Posts tonen met het label Krim. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Krim. Alle posts tonen

maandag 29 september 2014

Marineschepen vertrokken naar de Oostzee

Vijf marineschepen zijn maandag vertrokken vanuit de marinehaven in Den Helder richting de Oostzee. De schepen nemen daar deel aan de 4 weken durende marineoefening Northern Archer.

De fregatten Zr.Ms. Evertsen en Zr.Ms Tromp, onderzeeboot Zr.Ms. Bruinvis, patrouillevaartuig Zr.Ms. Zeeland en bevoorrader Zr.Ms. Amsterdam houden zich in de wateren rond de Baltische staten bezig met een breed scala aan oefeningen op het gebied van maritieme oorlogsvoering. Van onderzeebootbestrijding, oppervlaktebestrijding, luchtverdedigingscapaciteiten, tot het opereren met de maritieme NH-90 gevechtshelikopter.  De Koninklijke Marine voert tijdens de eskaderreis Northern Archer verschillende oefeningen uit met Polen, Zweden, Estland, Letland en Denemarken.

De oefening past in de geruststellende maatregelen die de NAVO afkondigde, na de annexatie van de Krim. Daarin stond onder meer dat een verhoogde militaire en maritieme presentie van NAVO-partners in de regio gewenst was, wanneer dit in het nationale programma paste.

(ministerie van Defensie, 29 september 2014)


Archieffoto: de bevoorrader Zr. Ms. Amsterdam, een patrouillevaartuig (OPV)
en het fregat van Speijk. Foto: ministerie van Defensie

woensdag 26 maart 2014

Veiligheidsgaranties NAVO-leden? OK, maar niet té luid

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Geannoteerde agenda t.b.v. NAVO-bijeenkomst op het niveau van ministers van Buitenlandse Zaken, 1-2 april 2014

Op 1 en 2 april a.s. komen de ministers van Buitenlandse Zaken van de NAVO-landen bijeen in Brussel. De conceptagenda voorziet in een werksessie, een bijeenkomst met Oekraïne (NAVO-Oekraïne Commissie) en een werkdiner op 1 april. Op 2 april komt de NAVO bijeen met Georgië (NAVO-Georgië Commissie), de ISAF-partners en de landen van het Istanbul Cooperation Initiative (ICI). Ook is een reeds eerder geplande, korte, ceremoniële bijeenkomst voorzien ter gelegenheid van de uitbreiding van de NAVO in 1999, 2004 en 2009. De situatie in Oekraïne zal de besprekingen domineren. Voor zover mogelijk zal ook worden vooruitgeblikt naar de NAVO-top op 4 en 5 september in Wales. In deze brief wordt vooral ingegaan op de Nederlandse positie in de NAVO t.a.v. het Russisch-Oekraïense conflict.

Oekraïne
De afgelopen weken bent u meerdere malen geïnformeerd over de ontwikkelingen in Oekraïne. In de brieven aan uw Kamer d.d. 3, 7, 12 en 18 maart is ook ingegaan op de besprekingen die binnen de NAVO zijn gevoerd. Zoals uit deze berichtgeving blijkt, volgt de NAVO de situatie nauwgezet en heeft zij de bestaande samenwerkingsverbanden met Oekraïne en Rusland, respectievelijk de NAVO-Oekraïne Commissie (NUC) en de NAVO-Rusland Raad (NRR), benut om de kwestie te bespreken. Op 14 maart jl. kwam de Euro-Atlantische Partnerschapsraad (EAPR), waarin Oekraïne en Rusland zitting hebben, bijeen. De NAVO heeft, o.a. in verklaringen op 2, 4 en 17 maart de Russische handelwijze in krachtige termen veroordeeld en het land opgeroepen zijn internationale verplichtingen na te komen. Helaas hebben ook de besprekingen in de NRR er niet toe geleid dat Rusland is overgegaan tot de-escalatie van de situatie.

Op 4 maart jl. kwam de Noord Atlantische Raad (NAR) bijeen op verzoek van Polen. Polen had artikel 4 ingeroepen, dat stelt dat bondgenoten onderling overleg zullen plegen wanneer naar de mening van een van hen de territoriale integriteit, politieke onafhankelijkheid of veiligheid van een der partijen wordt bedreigd. Bij die gelegenheid heeft de NAR besloten tot het treffen van maatregelen om de situational awareness van het Bondgenootschap rond de situatie in Oekraïne te verbeteren. Dat houdt onder andere in dat de AWACS-toestellen actiever boven het grondgebied van de Alliantie worden ingezet. In dit kader zal, in overleg met de minister van Defensie, ook Nederlandse tankercapaciteit (air-to-air refueling) worden ingezet ten behoeve van het bijtanken van deze AWACS-toestellen.De hiermee gemoeide kosten zullen worden gedekt binnen het Defensie-budget.

Zoals bericht, besloot de NAR ook tot versterking van de samenwerking met Oekraïne binnen het raamwerk van de NUC en tot een herziening van de relaties met Rusland. Tijdens de ministeriële bijeenkomst op 1 en 2 april zal bezien worden hoe deze besluiten geconcretiseerd kunnen worden en of aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn.

Conform de Nederlandse inzet heeft ook de NAVO zich er vanaf het begin op gericht om verdere escalatie van de situatie te voorkomen. Helaas hebben oproepen aan Rusland hiertoe geen positief effect gesorteerd. Integendeel, de Russische handelwijze heeft ervoor gezorgd dat verschillende bondgenoten zich in toenemende mate zorgen maken over de veiligheidsconsequenties van het Russische handelen en gevraagd hebben om zichtbare reassurance.

Voor Nederland vormt dit element van reassurance een onlosmakelijk onderdeel van de onderlinge solidariteit die het fundament is van het Bondgenootschap. De tot op heden door de NAVO getroffen maatregelen in deze crisis passen volgens Nederland goed in het vinden van een balans tussen de behoefte aan reassurance en de wens tot de-escalatie. Ministers zullen spreken over de meest recente ontwikkelingen als ook over de strategische implicaties daarvan voor het Bondgenootschap.

Tijdens de NAVO-bijeenkomst zal voorts worden gesproken over verdere steun die aan Oekraïne kan worden gegeven in het kader van de bestaande partnerschapsovereenkomst met het land. Het land vormt een belangrijke partner van de NAVO en bezien zal moeten worden hoe aan het hierboven gemelde besluit om de samenwerking met Oekraïne te versterken, invulling kan worden gegeven. Nederland denkt hierbij met name aan NAVO-bijdragen bij de hervorming en professionalisering van het Oekraïense leger en assistentie m.b.t. de  democratische controle over de krijgsmacht. Daar Oekraïne geen lid is van de NAVO, is van veiligheidsgaranties vanuit het Bondgenootschap voor Oekraïne geen sprake.

Relatie NAVO-Rusland
De NAVO zal stilstaan bij de gevolgen van het conflict voor de relatie met Rusland. Zoals gemeld, besloot de NAVO op 5 maart tot een herziening van de relatie met Rusland. Tevens werd besloten om tot de ministeriële bijeenkomst op 1 en 2 april geen ontmoetingen op werkniveau meer te houden. Nederland is van mening dat Rusland een belangrijke partner van de NAVO is waarmee het Bondgenootschap essentiële belangen deelt, waaronder de bestrijding van terrorisme en de aanpak van piraterij. In deze crisis heeft Rusland echter het internationale recht op ernstige wijze geschonden. Dat kan niet zonder gevolgen blijven voor de relatie van de NAVO met Rusland. Op welke terreinen dit vorm gegeven zal worden, is onderwerp van discussie. Nederland zal zich er wel voor inzetten dat de diplomatieke kanalen voor politieke dialoog ook in NAVO-kader zoveel mogelijk open blijven.

Georgië
Op 2 april zal de NAVO-Georgië Commissie (NGC) bijeenkomen. Met minister Panjikidze zal worden gesproken over de ontwikkelingen in Georgië en mogelijkheden om de samenwerking met het land te intensiveren. Zoals bekend, wil Georgië graag lid worden van de NAVO. Georgië zou graag zien dat tijdens de NAVO-Top in september het lidmaatschapsperspectief, dat de NAVO Georgië in 2008 bood, wordt ingevuld door een concrete stap voorwaarts.

Nederland verwelkomt de Euro-Atlantische aspiraties van Georgië en de voortgang die het land maakt. Nederland heeft waardering voor de omvangrijke bijdrage van Georgië aan de ISAF-operatie. De vraag doet zich voor in hoeverre de ontwikkelingen in Oekraïne gevolgen moeten hebben voor de NAVO-toetredingskandidatuur van Georgië. Nederland is van mening dat Georgië op zijn eigen merites dient te worden beoordeeld. De mate waarin Georgië politieke en militaire hervormingen ter hand neemt en bijdraagt aan de Euro-Atlantische veiligheid moet leidend zijn. Voorkomen moet worden dat voeding wordt gegeven aan het zero sum-spel dat ogenschijnlijk door Rusland wordt gespeeld.  Nederland wacht met interesse de voortgangsrapportages van de SG NAVO af over de vier landen met lidmaatschapsaspiraties. Deze rapportages zullen in juni tijdens de volgende NAVO-bijeenkomst op het niveau van de ministers van Buitenlandse Zaken worden besproken.

Afghanistan
De ministers van Buitenlandse Zaken zullen in ISAF-samenstelling met de Afghaanse autoriteiten van gedachten wisselen. Dit is de laatste ISAF- bijeenkomst voor de presidentsverkiezingen in Afghanistan op 5 april. Naar alle waarschijnlijkheid zal gesproken worden over de politieke en veiligheidssituatie aan de vooravond van de verkiezingen. Ook zal mogelijk kort gesproken worden over de nog lopende onderhandelingen over de Status of Forces Agreement (SOFA) met de NAVO en het uitblijven van overeenstemming over de Bilateral Security Agreement (BSA) met de Verenigde Staten.

Istanbul Cooperation Initiative (ICI)
Ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan zal de NAR met de landen van het Istanbul Cooperation Initiative (ICI) bijeenkomen. Op de NAVO-top in Istanbul (2004) werd besloten tot oprichting van het ICI. Het ICI is primair gericht op de landen op het Arabische Schiereiland. Inmiddels zijn Koeweit, Bahrein, de Verenigde Arabische Emiraten en Qatar toegetreden. Oman en Saoedi-Arabië zijn uitgenodigd, maar hebben nog geen toetredingswens kenbaar gemaakt. Het ICI richt zich vooral op praktische samenwerking. Nederland acht het ICI een nuttig forum voor samenwerking met deze landen en ziet mogelijkheden om op bepaalde terreinen, bijvoorbeeld piraterijbestrijding en de politieke dialoog, de samenwerking te intensiveren.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Frans Timmermans

(Tweede Kamer, 21 maart 2014)

maandag 3 maart 2014

NRC: Inval van Rusland in Oekraïne volstrekt onverantwoordelijk

Sinds het einde van de Koude Oorlog bestond er in Europa een sluimerend meningsverschil over de vraag in hoeverre Rusland, als erfgenaam van de Sovjet-Unie, nog een werkelijke bedreiging vormde. In West-Europese landen als Nederland maakte men zich daar geen grote zorgen over. Maar in de landen die na de Tweede Wereldoorlog onder de verstikkende dominantie van Moskou hebben geleden, of zelfs deel hebben uitgemaakt van de Sovjet-Unie, bleef de vrees voor het grote Rusland altijd levend. Toetreding tot de NAVO was daarom voor die landen van enorm belang.

Met de inval in Oekraïne, die voorlopig heeft geleid tot de militaire bezetting van de Krim, heeft president Poetin de Polen, de Balten en hun geestverwanten in hun angstige overtuiging bevestigd. Blijkbaar eigent Moskou zich ook bijna een kwart eeuw na het einde van de Sovjet-Unie nog het recht toe om een land binnen te vallen dat het tot zijn invloedssfeer rekent.

Niet alleen schendt Rusland daarmee het volkenrecht en de garanties die het twintig jaar geleden zélf aan het soevereine Oekraïne heeft verstrekt. Het riskeert met deze operatie in het intens verdeelde en instabiele land ook een bittere oorlog te ontketenen. Er is weinig fantasie voor nodig, en een klein beetje historische kennis, om te beseffen hoe bloedig dat kan eindigen en hoe ontwrichtend dat kan werken in de hele regio. De bezetting van de Krim en de dreigementen van president Poetin en het Russische parlement om het daarbij niet te laten, brengen de vrede en veiligheid in Europa in gevaar, zoals secretaris-generaal Rasmussen van de NAVO gisteren terecht zei.

Oekraïne is geen lid van de NAVO, het bondgenootschap heeft dus ook niet te verplichting om het aangevallen land te hulp te schieten in zijn confrontatie met (kernmacht) Rusland. Iedere militaire escalatie van het conflict moet nu ook dringend vermeden worden. Wel is het belangrijk dat zo veel mogelijk landen, en dus niet alleen het Westen, Rusland krachtig duidelijk maken dat deze interventie volstrekt onverantwoordelijk en onacceptabel is. Het dreigement om Rusland als sanctie diplomatiek, politiek en mogelijk ook economisch te isoleren is daarbij een van de weinige beschikbare instrumenten, en mag niet onbenut blijven.

Tegelijk is een grote diplomatieke inspanning nodig, om te voorkomen dat de toestand verder uit de hand loopt. Een balans te vinden tussen harde afkeuring van de Russische operatie enerzijds en het opzoeken van de dialoog anderzijds is de moeilijke opdracht waar de internationale diplomatie nu voor staat. De Europese Unie, die grenst aan Oekraïne, moet daarbij een hoofdrol spelen.

(Hoofdredactioneel commentaar NRC, 3 maart 2014)

Agressor

Wat drie maanden geleden begon als een intern oproer in Oekraïne is dit weekeinde in rap tempo uitgegroeid tot de grootste crisis in Europa sinds de val van de Berlijnse Muur en het einde van de Koude Oorlog.

Door annexatie van de Krim en een dreigende inval in andere delen van Oekraïne, lapt Rusland het Handvest van de Verenigde Naties aan de laars. Secretaris-generaal Rasmussen van de NAVO brandmerkt de Russische president Poetin terecht als agressor.

De vraag is echter in hoeverre het Westen in staat is het Russische gevaar het hoofd te bieden. Poetin trok zich volstrekt niets aan van de waarschuwing van de Amerikaanse president Obama dat een inval in Oekraïne een prijs zou hebben. Een pijnlijke nederlaag voor Obama die al danig verzwakt is op het wereldtoneel, omdat hij in de Syrië-crisis niet de daad bij het woord voegde.

Eerder afgesloten akkoorden omtrent de soevereiniteit en territoriale integriteit van Oekraïne blijken niets waard. Dit terwijl Poetin niet nalaat interventies van het Westen telkens te veroordelen als schendingen van het internationale recht.

Te midden van angstaanjagende Koude Oorlogstaal hamert Moskou op het recht om etnische burgers te beschermen. Onheilspellende parallellen dringen zich op met de situatie in Europa aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog toen Hitler het Duitssprekende Sudetenland in Tsjecho-Slowakije annexeerde.

Als de geschiedenis iets heeft aangetoond is het wel dat niet gebogen moet worden voor een agressor. De NAVO zal met een daadkrachtiger antwoord moeten komen op de oorlogsmachine van Poetin. Alle alarmbellen moeten nu afgaan in het NAVO-hoofdkwartier.

(Telegraaf, 3 maart 2014)

Zie ook het commentaar van de Volkskrant: Een bom onder Europa

Een bom onder Europa

OPINIE Vladimir Poetin heeft de wereld verrast in Oekraïne. De tijden van agressief revanchisme zijn terug in Europa, schrijft Arnout Brouwers in het commentaar van de Volkskrant.

De Russische president Vladimir Poetin, onlangs nog gesignaleerd aan de toog met koning Willem Alexander, heeft voor het eerst sinds de door Slobodan Milosevic aangejaagde Balkanoorlogen, het fundament van de huidige Europese veiligheidsordening geschonden: de territoriale integriteit van staten.

Het is op dit moment te vroeg om te zeggen of het Russische optreden in Oekraïne een invasie is van de Krim of heel oostelijk Oekraïne, of het begin van de creatie van nieuwe separatistische gebieden die - ook als er nooit een schot valt - zich feitelijk aan de Oekraïense soevereiniteit zuilen onttrekken. Maar nu al is duidelijk dat president Poetin een bom heeft gelegd onder de veiligheidsordening die na de instorting van de Sovjet-Unie in Europa is ontstaan.

Poetin heeft nooit verborgen dat Oekraïne voor hem van lijfsbelang is. De Oekraïense Oranjerevolutie van tien jaar geleden was de aanleiding om de democratie in Rusland verder af te knijpen. in 2008 bij de Navo-top in Boekarest trok Poetin in twijfel of Oekraïne wel een staat is. En recent zette hij president Janoekovitsj onder grote druk om af te zien van een associatieverdrag met de EU. Want Poetins Euraziatische Unie stelt te weinig voor zonder Oekraïense deelname.

Dit was allemaal bekend in het Westen, net zoals bekend was dat Poetin jarenlang de druk in Georgie’s afvallige provincies opvoerde tot hij in 2008 president Saakasjvili tot een aanval wist te provoceren - waarna Rusland binnenviel.

Wat westerse politici - jarenlang ingepakt door bilaterale deals met Gazprom en in slaap gesust door hun eigen retoriek over Poetins Nieuwe Rusland’ - niet zagen aankomen, waren de gebeurtenissen van de afgelopen dagen, die herinneringen oproepen aan zowel het Sovjetingrijpen in Boedapest in 1956 ais aan Adolf Hitlers campagne om de ‘rechten van Duitsers’ te waarborgen in Sudetenland. Ook Poetins staatsrevanchisme over het verlies van het door Moskou bestuurde Sovjetrijk, lijkt op een echo uit het verleden.

Maar willen de Russen op de Krim zelf niet bij Rusland? En kunnen we ais we een oogje dichtknijpen onze warme band met het Kremlin - en de gascontracten - niet bewaren? Zeker, de nieuwe overgangsregering in Kiev bevat enkele radicale types en heeft fouten gemaakt, vooral door de taalwet direct terug te draaien. Maar dit was geen westers complot en het is geen ‘fascistoïde bewind, hoezeer de Russische propaganda en Poetins al dan niet betaalde westerse apologeten dat ook betogen. Tot Rusland olie op het vuur gooide, stond niets een gezamenlijke Westers-Russische aanpak van de politieke en economische stabilisering van Oekraïne in de weg.

Het is 2014, niet 1938 of 1956- en dat is waarom Poetins flagrante schending van de Oekraïense soevereiniteit als zo’n verrassing komt. De postmoderne Europeanen hebben hun eigen strijdkrachten al half afgeschaft, rekenen niet meer op militair tromgeroffel in Europa en kunnen alleen denken in termen van ‘win-win’-diplomatie. Bovendien heeft Poetin veel Europese leiders, de Nederlandse voorop, in zijn broekzak zitten ais gevolg van de jarenlange bilaterale opbouw van energieposities in bijna alle EU-markten. Hij wist dat hij er geen direct tegenspel te verwachten had. in zekere zin geldt dat ook voor het 'terugtrekkende’ Amerika, dat Rusland tot nu onmisbaar achtte in onder meer zijn Iran-diplomatie.

Poetin kan dus een de facto inlijving van de Krim, en zelfs delen van Oost-Oekraïne, afdwingen. Het valt zeer te hopen dat de wereldgemeenschap hem nog kan intomen en een hete oorlog in Oekraïne voorkomen kan worden. Maar ongeacht wat volgt: Poetin is de Rubicon overgetrokken. Dat betekent dat alle betrokkenen de balans moeten opmaken van hun relatie met dit Russische bewind. Dat geldt ook voor Nederland als de facto bruggenhoofd voor Gazprom en veilige kluis voor criminele miljarden uit Rusland.

Arnout Brouwers is chef opinie van de Volkskrant.

© de Volkskrant
3 maart 2014