levert een integrale, herkenbare bijdrage aan een geïntegreerde VN-missie, waarbij aansluiting kan en zal worden gezocht met de bilaterale inspanningen op het gebied van ontwikkelingssamenwerking. Nederland heeft een sterke uitgangspositie in Mali: we beschikken als betrouwbare en neutrale ontwikkelingspartner over de nodige kennis, ervaring en contacten.
• Nederland is sterk gebaat bij internationale samenwerking. Met deze bijdrage dragen we medeverantwoordelijkheid voor internationale veiligheid, stabiliteit en een functionerende rechtsorde. Een waardevolle en zichtbare bijdrage aan MINUSMA dient de internationale belangen van Nederland op de middellange termijn.
Inlichtingen MINUSMA
Het commando van de All Sources Information Fusion Unit (ASIFU) bevindt zich op het hoofdkwartier (HQ) van MINUSMA te Bamako. Hier stuurt ASIFU de inlichtingenoperatie aan, coördineert de informatiestromen en analyseert en integreert de verzamelde informatie en inlichtingen tot inlichtingenproducten.
Belang inlichtingen
De operatie is sterk afhankelijk van inlichtingen. Deze inlichtingen dienen als basis voor de planning van en besluitvorming rond operaties door de militaire commandant van de missie. Bovendien spelen ze een belangrijke rol in het garanderen van de veiligheid voor de ingezette eenheden.
In het veld
In de sectorhoofdkwartieren (SHQ) van MINUSMA, respectievelijk te Timboektoe en Gao, bevinden zich de operationele onderdelen van de ASIFU. Deze onderdelen zijn verantwoordelijk voor het verzamelen en verwerken van de gegevens uit hun sector tot inlichtingenproducten voor enerzijds het HQ in BAMAKO en anderzijds de MINUSMA-brigades van de sector waarin zij zich bevinden.
Verschillende domeinen
De inlichtingen benodigd voor MINUSMA beperken zich niet tot inlichtingen over de opstandige en gewapende groeperingen. Om een geïntegreerd beeld te scheppen focust ASIFU op inlichtingen in de domeinen Politiek, Militair, Economisch, Sociaal, Infrastructuur en Informatie.
Nederlandse inlichtingenbijdrage MINUSMA
Delen van het Nederlandse Joint Intelligence, Surveillance, Target Acquisition & Reconnaissance Commando (JISTARC) worden voor MINUSMA ontplooid voor het verzamelen en verwerken van inlichtingen. In Gao komt een Nederlandse ASIFU-compagnie van circa 50 personen. Voor het verkrijgen van inlichtingen wordt een human terrain team uitgezonden. Daarnaast levert het JISTARC een eenheid met de ScanEagle en Raven unmanned aerial vehicles voor het verzamelen van beeldinformatie. De ASIFU-compagnie ontvangt ook informatie vanuit de Nederlandse special operations forces die in het veld verkenningen uitvoeren en van de Apache helikopters met speciale sensoren die Nederland in Gao stationeert.
| Vliegveld en militaire basis in Gao (foto RFI) |
De Nederlandse bijdrage bestaat uit ongeveer 30 man voor de politiecomponent en ongeveer 220 man voor de inlichtingenketen van de militaire component van de VN-missie. Dit betreft analisten, verkenners en een detachement met vier Apache gevechtshelikopters. Voor de ondersteuning zijn voorts 128 militairen nodig. Ook streeft Nederland naar een bijdrage van civiele deskundigen, onder meer op het terrein van gender, bescherming van burgers, rechtsstaatontwikkeling, security sector reform en de bescherming van cultureel erfgoed. Zoals gebruikelijk zijn bij aanvang en de beëindiging van militaire missies extra militairen nodig in de ondersteuning. De bijdrage aan MINUSMA past goed binnen de bilaterale ontwikkelingsinspanningen van Nederland, in het bijzonder het programma Veiligheid en Rechtsorde. Dit programma richt zich vooral op de ondersteuning van het Malinese justitieapparaat. Daarnaast zal worden gekeken hoe het programma kan worden toegesneden op de politiecomponent van MINUSMA. Het streven is om de Nederlandse bijdrage aan de politiecomponent in te zetten in de regio Gao, waar ook het Veiligheid en Rechtsorde programma actief is.
![]() |
| Infographic: ministerie van Defensie |
Inzet tot 2015
De Nederlandse inzet loopt, in beginsel, tot midden 2015. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat de VN Veiligheidsraad het mandaat van MINUSMA na 25 april 2014 verlengt. Midden 2015 zal de Nederlandse bijdrage geëvalueerd worden. Mede op grond van die ‘weging’ zal het kabinet een besluit nemen over de verlenging of de beëindiging van (elementen van) de Nederlandse bijdrage aan deze VN-missie vanaf midden 2016.
Tijdens MINUSMA voeren special operations forces (SOF) eenheden verkenningen uit. Door het vergaren van inlichtingen draagt SOF bij aan de verbetering van de informatiepositie van de missie. Daarnaast kan de SOF-eenheid ook onbeperkte Direct Action-taken uitvoeren. Hierbij kan worden gedacht aan het ontmantelen van verdekte wapenopslagplaatsen, het creëren van Freedom of Movement voor VN-eenheden en het oppakken van opponenten die zich bezighouden met het fabriceren van Improvised Explosive Devices (IED’s).
Nederlandse SOF
De Nederlandse SOF bestaan uit het Korps Commandotroepen en de maritieme SOF (NLMARSOF) van het Korps Mariniers. SOF bestaan uit speciaal opgeleid personeel dat onder alle (klimatologische) omstandigheden en zeer snel kan worden ingezet. Inzet van SOF kan heimelijk of openlijk plaatsvinden, met een kleine eenheid of een robuuste capaciteit en vindt vooral plaats in gebieden die niet (volledig) onder controle zijn. De kerntaken van SOF zijn Special Reconnaissance (speciale verkenningen), Military Assistance (bijdrage aan opbouw lokaal veiligheidsapparaat) en Direct Action (offensieve operaties)
Gao
De Nederlandse SOF-eenheid bevindt zich in Gao, onder directe aansturing van de militaire commandant in het MINUSMA hoofdkwartier in Bamako. Om de aansturing goed te laten verlopen plaatst Nederland hier ook een SOF plannings- en liaisonelement.
Taken
De Nederlandse SOF-eenheden voeren primair lange-afstandsverkenningen uit. Dit zijn meerdaagse activiteiten waarbij de SOF-eenheden informatie verzamelen in veraf gelegen gebieden. Direct Action-taken worden niet uitgesloten. Daarnaast is de eenheid in staat om Military Assistance uit te voeren door samen te werken met Malinese speciale eenheden.
Opzet SOF-operatie
De operationele kern wordt gevormd door drie SOF-ploegen, in totaal zo’n 90 personen. Een staf zorgt voor de planning en aansturing van de operaties. Verder gaan o.a. een team verkenners, een groep mortieren (3 stuks 81mm), twee personen van Elektronische Oorlogsvoering, een medisch team, een team van de Explosieven OpruimingsDienst Defensie, verbindings-, onderhouds- en logistiek personeel mee. Ook moet in noodgevallen kunnen worden teruggegrepen op ondersteuning in de vorm van een Quick Reaction Force of Close Air Support en, in voorkomend geval, een medische evacuatie.
Materieel
De SOF-eenheid beschikt over verschillende voertuigen, waaronder de Bushmaster, de Fennek, de Mercedes Benz (MB) G280 CDI en de quad. De Bushmaster is een licht gepantserd voertuig en biedt bescherming tegen klein kaliber wapens, mijnen en IED’s. De MB is het standaard tactische wielvoertuig waarmee SOF opereert. De Quad maakt, vanwege de terreinvaardigheid deel uit van het operationele concept van SOF. Het verkenningsteam werkt met de Fennek, een tactisch wielverkenningsvoertuig.
![]() |
| Fennek.. Links .50 mitrailleur, rechts sensormast (foto Defensie) |
![]() |
| Mercedes-Benz G280 CDI met .50 en 7,62mm mitrailleurs |
Apaches
Nederland draagt onder andere bij aan MINUSMA bij door het leveren van 4 Apache AH-64 gevechtshelikopters.
MINUSMA
De Apache helikopters vallen gedurende de inzet voor MINUSMA rechtstreeks onder de militaire commandant van MINUSMA. Deze commandant wijst dus taken toe aan de eenheid. Hierbij kan gedacht worden aan: uitvoeren van verkenningen, escorteren van eenheden, Show of force en het leveren van vuursteun voor grondeenheden.
![]() |
| Apache (foto Defensie) |
Opereren vanuit Gao
Door de Nederlandse eenheden centraal te laten opereren vanuit Gao zullen de Apache’s een groot aandeel hebben bij het verzamelen van gegevens voor de inlichtingenketen van MINUSMA. Dit gebeurt binnen het Sectorhoofdkwartier te Gao, gezamenlijk met de aanwezige special operations forces. Indien noodzakelijk kunnen de gevechtshelikopters, conform afspraken met MINUSMA, ingezet worden voor de bescherming en ondersteuning van Nederlandse eenheden in het gebied.
Kenmerken
Naast verkenningstaken met zijn sensoren is de geavanceerde gevechtshelikopter geschikt voor gevechtstaken. Deze taken kunnen zowel bij dag als nacht worden uitgevoerd. Ook zijn Apaches zeer geschikt voor escort/beveiligingstaken (zowel voor helikopters als grondeenheden). Bovendien biedt de constructie en uitrusting een zekere bescherming tegen klein kaliber wapens en hittezoekende luchtdoelraketten. De verscheidenheid aan bewapening die de Apache rijk is, heeft in een dreigende situatie een de-escalerend effect. Als wapens toch moeten worden ingezet kan dit met grote precisie en met een geringe kans op nevenschade. Apaches treden altijd op in tweetallen om wederzijdse steun te garanderen.
![]() |
| Gao (foto MINUSMA) |
(Bron tekst: ministerie van Defensie, december 2013)
Niet genoemd in het artikel: het personeel van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) dat een centrale rol speelt bij het vergaren en analyseren van inlichtingen.
Websites MINUSMA:
Lokale VN-site (alleen in het Frans): http://minusma.unmissions.org/
Site VN-New York http://www.un.org/en/peacekeeping/missions/minusma/
Mali Newstrackers:
Google Nieuws (Nederlands)
NewsNow (Engels)
Yahoo! Actualités (Frans)
Het weer in Gao
Labels:
commando's,
Gao,
inlichtingen,
JISTARC,
KCT,
Mali,
mariniers,
MARSOF,
MINUSMA,
MIVD,
Verenigde Naties
zaterdag 14 december 2013
Nederlandse bijdrage aan VN-missie in Mali
Op verzoek van de Verenigde Naties zet Nederland bijna 400 man in voor de Multidimensional Integrated Stabilisation Mission (MINUSMA) in het Afrikaanse Mali. Het merendeel van de bijdrage bestaat uit militairen. De operatie moet de veiligheid en stabiliteit in het land herstellen en de burgerbevolking beschermen. De uitzending is in principe tot medio 2015.
Inlichtingen verzamelen
De operationele kern op de grond wordt gevormd door 3 ploegen militairen afkomstig van het Korps Commandotroepen en het Korps Mariniers. In het oostelijk gelegen Gao voeren deze zogenoemde special operations forces primair lange-afstandsverkenningen uit. Dit zijn meerdaagse activiteiten waarbij zij informatie verzamelen in veraf gelegen gebieden.
Ze hebben een stevig mandaat en mogen optreden wanneer ze terechtkomen in een gevechtssituatie. Daarnaast krijgen ze specifieke opdrachten, zoals het ontmantelen van verborgen wapenopslagplaatsen en het oppakken van strijders die geïmproviseerde explosieven fabriceren. De eenheden beschikken over verschillende voertuigen, waaronder de licht gepantserde Bushmaster, het tactisch wielvoertuig Mercedes Benz en het tactische wielverkenningsvoertuig Fennek.
Militaire specialisten
De commandant van MINUSMA stuurt de Nederlandse special operations forces aan vanuit het hoofdkwartier in Bamako. Om dat soepel te laten verlopen, gaan er ook stafmilitairen mee voor de planning. Verder stuurt Defensie militaire specialisten naar Mali voor onder meer elektronische oorlogsvoering, het ruimen van explosieven, verbindingen, logistiek en medische handelen.
Apache-gevechtshelikopters
Defensie levert ook 4 Apache-gevechtshelikopters, waarover de commandant van MINUSMA zeggenschap heeft. De toestellen worden ingezet voor het uitvoeren van verkenningen, escorteren van eenheden, show of force en het leveren van vuursteun. Daarnaast hebben de Apaches een groot aandeel bij het verzamelen van inlichtingen.
Coördinatie en analyse
Het hoofdkwartier in Bamako huisvest de All Sources Information Fusion Unit (ASIFU). Dit commando stuurt de inlichtingenoperatie van MINUSMA aan. De eenheid coördineert en analyseert het totaal van informatiestromen. Dit resultaat wordt verwerkt tot praktisch bruikbare inlichtingenproducten. MINUSMA is hiervan sterk afhankelijk, want deze dienen als basis bij de besluitvorming van militaire operaties. Nederland plaatst een aantal functionarissen op het hoofdkwartier om deze processen te begeleiden.
Nederlandse ASIFU-compagnie
De ASIFU krijgt operationele onderdelen in Timboektoe en Gao, op de sectorhoofdkwartieren. Deze onderdelen verzamelen, analyseren de gegevens uit hun sector. De inlichtingenproducten die dit oplevert gaan naar het hoofdkwartier in Bamako en de MINUSMA-brigades in de betreffende sector. In Gao verzamelt een 50-koppige Nederlandse ASIFU-compagnie informatie door middel van een onbemand verkenningsvliegtuig en de inzet van een human terrain team in de omgeving van Gao. Deze informatie wordt tezamen met de informatie van de Nederlandse commando’s en mariniers en Apache’s geanalyseerd en doorgestuurd naar het hoofdkwartier in Bamako.
Malinese politie
Naast de militairen gaan er 30 politiefunctionarissen en een aantal civiele deskundigen mee naar Mali. Zij richten zich onder meer op het trainen van de Malinese politie, het ontwikkelen van de rechtsstaat en het hervormen van de veiligheidssector.
Achtergrond Mali
Het noorden van Mali was een broedplaats geworden van extremisten en een vrijplaats voor het opleiden van terroristen. De VN-inzet moet een terugkeer naar deze situatie voorkomen. Mali ligt op een kruispunt van smokkelroutes voor drugs, wapens en illegale migratie die naar de Middellandse Zee leiden. De opbrengsten hiervan zijn een belangrijke financieringsbron van terrorisme.
Nederland heeft als handelsnatie belang bij internationale veiligheid, stabiliteit en een goed functionerende rechtsorde. Maar ook solidariteit met de Malinese burgerbevolking was een belangrijke overweging om aan de missie deel te nemen. Zij is hard getroffen door armoede, onveiligheid en schendingen van mensenrechten.
(ministerie van Defensie)
Voor een overzicht van artikelen in de media over de Nederlandse bijdrage aan de VN-missie in Mali, zie http://www.scoop.it/t/mali-by-hans-de-vreij
Inlichtingen verzamelen
De operationele kern op de grond wordt gevormd door 3 ploegen militairen afkomstig van het Korps Commandotroepen en het Korps Mariniers. In het oostelijk gelegen Gao voeren deze zogenoemde special operations forces primair lange-afstandsverkenningen uit. Dit zijn meerdaagse activiteiten waarbij zij informatie verzamelen in veraf gelegen gebieden.
![]() |
| Gao (foto MINUSMA) |
Militaire specialisten
De commandant van MINUSMA stuurt de Nederlandse special operations forces aan vanuit het hoofdkwartier in Bamako. Om dat soepel te laten verlopen, gaan er ook stafmilitairen mee voor de planning. Verder stuurt Defensie militaire specialisten naar Mali voor onder meer elektronische oorlogsvoering, het ruimen van explosieven, verbindingen, logistiek en medische handelen.
Apache-gevechtshelikopters
Defensie levert ook 4 Apache-gevechtshelikopters, waarover de commandant van MINUSMA zeggenschap heeft. De toestellen worden ingezet voor het uitvoeren van verkenningen, escorteren van eenheden, show of force en het leveren van vuursteun. Daarnaast hebben de Apaches een groot aandeel bij het verzamelen van inlichtingen.
Coördinatie en analyse
Het hoofdkwartier in Bamako huisvest de All Sources Information Fusion Unit (ASIFU). Dit commando stuurt de inlichtingenoperatie van MINUSMA aan. De eenheid coördineert en analyseert het totaal van informatiestromen. Dit resultaat wordt verwerkt tot praktisch bruikbare inlichtingenproducten. MINUSMA is hiervan sterk afhankelijk, want deze dienen als basis bij de besluitvorming van militaire operaties. Nederland plaatst een aantal functionarissen op het hoofdkwartier om deze processen te begeleiden.
Nederlandse ASIFU-compagnie
De ASIFU krijgt operationele onderdelen in Timboektoe en Gao, op de sectorhoofdkwartieren. Deze onderdelen verzamelen, analyseren de gegevens uit hun sector. De inlichtingenproducten die dit oplevert gaan naar het hoofdkwartier in Bamako en de MINUSMA-brigades in de betreffende sector. In Gao verzamelt een 50-koppige Nederlandse ASIFU-compagnie informatie door middel van een onbemand verkenningsvliegtuig en de inzet van een human terrain team in de omgeving van Gao. Deze informatie wordt tezamen met de informatie van de Nederlandse commando’s en mariniers en Apache’s geanalyseerd en doorgestuurd naar het hoofdkwartier in Bamako.
Malinese politie
Naast de militairen gaan er 30 politiefunctionarissen en een aantal civiele deskundigen mee naar Mali. Zij richten zich onder meer op het trainen van de Malinese politie, het ontwikkelen van de rechtsstaat en het hervormen van de veiligheidssector.
Achtergrond Mali
Het noorden van Mali was een broedplaats geworden van extremisten en een vrijplaats voor het opleiden van terroristen. De VN-inzet moet een terugkeer naar deze situatie voorkomen. Mali ligt op een kruispunt van smokkelroutes voor drugs, wapens en illegale migratie die naar de Middellandse Zee leiden. De opbrengsten hiervan zijn een belangrijke financieringsbron van terrorisme.
Nederland heeft als handelsnatie belang bij internationale veiligheid, stabiliteit en een goed functionerende rechtsorde. Maar ook solidariteit met de Malinese burgerbevolking was een belangrijke overweging om aan de missie deel te nemen. Zij is hard getroffen door armoede, onveiligheid en schendingen van mensenrechten.
(ministerie van Defensie)
Voor een overzicht van artikelen in de media over de Nederlandse bijdrage aan de VN-missie in Mali, zie http://www.scoop.it/t/mali-by-hans-de-vreij
donderdag 14 november 2013
Defensiekrant: 'Krijgsmacht maakt zich klaar voor Mali'
Nederland levert op verzoek van de Verenigde Naties ongeveer 380 man voor de Multidimensional Integrated Stabilisation Mission (MINUSMA). Deze VN-missie helpt de Malinese overheid haar gezag over heel Mali te herstellen en de criminaliteit en terrorisme een halt toe roepen. De inzet is voorlopig gepland tot eind 2015 en naar verwachting arriveren de eerste eenheden eind dit jaar.
De Nederlandse bijdrage bestaat voor het grootste deel uit militairen. Zij zullen in de omgeving van Gao vooral inlichtingen verzamelen, verwerken en analyseren. Naast special forces beschikt het Nederlandse detachement over sensor-capaciteit, onbemande systemen en vier Apache gevechtshelikopters. “Zo zijn we de ogen en oren van de VN, die hierdoor effectiever kan optreden”, lichtte minister Hennis Plasschaert toe. De Apaches worden overigens ook ingezet ter afschrikking en om het Nederlands personeel te beschermen.
Op het moment dat deze Defensiekrant werd gemaakt, voerden Defensiemedewerkers in Mali en bij de VN in New York gesprekken om concrete afspraken te maken. Doel is de komst van de Nederlandse militairen verder voor te bereiden. Begin december spreekt de Tweede Kamer verder over deze nieuwe missie.
Inlichtingenmissie
De Nederlandse analisten worden gestationeerd op de hoofdkwartieren in Bamako en Gao. De langeafstandverkenners (special forces) opereren in het veld. Volgens minister Hennis vult de inzet van Nederlandse troepen een duidelijke inlichtingenbehoefte in. “Maar dat betekent niet dat onze militairen niet in een gevechtssituatie terecht kunnen komen. Ook dan kunnen ze optreden. Het zijn robuuste eenheden en ze hebben een stevig mandaat.” De special forces kunnen specifieke opdrachten krijgen zoals het ontmantelen van wapendepots en het verrichten van arrestaties.
Malinese agenten
Naast militairen gaan politiefunctionarissen en civiele deskundigen mee. Zij richten zich onder meer op het trainen van de Malinese politie, het ontwikkelen van de rechtsstaat en het hervormen van de veiligheidssector. Deze bijdrage sluit goed aan op de Nederlandse inspanningen voor ontwikkelingssamenwerking die op dit moment al plaatsvinden in Mali.
Broedplaats
Het noorden van Mali was lange tijd broedplaats van extremisten en een vrijplaats voor het opleiden van terroristen. De VN-inzet moet een terugkeer naar deze situatie definitief voorkomen. Mali ligt op een kruispunt van smokkelroutes voor drugs, wapens, mensenhandel en illegale migratie naar de landen rond de Middellandse Zee. De opbrengsten hiervan zijn een belangrijke financieringsbron van terrorisme.
Met deelname aan MINUSMA wil Nederland voorkomen dat dicht bij huis onbeheersbare situaties ontstaan. De handelsnatie heeft baat bij internationale veiligheid, stabiliteit en een goed functionerende rechtsorde. Maar ook solidariteit met de Malinese burgerbevolking is een overweging voor deelname aan Minusma. Zij is hard getroff en door armoede, onveiligheid en mensenrechtenschendingen. Bijdragen aan versterking van overheidsstructuren die de bevolking gelijke kansen en rechten bieden is daarom belangrijk.
(Defensiekrant, 14 november 2013)
De Nederlandse bijdrage bestaat voor het grootste deel uit militairen. Zij zullen in de omgeving van Gao vooral inlichtingen verzamelen, verwerken en analyseren. Naast special forces beschikt het Nederlandse detachement over sensor-capaciteit, onbemande systemen en vier Apache gevechtshelikopters. “Zo zijn we de ogen en oren van de VN, die hierdoor effectiever kan optreden”, lichtte minister Hennis Plasschaert toe. De Apaches worden overigens ook ingezet ter afschrikking en om het Nederlands personeel te beschermen.
Op het moment dat deze Defensiekrant werd gemaakt, voerden Defensiemedewerkers in Mali en bij de VN in New York gesprekken om concrete afspraken te maken. Doel is de komst van de Nederlandse militairen verder voor te bereiden. Begin december spreekt de Tweede Kamer verder over deze nieuwe missie.
Inlichtingenmissie
De Nederlandse analisten worden gestationeerd op de hoofdkwartieren in Bamako en Gao. De langeafstandverkenners (special forces) opereren in het veld. Volgens minister Hennis vult de inzet van Nederlandse troepen een duidelijke inlichtingenbehoefte in. “Maar dat betekent niet dat onze militairen niet in een gevechtssituatie terecht kunnen komen. Ook dan kunnen ze optreden. Het zijn robuuste eenheden en ze hebben een stevig mandaat.” De special forces kunnen specifieke opdrachten krijgen zoals het ontmantelen van wapendepots en het verrichten van arrestaties.
Malinese agenten
Naast militairen gaan politiefunctionarissen en civiele deskundigen mee. Zij richten zich onder meer op het trainen van de Malinese politie, het ontwikkelen van de rechtsstaat en het hervormen van de veiligheidssector. Deze bijdrage sluit goed aan op de Nederlandse inspanningen voor ontwikkelingssamenwerking die op dit moment al plaatsvinden in Mali.
Broedplaats
Het noorden van Mali was lange tijd broedplaats van extremisten en een vrijplaats voor het opleiden van terroristen. De VN-inzet moet een terugkeer naar deze situatie definitief voorkomen. Mali ligt op een kruispunt van smokkelroutes voor drugs, wapens, mensenhandel en illegale migratie naar de landen rond de Middellandse Zee. De opbrengsten hiervan zijn een belangrijke financieringsbron van terrorisme.
Met deelname aan MINUSMA wil Nederland voorkomen dat dicht bij huis onbeheersbare situaties ontstaan. De handelsnatie heeft baat bij internationale veiligheid, stabiliteit en een goed functionerende rechtsorde. Maar ook solidariteit met de Malinese burgerbevolking is een overweging voor deelname aan Minusma. Zij is hard getroff en door armoede, onveiligheid en mensenrechtenschendingen. Bijdragen aan versterking van overheidsstructuren die de bevolking gelijke kansen en rechten bieden is daarom belangrijk.
(Defensiekrant, 14 november 2013)
Abonneren op:
Posts (Atom)
+Special+Operations+Land+Task+Group+(SOLTG)+'Scorpion'.jpg)



.jpg)

-1.jpg)
.jpg)
.jpg)
