Posts tonen met het label gesneuveld. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gesneuveld. Alle posts tonen

donderdag 24 april 2014

Uruzgan: Two Two Bravo

Opgedragen aan Marc Harders en Jeroen Houweling


Korporaal Houweling (links) en Marinier Harders

Gesneuveld in Uruzgan op 17 april 2010


Marc kende ik vanaf het moment dat ik bij de 13e infanteriecompagnie werd geplaatst werd in juni 2007, Korporaal Houweling (Jeroen) werd niet lang daarna ook bij het 13e geplaatst. Met Marc had ik in het begin weinig contact omdat hij in een ander peloton zat en al vrij snel werd geselecteerd om naar Tsjaad te gaan.

Ik werd na het zomerverlof 2007 ingedeeld in de geweergroep van Jeroen en we gingen opwerken voor mijn eerste grote buitenlandse training: Jungle Warfare Course in Suriname. Alles was nieuw voor mij en ik vond het heel spannend allemaal. Klein beetje zenuwachtig was ik ook wel want ik wilde natuurlijk goed presteren voor mijn eerste geweergroepscommandant. Ondanks al mijn inzet moest ik nog veel verbeteren aan mezelf en dat werd heel direct gemeld door de Korporaal. Zo moest ik mijn mond leren opentrekken, agressiever handelen tijdens contact drills, elke ochtend koffie maken voor de Korporaal zodat hij een lekker bakkie had bij zijn zware bats en tal meer van dat soort dingen. Ik denk nog steeds vaak terug aan de tijd in Suriname, het is voor mij de meest bijzondere training geweest uit mijn carrière.

Na Suriname werden alle pelotons door elkaar gehusseld en zat ik niet meer bij Jeroen in de geweergroep. Na een drukke periode begonnen we na het zomerverlof 2009 officieel met opwerken voor Afghanistan. Ik werd geplaatst in de 2e geweergroep van het Vikingpeloton en kreeg samen met Marc een Viking (rupsvoertuig) toegewezen, de 22B. De geweergroepen van het Vikingpeloton werden ingedeeld bij de infanterie pelotons en omdat wij de 2e geweergroep waren werden we toegevoegd aan het 2e infanteriepeloton.

Wij kregen de Bravo geweergroep van het 2e peloton toegewezen als geweergroep in onze Viking waarvan Jeroen de opvolgend geweergroepscommandant was. Omdat we de jongens van de Bravo geweergroep goed kenden en de sfeer goed was verliep de samenwerking tussen de Viking operators (Marc en ik) en de jongens van de Bravo geweergroep erg goed! Het was ontzettend fijn om Marc als buddy te hebben, buiten het feit dat het heel gezellig was, had Marc door zijn eerdere uitzending naar Tsjaad ontzettend veel operationele kennis van de Viking. En omdat ik relatief erg onervaren was met de Viking compenseerde Marc mij behoorlijk. Het is voor een groot deel dan ook aan Marc te danken dat alles altijd zo soepel verliep.

18 maart was het dan zover, de dag dat ik naar Afghanistan vertrok, ik liet me door mijn vader naar Eindhoven brengen. De autorit naar Eindhoven was rustig, we zeiden allebei niet veel, radio stond aan en zo reden we vroeg in de ochtend naar Eindhoven. Eenmaal daar dronken we koffie en namen een plak cake. Na een laatste praatje was het dan zover, we gingen het vliegtuig boarden. Ik gaf mijn vader een hand, keken elkaar aan en vervolgens liep ik richting de gate om in te checken voor mijn vlucht naar Afghanistan. Na twee tussenstops in Dubai en Kandahar kwamen we dan uiteindelijk aan op Kamp Holland, Tarin Kowt. Totaal anders dan ik verwacht had kwam ik aan in een hele rustige omgeving met een ontspannen sfeer. Na een korte rondleiding konden we gaan settelen in de tijdelijke prefab.

Al vrij snel zouden we de poort uit gaan, dus na de handover – takeover kon het preppen beginnen. Na een aantal operaties te hebben gedaan gingen we het 1ste peloton aflossen op COP (Combat Outpost) Tabar. We draaiden termen van 4 weken op de COP en nu was het de beurt aan ons peloton om 4 weken operaties en patrouilles vanaf de COP te gaan doen. Het leven op de COP was primitief, back to basics. Ontlasting verbranden, rantsoenen, slapen op stretchers, minima aan sanitaire voorzieningen, wachtlopen, minimaal 1 patrouille per dag en regelmatig grootschalige operaties gecombineerd met andere eenheden.

17 april 2010, in het kader van een grote operatie zouden wij die dag vertrekken om de overwatch die reeds in stelling stond te bevoorraden en met het ingestegen personeel additionele patrouilles uitvoeren in het gebied aan de voet van de overwatch. De bedoeling was dat we gedurende een aantal dagen de overwatch zouden ondersteunen met de patrouillegang en wachtroutine. Nadat het voertuig en de uitrusting geprepped was konden we de rest van de ochtend nog even rust bij de stukken nemen alvorens te vertrekken.

Uiteindelijk vertrokken we begin van de middag richting de overwatch, de sfeer was goed. Ondanks grappen en slap geouwehoer over de intercom van het voertuig was iedereen scherp. De omgeving was erg rustig, af en toe stopten we om te searchen, dreigende handgebaren van kinderen leken nietszeggend, ik maakte nog een grap: ‘’Heb je ’t al gehoord van Sjakie? Hij heeft de chocoladefabriek overgenomen!’’. Er werd niet heel enthousiast gereageerd natuurlijk op die ontzettend flauwe grap.

Niet lang daarna klapte we op de IED (Improvised Explosive Device), van dat moment weet ik niks meer. Ik ben bovenlangs uit het voertuig geslingerd en kwam niet ver van het voertuig terecht op de grond. Op dat moment was ik niet bij bewustzijn, het eerste moment van bewustzijn kwam pas toen mijn buddy’s uit het voertuig waren gekropen en mij begonnen te verzorgen. Op dat moment zag mijn linker onderbeen er slecht uit, rechterbovenbeen was opgezwollen, buik was opgezwollen, longfunctie was minimaal waardoor ademen lastig was, infuus aanleggen was niet mogelijk door wegtrekkende aderen i.v.m. inwendige bloedingen.

Het voertuig was door al onze munitie aan boord nog verder aan het exploderen dus werden Jeroen en ik weggesleept van het voertuig naar een plek waar we beter verzorgd konden worden totdat de medische evacuatie zou arriveren. Marc zat toen nog steeds in het voertuig, in tegenstelling tot mij en Jeroen was hij er niet uit geslingerd, uiteindelijk hebben ze hem ’s avonds pas kunnen bergen. Toen de helikopter arriveerde voor de medische evacuatie werden we samen in de helikopter gedragen, onderweg naar Kamp Holland is Jeroen gesneuveld .

Van de medische evacuatie en de aankomst op Kamp Holland weet ik zelf niks meer te herinneren, alles wat ik daarover weet heb ik later van anderen gehoord evenals het meeste van de IED overigens. Ik ben op dat moment uiteraard eerst aan de meest kritieke verwondingen geopereerd en dat waren de inwendige bloedingen aan mijn milt en nieren. Mijn milt hebben ze moeten verwijderen, mijn nierbloedingen hebben ze kunnen stoppen. Alle overige verwondingen hebben ze gestabiliseerd voor vervoer om me zo snel mogelijk op de Intensive Care te krijgen. Vanwege de aswolk die na een vulkaanuitbarsting op IJsland was ontstaan, zou ik in eerste instantie naar de Verenigde Staten gevlogen worden. Om die reden ben ik via Camp Bastion (Helmand), Bagram (Kabul), en Engeland uiteindelijk ondanks de aswolk toch in Nederland terecht gekomen.

Tijdens die reis ben ik twee keer bij bewustzijn gebracht, één keer op Camp Bastion, en één keer op Bagram. Van Camp Bastion herinner ik me een Britse militair die naast mijn bed zat in een soort hangar/loods. En mijn ‘gevecht’ in mijn hoofd, ik wilde mijn wapen hebben, wist totaal niet waar ik was, trok bijna de beademingsbuis uit mijn keel waarna ik werd vastgebonden en weer onder zeil gebracht werd door de verpleegster. Tweede moment dat ik me nog weet te herinneren was op Bagram. Daar kwam ik bij tussen allemaal Amerikanen, voelde me alleen, wist nog steeds totaal niet waar ik was, hoe ik daar was gekomen en waarom. Op een gegeven moment kwam er een grote vierkante kist over me heen, wat later de CT-scan bleek te zijn, toen bekroop me een gevoel van vooral angst. Daar bleek dat een aantal ruggenwervels gebroken en gedislokeerd waren.

Uiteindelijk ben ik 23 april aangekomen op de Intensive Care in het UMC te Utrecht. Daar volgden operaties aan mijn rug en benen en werd ik verder gestabiliseerd. Na een aantal dagen op de Intensive Care werd ik uit de kunstmatige coma gehaald en nog steeds had ik geen idee waar ik was, wat er was gebeurd en wie al die mensen waren die om mijn bed stonden. Omdat ik positief was getest op diverse resistente bacteriën lag ik in isolement met een soort sluis doorgang en moest iedereen die mijn kamer betrad mondkapje, haarnet, schort en handschoenen aan. Om die reden herkende ik dus al die mensen niet die om mijn bed stonden.

De eerste dagen op de IC bestonden vooral uit heel veel hallucinaties, de oorzaak daarvoor waren de morfine en ketamine. Naarmate de dosering ketamine en morfine af werd gebouwd, werd ik steeds helderder en kwam het besef wat er gebeurd was. Mijn familie vertelde me dat Marc en Jeroen gesneuveld waren, op dat moment besefte ik het nog niet helemaal. Ze vertelde dat ze naar de uitvaarten van Marc en Jeroen gingen, toen het besef tot me doordrong stortte mijn wereld in.

Na de week IC heb ik daarna nog 5 weken op de Medium Care afdeling van het Centraal Militair Hospitaal (CMH) gelegen. In die weken volgden er nog twee grote operaties aan mijn rechtervoet waarvan mijn hielbeen verbrijzeld was en aan mijn linker onderbeen waar een stuk huid met spierweefsel op werd getransplanteerd vanaf mijn bovenbeen. 1 juni werd ik ontslagen uit het CMH, en werd ik klinisch opgenomen in het verpleegcentrum van het Militair Revalidatie Centrum (MRC) te Doorn.

Doorn kende ik uiteraard goed van de jaren daarvoor toen ik op de marinierskazerne geplaatst zat maar de aanwezigheid van het MRC was me eigenlijk al die tijd volledig ontgaan. Terwijl het zo goed als letterlijk om de hoek ligt van de kazerne. Nu begon het voor mij pas echt. Terwijl ik aanvankelijk gedacht had snel klaar te zijn, want: ‘’ik heb mijn benen toch nog’’ was mijn gedachte, begon ik al snel in te zien dat de ernst van de verbrijzeling in de voet ernstiger was dan ik dacht. Daar ontmoette ik velen lotgenoten, andere militairen gewond geraakt tijdens hun uitzending naar Afghanistan en dat waren er een stuk meer dan ik gedacht had. Velen met verloren ledematen, verbrijzelde hielbenen en diverse andere verwondingen. En stuk voor stuk duurde ook hun revalidatieprocessen langer dan zij voor ogen hadden.

Na 4 jaar van revalidatie, vele operaties, ernstige ontsteking aan mijn linker onderbeen, mentale ups-and-downs, heb ik inmiddels een nieuwe toekomst voor mezelf uitgestippeld, ik ga de hbo-opleiding verpleegkunde doen zodat ik met mijn ervaringen anderen kan helpen. Operationeel dienen als marinier zit er voor mij na 17 april 2010 helaas niet meer in. Die dag heeft mij getekend, positief of negatief laat ik in het midden maar er is tot op de dag van vandaag geen dag geweest dat ik er niet aan gedacht heb. Ik hoop dat iedereen die dit leest vandaag stilstaat bij Marc Harders en Jeroen Houweling, en beseffen dat de vrijheid waarin wij leven niet gratis is!

Opgedragen aan Marc Harders en Jeroen Houweling, opdat zij nooit vergeten worden!

Erik van den Elzen
17 april 2014

(Met dank aan de vereniging De Gewonde Soldaat, opgericht door een groep van ca. 50 militairen, die zware verwondingen hebben opgelopen in Afghanistan)

donderdag 11 oktober 2012

Niemand weet zich goed raad met de dood

Recensie van de film Gesneuveld

Regie: Robert Oey.
In: 6 bioscopen.


Kadetten, Koninklijke Militaire Academie. 

Tussen 2006 en 2010 sneuvelden 25 Nederlandse militairen in Afghanistan. „Niemand kan begrijpen wat de ander voelt”, zegt een van de geïnterviewden in Gesneuveld, Robert Oey’s documentaire over de nabestaanden van deze omgekomen militairen. Zijn film doet een poging wél te begrijpen wat de ander voelt en komt daarin heel ver. Er zijn de bekende gemeenplaatsen als het gaat over de dood, zoals „het leven gaat door”. Ook passeren netjes alle stadia van rouwverwerking de revue, van ontkenning tot acceptatie.

Maar door Oey’s gedetailleerde aanpak ontstijgt zijn film al snel zulke algemeenheden. Een aantal nabestaanden mag uitgebreid zijn of haar verhaal doen over hoe zij omgaan met hun grote verlies. Zo ontstaat een staalkaart van emoties. Op subtiele wijze brengt Oey al hun reacties onder in een slimme structuur, van de militaire ‘berichtgevers’ in burgerkleding die doodsberichten moeten overbrengen aan families naar een herdenkingsbijeenkomst; en van Nederland naar Kunduz en weer terug. De film eindigt met beelden van een feestende massa op het eindejaarsgala van de Koninklijke Militaire Academie. Een passende illustratie dat het leven inderdaad doorgaat.

In de proloog en epiloog van Gesneuveld zien we hetzelfde meisje op het strand spelen. Eerst in Nederland, later in Engeland. Het lijkt een onschuldig en zelfs hoopgevend beeld, maar halverwege de film blijkt dat zij uit schuldgevoel over de dood van haar vader haar vingers in een staafmixer stopte. Als haar moeder hulp zoekt bij Defensie wordt zij doorverwezen naar bureau Jeugdzorg, met als argument dat Defensie ook niet zo goed weet hoe om te gaan met zulke heftige zaken. Dat niemand raad weet met de dood en het onvermogen om over verdriet te praten loopt als een rode draad door Gesneuveld.

Meer nog dan de interviews, die vaak emotioneel verlopen, zijn het details die aangrijpen. Zoals een scène waarin een jongetje op de trompet van zijn overleden vader probeert te spelen. Of het moment waarop een vrouw en haar dochters de foto’s gaan bekijken van hun verminkte man en vader. Op advies van Defensie was de bij een bomaanslag omgekomen man begraven in een gesloten kist, maar dat gaf een van de dochters het gevoel dat hij er nog was. Zien is geloven, hoe gruwelijk de foto’s waarschijnlijk ook zijn – heel kies laat Oey ze niet zien.

Iedereen rouwt op zijn of haar manier. De een klapt dicht, de ander praat er open over. De een vindt troost in het geloof, de ander is kwaad over de protocollaire blunders die werden gemaakt waardoor zijn zoon omkwam door ‘eigen vuur’. Een moeder die haar oogappel verloor wil eigenlijk ook dood, hoewel ze nog een kind en man heeft.

Zo zit Gesneuveld vol indringende verhalen die laten zien hoe de dood levens verwoest, met echtscheidingen en verwijdering tussen kleinkinderen en schoonmoeders tot gevolg. Daarbij klinkt veelvuldig een klaaglijke klarinet en andere stemmige muziek. Muziek die iets te veel zijn stempel drukt op een verder sobere film.

André Waardenburg

(Dit artikel is eerder verschenen in NRC Handelsblad van 10 oktober 2012)

(NRC Handelsblad, 10 oktober 2012)

maandag 1 oktober 2012

Première Gesneuveld indrukwekkend

Ze zijn bijna allemaal geboren in de jaren tachtig, in Friesland, Drenthe, Limburg. Ze sneuvelden jong, in Afghanistan. Nederlandse soldaten op vredesmissie. Hun nabestaanden vertellen erover in de documentaire 'Gesneuveld'. Zondagavond ging deze in première tijdens het Nederlands Film Festival in Utrecht.

Niet alleen de betrokken relaties waren aanwezig. Ook premier Mark Rutte, minister Hans Hillen en Commandant der Strijdkrachten generaal Tom Middendorp bekeken de première.

“Het klopt niet meer”, vertelt een moeder van een omgekomen militair in de film. “Alles is anders.” De vader van Tim Hoogland komt, door verdriet overmand, bijna niet uit zijn woorden. Zijn pijn spat van het scherm af: “Ik kan er nog steeds niet over praten, het lukt gewoon niet.” Een kippenvelmoment. In de zaal wordt her en der een traantje weggepinkt. Niet alleen bij de nabestaanden, die een bijdrage leverden aan de documentaire, ook bij het andere publiek.

Verdriet en kracht
Tussen 2006 en 2012 sneuvelden 25 Nederlandse militairen in  Afghanistan*. Vooral jonge mannen, in de kracht van hun leven. Met hun dood sloegen zij een gat in het leven van de achterblijvers. Het zijn hun zonen en broers, echtgenoten, vaders en vrienden die ver van huis het leven lieten. In de documentaire van filmmaker Robert Oey komen de nabestaanden aan het woord. Hun verdriet, woede, frustratie en kracht tonen hoe zij, soms heel moeizaam, verder gaan na het verlies.

Belang nazorg
“Het was verschrikkelijk indrukwekkend te zien wat het betekent om een geliefde te verliezen”, vertelt Middendorp onder de indruk. “Het verschil waarmee mensen met hun verlies omgaan, benadrukt het belang van goede nazorg en begeleiding.” Ook minister van Defensie Hillen is lovend: “Deze documentaire laat de ‘mens(en)’ achter de militair zien. Geen opgepoetste franje, gewoon de waarheid.”

Filmtheater en televisie
Gesneuveld is vanaf 11 oktober te zien in diverse filmtheaters. De omroep Human zendt de documentaire 10 december uit om 20.25 uur uit op Nederland 2.

(ministerie van Defensie, 1 oktober 2012)

*Het woord 'sneuvelen' impliceert dat de dood van een militair het gevolg is van handelen van de vijand. In die zin is het getal van '25 gesneuvelden' onjuist. Van de 25 kwamen er vijf om bij ongelukken, één militair pleegde zelfmoord en een stierf aan een hartfalen. Het correcte aantal gesneuvelde militairen bedraagt derhalve 18. Zie dit overzicht (HdV).

zondag 30 september 2012

Afghanistan: gesneuvelde, omgekomen en overleden militairen

Onderstaand een overzicht van de Nederlandse militairen die in Afghanistan omkwamen sinds het begin van de missie in Uruzgan in 2006.

• 26 juli 2006: Overste Jan van Twist (47 jaar, Hoofd Sectie Operationeel Recht bij de Stafgroep Juridische Zaken van de Luchtmacht). Sergeant Bart van Boxtel (29 jaar, commandant van het Force Protection Team van het Contingentscommando in Kabul. Samen met andere passagiers en bemanningsleden omgekomen bij een helikoptercrash in de provincie Paktika.


Michael Donkervoort

 • 31 augustus 2006: de F-16 van kapitein-vlieger Michael Donkervoort stort neer in de provincie Ghazni, terwijl hij onderweg is van Kabul naar de provincie Helmand om daar luchtsteun te verlenen aan Britse troepen. Na een noodoproep van Donkervoort stortte het toestel bijna loodrecht naar beneden. Op twee oproepen van zijn wingman kwam geen reactie. De oorzaak van het neerstorten kon niet worden vastgesteld. 

• 11 oktober 2006: sergeant Wim Dijkstra pleegt met zijn dienstwapen zelfmoord op Kamp Holland.


Robert Donkers

 • 6 april 2007: Sergeant der eerste klasse Robert Donkers komt om het leven bij een ongeluk met een Patria-pantserwagen. De Patria kantelt als gevolg van een wegverzakking,  het slachtoffer raakt bekneld.


Cor Strik

 • 20 april 2007: de 21-jarige korporaal Cor Strik van de Luchtmobiele Brigade sneuvelt tijdens een patrouille ter ondersteuning van een Amerikaanse eenheid bij de stad Sangin (provincie Helmand). De korporaal stapt op een explosief en is op slag dood. Hij is de eerste gevechtsdode tijdens de Nederlandse inzet in Afghanistan. Bij het bergen van zijn stoffelijk overschot komt een Amerikaanse sergeant met Nederlandse familiewortels, Alex van Aalten, ook om het leven.


Timo Smeehuijzen

• 15 juni 2007: de 20-jarige soldaat eerste klas Timo Smeehuijzen sneuvelt bij een zelfmoordaanslag met een autobom in Tarin Kowt. Ook vijf Afghaanse kinderen en een aantal volwassenen verliezen het leven.


Jos Leunissen

 • 18 juni 2007: de 44-jarige sergeant-majoor Jos Leunissen komt om het leven bij gevechten rondom Chora.  Er doet zich een ongeluk voor bij het afschieten van een mortiergranaat tijdens de heftige 'Slag om Chora'. Drie van zijn collega's raken gewond.


Tom Krist

 • 12 juli 2007: Eerste luitenant Tom Krist (24) overlijdt in het Centraal Militair Hospitaal in Utrecht. Hij raakt op dinsdag 10 juli zwaargewond bij een zelfmoordaanslag in Deh Rawod.


Martijn Rosier

 • 26 augustus 2007: Sergeant Martijn Rosier (30) sneuvelt wanneer hij ten noorden van Deh Rawod een explosief onschadelijk probeert te maken.


Tim Hoogland


• 20 september 2007: Soldaat eerste klasse Tim Hoogland (20) komt om bij een langdurig vuurgevecht bij Deh Rawod. Hij is de eerste militair die tijdens de missie in Uruzgan sneuvelt door vijandelijk vuur.


Ronald Groen

 • 3 november 2007: Korporaal Ronald Groen (21) sneuvelt. Hij zit in een Fennek pantserwagen die ten noorden van Tarin Kowt op een bermbom rijdt.




Aldert Poortema
Wesley Schol





















 12 januari 2008: Soldaat Wesley Schol (20) en korporaal Aldert Poortema (22) sneuvelen door eigen vuur ten noorden van Deh Rawod.


Mark Schouwink
Dennis van Uhm




















 18 april 2008: Soldaat Mark Schouwink (22) en eerste luitenant Dennis van Uhm (23) sneuvelen tijdens een verplaatsing ten noorden van Tarin Kowt. Van Uhm is de zoon van generaal Peter van Uhm, die een dag eerder Dick Berlijn was opgevolgd als Commandant der Strijdkrachten. De militairen rijden met hun MB-jeep op een bermbom. Twee andere inzittenden raken zwaar gewond.



Jos ten Brinke

 • 7 september 2008: De 21-jarige soldaat eerste klasse Jos ten Brinke komt om het leven in een YPR pantservoertuig dat op 19 kilometer van Kamp Holland op een IED rijdt. Vijf andere militairen raken gewond.


Mark Weijdt

 • 19 december 2008: De 24-jarige sergeant Mark Weijdt komt om tijdens een vuurgevecht. Vermoedelijk stapte hij op een bermbom.


Azdin Chadli

 • 6 april 2009: Bij een beschieting van Kamp Holland sneuvelt soldaat der eerste klasse Azdin Chadli (20).  Het is de eerste keer dat bij een beschieting op Kamp Holland militairen zijn getroffen. Er vallen vijf gewonden. De huidige Commandant der Strijdkrachten, Generaal Middendorp, komt met de schrik vrij.

Kevin van de Rijdt

 • 6 september 2009: Bij een vuurgevecht in Uruzgan sneuvelt korporaal Kevin van de Rijdt. De 26-jarige militair van het Korps Commandotroepen maakte deel uit van Task Force 55.


Mark Leijsen

 • 7 september 2009: Bij een aanslag met een geïmproviseerd explosief (IED) sneuvelt de 44-jarige sergeant-majoor Mark Leijsen. Bij de explosie raken drie Nederlandse militairen en een Afghaanse tolk gewond.



Jeroen Houweling en Marc Harders


• 17 april 2010: twee mariniers sneuvelen wanneer hun Viking-pantservoertuig ten noorden van Tarin Kowt op een bermbom rijdt. De slachtoffers zijn de 29-jarige korporaal Jeroen Houweling en de 23-jarige marinier der eerste klasse Marc Harders.


Luc Janzen

 • 22 mei 2010: korporaal der eerste klasse Luc Janzen (25) sneuvelt bij de explosie van een bermbom in het district Deh Rawod. Bij de ontploffing komen ook een Franse kapitein van een OMLT-team en een Afghaanse tolk om het leven. Vier militairen raken gewond, waarvan twee zwaar.


Fons Dur

 • 17 november 2010:  Reserve Luitenant-kolonel-Arts Fons Dur  (56) overlijdt op Kamp Holland in zijn slaap door hartfalen.


Totaal aantal doden sinds het begin van de missie op 1 augustus 2006: 25

Waarvan in Uruzgan: 21

Doodsoorzaak: 
bermbommen (IED's):  11
Ongelukken: 5
Vijandelijk kleinkaliber vuur: 2
Eigen vuur: 2
Zelfmoordaanslagen: 2
Raketaanvallen: 1
Zelfdoding: 1
Natuurlijke dood: 1

(Defensie weblog, 30 september 2012)

vrijdag 6 juli 2012

Monument gesneuvelde Mark Leijsen onthuld

Ter nagedachtenis aan de in Afghanistan gesneuvelde sergeant-majoor Mark Leijsen is eergisteren een monument onthuld op de Lodewijk van Nassaukazerne. Leijsen sneuvelde op 7 september 2009 door een aanslag met een zogenoemd improvised explosive device (IED).

Sergeant-majoor Mark Leijsen
Het monument is een kopie van de versie die op Kamp Holland in Uruzgan bij het IED-oefengebied stond, Hier leerden eenheden geïmproviseerde explosieven van de Taliban tijdig te herkennen en onschadelijk te maken. Op de Lodewijk van Nassaukazerne in de Marnewaard staat het monument bij de recent geopende IED-trainingsfaciliteit.

De onthulling gebeurde in het bijzijn van onder anderen naaste familie, vrienden en de oud-commandant van 101 Geniebataljon waartoe Leijsen behoorde. Ook aanwezig was de oud-commandant van het Operational Mentor and Liaison Team, waar sergeant-majoor Leijsen in de Afghaanse provincie Uruzgan deel van uit maakte. Dit team hield begeleidde Afghaanse militairen tijdens trainingen en operaties.

(ministerie van Defensie, 6 juli 2012)