Posts tonen met het label Minister Hennis Plasschaert. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Minister Hennis Plasschaert. Alle posts tonen

dinsdag 17 september 2013

Blog minister Hennis: ‘In het belang van Nederland’

Vandaag heb ik, namens het kabinet, de nota over de toekomst van de krijgsmacht naar de Tweede Kamer gestuurd.

In deze nota, ‘In het belang van Nederland’, geven we de strategische richting aan voor een toekomstbestendige krijgsmacht. We maken keuzes. Keuzes die de opmaat zijn naar vernieuwing en innovatie. Keuzes om de financiële huishouding van Defensie op orde te brengen. Keuzes die een einde maken aan soms jarenlange discussies.

Van nieuwe, gerichte bezuinigingen op Defensie is geen sprake. Toch worden we geraakt. Voor een deel is dat het gevolg van maatregelen waar iedereen, de hele overheid en dus ook Defensie, last van heeft. De financieel-economische problemen van ons land zijn immers nog niet opgelost. Maar het komt ook omdat ons eigen huishoudboekje niet op orde was. Kortom: ook de interne financiële tegenvallers, waarover ik al voor de zomer sprak, hebben we in deze nota moeten opvangen. Dit alles betekent dat we maatregelen hebben getroffen voor een bedrag van 348 miljoen euro.

Collega's,
We kiezen voor een krijgsmacht die op alle geweldsniveaus kan opereren. Er is immers niet zoiets als een standaard recept voor militaire inzet. Wel zal de inzet minder langdurig zijn. We kiezen nadrukkelijk voor samenwerken, nationaal en internationaal. We kiezen voor investeren in vernieuwing. En ja, ook nemen we
het noodzakelijke besluit over de opvolging van de F-16. De F-35 is het toestel dat de meeste militaire mogelijkheden biedt en voor onze vliegers ook het meest veilige toestel is. Deze aanschaf gaat niet ten koste van de andere krijgsmachtdelen.

Ik realiseer me heel goed dat de nota opnieuw ingrijpende maatregelen bevat. Opnieuw leveren we arbeidsplaatsen in, zetten we eenheden stil, stoten we materieel af en sluiten we kazernes. Dat gaat ook mij zeer aan het hart.

Aanvullende keuzes waren echter onontkoombaar. Maar let wel, door nu richting te kiezen, kunnen we inzetten op een krijgsmacht die ook in de toekomst militair relevant is, een krijgsmacht die financieel op orde is.

Uw zorgen hierover, begrijp ik maar al te goed. Juist omdat het na 20 jaar van reorganiseren en hervormen, hoog tijd wordt om weer vooruit te kunnen kijken.

De herwaardering van Defensie door politiek en samenleving zal er de komende jaren toe doen. En dat is dan ook broodnodig. Vrijheid en veiligheid. Het is immers niet vanzelfsprekend. Het vereist permanente inspanning en een besef van de waarde van Defensie. In de samenleving. En in de politiek.

Ik heb het al eerder gezegd, en zeg het nu weer: Defensie is geen luxe maar een fundamentele investering in onze vrijheid, veiligheid en welvaart. U weet dat als geen ander.

Ik zal er de komende jaren voor knokken.
In het belang van u,
In het belang van Defensie,
In het belang van Nederland.

Minister van Defensie
Jeanine Hennis-Plasschaert
17 september 2013

(ministerie van Defensie, 17 september 2013)

zaterdag 29 juni 2013

Toespraak minister Hennis-Plasschaert op Veteranendag 2013

Majesteit, excellenties, veteranen, aangetreden militairen, dames en heren, jongens en meisjes,

Vandaag, op deze bijzondere dag,eert Nederland zijn veteranen. Nederlandse Veteranendag,
ingesteld in 2005 als persoonlijke wens van Prins Bernhard vanwege zijn bijzondere, warme band met onze veteranen.

En juist vandaag is het 29 juni, de geboortedag van Prins Bernhard.

Dat maakt deze Veteranendag extra bijzonder, evenals de aanwezigheid van onze Koning, die zo
dadelijk het defilé zal afnemen.

Ons land telt 130.000 veteranen.Het zijn mannen en vrouwen die veel hebben meegemaakt, veel
hebben gepresteerd en grote verantwoordelijkheid hebben gedragen.

Niet zelden in situaties van spanning en gevaar. Je moet het maar kunnen!

En juist daarom spreken wij vandaag, op de Nederlandse Veteranendag, ons respect uit
Maatschappelijke erkenning en waardering voor onze militairen en hun inzet, het is voor mij een
belangrijk speerpunt.

Thank you for serving’. In Amerika veel gehoord. Op straat, in winkels, restaurants en waar dan ook. In Nederland is die openlijke waardering lange tijd helemaal niet zo vanzelfsprekend geweest. Maar we boeken vooruitgang. En ik ben ervan overtuigd dat een dag als vandaag hierbij een belangrijke rol speelt.

Ook ons parlement zet zich hier enorm voor in.Onze volksvertegenwoordigers hebben bijvoorbeeld
hard geknokt voor de totstandkoming van de Veteranenwet. De bijzondere zorgplicht voor veteranen
is nu dan eindelijk wettelijk verankerd.En op dit moment wordt er hard gewerkt aan de verdere
uitwerking van deze wet.

Ik noem bijvoorbeeld:

· een ombudsman speciaal voor veteranen
· De oprichting van één veteranenloket
· De ereschuld waarvan inmiddels het merendeel is uitbetaald

Ook de uitgezonden militairen in werkelijke dienst, komen nu in aanmerking voor de veteranenstatus. En voor het eerst zal ik zo meteen -samen met mevrouw Eijsink, Tweede Kamerlid voor de PvdA, de veteranenspeld uitreiken aan actief dienende militairen. Een mooi moment van zichtbare erkenning én waardering!

Majesteit, geachte aanwezigen,

De aangetreden militairen rechts van ons zijn onlangs teruggekeerd van missies in Burundi, Bosnië, Israël en de Palestijnse gebieden, Kosovo, Afghanistan en Zuid-Soedan.

Graag wil ik vier van hen aan u voorstellen.

Allereerst marinier Smit van de Koninklijke Marine. Marinier Smit,gisteren was u nog op oefening in de heuvels van Engeland, vandaag alweer hier in Den Haag in verband met onder meer uw uitzending naar Afghanistan. Actief dienend bent u zeker! In Kabul werkte u als chauffeur en beveiliger. U bracht specialisten veilig ter plekke zodat ze cruciale apparatuur konden repareren. Of - in uw eigen woorden - u zorgde ervoor dat ‘de jongens en meiden van de missie goed hun werk konden doen’.Cruciale inzet achter de schermen dus. Marinier Smit, Dank daarvoor!

Majoor Both van de Koninklijke Landmacht, u bent uitgezonden geweest naar Zuid-Sudan.
Een land waar de afgelopen dertig jaar alleen maar is gevochten, een land dat vanaf de grond moest worden opgebouwd. Als officier civiel-militaire samenwerking heeft u bijgedragen aan de eerste voorzichtige stappen op weg naar duurzame vrede. Majoor Both, dank aan u! Dank voor uw inzet.

Sergeant Rijnsent van de Koninklijke Luchtmacht, ik heb u vorig jaar mogen ontmoeten tijdens mijn bezoek aan de troepen in Noord-Afghanistan. U heeft als militair verpleegkundige vanuit Masar-e-Sharif de medische evacuaties gecoördineerd.Een cruciale taak want de juiste zorg voor onze
militairen is van groot belang! Ook aan u: Dank voor uw inzet!

En als laatste, adjudant Van der Wal van de Koninklijke Marechaussee Adjudant Van der Wal, als digitaal rechercheur in Afghanistan spoorde u de makers van bermbommen op. In uw eigen woorden: ‘Al kan ik maar één militair- of burgerslachtoffer voorkomen, dan heeft het al zin gehad.’U hebt mét uw team successen geboekt en daadwerkelijk het verschil kunnen maken. Adjudant van der Wal, zeer veel dank!

Dames en heren,

Onze veteranen kunnen hun werk vooral doen dankzij de voortdurende steun van hun thuisfront.Zonder thuisfront, geen inzet! Daarom vraag ik u om met mij nog één keer heel hard te klappen. Een applaus voor de familie, vrienden en collega’s van al onze veteranen!

Zo dadelijk zal ik overgaan tot het uitreiken van de herinneringsmedailles vredesoperaties voor de genoemde missies. Een onderscheiding van de regering ter herinnering aan uw bijzondere inzet namens Nederland in het buitenland. Ik reik deze onderscheiding uit, samen met onze premier, de Commandant der Strijdkrachten en de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht.

Daarna zal ik,zoals gezegd,samen met mevrouw Eijsink, de veteranenspeld uitreiken aan vier veteranen in actieve dienst. Deze vier staan symbool voor de dertigduizend militairen die zich voortaan ook veteraan mogen noemen.

Dames en heren,

Voor u staat een trotse minister. En ik ben de militairen dankbaar voor hun inzet.

(ministerie van Defensie, 29 juni 2013)

maandag 5 november 2012

Minister Hennis-Plasschaert: 'sterke Defensie in belang van iedereen'

"Ik heb me in al mijn functies ingezet voor een sterk Nederland. Een fitte krijgsmacht speelt daarin een grote rol. Ik zie het dan ook als een eer én een uitdaging hieraan te mogen bouwen." Dat waren de eerste woorden van de nieuw aangetreden minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert. De bewindsvrouw van de VVD nam vanmiddag het roer over van CDA-politicus Hans Hillen, die sinds 14 oktober 2010 minister van Defensie was.

Overdracht Hillen > Hennis-Plasschaert
Nederland rust volgens Hennis-Plasschaert op 3 stevige pijlers: vrijheid, veiligheid en welvaart. “Onze militairen werken elke dag aan het beschermen en versterken van deze pijlers, in Nederland en daarbuiten. Want werken aan internationale vrede en veiligheid, is voor een handelsland als Nederland, van groot belang. De krijgsmacht doet daarmee belangrijk werk voor alle burgers en bedrijven in Nederland. Wij profiteren daar allemaal van, elke dag. Daarom zal ik mij de komende 4 jaar sterk maken voor Defensie. Dat is niet alleen van belang voor Defensie zelf, maar vooral ook voor iedereen in Nederland.”

Budget in evenwicht
De zojuist aangetreden bewindsvrouw zei zich te realiseren dat de krijgsmacht zich in een moeilijke fase bevindt. “Ik zal me er, samen met alle Defensiemedewerkers, krachtig voor inzetten dat de krijgsmacht in staat blijft in internationaal verband de veiligheid van ons land te garanderen en bij te dragen aan vrede en veiligheid in de wereld.” Hennis-Plasschaert zei daartoe te moeten beschikken over personeel en materieel van hoge kwaliteit. Ze wil dan ook het budget in evenwicht brengen met de ambities van Nederland.

Bruggen slaan
“We zullen de komende jaren ook bruggen moeten slaan: naar de samenleving, het draagvlak voor Defensie vergroten.” Hennis-Plasschaert wil niet alleen bruggen slaan naar de landen om ons heen om zo meer met hen samen te werken, maar ook  bruggen slaan tussen de krijgsmachtdelen onderling. Marine, landmacht, luchtmacht en marechaussee moeten volgens haar nog nauwer samenwerken en onderling meer uitwisselbaar en inwisselbaar zijn.

“Daarom zal ik, in overleg met de minister van Buitenlandse Zaken, een visie op de krijgsmacht van de toekomst maken. Een visie waarin de financiën voor langere termijn op orde worden gebracht, waarin ambitie en taken in evenwicht zijn, waarin ruimte is voor innovatie en waarmee het draagvlak voor de organisatie geborgd wordt.”

(ministerie van Defensie, 5 november 2012)