Posts tonen met het label Raven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Raven. Alle posts tonen

vrijdag 29 maart 2013

Terrorist kan eenvoudig drones inzetten

„De technologie van onbemande vliegtuigjes is zo eenvoudig dat binnen vijf jaar een aanval met bijvoorbeeld een chemisch bommetje op een vol voetbalstadion tijdens de Champions League is te verwachten.”

Dat zei mr. dr. ir. L. Royakkers van de TU Eindhoven en de Nederlandse Defensie Academie donderdagmiddag in Nijmegen tijdens een conferentie over drones van het Centrum voor Internationaal Conflict-Analyse en Management (Cicam).

Volgens de universitair hoofddocent ethiek en techniek zijn er in Nederland al 50.000 onbemande vliegtuigjes (UAV’s) verkocht. MediaMarkt en Wehkamp verkopen civiele toestelletjes met twee camera’s voor 300 euro. Royakkers vreest dat drones van een paar duizend euro „hét strijdmiddel” van terroristen en etnische rebellen worden.


Parrot drone. Foto: Wehkamp

De inzet van drones neemt een hoge vlucht. Wereldwijd zijn er tussen 2004 en 2007 negen aanvallen met UAV’s geregistreerd. De Amerikanen voerden in 2010 al 110 aanvallen uit in Pakistan en ruim 1000 in Afghanistan. Sinds 2004 zijn in Pakistan zo’n 3000 slachtoffers gevallen bij droneaanvallen.

Volgens het International Institute for Strategic Studies (IISS) zijn er wereldwijd ruim 800 onbemande vliegtuigjes operationeel, exclusief de aantallen uit China, Turkije en Rusland. De geavanceerdheid van de dronetechnologie neemt snel toe. Sommige drones zijn bijvoorbeeld in staat beveiligde gebouwen binnen te vliegen en een usb-stick uit een computer te halen.

De Nederlandse krijgsmacht overweegt de aanschaf van vier middelgrote, onbemande verkennings- en aanvalsvliegtuigen. Deze Reapers* kunnen worden uitgerust met 1700 kilo aan bommen en raketten. De mogelijke aanschaf was voor het Cicam aanleiding de conferentie ”Dodelijke robots”, over de politieke, ethische en volkenrechtelijke aspecten van militaire drones, te beleggen.

Reaper in Afghanistan. Foto NLDA

Nederland moet een voortrekkersrol spelen bij de ethische discussie over de inzet van drones, aldus Royakkers. De universitair hoofddocent ethiek en techniek gaf echter toe dat juristen en ethici te laat zijn met een principiële bezinning. „We hebben het nakijken.”

Royakkers zei te hopen nog op tijd te zijn met een debat op de ontwikkeling van een nieuwe generatie, autonoom opererende drones, die zelfstandig kunnen beslissen over leven en dood. De ethicus waarschuwde dat de mens steeds meer naar de zijlijn verdwijnt bij de robotisering. „De mens moet echter altijd zelf blijven beslissen.”

Marinier 'lanceert' een Raven. Nederland heeft er 75.

Onderzoeker mr. Kees Homan van het Clingendael Instituut benadrukte ook dat de mens een rol moet blijven vervullen in de besluitvorming over inzet van drones. „Als elke menselijke tussenkomst is uitgebannen, ontstaat een gevaarlijke situatie.” De onderzoeker pleitte voor een verbod op autonoom opererende drones. Volgens Homan is de ontwikkeling van deze robots echter al te ver gevorderd.

Nederland moet investeren in hoogwaardige dronetechnologie om internationaal een bijdrage te kunnen leveren aan het debat over drones, betoogde oud-minister Hillen van Defensie. „Als Nederland blijft onderpresteren, kun we internationaal niet meer onze stem laten gelden. We moeten erbij zijn.” Volgens Hillen ontloopt Nederland steeds meer zijn internationale verantwoordelijkheid.\

ScanEagle en katapult op Hr. Ms. Rotterdam. Nederland heeft er zes stuks. Foto: Marine

De robotisering van de krijgsmacht noemt Hillen een „logische ontwikkeling.” De oud-minister verklaarde dat wapens op zich niet goed of fout zijn, maar dat de vraag is hoe deze worden gebruikt. Hillen bekritiseerde de Tweede Kamer, die in de discussie over drones niet verder kijkt dan de privacy.

Volgens prof. dr. Paul de Waart, emeritus hoogleraar international recht, biedt het huidige volkenrecht onvoldoende houvast voor de beoordeling van de rechtmatigheid van de inzet van dodelijke drones in de strijd tegen terroristen. „Het doelgericht doden van terroristen mag nooit een verkapte buitenrechtelijke, standrechtelijke of willekeurige executie opleveren”, aldus De Waart. „Doorslaggevend is of de terrorist een directe bedreiging vormt voor mensenlevens.”

(Reformatorisch Dagblad, 29 maart 2013)

* Een klein detail: de eerste 'echte' inzet van de Reaper vond door de VS plaats in Uruzgan, district Deh Rawod.

maandag 25 maart 2013

Gebruik van drones kan wel degelijk nut hebben

Critici verwarren taken hier met ervaring in Pakistan

Drones zijn als krijgsmiddel niet onethisch. Ze passen in een lange ontwikkeling van wapens op afstand, vinden Paul Ducheine en Frans Osinga.

Nieuwe technologieën veroorzaken nieuwe angsten en debatten. Dat gold voor de Zeppelin en de onderzeeër; het geldt nu ook voor cyber warfare en drones. Onlangs pleitten Wecke en Verkoren in deze krant voor een publiek debat over drones. Dit politieke en wetenschappelijke debat hierover moet inderdaad openbaar gevoerd worden, maar dan wel zuiver.

Het onderwerp is niet gebaat bij demagogie waarin ongewapende militaire bijstand aan de Nederlandse politie op één lijn geplaatst wordt met gewapende gevechtsacties. Zo wordt het gebruik van mini-drones (‘Ravens’) boven Nederland bekritiseerd vanwege angst voor aantasting van privacy en de vrees voor bewapening. Die Ravens leveren bijstand aan de politie voor observatie. Bewapening is niet aan de orde.


RAVEN

Qua privacy gelden regels zoals bij rechtshandhaving. Uiteraard speelt privacy een rol, maar de wetgever bepaalt de balans tussen veiligheid enerzijds en vrijheid/privacy anderzijds.

Critici als Wecke en Verkoren stellen vragen bij de inzet van bewapende drones boven Afghanistan, Pakistan en Jemen. Allereerst omdat tegenstanders zonder vorm van proces lijken te worden „omgebracht” waarvoor een rechtsbasis kennelijk ontbreekt. Bovendien is er blijkbaar sprake van excessieve nevenschade (collateral damage) inclusief burgerslachtoffers. Deze vorm van oorlogvoering zou niet ethisch zijn omdat de operators – risicoloos – buiten schot blijven en tegenstanders slechts abstracte symbolen op computerscherm vormen. De vijand als mens ‘verdwijnt’ door deze ‘playstation-mentaliteit’ waarmee ‘de-humanisering’ van oorlogvoering een feit is. Tot slot zouden drones niet effectief zijn en contraproductief werken doordat de lokale bevolking ze als terreur ervaart.

Scaneagle in Uruzgan (onbewapend)
Bovenstaande kritiek gaat deels mank. De inzet in Pakistan kan niet als sjabloon voor (toekomstige) Nederlandse inzet worden gezien. Mocht Nederland overwegen bewapende drones aan te schaffen, dan mag worden aangenomen dat de inzet een adequaat internationaal mandaat als grondslag heeft. Daarnaast moet de inzet zich voegen naar strikte rules of engagement en bijvoorbeeld oorlogsrecht. Hiervoor is de regering eindverantwoordelijk.

De krijgsgeschiedenis staat bol van technische middelen en methoden die gevaren voor eigen troepen beperken. Regering en volksvertegenwoordiging willen niet dat strijdkrachten onnodige risico’s lopen. Eén methode daarvoor is de afstand tot tegenstanders te vergroten zodat militairen zelf buiten schot blijven: zie de kruisboog en musket.

Drones passen in deze ontwikkeling. Ze zijn daarom niet minder ethisch dan artillerie of raketten. Dat ligt mogelijk anders bij toekomstige robotisering van drones die autonoom – zonder tussenkomst van een operator – tot een aanval overgaan. Dit is bij Nederlandse drones nog niet aan de orde. Een drone is daarom als middel niet onethisch, de inzet mogelijk wel (dat geldt trouwens voor alle wapens), maar dat zijn twee verschillende zaken.

Collateral damage – onbedoelde burgerslachtoffers of schade aan civiele objecten – duidt evenmin automatisch op onethisch gedrag of oorlogsmisdrijven. Het oorlogsrecht accepteert namelijk dat aanvallen nevenschade veroorzaken. Dat wordt, hoe tragisch ook, als onvermijdelijk gezien. Nevenschade die vooraf als buitensporig wordt ingeschat ten opzichte van het verwachte militaire voordeel, is disproportioneel en verboden. Hier gaat de kritiek regelmatig mank: vaak wordt met kennis achteraf of met een verkeerde voorstelling van ‘proportionaliteit’ op deze afweging teruggekeken. Belangrijker nog is dat collateral damage bij drones in veel gevallen juist beperkter is dan bij andere conventionele militaire operaties. Dat nevenschade ontstaat, is even spijtig als onweerlegbaar. Maar dat dit bij drones meer zou zijn, staat niet vast.

Het empirische bewijs van de-humanisering, van de playstation-mentaliteit onder de operators van bewapende drones moet nog geleverd worden. Het is zelfs goed voorstelbaar dat drones een positief effect hebben op – het per definitie brute proces van – oorlogvoering. Juist omdat de operators geen risico lopen, hebben zij meer tijd en gelegenheid om extra informatie te verzamelen over een doelwit, te wachten op een beter moment (of betere plaats) voor de aanval, of de aanval af te blazen.

Ten slotte zijn recente analyses over de effectiviteit van – bewapende en onbewapende – drones niet allemaal negatief. Zo is bekend dat ze nauwkeurige informatie opleveren, langdurig kunnen worden ingezet, subtiel en zo nodig precies te bewapenen zijn en in risicovolle omgevingen kunnen worden ontplooid.

De vraag om een publiek debat over drones is terecht. De bijdrage van Wecke en Verkoren (en anderen) gaat mank op kennis van het gevechtsveld en neigt naar stemmingmakerij. Het onderwerp is te complex om met oneliners te volstaan. Er staan grote belangen op het spel: mensenlevens, vrijheid en veiligheid. Daarover moet serieus te spreken zijn. Maar wel zuiver.

(Opiniepagina, NRC Handelsblad, 25 maart 2013)

donderdag 12 april 2012

Denemarken leent onbemande vliegtuigjes

De Deense krijgsmacht gebruikt vanaf vandaag tijdelijk 2 Nederlandse Raven-systemen voor onbemande verkenningsvluchten. De Denen lenen de systemen, die elk bestaan uit 3 vliegtuigjes en een grondstation, voor een half jaar.

Nederland kreeg het verzoek vanwege leveringproblemen van reserveonderdelen bij de Denen. Op dit moment zetten zij al hun beschikbare systemen in Afghanistan in terwijl er ook in Denemarken behoefte is aan Ravens voor het trainen van troepen die op uitzending gaan. Met het lenen van de Nederlandse UAV’s (unmanned aerial vehicles) zijn beide doeleinden gewaarborgd.

'lancering' Raven. Foto: Defensie
Internationale samenwerking
Het uitlenen van de Ravens past in het streven van Defensie tot meer internationale samenwerking tussen bondgenoten. Niet alleen vanwege de grote financiële voordelen bij het gezamenlijk aankopen en onderling uitlenen van materieel, maar ook vanwege operationele schaalvoordelen en specialisatiemogelijkheden. Het uitlenen van de Ravens heeft geen gevolgen voor de inzet van de systemen in Nederland. De Denen hebben een leencontract getekend, waarin onder meer staat dat eventuele schade wordt vergoed.

Raven
Het Ravensysteem past in 2 rugzakken. Een vliegtuigje heeft een spanwijdte van 1,4 meter en wordt binnen enkele minuten in elkaar gezet en vanuit de hand gelanceerd. Zowel het vliegtuigje als het grondstation werken op oplaadbare batterijen. Het vliegtuigje kan daarmee een uur in de lucht blijven en tot een afstand van 10 kilometer waarnemingen doen. De Ravens zijn te voorzien van verschillende camera’s, zodat het systeem zowel overdag als 's nachts inzetbaar is. De beelden worden live op het grondstation getoond. Met een 'remote video terminal' kan een commandant op een andere locatie ook meekijken.

(ministerie van Defensie, 12 april 2012)