Aan de randen van Europa nemen instabiliteit en conflicten toe. Dat is één van de bevindingen van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies (HCSS) in de Strategische Monitor 2013: “De Toekomst in alle Staten”. Dit advies, in opdracht van de regering, is vandaag gepresenteerd. Commandant der Strijdkrachten generaal Tom Middendorp nam het namens verschillende departementen in ontvangst.
Middendorp: “Het rapport is bedoeld te anticiperen op toekomstige ontwikkelingen in de internationale veiligheidsomgeving en daarmee een belangrijke bouwsteen voor de te ontwikkelen visie op de krijgsmacht.”
Wat dat betreft komt de uitgave bij de CDS in goede handen. De krijgsmacht waar hij voor staat is immers de organisatie bij uitstek om adequaat te reageren op een veranderende veiligheidsomgeving. De generaal: “Het feit dat instabiliteit en conflicten toenemen aan de randen van Europa is een belangrijk gegeven. Het is in het belang van Nederland dat we hier serieus naar kijken.”
Zelf in veiligheid voorzien
Geweld in Libië, Syrië en Mali doorbreken volgens het HCSS de trend van het aantal dalende conflicten in de afgelopen 2 jaar. Ze reiken tot aan de Europese buitengrenzen waarmee instabiliteit dichterbij komt. Europa moet meer dan voorheen in haar eigen veiligheid voorzien. Dit vooral omdat de Verenigde Staten zijn buitenlandsbeleid meer op de Grote en Indische Oceaan richt.
Bijdrage Defensie
Defensie kan bijdragen aan die Europese veiligheid, zoals nu met luchtverdediging in Turkije. Zo leveren Nederlandse militairen niet alleen indirect een bijdrage aan de veiligheid, maar ook aan de economische groei van Nederland. Denk aan de deelname van de marine aan de antipiraterijmissie bij Somalië waardoor scheepvaart met goederen voor Europa vrije doorgang heeft. Wereldwijde inzet van de Nederlandse krijgsmacht versterkt de internationale samenwerking en draagt bij aan de ambitie dat mensen zich wereldwijd in vrijheid en veiligheid kunnen ontplooien
Grondstoffen
Overigens krijgen niet alleen instabiliteit en dichterbij komende conflicten aandacht in de Strategische Monitor van het HCSS. Ook grondstoffen komen aan bod. Want wat gaan de machtsblokken in de huidige multipolaire wereld doen om zich te verzekeren van voldoende grondstoffen? En weet Europa zich tijdig te herpakken om een meer serieuze rol te spelen in dit globale machtsspel?
HCSS Strategische Monitor 2013
Rapport | 13 maart 2013 | pdf, 88 pagina's, 5 mB
(ministerie van Defensie, 13 maart 2013)
Posts tonen met het label Libië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Libië. Alle posts tonen
woensdag 13 maart 2013
dinsdag 3 juli 2012
De in Libië gestrande marinehelikopter is terug in Nederland
![]() |
Retour uit Libië. De bij Sirte gestrande Lynx-helikopter. Wordt in Nederland ontmanteld en verschroot. Heb er in 2009 nog als passagier een vluchtje mee gemaakt in de Golf van Aden. |
dinsdag 22 mei 2012
Libië: eindevaluatie Operatie Unified Protector
(Onderstaand de conclusies van de 21 pagina's tellende eindevaluatie d.d. 27-04-2012, zoals die aan de Tweede Kamer is aangeboden)
Conclusies
OUP is een succesvolle operatie geweest en geslaagd in het behalen van de gestelde doelen: het bescherming van de burgerbevolking en het handhaven van een vliegverbod en een wapenembargo en is hierin succesvol geweest. Nederland heeft met de geleverde bijdrage op sterke en evenredige wijze gestalte gegeven aan de bondgenootschappelijke verantwoordelijkheid en bijgedragen aan het slagen van deze operatie.
Tijdens OUP was er sprake van een goede internationale samenwerking met betrekking tot de situatie in Libië in en tussen verschillende fora, inclusief de speciaal daartoe gevormde CGL. Het multilaterale besluitvormingsproces binnen de NAVO in aanloop naar OUP nam tijd in beslag, maar de besluitvorming binnen de NAVO was vanaf het moment dat tot de operatie was besloten, efficiënt en slagvaardig. De NAVO heeft kunnen laten zien dat het ondanks druk op het bondgenootschap goed in staat is om de eenheid te bewaren. Bij deze besluitvorming zijn in de aanloop naar en tijdens OUP ook partnerlanden en landen uit de regio betrokken. Deze betrokken partijen hebben zich ingezet om de gestelde OUP doelstellingen ook daadwerkelijk te halen. Aan de operatie is politiek en met inzet van militaire middelen bijgedragen door landen uit de regio.
De uitzending van Nederlandse eenheden berustte op een duidelijk en breed gedragen internationaal mandaat. De door de regering vastgestelde Nederlandse opdracht was daarvan afgeleid. De aard en omvang van de Nederlandse bijdrage is bepaald op basis van primair een politieke afweging, daarbij rekening houdend met militaire mogelijkheden en vervolgens financiële overwegingen en was gebaseerd op de behoeftestelling van de NAVO.
De op basis van de VN resoluties geformuleerde opdracht was duidelijk en uitvoerbaar. Nederland kon daar waar nodig op politiek, strategisch en uitvoerend niveau de Nederlandse activiteiten in de operatie beïnvloeden.
Het Operatieplan en de daarbij benodigde eenheden, bevelstructuur en geweldsinstructies waren passend voor het behalen van de doelstelling van OUP. Zowel de operationele als de niet operationele risico’s zijn voorafgaande en tijdens OUP geïnventariseerd en geëvalueerd. Daar waar nodig zijn maatregelen genomen om het risico te beheersen en te verlagen. Tijdens OUP is door de Nederlandse eenheden geen onaanvaardbaar risico gelopen of genomen.
De Nederlandse eenheden waren voorbereid, beschikbaar en geschikt voor het uitvoeren van de opgedragen werkzaamheden in het kader van OUP. Gebleken is dat het uitvoeren van een dergelijke operatie gevolgen kan hebben voor de training en gereedstelling van eenheden die niet deelnemen aan de missie.
Zowel op nationaal niveau als op internationaal niveau heeft coördinatie tussen departementen en internationale instanties geleid tot een samenhangende aanpak, zowel op militair als op politiek en humanitair gebied.
(ministerie van Defensie, 22 mei 2012)
Conclusies
OUP is een succesvolle operatie geweest en geslaagd in het behalen van de gestelde doelen: het bescherming van de burgerbevolking en het handhaven van een vliegverbod en een wapenembargo en is hierin succesvol geweest. Nederland heeft met de geleverde bijdrage op sterke en evenredige wijze gestalte gegeven aan de bondgenootschappelijke verantwoordelijkheid en bijgedragen aan het slagen van deze operatie.
Tijdens OUP was er sprake van een goede internationale samenwerking met betrekking tot de situatie in Libië in en tussen verschillende fora, inclusief de speciaal daartoe gevormde CGL. Het multilaterale besluitvormingsproces binnen de NAVO in aanloop naar OUP nam tijd in beslag, maar de besluitvorming binnen de NAVO was vanaf het moment dat tot de operatie was besloten, efficiënt en slagvaardig. De NAVO heeft kunnen laten zien dat het ondanks druk op het bondgenootschap goed in staat is om de eenheid te bewaren. Bij deze besluitvorming zijn in de aanloop naar en tijdens OUP ook partnerlanden en landen uit de regio betrokken. Deze betrokken partijen hebben zich ingezet om de gestelde OUP doelstellingen ook daadwerkelijk te halen. Aan de operatie is politiek en met inzet van militaire middelen bijgedragen door landen uit de regio.
De uitzending van Nederlandse eenheden berustte op een duidelijk en breed gedragen internationaal mandaat. De door de regering vastgestelde Nederlandse opdracht was daarvan afgeleid. De aard en omvang van de Nederlandse bijdrage is bepaald op basis van primair een politieke afweging, daarbij rekening houdend met militaire mogelijkheden en vervolgens financiële overwegingen en was gebaseerd op de behoeftestelling van de NAVO.
De op basis van de VN resoluties geformuleerde opdracht was duidelijk en uitvoerbaar. Nederland kon daar waar nodig op politiek, strategisch en uitvoerend niveau de Nederlandse activiteiten in de operatie beïnvloeden.
Het Operatieplan en de daarbij benodigde eenheden, bevelstructuur en geweldsinstructies waren passend voor het behalen van de doelstelling van OUP. Zowel de operationele als de niet operationele risico’s zijn voorafgaande en tijdens OUP geïnventariseerd en geëvalueerd. Daar waar nodig zijn maatregelen genomen om het risico te beheersen en te verlagen. Tijdens OUP is door de Nederlandse eenheden geen onaanvaardbaar risico gelopen of genomen.
De Nederlandse eenheden waren voorbereid, beschikbaar en geschikt voor het uitvoeren van de opgedragen werkzaamheden in het kader van OUP. Gebleken is dat het uitvoeren van een dergelijke operatie gevolgen kan hebben voor de training en gereedstelling van eenheden die niet deelnemen aan de missie.
Zowel op nationaal niveau als op internationaal niveau heeft coördinatie tussen departementen en internationale instanties geleid tot een samenhangende aanpak, zowel op militair als op politiek en humanitair gebied.
(ministerie van Defensie, 22 mei 2012)
woensdag 14 maart 2012
Beantwoording Kamervragen over het terughalen van de Lynx-helicopter uit Sirte
Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de vragen van de leden Van Bommel en Jasper van Dijk (beiden SP) over het terughalen van een Lynx-helikopter van Libië naar Nederland (ingezonden 29 februari 2012 met kenmerk 2012Z03659).
DE MINISTER VAN DEFENSIE
Drs. J.S.J. Hillen
Vragen van de leden Van Bommel en Jasper van Dijk (beiden SP) aan de minister van Defensie over het terughalen van een Lynx-helikopter van Libië naar Nederland (ingezonden 29 februari 2012)
1
Is het waar dat u hebt besloten dat de Lynx-helikopter die sinds vorig jaar op het strand van de Libische kustplaats Sirte stond naar Nederland moet worden terug gebracht? 1)
Ja.
2
Is het waar dat deze helikopter niet meer vliegwaardig is en na terugkeer wordt ontmanteld en verschroot?
Ja.
3
Welk belang is ermee gediend de helikopter naar Nederland terug te halen in plaats van hem daar te verschroten?
4
Wat zijn de kosten van het transport van de helikopter, eerst naar de Libische hoofdstad Tripoli en vervolgens met civiel zeetransport naar Nederland? Zou het niet goedkoper zijn om de helikopter in Libië te verschroten?
Het terughalen van de helikopter is een nationale verantwoordelijkheid en dient een nationaal veiligheidsbelang. De helikopter is een wapensysteem en valt daarmee in de categorie strategisch defensiemateriaal. Aan het ontmantelen en verschroten van dit materiaal zijn eisen gesteld, waaraan in Libië niet kan worden voldaan.
De additionele uitgaven voor het terughalen van de helikopter worden geraamd op € 21.000. Dit bedrag bestaat uit € 13.000 voor het transport via Tripoli naar Nederland, € 6.000 voor het verblijf van personeel in Libië en € 2.000 voor onvoorziene uitgaven.
Deze additionele uitgaven worden gefinancierd uit de HGIS-voorziening voor crisisbeheersingsoperaties binnen artikel 20 ‘Inzet’ van de defensiebegroting.
1) http://www.defensie.nl/actueel/nieuws/2012/02/27/46193476/Lynx_in_Libie_op_transport
maandag 27 februari 2012
Lynx in Libië op transport
De Lynx-helikopter die sinds vorig jaar op het strand van de Libische kustplaats Sirte stond, is vandaag overgebracht naar de hoofdstad Tripoli. De helikopter wordt daar klaargemaakt voor civiel zeetransport naar Nederland.
![]() |
| De Lynx klaar voor transport (foto Defensie) |
De helikopter werd op 27 februari 2011 aan de grond gehouden tijdens een evacuatiepoging vanaf het fregat Hr.Ms. Tromp. Een militaire eenheid van het regime van kolonel Khadaffi hield het toestel aan de grond en nam de 3 bemanningsleden gevangen. De Nederlanders werden op 11 maart 2011 vrijgelaten.
(ministerie van Defensie, 27 februari 2012)
Abonneren op:
Posts (Atom)


.jpg)
