De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
6 maart 2014
Aanvullende informatie over gevechtskleding voor Mali
Op 13 januari jl. heeft de Kamer mijn antwoorden ontvangen op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) en van het lid Vuijk (VVD) over de gevechtskleding voor de missie naar Mali (Aanhangsel van de Handelingen, vergaderjaar 2013-2014, nr. 914). Graag stuur ik u in aanvulling op die antwoorden nieuwe informatie over de uitrusting van de Nederlandse speciale eenheden in die missie.
In de antwoorden op bovengenoemde vragen schrijf ik dat voor de missie naar Mali geen nieuwe gevechtskleding is aangeschaft. Bij de speciale eenheden bestaat echter de behoefte om, net als destijds in Afghanistan, een aangepast kledingpakket te gebruiken. Het betreft een zogenaamd multicam uniform, dat speciaal is gemaakt voor optreden onder extremere omstandigheden. Gezien de verwachte terrein- en weersomstandigheden en de uit te voeren taak waarbij langdurig meerdaags optreden onder extreme omstandigheden te verwachten is, past het aangepaste kledingpakket goed bij het beoogde optreden van de speciale eenheden.
Van deze kleding heeft Defensie voor inzet in Afghanistan een kleine hoeveelheid aangeschaft, waarvan geen bruikbare voorraad meer resteert. Daarom zijn voorbereidingen getroffen voor de verwerving van nieuwe kleding. Ik acht het van belang u hierover te informeren omdat Defensie nu wel kleding ontvangt die is gemaakt van de stof Defender M.
Omdat voor deze kledingbehoefte geen raamcontract bestond, moest het KPU-bedrijf de nieuwe gevechtskleding aanbesteden. Daarvoor heeft het KPU-bedrijf een korte marktverkenning gedaan. Voorafgaand aan de marktverkenning is binnen Defensie overleg gevoerd over de eisen waaraan deze kleding moest voldoen. Daarbij is gebruik gemaakt van een concept behoeftestelling voor gevechtskleding voor speciale eenheden waarin hogere eisen worden gesteld, onder andere aan vlamwerendheid, insectenwerendheid en draagbaarheid. Hoewel deze behoeftestelling nog niet is vastgesteld door de Commandant der Strijdkrachten, zijn deze eisen dus wel het uitgangspunt geweest bij de aanschaf waarover we nu spreken.
Uit de marktverkenning van het KPU-bedrijf bleek dat twee leveranciers de kleding binnen de gevraagde termijn konden leveren. Beide leveranciers konden verschillende stoffen leveren. Alleen van de stof Defender M van de firma Ten Cate waren certificaten beschikbaar die aantoonden dat aan de eisen wordt voldaan. Met het oog op de start van de missie in Mali ontbrak de tijd voor nader onderzoek naar de overige stoffen.
Momenteel wordt kleding aangeschaft voor enkele rotaties speciale eenheden. Zodra dat nodig is zal de voorraad worden aangevuld. Besloten is de kleding tijdens de missie in Mali in het kader van Concept Development & Experimentation (CD&E) te evalueren. De uitkomsten daarvan worden meegenomen in de behoeftestelling voor het project Defensie Operationeel Kledingsysteem (DOKS), waarin Defensie de vervanging van alle gevechtskleding voorbereidt.
DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert
(Tweede Kamer, 6 maart 2014)
Posts tonen met het label Defender M. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Defender M. Alle posts tonen
donderdag 6 maart 2014
zondag 12 januari 2014
Antwoord op Kamervragen over het gevechtspak
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer
Hierbij ontvangt u de antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) over het bericht ‘Mali missie in matig pak’. Tevens ontvangt u hierbij de antwoorden op de aanvullende schriftelijke vragen van het lid Vuijk (VVD) over hetzelfde onderwerp. Beide sets vragen zijn ingezonden op 6 januari jl. met respectievelijk de kenmerken 2014Z00057 en 2014Z00058.
DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert
Antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) aan de minister van Defensie over het bericht ‘Mali-missie in matig pak’ (ingezonden op 6 januari jl. met kenmerk 2014Z00057).
1
Heeft u kennisgenomen het artikel ‘Mali-missie in matig pak’? Herinnert u zich tevens de verworpen motie Segers over geen genoegen nemen met minimale kwaliteitseisen bij de aanschaf van materiaal?
Ja.
2
Kunt u aangeven of er uit financiële overwegingen inderdaad gekozen is voor een uniform van inferieure kwaliteit uit China? Is het waar dat het dat het uniform Defender M, afkomstig van het Nederlandse bedrijf Ten Cate, meer veiligheid biedt aan militairen en om deze reden wordt afgenomen door verschillende NAVO-bondgenoten? Is het waar dat het uniform van Nederlandse makelaardij meer ‘vertragingseconden’ biedt bij brand in het gevechtspak, zoals in het artikel wordt gesuggereerd? Zo niet, wat is dan wel de situatie?
Defensie schaft geen kleding aan van inferieure kwaliteit. Het feit dat technologische vooruitgang nieuwe materialen en mogelijkheden oplevert, laat onverlet dat de huidige kleding voor de Nederlandse militairen - ook die naar Mali gaan - voldoet aan de eisen die bij de aanschaf werden gesteld. Het gaat om kleding van het type dat eerder is gebruikt in woestijnachtige gebieden, zoals in Irak, Afghanistan en Afrika, en dat in de praktijk geschikt is gebleken. Op grond van de praktijkervaringen is de kleding regelmatig verder verbeterd. Defensie schaft niet voor iedere missie nieuwe kleding aan.
Bij de vaststelling van de eisen voor kleding werkt Nederland samen met bondgenoten. De meeste bondgenoten hanteren soortgelijke eisen aan de brandwerendheid van kleding. Enkele NAVO-landen gebruiken gevechtskleding met verhoogde brandwerende eigenschappen of hebben plannen om dergelijke kleding te verwerven. Voor zover bekend is vooralsnog alleen de gevechtskleding van de Verenigde Staten gemaakt van de stof Defender M.*
3
Bent u van mening dat, zoals ook in de bovengenoemde motie wordt verzocht, er niet genoegen genomen mag worden met minimale kwaliteitseisen wanneer de veiligheid van onze militairen in het geding is? Zo ja, hoe verhoudt dit zich dan tot de reactie vanuit uw ministerie in het bovengenoemde artikel: ‘Misschien is Defender M een beter product, maar ook het huidige uniform voldoet aan de eisen'?
De veiligheid van militairen is cruciaal. Bij al het materieel waarmee Nederlandse militairen werken, staat kwaliteit voorop. De Commandant der Strijdkrachten is verantwoordelijk voor de behoeftestelling voor materieel en bepaalt de eisen daarvoor. Bij kleding gaat het om eisen op het gebied van onder andere brandwerendheid, slijtage, camouflage, warmte of kou, vochtafdrijving, draagcomfort en duurzaamheid. Als meer producten aan de gestelde eisen voldoen, speelt ook de prijs-kwaliteitverhouding een rol. Het feit dat technologische vooruitgang nieuwe materialen en mogelijkheden oplevert, laat onverlet dat de huidige kleding voldoet.
Zoals bekend bereidt Defensie momenteel in het project Defensie Operationeel Kledingsysteem de vervanging van de gevechtskleding voor. Hierover bent u geïnformeerd in het Materieelprojectenoverzicht 2013 (Kamerstuk 27 830, nr. 113 van 17 september 2013). Zodra de behoefte aan de nieuwe gevechtskleding is vastgesteld, zal ik de Kamer hierover informeren, in overeenstemming met het Defensie Materieel Proces. Dit is naar verwachting in de loop van dit jaar. De keuze voor een leverancier is in deze fase dus nog niet aan de orde. Gevechtskleding wordt verworven via een Europese aanbesteding. Wanneer de behoeftestelling is vastgesteld, worden, binnen de kaders van de Europese regelgeving, de marktmogelijkheden verkend en zal uiteindelijk een leverancier worden gekozen. In het kader van de behoeftestelling wordt vanzelfsprekend gekeken naar nieuwe technologische mogelijkheden en internationale ontwikkelingen.
4
Kunt u, zo nodig vertrouwelijk, de Kamer informeren op welke wijze u heeft gekozen voor het huidige uniform?
Voor de missie naar Mali is geen nieuwe gevechtskleding aangeschaft. De huidige gevechtskleding van het type desert (woestijn-print) is al sinds 1996 bij de Nederlandse krijgsmacht in gebruik voor inzet in woestijnachtige gebieden. Mede op grond van opgedane ervaringen is de kleding sindsdien in vervolgbestellingen regelmatig verder verbeterd, zoals door impregnatie met insectenwerende middelen en verstevigingen en aanpassingen tegen slijtage. Zoals gemeld in het antwoord op vraag 3 verwacht ik de Kamer in de loop van dit jaar te kunnen informeren over de behoeftestelling voor nieuwe gevechtskleding.
Hierbij ontvangt u de antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) over het bericht ‘Mali missie in matig pak’. Tevens ontvangt u hierbij de antwoorden op de aanvullende schriftelijke vragen van het lid Vuijk (VVD) over hetzelfde onderwerp. Beide sets vragen zijn ingezonden op 6 januari jl. met respectievelijk de kenmerken 2014Z00057 en 2014Z00058.
DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert
Antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden Segers en Voordewind (beiden Christen Unie) aan de minister van Defensie over het bericht ‘Mali-missie in matig pak’ (ingezonden op 6 januari jl. met kenmerk 2014Z00057).
1
Heeft u kennisgenomen het artikel ‘Mali-missie in matig pak’? Herinnert u zich tevens de verworpen motie Segers over geen genoegen nemen met minimale kwaliteitseisen bij de aanschaf van materiaal?
Ja.
2
Kunt u aangeven of er uit financiële overwegingen inderdaad gekozen is voor een uniform van inferieure kwaliteit uit China? Is het waar dat het dat het uniform Defender M, afkomstig van het Nederlandse bedrijf Ten Cate, meer veiligheid biedt aan militairen en om deze reden wordt afgenomen door verschillende NAVO-bondgenoten? Is het waar dat het uniform van Nederlandse makelaardij meer ‘vertragingseconden’ biedt bij brand in het gevechtspak, zoals in het artikel wordt gesuggereerd? Zo niet, wat is dan wel de situatie?
Defensie schaft geen kleding aan van inferieure kwaliteit. Het feit dat technologische vooruitgang nieuwe materialen en mogelijkheden oplevert, laat onverlet dat de huidige kleding voor de Nederlandse militairen - ook die naar Mali gaan - voldoet aan de eisen die bij de aanschaf werden gesteld. Het gaat om kleding van het type dat eerder is gebruikt in woestijnachtige gebieden, zoals in Irak, Afghanistan en Afrika, en dat in de praktijk geschikt is gebleken. Op grond van de praktijkervaringen is de kleding regelmatig verder verbeterd. Defensie schaft niet voor iedere missie nieuwe kleding aan.
Bij de vaststelling van de eisen voor kleding werkt Nederland samen met bondgenoten. De meeste bondgenoten hanteren soortgelijke eisen aan de brandwerendheid van kleding. Enkele NAVO-landen gebruiken gevechtskleding met verhoogde brandwerende eigenschappen of hebben plannen om dergelijke kleding te verwerven. Voor zover bekend is vooralsnog alleen de gevechtskleding van de Verenigde Staten gemaakt van de stof Defender M.*
3
Bent u van mening dat, zoals ook in de bovengenoemde motie wordt verzocht, er niet genoegen genomen mag worden met minimale kwaliteitseisen wanneer de veiligheid van onze militairen in het geding is? Zo ja, hoe verhoudt dit zich dan tot de reactie vanuit uw ministerie in het bovengenoemde artikel: ‘Misschien is Defender M een beter product, maar ook het huidige uniform voldoet aan de eisen'?
De veiligheid van militairen is cruciaal. Bij al het materieel waarmee Nederlandse militairen werken, staat kwaliteit voorop. De Commandant der Strijdkrachten is verantwoordelijk voor de behoeftestelling voor materieel en bepaalt de eisen daarvoor. Bij kleding gaat het om eisen op het gebied van onder andere brandwerendheid, slijtage, camouflage, warmte of kou, vochtafdrijving, draagcomfort en duurzaamheid. Als meer producten aan de gestelde eisen voldoen, speelt ook de prijs-kwaliteitverhouding een rol. Het feit dat technologische vooruitgang nieuwe materialen en mogelijkheden oplevert, laat onverlet dat de huidige kleding voldoet.
Zoals bekend bereidt Defensie momenteel in het project Defensie Operationeel Kledingsysteem de vervanging van de gevechtskleding voor. Hierover bent u geïnformeerd in het Materieelprojectenoverzicht 2013 (Kamerstuk 27 830, nr. 113 van 17 september 2013). Zodra de behoefte aan de nieuwe gevechtskleding is vastgesteld, zal ik de Kamer hierover informeren, in overeenstemming met het Defensie Materieel Proces. Dit is naar verwachting in de loop van dit jaar. De keuze voor een leverancier is in deze fase dus nog niet aan de orde. Gevechtskleding wordt verworven via een Europese aanbesteding. Wanneer de behoeftestelling is vastgesteld, worden, binnen de kaders van de Europese regelgeving, de marktmogelijkheden verkend en zal uiteindelijk een leverancier worden gekozen. In het kader van de behoeftestelling wordt vanzelfsprekend gekeken naar nieuwe technologische mogelijkheden en internationale ontwikkelingen.
4
Kunt u, zo nodig vertrouwelijk, de Kamer informeren op welke wijze u heeft gekozen voor het huidige uniform?
Voor de missie naar Mali is geen nieuwe gevechtskleding aangeschaft. De huidige gevechtskleding van het type desert (woestijn-print) is al sinds 1996 bij de Nederlandse krijgsmacht in gebruik voor inzet in woestijnachtige gebieden. Mede op grond van opgedane ervaringen is de kleding sindsdien in vervolgbestellingen regelmatig verder verbeterd, zoals door impregnatie met insectenwerende middelen en verstevigingen en aanpassingen tegen slijtage. Zoals gemeld in het antwoord op vraag 3 verwacht ik de Kamer in de loop van dit jaar te kunnen informeren over de behoeftestelling voor nieuwe gevechtskleding.
(ministerie van Defensie, 10 januari 2014)
* Die mededeling van de minister klopt niet. In de openbare literatuur is te vinden dat ook de Australische krijgsmacht de Defender M-stof gebruikt (zelfs die van een tweede generatie), zie bijvoorbeeld http://soldiersystems.net/2011/10/20/australian-amp-update/, HdV
![]() |
| Gevechtstenue, desert (foto Hans de Vreij) |
Abonneren op:
Posts (Atom)
