Posts tonen met het label particuliere beveiligers. Alle posts tonen
Posts tonen met het label particuliere beveiligers. Alle posts tonen

dinsdag 9 april 2013

Defensie wil drijvende wapendepots inzetten

Het ministerie van Defensie onderzoekt of militairen die koopvaardijschepen beveiligen tegen piraten gebruik kunnen maken van drijvende wapendepots in internationale wateren. Hierdoor zouden de militairen sneller kunnen worden ingezet. Dat zei commandant der strijdkrachten Tom Middendorp maandag tijdens een persbijeenkomst in Den Haag.

Nu beschikt Defensie over een aantal opslagplaatsen op het vasteland, onder meer in Singapore en de Verenigde Arabische Emiraten. De inzet van de militairen vergt elke keer afstemming met de lokale autoriteiten, omdat de wapens moeten worden verplaatst. Dat kost de nodige tijd: tussen de aanvraag en inzet van de teams zit enkele weken.

Daarom wordt onderzocht of gebruik kan worden gemaakt van 'drijvende wapenkamers' buiten de territoriale wateren. Dan gaat het om schepen met een afgesloten en beveiligde ruimte voor de opslag van wapens. Gekeken wordt of dat mogelijk is binnen de Nederlandse regelgeving. Tot die tijd wordt gebruikgemaakt van de lokale opslagpunten. De wapens invliegen vanuit Nederland is namelijk nog veel duurder.

De Tweede Kamer debatteert deze week met minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD) over de inzet van de vessel protection detachments (vpd), zoals de militaire beveiligingsteams officieel heten. Instituut Clingendael adviseerde onlangs aan de regering om alsnog private beveiligers in te zetten bij de bescherming van Nederlandse schepen tegen piraterij.

Volgens Clingendael is het huidige beleid 'niet langer houdbaar': de procedures zijn lang, kosten veel geld en de inzet van mariniers is weinig flexibel. Naast Nederland zijn er bijna geen Europese landen die de inzet van gewapende beveiligers verbieden.

Middendorp was kritisch over de inzet van private beveiligers, hoewel hij benadrukte dat het aan het kabinet is om daar een besluit over te nemen. Hij schaarde zich achter het argument van het kabinet om de inzet tot op heden te verbieden. "Ik vind het verstandig dat het geweldsmonopolie in handen van de overheid is."

Ook plaatste hij kanttekeningen bij de kwaliteit van de private beveiligers. Die zouden niet altijd genoeg personeel inzetten. Ook haalde hij een incident aan waarbij de private beveiligers op elkaar hebben geschoten. Koopvaardijschepen zijn beter af met Nederlandse militairen aan boord, was de boodschap. "Bij ons is professionaliteit heel belangrijk."

De afgelopen twaalf maanden is 72 keer een aanvraag gedaan voor een vpd. Daarvan zijn er zes afgewezen en 32 verzoeken werden ingetrokken. De rest is ingewilligd. Defensie heeft capaciteit voor 175 vpd's per jaar. Volgens Middendorp begint de inzet van de teams 'een beetje ingesleten' te raken. Ook de kosten zijn lager geworden. De dagprijs van de militaire steun ligt nu op het niveau van die van private beveiligers.

(Novum/Nieuws.nl, 9 april 2013)

zaterdag 23 februari 2013

Zwaardmacht op zee: commentaar NRC en reactie KVNR

Met het gisteren verschenen rapport van Instituut Clingendael over piraterijbestrijding is opnieuw de discussie aangezwengeld over de toelaatbaarheid van bewapende particuliere beveiligers op Nederlandse koopvaardijschepen. Opeenvolgende Nederlandse kabinetten zijn daarover tot nu toe helder geweest: niet doen.

Voor dit afwijzende standpunt zijn goede redenen aan te dragen. Het belangrijkste en tevens meest principiële argument is dat het geweldsmonopolie, de zwaardmacht, exclusief aan de overheid toebehoort. Op zee is dit tegenwoordig steeds minder vaak een vanzelfsprekendheid. Private piraterijbestrijding, vaak geleverd door ex-militairen die zichzelf hebben verzelfstandigd, is een ware groeimarkt.

Clingendael vindt dat Nederland zich bij deze praktijk dient neer te leggen en het verbod op bewapende particuliere beveiligers aan boord van schepen onder strikte voorwaarden moet opheffen. Volgens de onderzoekers is Nederland momenteel een van de laatste Europese landen met een dergelijk verbod. Het gevolg is dat maar een zeer beperkt deel van de Nederlandse koopvaardijschepen (8 á 10 procent) officieel beschermd door de zware risicogebieden vaart.

Dit zijn de schepen die gebruikmaken van militaire bewakers aan boord. Voor dit jaar worden 175 van dit soort expedities voorzien. De militaire assistentie is aan diverse procedures gebonden en kost de reders flink wat geld – hoewel minder dan voorheen. Onder druk van de markt heeft Defensie de kosten voor reders teruggebracht van 8.500 euro naar 5.000 euro per dag. Met dit bedrag is 40 procent van de kosten gedekt. De rest is voor de Nederlandse belastingbetaler.

De kritiek van de reders die door Clingendael wordt overgenomen, is dat de procedures om militaire bewakers aan boord te krijgen lang en onvoldoende flexibel zijn. Dat is zeker een punt. Uit een eigen onderzoek van Defensie bleek vorig najaar dat sinds maart 2011 de overheid in 41 gevallen niet in staat bleek op tijd een beveiligingsteam voor een schip af te leveren. Dit had onder andere te maken met langdurige diplomatieke inklaringsproblemen.

Maar die strenge procedures bestaan juist omdat het de mogelijkheid van gewapend geweld betreft. Optreden van militairen tegen piraten wordt gerapporteerd, acties van particuliere beveiligers waarbij onschuldige slachtoffers vallen (vissers die voor piraten worden aangezien) vaak niet.

Particuliere beveiliging heeft de charme van de eenvoud. Dat is haast per definitie het geval als zaken aan de markt worden overgelaten. Maar zeker nu het piraterijprobleem zich lijkt te verminderen is er geen reden het geweldsmonopolie van de staat op te geven.

(Hoofdredactioneel commentaar, NRC Handelsblad, 21 februari 2013)

Laat privébeveiligers wél onze schepen bewaken

Het hoofdredactioneel commentaar wijst particuliere beveiligers op koopvaardijschepen ferm af (NRC Handelsblad, 21 februari). De aangevoerde onderbouwing is juridisch onjuist en gaat voorbij aan internationale ontwikkelingen. De overheid heeft de plicht haar burgers, in dit geval Nederlandse zeevarenden, te beschermen. Kan ze dat niet zelf met militaire teams aan boord, dan is ze verplicht om op andere wijze in deze bescherming te laten voorzien. Professor Knoops en de commissie-De Wijkerslooth hebben hier behartigenswaardige zaken over geschreven.

Met het mandateren van particuliere beveiligingsfirma’s vult de overheid deze plicht in. En daarmee trekt ze haar handen niet af van dit vraagstuk. Integendeel, de overheid dient toe te zien op de kwaliteit van deze bedrijven en ze te certificeren. Nederlandse reders mogen alleen gecertificeerde bedrijven inschakelen.

Ook dient de overheid regels te stellen waaraan voldaan moet worden indien er een schietincident heeft plaatsgevonden. Acties moeten gefilmd worden, de kapitein moet een verslag opstellen. Dit alles dient aan het Openbaar Ministerie overhandigd te worden zodat er getoetst kan worden of aan de voorschriften is voldaan. De rechtstaat wordt zo gerespecteerd.

Is deze wijze van mandatering door de overheid een utopie? Landen als Noorwegen, Denemarken, België en het Verenigd Koninkrijk doen het al. Duitsland is er mee bezig.

Als we niet oppassen, vlaggen Nederlandse reders hun schepen steeds vaker uit naar die landen. Reders moeten wel, om zodoende op legale wijze hun zeevarenden te beschermen tegen piraten. Het risico is en blijft groot, de impact van een kaping en maandenlange gijzeling, met tegenwoordig ook martelingen, is immens. De NRC is de stuurman aan de wal die het beter weet.

T. Netelenbos
Kon. Ver. Nederlandse Reders
M. van den Broek
Voorzitter Nautilus Int.

(ingezonden brief, NRC Handelsblad 23 februari 2013)

Overname door derden is niet toegestaan

donderdag 14 juni 2012

Zeeuwse rederij Vroon hekelt veiligheidsbeleid tegen piraterij

Het ministerie van Defensie jaagt Nederlandse reders onnodig op kosten, zegt Filip Olde Bijvank van Vroon Shipping in Breskens. Volgens hem kan de beveiliging van koopvaardijschepen tegen piraten vele malen goedkoper, dan het prijskaartje wat het ministerie van Defensie daar nu aan hangt.

Voor schepen onder Nederlandse vlag is het verboden particuliere beveiligers aan boord te nemen. Ze zijn aangewezen op de inzet van een team van mariniers. Die constructie is volgens Olde Bijvank niet alleen omslachtig, maar kost het vijfvoudige (2,5 tot 3 ton) van wat reders betalen om een erkend particulier bedrijf in te huren. Die situatie zet Nederlandse bedrijven op achterstand ten opzichte van de concurrentie die vanuit het buitenland opereert, aldus Olde Bijvank.

Veel andere landen staan particuliere beveiliging aan boord van koopvaardijschepen wel toe. Steeds meer Nederlandse reders overwegen hun schepen daarom om te vlaggen of hebben dat besluit al genomen. Ook Vroon heeft al langer een 'plan-B' klaarliggen, zegt Olde Bijvank.

(Provinciale Zeeuwse Courant, 14 juni 2012)

dinsdag 12 juni 2012

Transportverzekeraars: bewapen schepen in strijd tegen piraterij

Verzekeraars dringen er bij de politiek op aan dat zij de inzet van de marine vergroot of het bewapenen van beveiligers van particuliere bedrijven aan boord van Nederlandse schepen toestaat. Steeds vaker lopen schepen en hun bemanning het risico op piraterij in West- en Oost-Afrika. De gevolgen voor het welzijn van de bemanning en beschadiging van transportgoederen en schepen zijn zeer ernstig.

Dat staat in het position paper 'Piraterij en bewapening' dat tijdens de laatste marktvergadering Transport bij het Verbond van Verzekeraars aan Tineke Netelenbos, de voorzitter van de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders, werd aangeboden. Reders en verzekeraars hopen dat de Tweede Kamercommissie voor Buitenlandse Zaken dit onderwerp op 12 juni bespreekt.

Netelenbos: "Ondanks de grote inzet van de marine kunnen niet alle Nederlandse schepen beschermd worden. Private beveiliging moet snel toegestaan worden, al was het maar tijdelijk tot de marine de veiligheid van alle Nederlandse schepen wel kan waarborgen. Een onderwerp dat ons land zo raakt, kan niet doorgeschoven worden tot na de verkiezingen. Daarvoor zijn de gevolgen voor de bemanningen, lading en schip te groot en de financiële gevolgen te aanzienlijk."

Volgens de verzekeraars dient de marine zich in te zetten voor de veiligheid van Nederlandse schepen en hun bemanning en het handelsbelang van Nederland. Omdat de Nederlandse staat bewapening en daarmee de bescherming van zijn burgers en belangen niet uit handen geeft aan particulieren bedrijven, dient hij deze verantwoordelijk zelf op zich te nemen. Zeker nu buitenlandse verzekeraars wel voorwaarden stellen aan beveiliging aan boord en steeds meer Nederlandse reders beginnen met het uitvlaggen van hun schepen naar landen waar bewapening wel is toegestaan.

Sinds juni 2011 heeft de marine slechts 20 schepen beveiligd, terwijl er een behoefte bestaat aan ongeveer 250 doorvaarten. In het Verenigd Koninkrijk, België, Denemarken, Frankrijk en tal van andere Europese landen zijn wetswijzigingen op handen om particuliere beveiligingsbedrijven op zee toe te staan. In Scandinavië is dit reeds het geval, net als in Cyprus en Malta.

Transportverzekeraars zijn bezorgd om de groeiende problematiek van piraterij in Somalië en landen langs de Golf van Guinea, zoals Nigeria, Ghana, Benin en Ivoorkust. De gevaren voor de bemanning en financiële consequenties voor het bedrijfsleven, reders, beveiligingsbedrijven, overheid en verzekeraars zijn groot. In de afgelopen vijf jaar is het aantal aanvallen van piraten op schepen bijna ver-dubbeld en veel meer gericht op gijzeling van de bemanning in ruil voor losgeld.

Voor de kust van Somalië is het aantal gevallen sinds 2008 zelfs verviervoudigd. In 2011 werden 802 opvarenden gegijzeld en zijn acht mensen tijdens de gijzeling gedood door piraten. Piraterij heeft grote consequen-ties voor de veiligheid van de bemanning, maar ook voor de kostbare lading en het schip. Tot nu toe zijn geen schepen gekaapt waar gewapende beveiligers actief waren.

(Transport Online, 11 juni 2012)