Posts tonen met het label Symbolon. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Symbolon. Alle posts tonen

dinsdag 27 augustus 2013

Kamerbrief: stand van zaken Defensie Cyber Strategie

de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Datum 26 augustus 2013
Betreft: Stand van zaken Defensie Cyber Strategie
Onze referentie
BS2013024441

Inleiding
De vaste commissie voor Defensie heeft mij op 13 juni 2013 (kenmerk 33321-1/2013D24911) verzocht haar te informeren over de stand van zaken van de Defensie Cyber Strategie, inclusief een geactualiseerde reactie op het advies van de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) en de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) over digitale oorlogsvoering. Met deze brief voldoe ik aan dit verzoek.

Achtergrond
Mede naar aanleiding van de in de beleidsbrief 2011 aangekondigde cyberintensivering en de Nationale Cyber Security Strategie (Kamerstuk 26643, nr. 174), brachten de AIV en de CAVV in december 2011 een advies uit over digitale oorlogsvoering. Dit advies onderschrijft het belang van de digitale weerbaarheid van Defensie en de ontwikkeling van operationele cybercapaciteiten. Het advies belicht tevens het volkenrechtelijke kader voor geweldgebruik in het digitale domein. Daarnaast adviseren de AIV en de CAVV de signals intelligence en cybercapaciteiten van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) en de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD) te bundelen in een gezamenlijke eenheid. Tevens doen zij de aanbeveling om te onderzoeken of, gezien de technologische ontwikkelingen, het onderscheid in de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 (Wiv 2002) tussen kabelgebonden en niet-kabelgebonden interceptie van telecommunicatie gehandhaafd moet blijven.

Het advies van de AIV en de CAVV en de kabinetsreactie daarop (Kamerstuk 33000 X, nrs. 68 en 79) zijn onverminderd actueel en vormen de uitgangspunten voor de Defensie Cyber Strategie die mijn ambtsvoorganger in juni 2012 heeft aangeboden aan uw Kamer (Kamerstuk 33321, nr. 1). Daarnaast onderzoeken de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Defensie momenteel de mogelijkheden voor een wijziging van de Wiv 2002 in overeenstemming met het advies van de AIV en de CAVV. Ook wordt de Wiv2002 geëvalueerd door de commissie-Dessens. Naar verwachting zal de commissie in september a.s. over haar bevindingen rapporteren. Uw Kamer wordt hierover geïnformeerd.

Defensie Cyber Strategie
De Defensie Cyber Strategie omvat zes speerpunten aan de hand waarvan Defensie de komende jaren haar doelstellingen in het digitale domein zal verwezenlijken:
· de totstandkoming van een integrale aanpak;
· de versterking van de digitale weerbaarheid van Defensie (‘defensief’);
· de ontwikkeling van militair vermogen om cyber operations uit te voeren (‘offensief’);
· de versterking van de inlichtingenpositie in het digitale domein (‘inlichtingen’);
· de versterking van de kennispositie en het innovatieve vermogen van Defensie in het digitale domein, met inbegrip van de werving en het behoud van gekwalificeerd personeel (‘adaptief en innovatief’);
· de intensivering van de samenwerking in nationaal en internationaal verband (‘samenwerking’).

Voor de periode van 2011 tot 2015 bedraagt de totale intensivering voor de ontwikkeling van cybercapaciteiten bij Defensie € 45 miljoen, inclusief de personele exploitatie. Het zwaartepunt ligt initieel bij de bescherming van netwerken, systemen en informatie en de uitbreiding van de inlichtingencapaciteit in het digitale domein. Defensie zal tevens voldoende capaciteit moeten opbouwen om op de langere termijn operationele cybercapaciteiten te kunnen inzetten in militaire operaties. De geplande cybercapaciteit zal naar verwachting in 2016 gereed zijn. Daarna bedraagt de exploitatie structureel € 21 miljoen per jaar.

Integrale aanpak
Om een integrale aanpak in het digitale domein te verwezenlijken, is intensieve samenwerking tussen de verschillende betrokken defensieonderdelen essentieel. De uitvoering van de Defensie Cyber Strategie is belegd bij verschillende onderdelen van Defensie: de Commandant der Strijdkrachten (CDS), het Commando Landstrijdkrachten (CLAS) als single service manager voor alle operationele commando’s, de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) en het Joint Informatievoorzieningscommando (JIVC) van de Defensie Materieel Organisatie (DMO). Zij maken alle deel uit van de Stuurgroep Cyber, die verantwoordelijk is voor de aansturing van het cyberintensiveringprogramma van Defensie. Namens het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft de directeur Cybersecurity van de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) zitting in de stuurgroep. Ook TNO neemt deel aan de stuurgroep. De in 2012 opgerichte Taskforce Cyber (TFC) is verantwoordelijk voor de coördinatie van de aan de intensivering verbonden activiteiten binnen Defensie. Hiermee is de basis gelegd voor een integrale aanpak, die de komende jaren bij de verdere ontwikkeling van cybercapaciteiten nader vorm zal krijgen.

Defensief
Het Defensie Computer Emergency Response Team (DefCERT) maakt deel uit van het JIVC en waakt over de beveiliging van de netwerken en systemen. DefCERT monitort en analyseert digitale kwetsbaarheden en adviseert en ondersteunt bij cyberincidenten door het aandragen van mogelijke oplossingen. DefCERT werkt binnen Defensie nauw samen met de MIVD en de operationele commando’s en daarbuiten met het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) van de NCTV, de Navo, andere CERT’s en met bedrijven die over specifieke kennis of middelen beschikken.

DefCERT is inmiddels operationeel en ondersteunt de beveiliging van de meest kritieke defensienetwerken. Tijdens de recente door het Cooperative Cyber Defence Centre of Excellence (CCD COE) georganiseerde internationale oefening Locked Shields heeft DefCERT een internationaal aansprekend resultaat neergezet. De aanschaf van een aantal materiële voorzieningen voor het detecteren van mogelijke bedreigingen en anomalieën, heeft enige vertraging vanwege de reorganisatie. De betrokken defensieonderdelen zetten zich in om dit proces te versnellen. Naar verwachting zal DefCERT eind 2014 op volle sterkte zijn.

Offensief
Defensie zal geen afzonderlijk krijgsmachtdeel oprichten voor het optreden in het digitale domein. Bij de ontwikkeling en de inzet van offensieve operationele cybercapaciteiten door de CDS zal daarom zoveel mogelijk gebruik worden gemaakt van kennis en middelen die bij de MIVD aanwezig zijn. Gezien de schaarste aan gekwalificeerd personeel moeten kennis en middelen zo doelmatig mogelijk worden ingezet en moet worden voorkomen dat binnen Defensie capaciteiten dubbel worden ontwikkeld. De TFC zal in de tweede helft van 2013, in overleg met betrokken departementen, een doctrine opstellen voor het militair optreden in het digitale domein, inzetscenario’s ontwikkelen en de gevolgen van de militaire inzet van offensieve middelen nader beschrijven. De daarvoor in aanmerking komende cybercapaciteiten zoals het Defensie Cyber Expertise Centrum (DCEC) en het militaire vermogen om cyber operations (‘offensief’) uit te voeren worden als joint eenheid ondergebracht bij het op te richten Defensie Cyber Commando (DCC) dat onder single service management van het CLAS wordt opgezet. De TFC zal opgaan in het DCC dat eind 2015 operationeel zal zijn.

Inlichtingen
Een hoogwaardige inlichtingenpositie in het digitale domein is een voorwaarde voor zowel de bescherming van de eigen infrastructuur als voor de goede uitvoering van (militaire) operaties. De MIVD doet onderzoek naar alle actoren die een cyberdreiging vormen voor de Nederlandse krijgsmacht en de defensieindustrie. De MIVD detecteert, analyseert en duidt digitale aanvallen en digitale spionage en beschikt over het vermogen om inlichtingenactiviteiten van anderen te verstoren en een halt toe te roepen. In 2012 is de cybercapaciteit van de MIVD versterkt en in de periode van 2013 tot en met 2015 wordt deze verder uitgebreid.

Een deel van de cyberintensivering bij de MIVD wordt ondergebracht bij een gezamenlijke signals intelligence (SIGINT)-cybereenheid van de MIVD en de AIVD (project Symbolon). Ook de Nationale Sigint Organisatie (NSO) zal opgaan in deze eenheid, die in de loop van 2014 van start gaat. Vooruitlopend hierop is eind 2012 een kwartiermakerorganisatie ingesteld, bestaande uit delen van de MIVD en de AIVD die tot de gezamenlijke eenheid zullen gaan behoren.

Adaptief en innovatief
De snelheid waarmee ontwikkelingen in het digitale domein zich voltrekken, stelt hoge eisen aan het adaptieve en innovatieve vermogen van Defensie. Defensie moet daarom over de kennis beschikken om relevante ontwikkelingen te volgen en snel en doeltreffend hierop in spelen. Begin 2014 wordt het Defensie Cyber Expertise Centrum (DCEC) opgericht dat zal fungeren als centraal punt voor kennisontwikkeling, -verankering en -verspreiding op het gebied van cyber, en onder meer intensief samenwerken met het NCSC en TNO. Naar verwachting zal het DCEC eind 2015 op volle sterkte zijn. Het DCEC zal deel uitmaken van het DCC.

Defensie neemt tevens deel aan de Nationale Cyber Security Research Agenda, aan verschillende Navo en EU-programma’s en aan CCD COE in Tallinn. Ter voorbereiding op de inrichting van een leerstoel in 2014 is in 2012 een Universitair Hoofddocent Cyber Operations aangesteld bij de Nederlandse Defensie Academie. Daarnaast ontwikkelt de Taskforce Cyber een opleidingsplan om de cyberkennis binnen Defensie te vergroten.

Voor de algemene cyber bewustwording is voor alle defensiemedewerkers ondertussen een elektronische leeromgeving beschikbaar en worden simulatietrainingen georganiseerd. Onlangs heeft de departementale leiding daaraan deelgenomen.

Samenwerking
Defensie werkt intensief samen met andere partijen in Nederland om de nationale digitale weerbaarheid te vergroten en levert een bijdrage aan het Nationale Cyber Security Beeld. Defensie levert bijdragen aan de tweede Nationale Cyber Security Strategie die zich richt op een integrale aanpak van digitale weerbaarheid en digitale dreigingen. Tevens heeft Defensie een liaison bij het NCSC en hebben zowel DefCERT als de MIVD samenwerkingsafspraken met het NCSC over wederzijdse ondersteuning en samenwerking.

De (operationele) cybercapaciteiten (zowel defensief als offensief) van de krijgsmacht kunnen net als de overige defensiecapaciteiten op verzoek van en onder gezag van civiele autoriteiten worden ingezet. Wederzijds kunnen ook civiele cybercapaciteiten worden ingezet ter ondersteuning van Defensie in het geval van ernstige cyberincidenten of dreigingen tegen militaire doelen in Nederland. De mogelijkheden hiertoe worden onderzocht door een gezamenlijke werkgroep van de ministeries van Defensie en Veiligheid en Justitie.

In internationaal verband werkt Defensie onder andere samen binnen de Navo. In 2011 is een nieuw Navo Cyber Defence Beleid en bijbehorend Actieplan vastgesteld, waarbij het zwaartepunt ligt bij de bescherming van de eigen netwerken en systemen van Navo. Defensie ondersteunt de verdere ontwikkeling en uitvoering van dit beleid. Nederland is een van de tien sponsoring nations van het CCD COE in Tallinn. Op uitnodiging van het CCD COE heeft een internationale groep van experts de Tallinn Manual on the International Law Applicable to Cyber Warfare geschreven, een weergave van het toepasselijk recht tijdens digitale oorlogvoering. Dit handboek is begin 2013 gepubliceerd. De regering is van mening dat het een waardevolle bijdrage levert aan de discussie over de juridische kaders van digitale oorlogvoering. Ook neemt Defensie deel aan het Multinational Cyber Defence Capability Development 1) programma en de Multinational Capability Development Campaign 2) van de Navo. Daarnaast neemt Defensie deel aan diverse internationale oefeningen, workshops en andere initiatieven die samenwerking en onderling begrip bevorderen. Nederland is ook nauw betrokken bij de ontwikkeling van de cyberstrategie van de EU. Deze strategie behelst onder andere de ambitie een gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid te ontwikkelen (GVDB) op het gebied van cyber. Hierbij staan het delen van informatie, gezamenlijke oefeningen, civiel-militaire samenwerking en nauwe samenwerking en afstemming met de NAVO centraal.

Vervolg
Het cyberdomein is voor Defensie van toenemend belang. Op 10 december a.s. heeft de vaste commissie voor Defensie mij uitgenodigd voor een algemeen overleg over de Defensie Cyber Strategie en het advies van de AIV en de CAVV over digitale oorlogsvoering. Dit biedt de gelegenheid nader in te gaan op de stand van zaken van de ontwikkeling van cybercapaciteiten bij Defensie.

DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert

1) Het Multinational Cyber Defence Capability Development dat onder leiding van Canada
door het NATO Communication and Information systems Agency (NCIA) wordt uitgevoerd,
richt zich voornamelijk op kennisdeling en het verhogen van het gemeenschappelijk
omgevingsbeeld op het gebied van cyber.

2) Het Multinational Capability Development Campaign is een programma van Allied
Command Transformation (ACT) en wordt gezamenlijk geleid door Italië en Noorwegen. Dit
programma heeft als doel cyber te integreren in het operationele planningsproces van de
Navo.

donderdag 25 april 2013

AIVD/MIVD: Project Symbolon

Uiteraard is het hele jaarverslag 2012 van de MIVD de moeite van het lezen waard. Persoonlijk interesseren mij onder meer de afluisteractiviteiten via satellieten en communicatie via de kortegolf (HF) en andere frequentiebereiken (LF/VHF/UHF). Naar aanleiding van de aanslagen op 11 september 2001 in New York en Washington zijn de afluistercapaciteiten van Nederland aanzienlijk uitgebreid. Het aantal satellietschotels van de MIVD werd uitgebreid. Niet alleen kon de MIVD daardoor meer eigen gericht onderzoek doen; het onderschepte verkeer leverde ook data op die interessant konden zijn voor bevriende zusterdiensten. De waarde van dergelijk 'wisselgeld'  kan niet genoeg worden overschat. In de inlichtingenwereld geldt immers het motto: "Voor wat hoort wat".

Het doelwit van de toegenomen interceptie van communicatie was, begrijpelijkerwijs  niet in de eerste plaats klassieke militaire intelligence. Doelwit #1 waren de terroristische netwerken, Al Qaeda voorop. Omdat de resultaten van dit onderzoek vooral interessant waren voor de AIVD werd in 2003 besloten tot het oprichten van een nieuwe organisatie: de NSO (National Signals Intelligence (Sigint) Organisation). De NSO werd technisch gezien gerund door de MIVD (was dus geen onafhankelijke geheime dienst) maar de researchresultaten werden in min of meer ruwe vorm aangeleverd aan AIVD en MIVD.

Tegelijkertijd werd duidelijk dat voor beide geheime diensten ook het computerverkeer (cyber intelligence) interessant is - zowel defensief als offensief.

Blijkens het Jaarverslag van de MIVD heeft dit besef geleid tot het Project Symbolon. Kwartiermakers zijn al aan de slag en op 1 januari 2014 zal Symbolon geen project meer zijn maar een organisatie die, net als bij de NSO het geval was, zijn diensten aanbiedt aan AIVD en MIVD. Het hoofdkwartier van deze Joint SIGINT Cyber Unit wordt in Zoetermeer gevestigd (thuisbasis van de AIVD), bemand door medewerkers van de AIVD en MIVD, en  Defensie stuurt de huidige opbouwfase aan. (Hans de Vreij)

Onderstaand de letterlijke teksten over de NSO en Symbolon uit het Jaarverslag MIVD (pag. 19)


Nationale Sigint Organisatie (NSO)
De NSO is beheersmatig ondergebracht bij de MIVD en wordt gezagsmatig door de MIVD en AIVD
gezamenlijk aangestuurd. De drie hoofdtaken van de NSO zijn: het voor de MIVD en de AIVD
intercepteren van gegevens uit draadloze telecommunicatie, de uitvoering van onderzoek gericht op innovatie en continuïteit van de interceptie en de ontwikkeling en instandhouding van expeditionaire capaciteiten (Sigint-detachementen). Deze taken kunnen worden gebruikt om in het buitenland informatie te verzamelen in het kader van crisisbeheersingsoperaties.

De NSO heeft voor de interceptie van draadloze communicatie 2 locaties in Nederland. Burum voor interceptie van satelliet verkeer en Eibergen voor interceptie van hoogfrequent radioverkeer.

• Project Symbolon
De AIVD en MIVD werkten in 2012 in een projectteam intensief samen om de oprichting van een gezamenlijke Sigint-Cyber eenheid voor te bereiden. Beide diensten zijn overtuigd van de noodzaak om SIGINT en inlichtingen op het gebied van Cyber samen te voegen en samen door te ontwikkelen.

Een integrale aanpak van het gebruik van deze technische inlichtingenmiddelen zal de doelmatigheid verhogen. De ontvlechting van substantiële onderdelen van beide diensten en het creëren van de randvoorwaarden om de nieuwe eenheid integraal onderdeel te laten uitmaken van de (inlichtingen) processen van beide diensten, vergt meer tijd dan voorzien.

Dat neemt niet weg dat de AIVD en MIVD essentiële stappen hebben gezet om de gezamenlijke eenheid te kunnen oprichten. Zo hebben de diensten besloten tot een zeer brede reikwijdte van de samenwerking en inbreng van middelen. Ook zijn er besluiten genomen over de huisvesting van de personele kern van de eenheid en over hoe de eenheid bestuurd zal worden.

Aan het eind van 2012 is een kwartiermakerorganisatie ingesteld. Deze is in Zoetermeer gevestigd en is samengesteld uit AIVD en MIVD medewerkers. Een kwartiermaker van het ministerie van Defensie geeft leiding aan de oprichting en de nadere voorbereiding ervan.

De nieuwe eenheid zal begin 2014 van start gaan. Met het oog hierop is al gezorgd dat per 1 januari 2013 de onderdelen van de beide diensten die deel uit gaan maken van de gezamenlijke eenheid, integraal worden aangestuurd door de kwartiermaker. Bovendien is in de kwartiermakerorganisatie, ten behoeve van de beide diensten, één gezamenlijk loket gestart voor de informatie-uitwisseling en samenwerking op het gebied van SIGINT en cyber activiteiten met buitenlandse collega-diensten. Dit komt de efficiëntie en effectiviteit op het internationale speelveld per direct ten goede.
(...)

(Defensie weblog, 25 april 2013)

dinsdag 23 april 2013

De MIVD in het Jaarverslag van de AIVD

[De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD)  werken op tal van gebieden samen. Op 23 april 2013 verscheen het jaarverslag over 2012 van de AIVD. Onderstaand een aantal passages en opmerkingen over de raakvlakken tussen de twee geheime diensten uit dat jaarverslag. Een van de zaken die dit jaar opvallen is het verdwijnen van de 'National Signals Intelligence Organisation, NSO). De NSO werd in 2003 opgericht als 'technische' organisatie die ten behoeve van de AIVD en MIVD satellietverkeer (vanuit Burum) en radioverkeer (vanuit Eibergen en de Eempolder) afluisterde. Het ligt voor de hand dat de NSO zal worden vervangen door de in dit jaarverslag genoemde gezamenlijke organisatie 'Symbolon'] 

------------------------------------------------------------------------------------------------

-Vooral op het gebied van de aanpak van cyberdreiging is in 2012 vooruitgang geboekt met zowel de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) als het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). [Inleiding]


-Om de beschreven trends en ontwikkelingen het hoofd te kunnen bieden, is het zaak ook nationaal het samenspel van partners, thema’s en instrumenten op een hoog niveau te houden. De AIVD heeft daartoe in 2012 de samenwerking met de MIVD verder gecontinueerd en geïntensiveerd. De gezamenlijke eenheid die zich richt op cyber en Signals intelligence neemt inmiddels vaste vorm aan. In deze eenheid worden de sterke punten van beide diensten op dit gebied bij elkaar gebracht. Dat vormt ook een stevig fundament onder onze inzet met de diverse partners in het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) teneinde digitale aanvallen in alle vormen het hoofd te kunnen bieden.
[Voorwoord Hoofd AIVD]

Cyberdreiging
-In 2012 heeft de AIVD veel digitale spionageaanvallen geconstateerd, onder meer vanuit China, Rusland en Iran. Het aantal digitale aanvallen zal in de toekomst toenemen en een grotere impact krijgen. Cyber security is essentieel om onze economie en samenleving draaiend te kunnen houden. Om bedreiging daarvan te kunnen keren, is onderlinge samenwerking van overheidsorganisaties noodzakelijk. In 2012 heeft de AIVD de samenwerkingsrelatie met zowel de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) als het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) verder uitgebreid.

Inlichtingen over het buitenland
-Om de complexe en samenhangende ontwikkelingen in de wereld te kunnen volgen en duiden is de inzet van een inlichtingendienst als de AIVD een van de instrumenten die de Nederlandse regering ter beschikking staan bij de vorming van het buitenlandbeleid. De AIVD levert informatie die via reguliere diplomatieke kanalen niet beschikbaar komt. In 2012 was dat bijvoorbeeld informatie over de ontwikkelingen in de Arabische wereld, met name die in Egypte en Syrië, en de veranderingen in het politieke landschap aldaar. Verder informeerde de AIVD – samen met de MIVD – de regering over ontwikkelingen op het gebied van de verspreiding en productie van massavernietigingswapens. Door middel van ambtsberichten werd de Nederlandse overheid ondersteund bij het goed vervullen van de exportcontrolefunctie. De AIVD bracht diverse inlichtingenrapporten uit over ontwikkelingen die de Nederlandse energievoorzieningszekerheid raken. En ook informeerde de AIVD/MIVD de regering over ontwikkelingen die in relatie staan tot de veiligheid van het Caribische deel van het Koninkrijk.

(Inter)nationale samenwerking

-De bestaande samenwerkingsverbanden met de MIVD op het terrein van contraproliferatie en ten aanzien van het Caribisch gebied werden gecontinueerd. Tevens was sprake van nauwe samenwerking en gezamenlijke rapportage op specifieke ontwikkelingen in de Arabische regio. Daarnaast hebben de AIVD en de MIVD essentiële stappen gezet om de gezamenlijke eenheid Symbolon, die zich richt op Sigint en intelligence op het gebied van cyber, te kunnen oprichten.

Het versterken van cyber security is een gedeelde verantwoordelijkheid van veel partijen in de samenleving, omdat het een complexe en omvangrijke taak is. Daarom werken overheid, bedrijfsleven en wetenschap met elkaar samen. Dit heeft geleid tot de Nationale Cyber Security Strategie. De samenwerking is concreet vorm gegeven binnen het Nationaal Cyber Security Centrum. De AIVD en het NCSC versterken elkaar op onderwerpen als kennis, detectie van digitale aanvallen en situational awareness.

De intensivering van de samenwerking met partners in het veiligheidsdomein heeft zich in 2012 onder andere gericht op versterking van de relaties met de Regionale Inlichtingendiensten (RID’s) en Bijzondere Diensten (BD’s). De RID’s en BD’s (zoals de BD KMar, Team Inlichtingen Bijstand van de Douane en ID FIOD) zijn de vooruitgeschoven posten en daarmee de ogen en oren van de AIVD in het land. Daarnaast heeft de AIVD een substantiële bijdrage geleverd aan de samenstelling van het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (DTN) dat de NCTV drie à vier keer per jaar uitbrengt.


2.1 Activiteiten van de AIVD
De AIVD werkt bovendien nauw samen met de MIVD in de op te richten samenwerkingseenheid die zich richt op Sigint en intelligence op het gebied van cyber. Beide diensten zijn van mening dat alleen door de concentratie van technische kennis en specialistische middelen cyber security in Nederland versterkt kan worden.


Digitale aanvallen onderzoeken 
De AIVD onderzoekt meldingen vanuit de overheid, van collega-diensten of van bedrijven over verdachte gebeurtenissen die bijvoorbeeld kunnen wijzen op spionage. Zo hebben wij in 2012 onderzoek gedaan naar spionagemalware die in e-mails van ambtenaren is teruggevonden. De resultaten van deze onderzoeken delen wij, waar mogelijk, met de MIVD en het NCSC en met buitenlandse collega-diensten.


6. Inlichtingen buitenland

De inlichtingen worden ingewonnen door het inzetten van menselijke of technische bronnen. Het gebruik van het  technische middel Sigint heeft in 2012 een nieuwe impuls  gekregen door verregaande samenwerking met de MIVD. Dit  wordt vorm gegeven met de op te richten eenheid die zich richt  op Sigint en intelligence op het gebied van cyber. Tot slot  vormen de collega-diensten van de AIVD een belangrijke bron  van informatie. In 2012 zijn de banden met verscheidene  diensten aangehaald. Met die diensten is de informatieuitwisseling  verdiept en met een beperkt aantal diensten is op  meer vlakken operationeel samengewerkt.

6.1 Resultaten

De bestaande geïntegreerde samenwerkingsverbanden met de MIVD op het terrein van contraproliferatie en het Caribisch gebied werden gecontinueerd. Daarnaast was sprake van nauwe samenwerking en gezamenlijke rapportage over specifieke ontwikkelingen in de Arabische regio.

6.4 Latijns-Amerika en de Cariben
Met de eilanden Sint Eustatius, Saba en Bonaire als bijzondere Nederlandse gemeenten in de Cariben reiken de landsgrenzen van Nederland tot in Latijns-Amerika. Ontwikkelingen en gebeurtenissen in die regio kunnen daarom van invloed zijn op Nederlandse belangen. De AIVD en de MIVD bundelen hun krachten om de Nederlandse overheid te voorzien van inlichtingen ten aanzien van deze regio. Voor de MIVD is de permanente militaire aanwezigheid van de Nederlandse krijgsmacht in de Caribische delen van het Koninkrijk reden om ontwikkelingen daar op hoofdlijnen te volgen, voor zover deze van invloed kunnen zijn op de Nederlandse krijgsmacht.

PROLIFERATIE VAN MASSAVERNIETIGINGSWAPENS

7.1 Samenwerking AIVD en MIVD
De AIVD en de MIVD werken op het onderwerp contraproliferatie nauw samen in de gezamenlijke Unit Contraproliferatie (UCP). De diensten werken binnen deze unit op één locatie en delen elkaars expertise, informatie en contacten. Zo bouwen ze aan een hoogwaardige inlichtingenpositie. De UCP voert zowel een inlichtingentaak als een veiligheidstaak uit. De inlichtingentaak betreft het informeren van de regering over ontwikkelingen rond programma’s van massavernietigingswapens in landen van zorg. De veiligheidstaak bestaat uit activiteiten die verwervingsactiviteiten door of voor landen van zorg in of via Nederland tegen moeten gaan.

7.2 Resultaten
De UCP heeft meerdere inlichtingenrapportages en bijzondere briefings uitgebracht. Deze waren voornamelijk gericht aan de ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Defensie, Algemene Zaken, Buitenlandse Zaken en Economische Zaken.
Om bewustwording en beveiligingsbevordering te stimuleren werden specifieke bedrijven en instellingen bezocht om hen te wijzen op risico’s die samenhangen met proliferatie. De AIVD en de MIVD hebben in meerdere gevallen informatie verstrekt aan het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (en later in 2012 aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken) in het kader van exportcontrole.
De UCP nam actief deel aan innovatieve internationale samenwerkingsprojecten en analytische uitwisseling met buitenlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten. De UCP was mede hierdoor in 2012 een gewaardeerde samenwerkingspartner voor verschillende buitenlandse collega-diensten.

10.5 Samenwerking
De informatie die de AIVD in zijn onderzoeken verwerkt is deels afkomstig uit de eigen inzet van bijzondere inlichtingenmiddelen maar veelal ook uit samenwerkingsrelaties met partners in het veiligheidsdomein. Deze samenwerking is in 2012 geïntensiveerd, met name met de Regionale Inlichtingendiensten (RID’s) en op het gebied van Sigint en cyber security in het samenwerkingsverband Symbolon met de MIVD. Ten behoeve van de uitvoering van veiligheidsonderzoeken heeft de AIVD nieuwe aansluitingen gerealiseerd op de basisregistraties van de BES-eilanden in het Caribisch gebied.

>Symbolon<
De AIVD en de MIVD zijn in 2012 in een projectteam intensief gaan werken aan de oprichting van een gezamenlijke Sigint/ cyber-eenheid. De beide diensten zijn overtuigd van de noodzaak om Signals intelligence (Sigint) en intelligence op het gebied van cyber samen te voegen en samen door te ontwikkelen. Een integrale aanpak van het gebruik van deze technische inlichtingenmiddelen zal de doelmatigheid ervan verhogen. De ontvlechting van substantiële onderdelen van beide diensten en het creëren van de randvoorwaarden om de nieuwe eenheid integraal onderdeel te laten uitmaken van de (inlichtingen)processen van beide diensten, vergt meer tijd dan voorzien. Dat neemt niet weg dat de AIVD en de MIVD essentiële stappen hebben gezet om de gezamenlijke eenheid te kunnen oprichten. Zo hebben de diensten besloten tot een zeer brede reikwijdte van de samenwerking en inbreng van middelen. Ook zijn besluiten genomen over de huisvesting van de personele kern van de eenheid en over hoe de eenheid bestuurd zal worden.

Aan het eind van 2012 is een kwartiermakerorganisatie ingesteld. Deze is in Zoetermeer gevestigd en is samengesteld uit AIVD- en MIVD-medewerkers. Een kwartiermaker van het Ministerie van Defensie geeft leiding aan de oprichting en de nadere voorbereiding van de nieuwe eenheid. Deze eenheid zal begin 2014 van start gaan. Met het oog hierop is al gezorgd dat per 1 januari 2013 de onderdelen van de beide diensten die deel uit gaan maken van de gezamenlijke eenheid integraal worden aangestuurd door de kwartiermaker. Bovendien is in de kwartiermakerorganisatie ten behoeve van de beide diensten één gezamenlijk loket gestart voor de informatie-uitwisseling en samenwerking met buitenlandse collega-diensten op het gebied van Sigint- en cyberactiviteiten. Dit verbetert direct de efficiëntie en effectiviteit op het internationale speelveld.


12.2 Verantwoording en toezicht
Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CIVD) In de Wiv 2002 is bepaald dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister van Defensie de Tweede Kamer vertrouwelijk kunnen informeren over de middelen en geheime bronnen die de Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten gebruiken en het actuele kennis-niveau van beide diensten. Dit gebeurt in de CIVD van de Tweede Kamer. De CIVD bestaat uit de fractievoorzitters van de politieke partijen die in de Tweede Kamer vertegenwoordigd zijn, met uitzondering van de fractievoorzitters van partijen die tijdens een lopende kabinetsperiode zijn afgesplitst.

In 2012 heeft de minister van BZK aan de CIVD verantwoording afgelegd over de operationele taakuitvoering van de AIVD met reguliere driemaandelijkse rapportages; deze rapportages vormen het verantwoordingsdocument. Het Nationale Inlichtingenbeeld (NIB) is het driemaandelijkse inlichtingenbeeld dat samen met de MIVD wordt opgesteld. Tevens kwamen in de CIVD het jaarverslag 2011 inclusief de geheime bijlage en het Stg. Geheim gerubriceerde jaarplan 2012 aan de orde.

Daarnaast heeft de AIVD de commissie inhoudelijk geïnformeerd over verschillende aspecten van de operationele taakuitvoering en over ontwikkelingen in de aandachtsgebieden van de AIVD. De CIVD heeft van de minister van BZK een aantal brieven ontvangen.

Raad voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (RIV)
De RIV is een onderraad van de Ministerraad. De ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Defensie, Buitenlandse Zaken en Veiligheid en Justitie hebben zitting in deze raad, die wordt voorgezeten door de minister-president. De verantwoordelijke bewindslieden zijn in 2012 voorzien van het inlichtingenbeeld over landen die vanwege de nationale veiligheid aandacht behoeven. Dit stelt de Nederlandse regering in staat op basis van een eigen inlichtingenpositie een standpunt in te nemen ten aanzien van deze landen. Hiertoe zijn presentaties gehouden in de RIV, bijvoorbeeld over het jihadistisch internet en de cyberdreiging voor Nederland. Daarnaast zijn het jaarplan 2012 en jaarverslag 2011 besproken. Tot slot vormde het Nationaal Inlichtingenbeeld, zoals dit ook in de CIVD wordt besproken, een vast onderdeel. Hierin plaatsen de diensten (AIVD en MIVD) belangrijke actuele ontwikkelingen in een inlichtingencontext en geven zij hun verwachtingen voor de toekomst aan.

Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD)
De onafhankelijke CTIVD is belast met het toezicht op de rechtmatigheid van de uitvoering van de Wiv 2002 en de Wvo door de AIVD en MIVD.

12.3 Juridische zaken

Wijziging van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002
In 2012 is gewerkt aan de voorbereiding van voorstellen tot wijziging van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 op het vlak van Sigint en cyber. De aanleiding daarvoor vormde in het bijzonder het toezichtsrapport van de CTIVD inzake de inzet van Sigint door de MIVD (CTIVD nr. 28). De voorstellen, die voornamelijk zien op herziening van de bepalingen inzake de interceptie van telecommunicatie, zijn opgenomen in het wetsvoorstel, dat in 2011 in voorbereiding was genomen. In laatstgenoemd wetsvoorstel worden diverse voorstellen uit het in maart 2011 ingetrokken wetsvoorstel (kamerstukken 30 553; het zogeheten post-Madridwetsvoorstel), waar nodig geactualiseerd, opnieuw opgenomen. Het wetsvoorstel bevindt zich in een vergevorderd stadium van ambtelijke afronding. In afwachting van de resultaten van de evaluatie van de Wiv 2002, die naar verwachting in september 2013 beschikbaar zullen komen, zal het wetsvoorstel niet verder in procedure worden gebracht. De resultaten van de evaluatie, voor zover deze aanleiding geven tot wetswijziging, zullen namelijk in dit wetsvoorstel worden meegenomen.

(Defensie weblog, 23 april 2013)